Zoekresultaten 251-300 van de 46428 resultaten
-
ECLI:NL:TAHVD:2025:258 Hof van Discipline 's Gravenhage 250415
- Datum publicatie: 11-12-2025
- Datum uitspraak: 11-12-2025
- ECLI:NL:TAHVD:2025:258
Niet-verwijzing klacht over deken. Klager klaagt over de volledig uitblijvende behandeling van zijn klacht over wijlen mr. S. Klager stelt dat zijn (daaruit volgende) schade het directe gevolg is van het ontbreken van toezicht, het structureel niet behandelen van de klachten van klager door verweerster en het afschermen van een advocaat die aantoonbaar tegen zijn belangen heeft gehandeld. Uit de bij de klacht bijgevoegde bijlage kan het hof niet afleiden dat verweerster de klacht(en) van klager over wijlen mr. S. niet in behandeling wenst te nemen. Het hof kan hieruit slechts afleiden dat verweerster weigert informatie te verstrekken over de beroepsaansprakelijkheidsverzekering van wijlen mr. S. In zoverre is de klacht over (het niet behandelen van de klacht over wijlen mr. S door) verweerster door het hof niet te verifiëren en is er in zoverre geen grond tot verwijzing voor onderzoek naar een andere deken. Het hof is niet bevoegd verweerster te bevelen informatie te verstrekken. Het hof is evenmin bevoegd te oordelen over door verweerster al dan niet veroorzaakte schade. Verweerster is ook geen partij in een eventuele door klager jegens (de verzekeraar van) mr. S te beginnen procedure tot verhaal van zijn schade.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2025:160 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8551
- Datum publicatie: 11-12-2025
- Datum uitspraak: 05-12-2025
- ECLI:NL:TGZRZWO:2025:160
Klacht tegen een huisarts kennelijk ongegrond. Klaagster stond ingeschreven bij de huisartsenpraktijk van verweerder. Op haar verzoek werd zij uitgeschreven uit deze praktijk. Klaagster verwijt de huisarts, samengevat, dat verweerder heeft geweigerd haar medisch dossier te verstrekken en dat hij onzorgvuldig heeft gehandeld bij de uitschrijving uit de praktijk. Het college is van oordeel dat de huisarts geen persoonlijk, tuchtrechtelijk verwijt kan worden gemaakt.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2025:157 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/7994
- Datum publicatie: 11-12-2025
- Datum uitspraak: 05-12-2025
- ECLI:NL:TGZRZWO:2025:157
Klager heeft een aanvraag gedaan op grond van de Wet studiefinanciering 2000. Deze aanvraag is afgewezen. Klager heeft hiertegen geprocedeerd. De Centrale Raad van Beroep heeft DUO opgedragen een medisch adviseur over de zaak van klager te laten oordelen. Verweerder heeft als medisch adviseur op verzoek van DUO medische rapportages uitgebracht. Klager beklaagt zich over deze rapportages. Het college is van oordeel is dat de rapportages voldoen aan de daaraan te stellen eisen en verklaart de klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:138 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7588
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 10-12-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:138
Deels kennelijk niet-ontvankelijk en deels kennelijk ongegronde klacht tegen verpleegkundig specialist. De klacht van patiënt betreft onder meer het stellen van een onjuiste diagnose, het voorschrijven van verkeerde medicatie en het opstellen van foutieve rapportages. Geen reden om de reeds gestelde diagnose aan te passen. Toegediende medicatie was passend bij het ziektebeeld. Rapportage voldoet aan de richtlijnen.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:238 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-488/DH/DH
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 24-11-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:238
Verzetbeslissing. In zijn verzetschrift heeft klager geen verzetgronden aangevoerd die de raad aanleiding geven om aan de juistheid van de voorzittersbeslissing te twijfelen. Verzet ongegrond. Voor zover klager in zijn verzetschrift een nieuwe klacht over verweerder heeft ingediend, is het verzet niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2025:171 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-740/DB/OB
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 09-12-2025
- ECLI:NL:TADRSHE:2025:171
Voorzittersbeslissing. Klacht over de eigen advocaat die is aangewezen op grond van artikel 13 Advocatenwet. Verweerder hoefde enkel te beoordelen of klagers tegenvorderingen voldoende kansen hadden. De memo waarin verweerder de tegenvorderingen heeft beoordeeld is niet kwalitatief ondermaats. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2025:294 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2024/7860
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 10-12-2025
- ECLI:NL:TGZRAMS:2025:294
Kennelijk ongegronde klacht tegen een kinderarts-neonatoloog. Bij de dochter van klaagster is kort na de geboorte geconstateerd dat zij geïnfecteerd was geraakt met de Serratia marcescens bacterie en dat zij een hersenvliesontsteking had. Na een aantal weken waarin sprake was van toenemend weefselverval in de hersenen is vervolgens in een multidisciplinair overleg (MDO) geconcludeerd dat genezing niet meer mogelijk was en dat een palliatief beleid werd ingezet.Klaagster verwijt de kinderarts-neonatoloog dat zij in de periode tussen 31 januari tot en met 4 februari 2020 onvoldoende maatregelen heeft genomen om de bacteriële infectie te voorkomen, zowel in haar rol als behandelaar als van hoofd van de afdeling waar de dochter van klaagster was opgenomen. Daarnaast verwijt klaagster de kinderarts-neonatoloog dat zij op basis van de klinische signalen eerder had moeten ingrijpen bij haar dochter.Het college is van oordeel dat de op de afdeling gehanteerde maatregelen ter voorkoming van infecties conform de medisch-professionele standaard zijn.Wat betreft het eerder moeten ingrijpen, oordeelt het college dat de signalen die klaagster als ‘red flags’ heeft geduid, gebruikelijk waren voor premature baby’s. Deze signalen kwamen voort uit de prematuriteit van de baby en deze waren in de vorm en mate waarin zij optraden, in de periode tot aan 4 februari 2020 geen reden tot intensivering of verandering van de zorg.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:251 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-658/DH/RO
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 03-12-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:251
Voorzittersbeslissing. Klacht tegen de deken. Niet kan worden vastgesteld dat er sprake is geweest van een onpartijdige en onzorgvuldige klachtbehandeling. Verweerster kon ervoor kiezen geen inhoudelijk oordeel (visie) te geven. Zij heeft dat later alsnog gedaan. Het is de voorzitter niet gebleken dat verweerster het vertrouwen in de advocatuur heeft geschaad.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:245 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-654/DH/RO
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 26-11-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:245
Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in een VvE-kwestie. Klacht deels niet-ontvankelijk op grond van artikel 46g lid 1 onder a Advocatenwet, deels kennelijk niet-ontvankelijk wegens gebrek aan een eigen, rechtstreeks betrokken belang en voor het overige kennelijk ongegrond. Niet gebleken van onder meer opzettelijke intimidatie, het nemen van onnodige juridische stappen, onnodig kwetsende uitlatingen.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:139 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7593
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 10-12-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:139
Deels kennelijk niet-ontvankelijk en deels kennelijk ongegronde klacht tegen verpleegkundig specialist. De klacht van patiënt betreft onder meer het stellen van een onjuiste diagnose en het voorschrijven van verkeerde medicatie. Geen reden om de reeds gestelde diagnose aan te passen. Toegediende medicatie was passend bij het ziektebeeld.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:239 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-318/DH/DH
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 24-11-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:239
Raadsbeslissing. Klacht over het zonder toestemming en/of opdracht voor klager optreden. Verweerster heeft mede namens klager een verzoekschrift ingediend bij de kantonrechter, zonder daartoe strekkende opdracht van klager en zonder klager daarin te kennen. Klager is er pas veel later – ruim twee jaar later – achter gekomen dat er mede namens hem een procedure is gevoerd, terwijl hij in de veronderstelling was dat die procedure niet was gevoerd en de huurovereenkomst daarom inmiddels voor onbepaalde tijd was. Verweerster heeft daarmee onzorgvuldig en tuchtrechtelijk laakbaar gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2025:295 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2024/7861
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 10-12-2025
- ECLI:NL:TGZRAMS:2025:295
Kennelijke ongegronde klacht tegen een kinderarts-neonatoloog. Bij de dochter van klaagster is kort na de geboorte geconstateerd dat zij geïnfecteerd was geraakt met de Serratia marcescens bacterie en dat zij een hersenvliesontsteking had. Na een aantal weken waarin sprake was van toenemend weefselverval in de hersenen is vervolgens in een multidisciplinair overleg (MDO) geconcludeerd dat genezing niet meer mogelijk was en dat een palliatief beleid werd ingezet.Klaagster verwijt de kinderarts-neonatoloog dat zij ten onrechte heeft besloten haar dochter over te plaatsen naar een ander ziekenhuis en dat zij ten onrechte een palliatief beleid heeft ingezet.Het college constateert dat de kinderarts-neonatoloog niet betrokken is geweest bij de besluitvorming of de uitvoering van de overplaatsing.Het college acht de beslissing op 3 maart 2020 om over te gaan tot een palliatief beleid gezien de gezondheidssituatie van de dochter van klaagster op dat moment zeer goed navolgbaar en is van oordeel dat deze beslissing ook zorgvuldig is genomen.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:252 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-724/DH/DH
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 03-12-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:252
Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in een familierechtelijke procedure. Verweerster mocht klager vragen niet meer te e-mailen om de kosten voor haar cliënte te beperken. Niet gebleken van ‘natrappen’ of ‘inwrijven’ door het vonnis aan klager op te sturen. Zij gaf daarin opvolging aan het vonnis en heeft haar verzoek om geen contact op te nemen mogen herhalen. Niet gebleken van vereenzelviging met de cliënte. Klacht kennelijk ongegrond. Misbruik van recht-bepaling.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:246 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-671/DH/RO
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 26-11-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:246
Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij. De verwijten die klager verweerder maakt vloeien voort uit het huurgeschil met de verhuurder en uit het feit dat klager het niet eens is met de door verweerder namens de verhuurder ingenomen standpunten over het bestemmingsplan en de huurovereenkomst. Het stond verweerder echter vrij om deze standpunten in te nemen. De omstandigheid dat klager het met deze standpunten niet eens is, betekent niet dat verweerder tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Daar komt bij dat de inhoudelijke beoordeling van de standpunten die klager en de verhuurder hebben ingenomen is voorbehouden aan de civiele rechter. De tuchtrechter heeft daar in het kader van een klachtprocedure geen ruimte voor. Klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:140 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7938
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 10-12-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:140
De moeder van een patiënt dient een klacht in tegen de tandarts omdat deze agressief zou zijn geweest tegen haar driejarige zoon. Het college kan niet vaststellen wat er precies is gebeurd omdat partijen verschillende lezingen over de feiten hebben. Voor zover het college dat wel vast kan stellen, acht het de reactie van de tandarts niet verwijtbaar. De klacht is ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:240 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-166/DH/RO
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 24-11-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:240
Raadsbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij in een familierechtkwestie. Niet gebleken van intimiderende, dreigende of onprofessionele toon van verweerder in de correspondentie met klager. Het stond verweerder vrij om klager op de gevolgen te wijzen van het niet nakomen van de met de ex-echtgenote gemaakte afspraken zoals vastgelegd in het echtscheidingsconvenant, waarbij verweerder ook oog heeft gehad voor de financiële situatie van klager door namens zijn cliënte in te stemmen met uitstel van betaling en een tegenvoorstel te doen. Verder heeft verweerder gehandeld binnen de vrijheid die hem als advocaat van de wederpartij van klager in familierechtkwesties toekomt en overeenkomstig de afspraak die partijen over hun pensioenrechten in het convenant hebben vastgelegd. Klacht in alle onderdelen ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2025:296 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2024/7862
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 10-12-2025
- ECLI:NL:TGZRAMS:2025:296
Kennelijk ongegronde klacht tegen een kinderneuroloog. Bij de dochter van klaagster is kort na de geboorte geconstateerd dat zij geïnfecteerd was geraakt met de Serratia marcescens bacterie en dat zij een hersenvliesontsteking had. Na een aantal weken waarin sprake was van toenemend weefselverval in de hersenen is vervolgens in een multidisciplinair overleg (MDO) geconcludeerd dat genezing niet meer mogelijk was en dat een palliatief beleid werd ingezet.Klaagster verwijt de kinderneuroloog dat zij ten onrechte een palliatief beleid heeft ingezet.Het college acht de beslissing op 3 maart 2020 om over te gaan tot een palliatief beleid gezien de gezondheidssituatie van de dochter van klaagster op dat moment zeer goed navolgbaar en is van oordeel dat deze beslissing ook zeer zorgvuldig is genomen.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:253 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-952/DH/RO
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 08-12-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:253
Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2025:272 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-569/AL/MN
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 08-12-2025
- ECLI:NL:TADRARL:2025:272
Voorzittersbeslissing. De over verweerster - als advocaat van een executeur in een nalatenschap - is kennelijk ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:247 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-118/DH/RO
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 01-12-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:247
Raadsbeslissing. Klacht over de bijstand van de eigen advocaat in een conflict met de verhuurder. Verweerder heeft een beroepsfout gemaakt, door namens één van de vennoten te dagvaarden in plaats van namens de vof. Verweerders bejegening van de vennoot die namens de vof optrad is verder niet zorgvuldig en zelfs onprofessioneel. Berisping.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:141 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7880
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 10-12-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:141
De moeder van een patiënt klaagt over diens behandeling door de orthodontist. Het tuchtcollege verklaart alle klachten ongegrond. De orthodontist heeft een passend behandelplan opgesteld, de juiste diagnose gesteld (op één schrijffout na), en terecht een KNO-verwijzing gedaan. Het gebruik van een myobrace was verdedigbaar als voorbereidende behandeling. Er was nog geen definitieve behandeling gestart omdat de patiënt tussentijds van orthodontist wisselde. Ook het verwijt over röntgenfoto’s en de positie van tand 15 houdt geen stand.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:241 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-162/DH/RO
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 24-11-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:241
Verzetbeslissing. Verzetgronden slagen niet. Geen aanleiding om aan de juistheid van de beslissing van de voorzitter te twijfelen. Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2025:297 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2024/7863
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 10-12-2025
- ECLI:NL:TGZRAMS:2025:297
Kennelijke ongegronde klacht tegen een kinderarts-neonatoloog. Bij de dochter van klaagster is kort na de geboorte geconstateerd dat zij geïnfecteerd was geraakt met de Serratia marcescens bacterie en dat zij een hersenvliesontsteking had. Na een aantal weken waarin sprake was van toenemend weefselverval in de hersenen is vervolgens in een multidisciplinair overleg (MDO) geconcludeerd dat genezing niet meer mogelijk was en dat een palliatief beleid werd ingezet.Klaagster verwijt de kinderarts-neonatoloog dat hij ten onrechte een palliatief beleid heeft ingezet.Het college acht de beslissing op 3 maart 2020 om over te gaan tot een palliatief beleid gezien de gezondheidssituatie van de dochter van klaagster op dat moment zeer goed navolgbaar en is van oordeel dat deze beslissing zorgvuldig is genomen.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:254 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-102/DH/DH
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 08-12-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:254
Raadsbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in een familierechtelijke procedure. Geen sprake van onnodig kwetsende uitlatingen. Verweerders beeldspraak had neutraler gekund, maar daarmee is hij nog niet door de tuchtrechtelijke ondergrens gezakt. Niet gebleken dat verweerder onjuiste feiten naar voren heeft gebracht. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:248 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-315/DH/DH
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 01-12-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:248
Raadsbeslissing. Klacht over de bijstand van de eigen advocaat in een incassoprocedure. Verweerder heeft aan klager onvoldoende duidelijkheid verschaft over wat hij nu precies van klager verwachtte en waarom. Het had op verweerders weg gelegen om klager expliciet en schriftelijk op de risico’s van het dagvaarden namens de verkeerde entiteit te wijzen. De raad legt een waarschuwing op.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:242 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-912/DH/RO
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 24-11-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:242
Raadsbeslissing. Klacht over de bijstand van de eigen advocaat bij de echtscheiding. Klacht deels niet-ontvankelijk vanwege nis bis in idem en strijd met de beginselen met de tuchtprocesrode. Een klachtonderdeel is wel ontvankelijk, omdat klager dit in de eerdere tuchtprocedure heeft willen inbrengen, maar daar geen gelegenheid voor kreeg. Deze klacht is ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2025:298 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2024/7864
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 10-12-2025
- ECLI:NL:TGZRAMS:2025:298
Kennelijke ongegronde klacht tegen een kinderarts-neonatoloog. Bij de dochter van klaagster is kort na de geboorte geconstateerd dat zij geïnfecteerd was geraakt met de Serratia marcescens bacterie en dat zij een hersenvliesontsteking had. Na een aantal weken waarin sprake was van toenemend weefselverval in de hersenen is vervolgens in een multidisciplinair overleg (MDO) geconcludeerd dat genezing niet meer mogelijk was en dat een palliatief beleid werd ingezet.Klaagster verwijt de kinderarts-neonatoloog dat zij ten onrechte een palliatief beleid heeft ingezet.Het college acht de beslissing op 3 maart 2020 om over te gaan tot een palliatief beleid gezien de gezondheidssituatie van de dochter van klaagster op dat moment zeer goed navolgbaar en is van oordeel dat deze beslissing zorgvuldig is genomen.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:255 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-259/DH/RO
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 08-12-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:255
Raadsbeslissing. Klacht over de kwaliteit van de dienstverlening. Niet gebleken van onzorgvuldige advisering, een vooringenomen houding ten gunste van de wederpartij, onvoldoende inspanning of het onzorgvuldig neerleggen van de werkzaamheden. Verweerder heeft toegelicht Dropbox-documenten via het account van zijn vrouw te hebben gedownload vanaf zijn vakantieadres omdat hij niet bij zijn eigen account kon. Nadat hij de documenten heeft gedownload, heeft hij deze verwijderd van het account van zijn vrouw zodat enkel hij daar kennis van kon nemen. Met die toelichting heeft verweerder voldoende maatregelen getroffen om de vertrouwelijkheid van de documenten te waarborgen. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:249 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-689/DH/DH
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 02-12-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:249
Voorzittersbeslissing. Klacht over de kwaliteit van de bijstand van de eigen advocaat in een kort geding tussen een franchisegever en -nemer. De voorzitter kan niet vaststellen dat verweerder tekort is geschoten in zijn dienstverlening aan klager. Klager was er mee bekend dat het onderwerp knowhow van groot belang was. Van klager mocht worden verwacht dat hij alle knowhow ter kennis van verweerder bracht. Verweerder mocht erop vertrouwen dat klager alle relevante feitelijke informatie had gemeld.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2025:213 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2712
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 10-12-2025
- ECLI:NL:TGZCTG:2025:213
Klager lijdt aan chronische draaiduizeligheid en werkt met een WIA-uitkering 25 uur per week. De aangeklaagde arts werkt onder supervisie van een bedrijfsarts bij de arbodienst van de werkgever van klager. Klager kwam op 19 april 2024 bij de arts op het verzuimspreekuur. Klager vindt a) dat de arts hem toen ten onrechte heeft doorverwezen naar het UWV en b) dat de arts onvoldoende onderzoek heeft gedaan. Het Regionaal Tuchtcollege heeft klachtonderdeel b gegrond verklaard en aan de arts de maatregel van berisping opgelegd. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het door de arts ingestelde beroep tegen die beslissing.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2025:299 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2024/7865
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 10-12-2025
- ECLI:NL:TGZRAMS:2025:299
Kennelijke ongegronde klacht tegen een kinderarts. Bij de dochter van klaagster is kort na de geboorte geconstateerd dat zij geïnfecteerd was geraakt met de Serratia marcescens bacterie en dat zij een hersenvliesontsteking had. Na een aantal weken waarin sprake was van toenemend weefselverval in de hersenen is vervolgens in een multidisciplinair overleg (MDO) geconcludeerd dat genezing niet meer mogelijk was en dat een palliatief beleid werd ingezet.Klaagster verwijt de kinderarts dat zij op 31 januari 2020 ten onrechte heeft besloten haar dochter over te plaatsen naar een ander ziekenhuis en dat zij ten onrechte palliatief beleid heeft ingezet.Het college stelt vast dat de kinderarts zowel bij het besluit tot overplaatsen als het besluit een palliatief beleid in te zetten niet betrokken is geweest.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:256 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-322/DH/RO
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 08-12-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:256
Raadsbeslissing. Klacht over een gezamenlijke echtscheidingsadvocaat. Klacht deels niet-ontvankelijk vanwege ne bis in idem, omdat klagers ex-partner al over de kwaliteit van de dienstverlening heeft geklaagd. Klacht voor het overige ongegrond, omdat niet is gebleken dat verweerder klager heeft zwartgemaakt bij zijn (mogelijke) nieuwe advocaten.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2025:214 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2743
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 10-12-2025
- ECLI:NL:TGZCTG:2025:214
Klager is na zijn ziekmelding bij zijn werkgever begeleid door de bedrijfsarts. Over die begeleiding is hij niet tevreden. Klager verwijt de bedrijfsarts onder meer dat zij geen gehoor heeft gehad voor zijn psychische klachten, een verkeerde diagnose heeft gesteld en verkeerde vervolgstappen heeft voorgesteld. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht in alle onderdelen ongegrond verklaard. Klager heeft beroep ingesteld tegen die beslissing. Het beroep van klager heeft tot doel dat twee van zijn klachtonderdelen alsnog gegrond worden verklaard. Het Centraal Tuchtcollege oordeelt dat de bedrijfsarts niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld en verwerpt het beroep van klager.Klager is na zijn ziekmelding bij zijn werkgever begeleid door de bedrijfsarts. Over die begeleiding is hij niet tevreden. Klager verwijt de bedrijfsarts onder meer dat zij geen gehoor heeft gehad voor zijn psychische klachten, een verkeerde diagnose heeft gesteld en verkeerde vervolgstappen heeft voorgesteld. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht in alle onderdelen ongegrond verklaard. Klager heeft beroep ingesteld tegen die beslissing. Het beroep van klager heeft tot doel dat twee van zijn klachtonderdelen alsnog gegrond worden verklaard. Het Centraal Tuchtcollege oordeelt dat de bedrijfsarts niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld en verwerpt het beroep van klager.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2025:293 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2024/7839
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 10-12-2025
- ECLI:NL:TGZRAMS:2025:293
Kennelijk ongegronde klacht tegen een kinderarts-neonatoloog. Bij de dochter van klaagster is kort na de geboorte geconstateerd dat zij geïnfecteerd was geraakt met de Serratia marcescens bacterie en dat zij een hersenvliesontsteking had. Na een aantal weken waarin sprake was van toenemend weefselverval in de hersenen is vervolgens in een multidisciplinair overleg (MDO) geconcludeerd dat genezing niet meer mogelijk was en dat een palliatief beleid werd ingezet. Klaagster verwijt de kinderarts-neonatoloog dat hij, als afdelingshoofd, onvoldoende maatregelen heeft genomen om een infectie met de Serratia marcescens bacterie te voorkomen. Ook verwijt zij de kinderarts-neonatoloog dat hij ten onrechte een palliatief beleid heeft ingezet.Het college is van oordeel dat de op de afdeling gehanteerde maatregelen ter voorkoming van infecties conform de medisch-professionele standaard zijn.Het college acht daarnaast de beslissing om over te gaan tot een palliatief beleid gezien de gezondheidssituatie van de dochter van klaagster op dat moment zeer goed navolgbaar en is van oordeel dat deze beslissing zorgvuldig is genomen.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:250 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-656/DH/DH
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 03-12-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:250
Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in een familierechtelijke procedure. Verweerster heeft de ingediende correspondentie niet als vertrouwelijk hoeven aan te merken. Niet gebleken dat verweerster onvoldoende professionele distantie heeft betracht. Zij mocht haar cliënte beschermen tegen de beschuldigingen van klager. Ook heeft verweerster niet ondoelmatig gehandeld. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:244 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-641/DH/RO
- Datum publicatie: 10-12-2025
- Datum uitspraak: 19-11-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:244
Voorzittersbeslissing. Klacht over de eigen advocaat in een geschil over de (gebrekkige) bouw van een woning. Klager heeft zijn klacht beperkt tot één klachtonderdeel. De klacht is te laat ingediend, daarom niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TAHVD:2025:257 Hof van Discipline 's Gravenhage 250325
- Datum publicatie: 09-12-2025
- Datum uitspraak: 08-12-2025
- ECLI:NL:TAHVD:2025:257
Beklag artikel 13 Advocatenwet ongegrond. Het verzoek is onvoldoende onderbouwd. Het is niet duidelijk geworden dat enige procedure een redelijke kans van slagen zou hebben.
-
ECLI:NL:TADRARL:2025:270 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-485/AL/MN
- Datum publicatie: 09-12-2025
- Datum uitspraak: 08-12-2025
- ECLI:NL:TADRARL:2025:270
Voorzittersbeslissing. De voorzitter verklaart een klacht over een advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2025:271 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-584/AL/GLD
- Datum publicatie: 09-12-2025
- Datum uitspraak: 08-12-2025
- ECLI:NL:TADRARL:2025:271
voorzittersbeslissing. Uit de stukken is niet gebleken dat verweerder de belangen van klager onvoldoende heeft behartigd of anderszins de belangen van de wederpartij of zichzelf voorop heeft gesteld. Verweerder heeft de werkzaamheden uitgevoerd zoals afgesproken in de aangepaste opdrachtbevestiging en heeft daarna geweigerd om nog verder werkzaamheden voor klager te doen. Naar het oordeel van de voorzitter staat het een advocaat vrij om die keuze te maken. Verweerder heeft zich in dit geval op zorgvuldige wijze onttrokken. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2025:290 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2024/7919
- Datum publicatie: 09-12-2025
- Datum uitspraak: 09-12-2025
- ECLI:NL:TGZRAMS:2025:290
Ongegronde klacht tegen een internist-oncoloog. Bij de echtgenote van klager was triple negatief borstkanker geconstateerd. Hij verwijt de internist-oncoloog dat zij onvoldoende voorlichting aan patiënte heeft gegeven over de risico’s van de chemotherapie en dat zij ten onrechte niet van het standaard protocol is afgeweken. Het college oordeelt dat de door de internist-oncoloog gegeven schriftelijke en mondelinge informatie voldoende is geweest. Er was geen indicatie om niet te starten met een standaarddosering of (later) de dosering te verlagen. Klacht ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TADRARL:2025:267 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-249/AL/MN
- Datum publicatie: 09-12-2025
- Datum uitspraak: 08-12-2025
- ECLI:NL:TADRARL:2025:267
gegrond verzet en deels gegronde klacht over verweerster als advocaat van de wederpartij. Uit de stukken en de verklaringen tijdens de zitting van de raad is gebleken dat cliënte G ervoor heeft gekozen om niet bij de zitting van de rechtbank aanwezig te zijn. Zij heeft een verklaring opgesteld die vervolgens door verweerster tijdens de zitting is voorgelezen. De raad is ook gebleken dat G in haar verklaring, die bij de stukken ontbreekt, niet alleen de redenen voor haar afwezigheid heeft toegelicht maar daarin ook ernstige beschuldigingen aan het adres van klager heeft geuit. Als een cliënte niet mee gaat naar een zitting maar een verklaring wil laten voorlezen door de eigen advocaat, dan heeft die advocaat daarin ook een eigen verantwoordelijkheid, ondanks de wensen van de cliënt. In een dergelijke situatie moet een advocaat kritisch zijn ten aanzien van het nut en de noodzaak van de verklaring en de inhoud daarvan in het bijzonder. Juist vanwege het grievende karakter van de verklaring van cliënte G en het ontbreken van voldoende belang bij het naar voren brengen van de gevoelige inhoud, is terughoudendheid geboden. Verweerster heeft naar het oordeel van de raad van die terughoudendheid onvoldoende blijk gegeven door de verklaring van G integraal voor te lezen. Dat was niet alleen onnodig, want niet van belang voor de zaak, maar ook schadelijk voor klager die daarvan pas tijdens de zitting kennis heeft genomen, terwijl verweerster andere keuzes had kunnen maken. Verweerster heeft aldus onvoldoende rekening gehouden met de gerechtvaardigde belangen van klager, hetgeen haar tuchtrechtelijk wordt verweten. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2025:291 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8188
- Datum publicatie: 09-12-2025
- Datum uitspraak: 09-12-2025
- ECLI:NL:TGZRAMS:2025:291
Kennelijk ongegronde klacht tegen een arts. Patiënte, de moeder van klaagster, is overleden aan longkanker. De arts was werkzaam als zaalarts op de longafdeling. Het college stelt vast dat de arts geen diagnose heeft gesteld, ook niet dat hij klaagster niet serieus zou hebben genomen. Het door klaagster ervaren gebrek aan empathie kan het college niet in objectieve zin vaststellen. Het college komt ook niet tot het oordeel dat de arts niet adequaat heeft gehandeld op het moment dat het niet goed ging met patiënte. Er waren op dat moment geen andere handelingen mogelijk om het lijden van patiënte te verminderen. Klacht kennelijk ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TADRARL:2025:268 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-263/AL/MN
- Datum publicatie: 09-12-2025
- Datum uitspraak: 08-12-2025
- ECLI:NL:TADRARL:2025:268
ongegrond verzet
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2025:292 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9027
- Datum publicatie: 09-12-2025
- Datum uitspraak: 09-12-2025
- ECLI:NL:TGZRAMS:2025:292
Voorzittersbeslissing. De voorzitter oordeelt dat er sprake is van misbruik van recht nu klaagster een in de kern dezelfde klacht indient tegen de bedrijfsarts. Klaagster wenst kennelijk de beslissing van het CTG niet af te wachten en dient wederom een klacht in met een andere weergave en andere bewoordingen, die in de kern op hetzelfde neerkomt. In dit geval komt de voorzitter tot het oordeel dat het belang van klaagster niet opweegt tegen het belang van de bedrijfsarts om te worden beschermd tegen het opnieuw indienen van een tuchtklacht tegen haar over in de kern hetzelfde feitencomplex. Klaagster kennelijk niet-ontvankelijk verklaard.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:243 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-625/DH/DH
- Datum publicatie: 09-12-2025
- Datum uitspraak: 19-11-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:243
Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij. Klager heeft geen eigen, rechtstreeks belang bij de vraag of verweerster wel of geen toevoeging mocht aanvragen voor haar cliënte. Klacht kennelijk niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2025:170 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-737/DB/LI
- Datum publicatie: 09-12-2025
- Datum uitspraak: 09-12-2025
- ECLI:NL:TADRSHE:2025:170
Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij. De tuchtrechter is (kennelijk) onbevoegd om kennis te nemen over AVG-klachten. Klacht voor het overige kennelijk ongegrond. Verweerder heeft klager mede kunnen delen dat als de Belgische belastingdienst (FOD) nog vragen had over de bankrekening van zijn cliënt, dat de FOD zich tot hem kon wenden. Niet gebleken van het verstrekken van onjuiste informatie. Verweerder mocht namens zijn cliënt standpunten innemen die afwijken van klager. Het is niet aan klager om te bepalen door welke advocaat zijn wederpartij zich laat bijstaan. Herhalen van passages uit de conclusie van antwoord in het verweerschrift op de tuchtklacht is niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Benoemen van de deken als ‘confrère’ en klacht als ‘verwijt’ is niet klachtwaardig.
-
ECLI:NL:TADRARL:2025:269 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-272/AL/MN 25-273/AL/MN 25-274/AL/MN
- Datum publicatie: 09-12-2025
- Datum uitspraak: 08-12-2025
- ECLI:NL:TADRARL:2025:269
ongegrond verzet
-
ECLI:NL:TAHVD:2025:256 Hof van Discipline 's Gravenhage 250324
- Datum publicatie: 09-12-2025
- Datum uitspraak: 08-12-2025
- ECLI:NL:TAHVD:2025:256
Beklag artikel 13 Advocatenwet ongegrond. Onvoldoende kans van slagen van de door klager gewenste procedure.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2025:209 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2774
- Datum publicatie: 08-12-2025
- Datum uitspraak: 08-12-2025
- ECLI:NL:TGZCTG:2025:209
Klacht tegen een chirurg. Klager is sinds 2002 in behandeling vanwege een darmziekte. Oorspronkelijk is de diagnose colitis ulcerosa (ontsteking van de dikke darm) gesteld. Later is ook de verdenking op de ziekte van Crohn in de overwegingen betrokken, die niet alleen de dikke darm, maar het gehele spijsverteringskanaal van mond tot anus kan aantasten. Beide ziekten zijn zogenoemde inflammatoire darmziekten (Inflammatory Bowel Dieseases of IBD), die zich vaak kenmerken door een complexe problematiek. Vanaf september 2017 is klager behandeld door een multidisciplinair team (MDO) in het medisch centrum waar de chirurg werkzaam is. De chirurg maakte ook deel uit van het MDO en was hoofdbehandelaar van klager. Klager verwijt de chirurg onzorgvuldig handelen, het verstrekken van foutieve informatie en misdiagnostiek na maart 2019 . Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.
-
ECLI:NL:TAHVD:2025:251 Hof van Discipline 's Gravenhage 240360W
- Datum publicatie: 08-12-2025
- Datum uitspraak: 05-12-2025
- ECLI:NL:TAHVD:2025:251
Verzoekster heeft haar wrakingsverzoek ingediend direct na hervatting van het onderzoek ter zitting en nog voordat de behandelend kamer op haar aanhoudingsverzoek heeft kunnen beslissen. Het wrakingsverzoek is in zoverre voorbarig. Dat de behandelend kamer met de wijze van behandeling van het aanhoudingsverzoek ter zitting vooringenomen zou zijn en/of hoor en wederhoor zou hebben geschonden, is de wrakingskamer niet gebleken. Het proces-verbaal is bedoeld als een zakelijke weergave en niet als een woordelijk verslag van hetgeen ter zitting is besproken. Het feit dat niet alles wat ter zitting is besproken in het proces-verbaal is opgenomen, is daarom geen aanwijzing dat er sprake is van (een schijn van) vooringenomenheid van de behandelend kamer.