Zoekresultaten 1-50 van de 48550 resultaten
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:244 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2026/9642
- Datum publicatie: 16-10-2026
- Datum uitspraak: 16-10-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:244
Gedeeltelijk gegronde klacht tegen een tandarts zonder oplegging van maatregel. Verweerster heeft bij klager een kunststofbrug geplaatst. Klager verwijt de tandarts dat aan hem onvoldoende informatie is verstrekt voorafgaand aan een behandeling. Volgens klager is geen sprake geweest van informed consent en shared decisionmaking. Het college oordeelt dat uit wat is opgetekend in het dossier en wat ter zitting is besproken, volgt dat de tandarts de verschillende behandelopties met klager heeft besproken en dat klager toestemming heeft gegeven voor de uitgevoerde behandelingen. Voor zover de klacht ziet op het bespreken van de verschillende behandelopties en de aantekening daarvan in het dossier, is deze dus ongegrond. Voor zover de klacht gaat over het financiële aspect van shared decision making is deze gegrond. De tandarts heeft niet goed inzichtelijk gemaakt wat op de lange termijn de kosten zouden worden en heeft daarop ook onvoldoende regie gevoerd.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:153 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2026/9873
- Datum publicatie: 16-10-2026
- Datum uitspraak: 09-10-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:153
Klacht tegen een psychiater kennelijk ongegrond. Klaagster heeft een klacht ingediend namens haar zoon, die is overleden door suïcide. Klaagster verwijt de psychiater dat zij als regiebehandelaar de verzoeken van haar zoon om een psycholoog en een second opinion heeft genegeerd en daarnaast de ophoging van de medicatie onvoldoende heeft gemonitord. Het college oordeelt dat de psychiater niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:328 Hof van Discipline 's Gravenhage 260454
- Datum publicatie: 16-10-2026
- Datum uitspraak: 15-10-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:328
Klacht over de deken (artikel 46c lid 5 Advocatenwet) niet verwezen. Het klachtrecht is niet bedoeld om te klagen over procedurele beslissingen die een deken tijdens het klachtonderzoek neemt, zoals het toelaten van stukken of het voeren van regie.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:245 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2026/9840
- Datum publicatie: 16-10-2026
- Datum uitspraak: 16-10-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:245
Kennelijk ongegronde klacht tegen een tandarts. Klager heeft bij de tandarts een tandheelkundige behandeling ondergaan. Klager heeft een tandheelkundige behandeling ondergaan. In de eerste fase van die behandeling is de behandelde kies gebroken, hetgeen hij de tandarts verwijt. Hij verwijt de tandarts ook dat hij hem niet op die mogelijkheid heeft gewezen en dat de tandarts geen eigen klachtenfunctionaris heeft. Het college oordeelt dat het afbreken van de kies niet betekent dat de behandeling niet goed is uitgevoerd en dat de tandarts klager hier niet vooraf op had hoeven wijzen, omdat klager wist dat het om een zwakke kies ging. Daarnaast was het door de tandarts duidelijk gemaakt op zijn website op welke wijze patiënten konden klagen.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:154 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2026/9537
- Datum publicatie: 16-10-2026
- Datum uitspraak: 12-10-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:154
Klacht van patiënt tegen praktijkhouder/psychiater kennelijk ongegrond. De regiebehandelaar tegen wie klager eerder heeft geklaagd heeft de behandelingsovereenkomst beëindigd, niet de praktijkhouder/psychiater. Niet aannemelijk dat de praktijkhouder een sturende rol heeft gespeelt bij de keuze om de behandeling van klager wel of niet voort te zetten. De psychiater is ook niet verantwoordelijk voor het handelen van een klachtenfunctionaris.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:155 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2026/9590
- Datum publicatie: 16-10-2026
- Datum uitspraak: 09-10-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:155
Klacht tegen huisarts. Klaagster is een aantal keren door de huisarts gezien/gesproken in verband met pijnklachten aan haar linkeronderbeen. Nadat, naast pijnklachten, ook sprake was van verkleuring van het onderbeen, heeft de huisarts klaagster ingestuurd naar het ziekenhuis. Daar bleek sprake te zijn van een acute vaatafsluiting. Omdat revascularisatie niet lukte, is uiteindelijk overgegaan tot amputatie van het onderbeen. Klaagster maakt de huisarts verwijten over de diagnose en over het niet eerder en het niet per ambulance insturen naar het ziekenhuis. Het college verklaart de klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:156 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/9169
- Datum publicatie: 16-10-2026
- Datum uitspraak: 09-10-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:156
Kennelijk ongegronde klacht van een onderzochte en zijn partner over – onder meer - een door verweerster (psychiater) uitgevoerd ProJustitia onderzoek, haar kwalificaties en haar verweer in de tuchtklacht.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:243 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9386
- Datum publicatie: 16-10-2026
- Datum uitspraak: 16-10-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:243
Klachten tegen een tandarts deels verjaard, gedeeltelijk gegrond en voor het overige ongegrond. Klager verwijt de tandarts onder meer onzorgvuldige uitvoering van twee wortelkanaalbehandelingen, onvoldoende gerichte beeldvorming bij recidiverende klachten, onjuiste diagnostiek bij pijnklachten, het niet tijdig onderkennen van een abces zichtbaar op de röntgenfoto’s, het onterecht doorverwijzen voor extractie van de verstandskiezen en onzorgvuldige omgang met vertrouwelijke patiëntgegevens. Het college concludeert dat de tandarts tekort is geschoten in de dossiervoering en de diagnostiek van klager met langdurige klachten. Aan de tandarts wordt een waarschuwing opgelegd.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:327 Hof van Discipline 's Gravenhage 260331
- Datum publicatie: 15-10-2026
- Datum uitspraak: 15-10-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:327
Klacht over deken niet verwezen op grond van artikel 46c lid 5 Advocatenwet. De klacht van klager houdt in dat de deken de klachten van klager over (juristen van) DAS rechtsbijstand ten onrechte niet in behandeling neemt. De voorzitter schaart zich achter de reactie van de deken. Het tuchtrecht zoals beschreven in de Advocatenwet is alleen van toepassing op advocaten. Er is daarom geen grondslag voor een onderzoek door de deken naar juristen werkzaam bij DAS. De voorzitter wijst het verzoek tot verwijzing dan ook af.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:226 Raad van Discipline Amsterdam 26-733/A/A
- Datum publicatie: 15-10-2026
- Datum uitspraak: 12-10-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:226
Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij in een familierechtelijke kwestie. Het stond verweerster vrij om namens en in het belang van haar cliënte via de advocaat van klager op de e-mail van klager te reageren en om een BRP-uittreksel bij de gemeente op te vragen. Niet gebleken dat verweerster op enigerlei wijze misbruik heeft gemaakt van haar geheimhoudingsplicht. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:227 Raad van Discipline Amsterdam 26-736/A/NH 26-737/A/NH
- Datum publicatie: 15-10-2026
- Datum uitspraak: 12-10-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:227
Voorzittersbeslissingen; klacht over verweerders in hun hoedanigheid van curators. Verweerders wordt het schenden van de geheimhoudingsplicht verweten. Het is de voorzitter niet gebleken dat verweerders met de door klagers genoemde handelingen het vertrouwen in de advocatuur hebben geschaad.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:228 Raad van Discipline Amsterdam 26-741/A/NH
- Datum publicatie: 15-10-2026
- Datum uitspraak: 12-10-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:228
Voorzittersbeslissing; kennelijk ongegronde klacht over een deken. Naar het oordeel van de voorzitter is het indienen van de klachtzaak vier maanden na het verstrijken van de termijn voor het betalen van het griffierecht niet zodanig laat dat verweerder (als deken) daarmee het vertrouwen in de advocatuur heeft geschaad.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:229 Raad van Discipline Amsterdam 26-744/A/NH
- Datum publicatie: 15-10-2026
- Datum uitspraak: 12-10-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:229
Voorzittersbeslissing; klacht over de advocaat wederpartij. Verweerder heeft in zijn bijstand aan de verhuurder tegenover klager de grenzen van het betamelijke niet overschreden. De verzonden sommatiebrieven zijn aan te merken als in de advocatuur gebruikelijke sommatiebrieven en bevatten geen bewoordingen die tuchtrechtelijk ontoelaatbaar zijn dan wel als juridisch bedreigend of anderszins als ongepast kunnen worden aangemerkt. Verder was verweerder niet verplicht aan klager de interne klachtenregeling toe te zenden; die is bedoeld voor de eigen cliënten. De klacht is kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:326 Hof van Discipline 's Gravenhage 260326
- Datum publicatie: 15-10-2026
- Datum uitspraak: 15-10-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:326
Klacht over deken niet verwezen op grond van artikel 46c lid 5 Advocatenwet. Klager is het niet eens is met de aanwijzingsbeslissing van de deken voor zover deze inhoudt dat de aangewezen advocaat dominus litus is en daarmee de leiding in de zaak heeft. De voorzitter wijst erop dat de mogelijkheid de deken te verzoeken een advocaat aan te wijzen een aanvullende voorziening is voor het geval de rechtzoekende niet op eigen initiatief een advocaat weet te vinden die bereid is hem of haar bijstand te verlenen. Deze aanvulling op de in beginsel vrije advocaatkeuze maakt dat de deken een ruime beleidsvrijheid toekomt bij het aanwijzen van een advocaat. Die ruime beleidsvrijheid brengt ook mee dat de deken niet gehouden is de advocaat te verplichten iedere door een klager gewenste procedure te voeren. Het hof dan wel de voorzitter kan hierin niet interveniëren. Verder is een klacht over een deken geen middel is om de inhoud van een dekenvisie over de klacht tegen een andere advocaat ter discussie te stellen.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:225 Raad van Discipline Amsterdam 26-718/A/NH
- Datum publicatie: 15-10-2026
- Datum uitspraak: 12-10-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:225
Voorzittersbeslissing; kennelijk ongegronde klacht over de eigen advocaat in een familiezaak. Het is de voorzitter niet gebleken dat verweerder klager geen effectieve bijstand heeft verleend.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:170 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/9423
- Datum publicatie: 14-10-2026
- Datum uitspraak: 14-10-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:170
Kennelijk ongegronde klacht tegen revalidatiearts. Patiënte verwijt de arts nalatigheid in de zorgverlening en schending van professionele normen. Geen verantwoordelijkheid voor de nazorg van een pijnbehandeling bij een andere instelling. Noodzakelijke zorg is geleverd. Niet afgeweken van de binnen de revalidatiegeneeskundige zorg geldende professionele normen en richtlijnen.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:166 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/9408
- Datum publicatie: 14-10-2026
- Datum uitspraak: 14-10-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:166
Klager dient een klacht in tegen een psychiater. Hij klaagt over het volgens hem door verweerder onterecht gegeven verlengingsadvies in het kader van zijn opgelegde tbs met dwangverpleging, over het gebruikte instrument voor de risicoanalyse en over zijn overplaatsing naar een andere afdeling, het niet honoreren van een verzoek om schematherapie en de te lange duur van de delict analyse. Het college verklaart alle klachten van klager kennelijk ongegrond. De diagnose in het verlengingsadvies was niet onjuist: dat psychotische verschijnselen in remissie zijn, betekent niet, zoals klager kennelijk veronderstelt, dat er geen onderliggende stoornis meer is. Het gebruikte risicotaxatie-instrument was geschikt en er zijn ook andere factoren meegenomen, klager heeft wel degelijk schematherapie gekregen, de delict analyse is zorgvuldig uitgevoerd en klager heeft zelf mede voor vertraging gezorgd. Bij de overplaatsing was verweerder niet betrokken.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:194 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2026/3212
- Datum publicatie: 14-10-2026
- Datum uitspraak: 14-10-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:194
Klacht tegen een psychotherapeut. Klaagster was in therapie bij de psychotherapeut. Klaagster verwijt hem dat hij haar onheus en onprettig heeft bejegend en dat hij de behandeling voortijdig en onzorgvuldig heeft beëindigd, zonder zorg te dragen voor een verwijzing en continuering van de zorg en zonder de gelegenheid te bieden voor een bemiddelingsgesprek met de mogelijkheid tot herstel van de behandelrelatie. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege is het eens met deze beslissing en verwerpt het beroep.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:167 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/9422
- Datum publicatie: 14-10-2026
- Datum uitspraak: 14-10-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:167
Kennelijk ongegronde klacht tegen fysiotherapeut. Verwijten van patiënte over een behandeladvies voor een pijnbehandeling, onprofessioneel handelen, gebrek aan regievoering en overdracht. Het geven van een behandeladvies kan niet worden vastgesteld. Geen verantwoordelijkheid voor pijnbehandeling bij een andere instelling en de nazorg ervan. Geen aanknopingspunt voor onprofessioneel handelen. Geen verantwoordelijkheid voor regie voerende taken. Voorbereidingen voor ontslag en overdracht zijn door verweerster verzorgd.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:168 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/9299
- Datum publicatie: 14-10-2026
- Datum uitspraak: 14-10-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:168
Kennelijk ongegronde klacht tegen revalidatiearts. Verwijten van patiënte over behandeling, dossiervoering en regievoering. Geen verantwoordelijkheid voor pijnbehandeling bij een andere instelling en de nazorg ervan. Zorgverlener mag duidelijk eisen en grenzen aan de communicatievorm stellen. Verantwoordelijkheden regiebehandelaar. Voldaan aan de eisen die aan een regiebehandelaar worden gesteld. Geen verantwoordelijkheid voor medische interventies bij andere instellingen.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:239 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9307
- Datum publicatie: 13-10-2026
- Datum uitspraak: 13-10-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:239
Kennelijk ongegronde klacht tegen een bedrijfsarts. De bedrijfsarts heeft een (eenmalig) spreekuurcontact met klager gehad om aan de hand daarvan een probleemanalyse op te stellen. De klacht gaat in de kern over de inhoud van de probleemanalyse die verweerster heeft opgesteld en over het feit dat klager de probleemanalyse niet op een fysiek spreekuur met verweerster heeft kunnen bespreken. Ook beklaagt klager zich over het ontbreken van regie van verweerster over zijn (verdere) re-integratie. Klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:240 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9396
- Datum publicatie: 13-10-2026
- Datum uitspraak: 13-10-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:240
Kennelijk ongegronde klacht tegen een verzekeringsarts. Klager verwijt de verzekeringsarts dat hij hem ten onrechte en tot schade van zijn gezondheid heeft opgedragen te hurken tijdens een lichamelijk onderzoek. Het verrichten van lichamelijk onderzoek naar de knie van klager past bij de medische informatie. Er waren geen aanwijzingen waaruit de verzekeringsarts had moeten opmaken dat hij klager niet kon vragen om te hurken. De klacht is kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORDHA:2026:18 Kamer voor het notariaat Den Haag 25-66
- Datum publicatie: 13-10-2026
- Datum uitspraak: 17-09-2026
- ECLI:NL:TNORDHA:2026:18
Klager verwijt de notaris dat de afwikkeling van de nalatenschap onnodig lang heeft geduurd. Mede gelet op de complexiteit van de nalatenschap is in dit geval echter niet gebleken van zodanige vertraging dat sprake is van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen. Voor het overige heeft klager geen concrete feiten of omstandigheden aangevoerd waaruit volgt dat de notaris tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. De klacht is op alle onderdelen ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:241 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9066
- Datum publicatie: 13-10-2026
- Datum uitspraak: 13-10-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:241
Klacht tegen bedrijfsarts verjaard. De te late indiening van het klaagschrift dient voor risico van klager te komen. Het college verklaart klager niet-ontvankelijk in zijn klacht.
-
ECLI:NL:TNORDHA:2026:19 Kamer voor het notariaat Den Haag 25-69
- Datum publicatie: 13-10-2026
- Datum uitspraak: 17-09-2026
- ECLI:NL:TNORDHA:2026:19
De kamer rekent het de notaris aan dat hij zijn geheimhoudingsplicht heeft geschonden. De notaris heeft de vertrouwelijke informatie niet slechts gedeeld met een derde zonder dat daarvoor een rechtvaardigingsgrond bestond, maar heeft deze informatie bovendien gebruikt in het kader van het tussen partijen gerezen geschil. Daarmee heeft hij de schending van zijn geheimhoudingsplicht ingezet als drukmiddel om zijn eigen financiële belang te dienen. Daarnaast heeft de notaris verzuimd klager in te lichten over de financiële consequenties van zijn inschakeling en heeft hij onzorgvuldig en onbehoorlijk gehandeld en zich onvoldoende professioneel opgesteld bij het opstellen van zijn declaratie. De kamer legt de maatregel van schorsing in de uitoefening van het ambt voor de duur van één week op.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:242 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9117
- Datum publicatie: 13-10-2026
- Datum uitspraak: 13-10-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:242
Ongegronde klacht tegen een bedrijfsarts. Tussen klaagster en haar leidinggevende was een arbeidsconflict ontstaan. Uiteindelijk is de arbeidsovereenkomst op verzoek van de werkgever ontbonden. Klaagster verwijt de bedrijfsarts onder meer dat zij onvoldoende tegenwicht heeft geboden tegen de druk die de werkgever op klaagster uitoefende. Het kan de bedrijfsarts niet worden verweten dat de werkgever de adviezen van de bedrijfsarts niet heeft opgevolgd. Ook de overige klachtonderdelen zijn ongegrond.
-
ECLI:NL:TGDKG:2026:87 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/772108 DW RK 25/236 BB/WdJ
- Datum publicatie: 12-10-2026
- Datum uitspraak: 14-09-2026
- ECLI:NL:TGDKG:2026:87
De gerechtsdeurwaarder heeft geen zorgvuldige marginale toets uitgevoerd. Klacht gegrond, maatregel van waarschuwing opgelegd en veroordeling in de proceskosten van klager.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2026:121 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 26-453/DB/ZWB
- Datum publicatie: 12-10-2026
- Datum uitspraak: 12-10-2026
- ECLI:NL:TADRSHE:2026:121
Raadsbeslissing. Samenhang met beslissing op dekenbezwaren 25-010 en 26-663/DB/ZWB/D. Verweerder had klaagsters aansprakelijkstelling op korte termijn moeten doorgeleiden naar de verzekeraar. Verweerder heeft dit ondanks herhaalde verzoeken van klaagster en van de deken geweigerd en daarmee tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld. Verder staat vast dat zowel klaagster als de deken, althans de stafjurist namens de deken, verweerder meermaals hebben verzocht om de aansprakelijkstelling door te geleiden aan de verzekeraar en de doorzending te bevestigen aan klaagster en de deken. Verweerder heeft dit geweigerd. Ook heeft verweerder, ondanks uitdrukkelijk verzoek van de deken, niet gereageerd op de door klaagster ingediende klacht. Gegrond. Voorwaardelijke schorsing van twee weken.
-
ECLI:NL:TGDKG:2026:81 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/774993 / DW RK 25/323 KM/WdJ
- Datum publicatie: 12-10-2026
- Datum uitspraak: 07-09-2026
- ECLI:NL:TGDKG:2026:81
Beslissing op verzet. Klager beklaagt zich met name over het nasalaris. De kamer is het met de beslissing van de voorzitter eens en verklaart het verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TGDKG:2026:88 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/777099 / DW RK 25/393 BB/WdJ
- Datum publicatie: 12-10-2026
- Datum uitspraak: 14-09-2026
- ECLI:NL:TGDKG:2026:88
Beslissing op verzet. De kamer is het met de beslissing van de voorzitter eens en verklaart het verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:240 Raad van Discipline 's-Gravenhage 26-678/DH/DH 26-680/DH/DH
- Datum publicatie: 12-10-2026
- Datum uitspraak: 07-10-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:240
Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in een civielrechtelijk geschil. Niet gebleken dat verweerder zich onnodig kwetsend heeft uitgelaten over klager of bewust onjuiste informatie heeft verstrekt. Klachten kennelijk ongegrond. Misbruik van recht-bepaling.
-
ECLI:NL:TGDKG:2026:82 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/775086 / DW RK 25/324 KM/WdJ
- Datum publicatie: 12-10-2026
- Datum uitspraak: 07-09-2026
- ECLI:NL:TGDKG:2026:82
Ondanks herhaalde verzoeken heeft klager niet de gevraagde specificatie ontvangen. Pas nadat klager had aangekondigd een klacht bij de kamer in te zullen dienen is aan klager de gevraagde specificatie verzonden. Klacht gegrond, maatregel van waarschuwing opgelegd, geen veroordeling in de proceskosten.
-
ECLI:NL:TGDKG:2026:89 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/770421 DW RK 25/190 BB/WdJ
- Datum publicatie: 12-10-2026
- Datum uitspraak: 14-09-2026
- ECLI:NL:TGDKG:2026:89
De gerechtsdeurwaarder is in een beslissing van de kamer veroordeeld tot het betalen van de proceskosten van klager alsmede het door klager betaalde griffierecht. De gerechtsdeurwaarder stelt zich op het standpunt dat hij enkel het bedrag van de proceskosten aan klager diende te betalen. Nu de gerechtsdeurwaarder de duidelijke en onherroepelijke beslissing onjuist heeft gelezen en daarin bleef volharden, is dit deel van de klacht gegrond. Klacht is voor het overige ongegrond. Maatregel van waarschuwing opgelegd alsmede veroordeling in de proceskosten van klager.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2026:117 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-009/DB/ZWB
- Datum publicatie: 12-10-2026
- Datum uitspraak: 12-10-2026
- ECLI:NL:TADRSHE:2026:117
Raadbeslissing. Samenhang met beslissing op dekenbezwaren 25-010 en 26-663/DB/ZWB/D. Klacht over de eigen advocaat. Verweerder heeft een deel van de opbrengst van de woning verrekend met zijn eigen declaratie, zonder dat klaagster daarvoor toestemming heeft gegeven. Verweerder heeft klaagster niet geïnformeerd over de verrekening, de hoogte van de declaratie en welke werkzaamheden in rekening zijn gebracht. Verweerder heeft een deel van de opbrengst van de woning ter beschikking gesteld aan klaagsters ex-echtgenoot voor het inrichten van zijn nieuwe woning en het oprichten van een onderneming, zonder dat klaagster daarvoor toestemming heeft gegeven. Verweerder heeft de belangen van klaagsters ex-echtgenoot zwaarder laten wegen dat de belangen van klaagster. Verweerder heeft klaagster onvoldoende geïnformeerd over de voortgang van de schuldenafwikkeling en heeft klaagster niet betrokken bij de beslissingen. Verweerder heeft verzoeken van klaagster en de gemeente om het dossier over te dragen aan de gemeente genegeerd. Niet gebleken dat verweerder heeft gebankierd met zijn derdengeldenrekening, in zoverre ongegrond. Verweerder heeft gedurende lange periode de belangen van klaagster in zeer ernstige mate veronachtzaamd en het vertrouwen in de advocatuur geschaad. De raad stelt voorts vast dat verweerder gedurende de behandeling van de klacht, die onder meer ziet op het verrekenen van derdengelden zonder toestemming, nog twee keer is overgegaan tot het verrekenen van aan klaagster (en de heer A) toekomende derdengelden. Daarnaast heeft verweerder ter zitting van de raad van 31 augustus 2026 verklaard dat hij zich op 27 augustus 2026 heeft teruggetrokken als bestuurder van de Stichting Derdengelden, met als gevolg dat klaagsters advocaat geen zeggenschap meer heeft over aan klaagster (en de heer A) toekomende derdengelden. Op grond van de ernst van het vastgestelde tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen en het feit dat verweerder reeds meerdere malen tuchtrechtelijk is veroordeeld acht de raad oplegging van een schorsing voor de duur van zes weken passend en geboden.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:241 Raad van Discipline 's-Gravenhage 26-681/DH/DH
- Datum publicatie: 12-10-2026
- Datum uitspraak: 07-10-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:241
Voorzittersbeslissing. Klacht vormt deels een herhaling van een klacht van een derde, van wie klaagster de assistente is. De klacht is in zoverre kennelijk ongegrond en kennelijk niet-ontvankelijk onder verwijzing naar dat eerdere oordeel. Geen sprake van een schending van gedragsregel 7. Ook in zoverre is de klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGDKG:2026:83 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/770816 / DW RK 25/201 KM/WdJ
- Datum publicatie: 12-10-2026
- Datum uitspraak: 07-09-2026
- ECLI:NL:TGDKG:2026:83
Dagvaarding is aangebracht bij de civiele kamer van de rechtbank in plaats van de bij de kantonrechter. Gelet op de gemotiveerde betwisting van de gerechtsdeurwaarder kan de stelling van klaagster dat de dagvaarding zonder overleg is uitgebracht niet worden vastgesteld. Verder kan het de gerechtsdeurwaarder niet worden verweten dat de eerste dagvaarding niet is ingetrokken. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGDKG:2026:90 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/771065 DW RK 25/204 BB/WdJ
- Datum publicatie: 12-10-2026
- Datum uitspraak: 14-09-2026
- ECLI:NL:TGDKG:2026:90
Klager beklaagt zich onder meer over de hoogte van de beslagvrije voet, de vordering en dat er bankbeslag is gelegd terwijl klager in detentie verbleef. Deze klachtonderdelen zijn ongegrond. De klacht ten aanzien van het niet tijdig reageren op zijn verzoeken om een overzicht is gegrond. Maatregel van waarschuwing opgelegd en veroordeling in de proceskosten van klager.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2026:118 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-010/DB/ZWB/D 26-663/DB/ZWB/D
- Datum publicatie: 12-10-2026
- Datum uitspraak: 12-10-2026
- ECLI:NL:TADRSHE:2026:118
Raadsbeslissing. Samenhang met beslissing op klachten 25-009 en 26-453/DB/ZWB. Gegrond bevonden tuchtrechtelijke verwijten ter zake van het optreden van verweerder tijdens zijn piketdienst, het optreden van verweerder in het schuldbemiddelingstraject van mevrouw Z en de daarmee samenhangende klacht, het optreden van verweerder bij de afwikkeling van de (klacht-)zaak van mevrouw G, de communicatie met en het verlenen van medewerking aan onder andere de deken en de naleving van de regelgeving ter zake derdengelden. De in de onderhavige dekenbezwaren gegrond bevonden tuchtrechtelijke verwijten rechtvaardigen oplegging van een zware maatregel. Verweerder heeft gedurende lange periode en op meerdere manieren het vertrouwen in de advocatuur geschaad. De raad is van oordeel dat de door verweerder geschetste persoonlijke omstandigheden geen rechtvaardiging vormen voor de gegrond bevonden tuchtrechtelijke verwijten. Verweerders handelwijze is temeer verwijtbaar omdat hem eerder, na de behandeling van het dekenbezwaar op 24 februari 2025, uitdrukkelijk de gelegenheid is geboden zijn gedrag te verbeteren en hij heeft toegezegd dat ook te zullen doen. Van de beloofde verbetering is echter niet gebleken, terwijl verweerder met zijn houding ter zitting van de raad er geen blijk van heeft gegeven het laakbare van zijn handelen daadwerkelijk in te zien. Gelet op de samenhang met de klachten in de klachtzaken 26-453/DB/ZWB en 25-009/DB/ZWB, waarin door de raad bij beslissingen van vandaag aan verweerder een voorwaardelijke schorsing voor de duur van twee weken respectievelijk een onvoorwaardelijke schorsing voor de duur van zes weken worden opgelegd, zal de raad in de onderhavige beslissing op de dekenbezwaren volstaan met oplegging van een schorsing voor de duur van 26 weken, waarvan 13 weken voorwaardelijk.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:242 Raad van Discipline 's-Gravenhage 26-135/DH/DH
- Datum publicatie: 12-10-2026
- Datum uitspraak: 15-09-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:242
Herstelbeslissing behorend bij ECLI:NL:TADRSGR:2026:214
-
ECLI:NL:TGDKG:2026:84 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/773220 / DW RK 25/256 KM/WdJ
- Datum publicatie: 12-10-2026
- Datum uitspraak: 07-09-2026
- ECLI:NL:TGDKG:2026:84
De gerechtsdeurwaarders hebben weliswaar geen gebruik gemaakt van briefpapier en enveloppen van het gerechtsdeurwaarderskantoor, maar hebben de envelop met de brief van 25 juni 2025 wel gefrankeerd met de frankeermachine van het kantoor. De brief is hiermee duidelijk herleidbaar tot het gerechtsdeurwaarderskantoor. Ook zijn e-mailberichten verzonden vanaf het kantoor e-mailadres van de gerechtsdeurwaarders en hebben zij een dossiernummer in hun e-mail van 3 juli 2025 vermeld. Verder zijn de brieven van de gerechtsdeurwaarders redelijk intimiderend van aard. Nu de gerechtsdeurwaarders bewust of onbewust de noodzakelijke terughoudendheid uit het oog zijn verloren en de schijn hebben gewekt hun ambtelijke gewicht ten eigen bate, althans ten bate van hun zoon te gebruiken, verklaart de kamer de klacht gegrond en wordt de maatregel van waarschuwing in dit geval passend en geboden geacht.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2026:119 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 26-256/DB/ZWB
- Datum publicatie: 12-10-2026
- Datum uitspraak: 12-10-2026
- ECLI:NL:TADRSHE:2026:119
26-256/DB/ZWB
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:157 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/9030
- Datum publicatie: 12-10-2026
- Datum uitspraak: 12-10-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:157
Klacht tegen huisarts. Klager heeft door de huisarts oxycodon voorgeschreven gekregen in verband met nekpijnklachten. Klager maakt de huisarts verschillende verwijten over zijn begeleiding bij het gebruik/de afbouw van de oxycodon en zijn bejegening van klager. Het college verklaart de klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGDKG:2026:85 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/776547 / DW RK 25/381 KM/WdJ
- Datum publicatie: 12-10-2026
- Datum uitspraak: 07-09-2026
- ECLI:NL:TGDKG:2026:85
Beslissing op verzet. Klager stelt dat de vordering niet klopt en dat de gerechtsdeurwaarder weigert de vordering te specificeren. De kamer is het met de beslissing van de voorzitter eens en verklaart het verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:158 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/9036
- Datum publicatie: 12-10-2026
- Datum uitspraak: 12-10-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:158
Klacht tegen een tandarts. De tandarts heeft klaagster behandeld voor een gebitsrenovatie en daarbij door een andere tandarts geplaatste kronen verwijderd en veranderd. Klaagster ervaart aanhoudende pijn- en andere gezondheidsklachten. Zij verwijt de tandarts het schenden van professionele normen door onder meer: onvoldoende en misleidende voorlichting voorafgaand aan de behandeling en daardoor geen informed consent; inadequate nazorg en bagatelliseren van de klachten; technische fouten en nalatigheid; onvoldoende en te late verwijzing naar gespecialiseerde tandheelkundige zorg. De klacht is deels gegrond en voor het overige ongegrond.
-
ECLI:NL:TGDKG:2026:86 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/778484 / DW RK 25/453 KM/WdJ
- Datum publicatie: 12-10-2026
- Datum uitspraak: 07-09-2026
- ECLI:NL:TGDKG:2026:86
Beslissing op verzet. Klager stelt dat de gerechtsdeurwaarder er verantwoordelijk voor is dat de verkeerde partijen zijn gedagvaard. De kamer is het met de beslissing van de voorzitter eens en verklaart het verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2026:120 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 26-511/DB/LI
- Datum publicatie: 12-10-2026
- Datum uitspraak: 12-10-2026
- ECLI:NL:TADRSHE:2026:120
Raadbeslissing. Klacht over de eigen advocaat over de kwaliteit van de dienstverlening grotendeels gegrond. Verweerder heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld doordat hij op grove wijze is tekort geschoten in de belangenbehartiging van en de communicatie met klaagster. Aldus heeft verweerder niet gehandeld met de zorgvuldigheid die van een redelijk bekwame en redelijk handelende advocaat in de gegeven omstandigheden mag worden verwacht. Verweerder heeft bij klaagster een bedrag van € 1.500,- in rekening gebracht, terwijl onduidelijk is gebleven welke werkzaamheden hij voor klaagster heeft verricht. Gelet daarop zal aan verweerder een voorwaardelijke geldboete van € 3.000,- worden opgelegd, met als bijzondere voorwaarde dat verweerder een bedrag van € 1.500,- aan klaagster betaalt. Indien verweerder dat bedrag niet, of niet tijdig, aan klaagster heeft betaald, zal verweerder alsnog de geldboete moeten betalen. De raad gaat ervan uit dat verweerder het zover niet laat komen en zijn verantwoordelijkheid richting klaagster neemt.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:237 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9372
- Datum publicatie: 09-10-2026
- Datum uitspraak: 09-10-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:237
Kennelijk ongegronde klacht tegen een verpleegkundig specialist GGZ. Klager is op vrijwillige basis behandeld in een ggz-instelling. Klager verwijt de verpleegkundig specialist onder meer dat zij onzorgvuldig is geweest in het verrichten van de diagnostiek en de (medicamenteuze) behandeling en dat zij verplichtingen inzake informed consent en dossiervorming niet is nagekomen. Het college oordeelt dat de verpleegkundig specialist uitvoerig en zorgvuldige diagnostiek en vervolgonderzoek heeft verricht. Van onzorgvuldigheid in de medicamenteuze behandeling is niet gebleken. Haar verslaglegging was adequaat en gaf een objectieve weergave van het beloop van de behandeling en de gemaakte keuzes. Geen aanleiding om te twijfelen aan vereiste informed consent. Alle klachtonderdelen kennelijk ongegrond verklaard
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:238 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2026/9934
- Datum publicatie: 09-10-2026
- Datum uitspraak: 09-10-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:238
Gegronde klacht tegen een huisarts. De huisarts heeft in een verwijsbrief voor de dochter van klaagster een opmerking opgenomen over klaagsters psychiatrische problematiek. De huisarts had deze informatie niet zonder toestemming van klaagster mogen opnemen in de verwijsbrief. De huisarts heeft zich na het incident toetsbaar en leerbaar opgesteld en heeft adequaat gereageerd. Het college vindt het daarom niet nodig een maatregel op te leggen
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:220 Raad van Discipline Amsterdam 26-060/A/A
- Datum publicatie: 09-10-2026
- Datum uitspraak: 05-10-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:220
Raadsbeslissing; ongegrond verzet.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:221 Raad van Discipline Amsterdam 25-901/A/A
- Datum publicatie: 09-10-2026
- Datum uitspraak: 05-10-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:221
Raadsbeslissing; verzet ongegrond.
- Pagina: 1
- Pagina: 2
- ...
- Pagina: 971
- Volgende pagina zoekresultaten