We werken hard aan het herstel van de stabiliteit van tuchtrecht.overheid.nl. Excuus voor het ongemak.

Zoekresultaten 40051-40100 van de 47910 resultaten

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3108 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3718/11.120

    Klacht dat de advocaat klager in een zedenzaak en een zaak over een machtiging voorlopig verblijf niet naar behoren heeft bijgestaan door nalatigheid in de bewijsvoering en de aanpak van de zaken; voorts dat de advocaat later heeft geweigerd klager opnieuw bij te staan en heeft geweigerd het dossier over te dragen aan klagers nieuwe advocaat. De klacht ziet op werkzaamheden in de periode 2005 en 2006 en is ingediend in december 2010. Eerste klachtonderdeel kennelijk niet-ontvankelijk. Overige klachten kennelijk ongegrond. Verzet te laat ingesteld, zodat het niet-ontvankelijk wordt verklaard.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3121 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3946/12.80

    Kwaliteit van de dienstverlening van de advocaat. Alle klachtenonderdelen worden als kennelijk ongegrond afgewezen.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3102 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3823/11.225

    Verzet. Geen gronden aangevoerd. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3134 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3851/11.253

    Klacht ten aanzien van de kwaliteit van de dienstverlening onvoldoende onderbouwd. Behoedzaam gebruik retentierecht. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3115 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3957/12.91

    Niet kan worden vastgesteld dat verweerster fouten heeft gemaakt in de procedure. Het feit dat de rechter de vordering van klager niet in zijn voordeel heeft beslist kan niet aan verweerster worden verweten. De rechter heeft overigens kennelijk mede op grond van klagers uitspraken ter zitting geoordeeld dat klager wanprestatie heeft gepleegd en dat K. de rekeningen van klager niet hoefde te voldoen. De tuchterechter is niet bevoegd te oordelen over een vordering tot schadevergoeding. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3128 Raad van Discipline 's-Gravenhage R.3777/11.179

    Klager beklaagt zich over het feit dat verweerster ten tijde van de behandeling in kort geding verklaard heeft dat de cliënt van klager geen rekening en verantwoording heeft afgelegd aan de cliënten van verweerster. Verweerster heeft deze mededeling zonder enige nuancering gedaan en daarbij geen acht geslagen op een brief van de zijde van klager van vóór de mondelinge behandeling. Verweerster had als op dat moment behandelend advocaat op de hoogte dienen te zijn van deze brief, die volgens eigen mededeling van verweerster door haar kantoorgenoot ontvangen was door een uitlating te doen zonder enige nuancering en zonder acht te slaan op deze brief heeft verweerster tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld. De klacht is gegrond. Als maatregel wordt opgelegd enkele waarschuwing

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3109 Raad van Discipline 's-Gravenhage R.3775/11.177

    Klacht dat de advocaat ondanks een schorsing nog steeds de praktijk uitoefent, dat de advocaat zijn toezegging een aansprakelijkstelling van klager aan zijn aansprakelijkheidsverzekeraar door te sturen niet gestand doet en dat de advocaat een incassobureau heft ingeschakeld om een openstaande declaratie betaald te krijgen. In de behandelde zaak is niet gebleken dat de advocaat nog als advocaat optreedt, daar hij optreedt onder de naam “Rechtspraktijk …..”, zodat het eerste klachtonderdeel ongegrond is. Gezien de correspondentie met klager over de aansprakelijkstelling, de mededeling dat de advocaat klagers aansprakelijkstelling zou doorsturen aan zijn verzekeraar en klager, zodra hij meer informatie had, zou informeren, hetgeen de advocaat niet meer heeft gedaan, is het tweede klachtonderdeel gegrond. Het derde klachtonderdeel is ongegrond. Maatregel: berisping.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3122 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3954/12.88

    In casu weegt het toepassen van het beginsel van rechtszekerheid ten behoeve van verweerster zwaarder dan het ten gunste van klager wegende maatschappelijk belang om – na het verstrijken van zeven jaar – alsnog de ter discussie gestelde handelwijze van verweerster te doen toetsen. Verweerster hoefde na het verstrijken van deze periode geen tuchtklacht meer te verwachten. Klacht kennelijk niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3103 Raad van Discipline 's-Gravenhage R.3787/11.189

    Aangevraagde toevoeging geweigerd wegens eenvoudige aard van de zaak. Bezwaar gemaakt tegen weigering. Aanvang werkzaamheden op uitdrukkelijk verzoek van klager voordat beslissing op bezwaar was ontvangen. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3116 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3961/12.95

    Niet kan worden vastgesteld dat verweerster tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld jegens klager. Verweerster heeft gemotiveerd gesteld om welke reden zij de kort geding procedure niet heeft doorgezet. Uit het dossier volgt dat verweerster zich afdoende voor klager heeft ingespannen om het geschil tot een goed einde te brengen. Op verweerster berust een inspanningsverplichting en geen resultaatsverplichting. Alle klachtenonderdelen worden als kennelijk ongegrond afgewezen.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3129 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3771/11.173

    Klager beklaagt zich over de advocaat van de wederpartij. De advocaat van de wederpartij heeft een aan hem toekomende vrijheid om de belangen van zijn cliënt te behartigen, zoals hij goeddunkt. Aan deze vrijheid zijn grenzen te stellen. Verweerder heeft echter door de ten behoeve van zijn cliënt gelegde beslagen niet op te heffen niet de aan hem toekomende mate van vrijheid om de belangen van zijn cliënt te behartigen overschreden. Het verzet wordt ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3110 Raad van Discipline 's-Gravenhage R.3700/11.102

    Klacht dat de advocaat in een interview in een radioprogramma klaagster ten onrechte heeft beschuldigd van het doen van een valse aangifte tegen de advocaat. De advocaat heeft een soortgelijke aantijging eerder geuit, terzake waarvan klaagster in 2001 een klacht tegen de advocaat heeft ingediend. In een procedure ex artikel 12 Sv. heeft het gerechtshof destijds beslist dat geen vervolging tegen klaagster zou worden ingesteld. Die vervolging heeft aldus niet plaatsgevonden. Door in het radioprogramma klaagster zonder nadere toelichting van een strafbaar feit te beschuldigen handelt de advocaat verwijtbaar onzorgvuldig jegens klaagster. Klacht gegrond. Maatregel: enkele waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3123 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3952/12.86

    Niet kan worden vastgesteld dat voor verweerster evident kenbaar was dat de inhoud van het verslag met betrekking tot de bewuste passage feitelijk onjuist was. Klacht wordt kennelijk ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3104 Raad van Discipline 's-Gravenhage R.3811/11.213

    Verweerder heeft klager bijgestaan in een tweetal zaken die beide naar tevredenheid van klager zijn afgewikkeld. Dat voor vier andere zaken opdracht is gegeven is niet gebleken noch aannemelijk gemaakt. Voor twee zaken is een toevoeging aangevraagd. Deze zijn beoordeeld op basis van gegevens die door de Raad voor Rechtsbijstand bij de fiscus zijn opgevraagd. Niet gebleken is dat klager bij verweerder bezwaar heeft gemaakt tegen opgelegde eigen bijdragen. Er is niet gebleken van omstandigheden waarin verweerder aanleiding had moeten vinden om een peiljaarverlegging aan te vragen. Klacht in alle onderdelen ongegrond

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3117 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3963/12.97

    Het tijdsverloop in de zaak is in casu niet van dien aard dat de handelswijze van verweerster als onvoldoende voortvarend moet worden aangemerkt. Voor het geval verweerster vanwege ziekte verstek moest laten gaan bij de zitting, leidt dit op zich niet tot tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA3099 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3610/11.12

    Verweerster heeft bij de behandeling van de zaak van klager niet de voortvarendheid betracht die klager van verweerster mocht verwachten. Voorts heeft verweerster geen uitleg kunnen geven waarom zij de verhuurder niet geïnformeerd heeft over de door klager geleden schade. Indien verweerster hiertoe niet wenste over te gaan, omdat zij een andere visie op de zaak had dan klager, had het op haar weg gelegen om klager hiervan aanstonds op de hoogte te brengen. Verzet gegrond. Klacht gegrond en aan de advocaat wordt de maatregel van een enkele waarschuwing opgelegd.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3130 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3830/11.232

    Verzet. Gedeeltelijk gegrond. In het dossier ontbreekt een schriftelijke bevestiging ten aanzien van in te stellen hoger beroep, terwijl ook niet gesteld of gebleken is dat aan klager een concept voor het beroepschrift is voorgelegd of met hem is besproken.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3111 Raad van Discipline 's-Gravenhage R.3730/11.132

    De advocaat treedt in de echtscheidingsprocedure van klager aanvankelijk op voor klager en diens echtgenote. De advocaat voert in die periode telefoongesprekken met de echtgenote zonder klager daarover te informeren. Klager leidt later de gevoerde gesprekken af uit door hem verzochte specificaties van de declaraties. De advocaat had in zijn opdrachtbevestiging meegedeeld dat hij vragen van partijen zou beantwoorden en dat hij dat niet altijd zou kortsluiten met de andere partij, behoudens wanneer het de belangen van die andere partij zou betreffen. In de opdrachtbevestiging staat ook dat de advocaat, indien partijen niet gezamenlijk tot oplossingen zouden komen, genoodzaakt zou zijn zich terug te trekken als advocaat voor beiden. Na ongeveer zes maanden trekt klager de opdracht aan de advocaat in en verklaart dat hij geen bezwaar heeft indien de advocaat verder voor de vrouw blijft optreden. De advocaat bevestigt in die fase schriftelijk dat tussen partijen geen afspraken tot stand zijn gekomen en dat eventueel bereikte overeenstemmingen komen te vervallen omdat zij niet volledig waren bereikt. In de periode daarna treedt de advocaat namens de vrouw tegen klager op. In de procedure doet de advocaat namens de vrouw een bewijsaanbod, waarbij de advocaat zelf als getuige zal worden gehoord omtrent door de vrouw beweerde afspraken uit de eerste periode. Klacht dat de advocaat klager niet heeft geïnformeerd over de (langdurige) telefoongesprekken met de vrouw; dat de advocaat in een brief aan de rechtbank heeft aangeboden om als getuige te worden gehoord terzake van beweerdelijke afspraken uit de eerste periode, waardoor de advocaat heeft aangeboden zijn beroepsgeheim te schenden; voorts dat de advocaat heeft gehandeld in strijd met gedragsregel 7 lid 3 door tegen klager op te treden nadat hij meer dan een half jaar voor beiden was opgetreden. Beoordeling. De advocaat heeft zich beroepen op de opdrachtbevestiging en op de omstandigheid dat de gevoerde telefoongesprekken het belang van klager niet hebben geraakt. Tegenover dit verweer is niet gebleken dat de inhoud van de gevoerde gesprekken van dien aard was dat zich daarin een tegenstrijdig belang openbaarde of dat het geboden was dat de advocaat klager op de hoogte hield van die gesprekken. Dit klachtonderdeel is ongegrond. Gelet op gedragsregel 7, de uitdrukkelijke schriftelijke bevestiging van de advocaat aan partijen dat zij niet tot overeenstemming waren gekomen en dat eventueel bereikte overeenstemmingen waren komen te vervallen alsmede op de geheimhoudingsplicht van de advocaat, heeft hij door het bewijsaanbod aan de rechtbank te doen schade toegebracht aan het vertrouwen in de advocatuur en zijn eigen beroepsuitoefening. De advocaat kan zich er niet op beroepen dat het getuigenaanbod van zijn cliënte afkomstig is, daar hij zelf de volledige verantwoordelijkheid voor de behandeling van de zaak draagt en zich daaraan niet kan onttrekken met een beroep op de van zijn cliënte verkregen opdracht. Het tweede klachtonderdeel is gegrond. Naar het oordeel van de raad is geen grond aanwezig om af te wijken van gedragsregel 7, lid 3, zodat de advocaat zich had behoren terug te trekken als advocaat van beiden, ook al had klager meegedeeld er geen bezwaar tegen te hebben dat de advocaat voor de vrouw ging optreden. Ook het derde klachtonderdeel is gegrond. Maatregel: berisping.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3124 Raad van Discipline 's-Gravenhage R.3756/11.158

    De raad heeft niet kunnen vaststellen dat verweerder kennelijk onjuist is opgetreden in zaken die hij voor klager behandelde en of dat verweerder klager onjuist geadviseerd heeft en daarbij diens belangen heeft geschaad. De klacht die ziet op het excessief declareren wordt tevens ongegrond verklaard, aangezien het excessief declareren wordt gemotiveerd door te stellen dat de declaraties te hoog zijn in verband met de wijze waarop de belangenbehartiging is geschied. Het klachtonderdeel dat ziet op het feit dat verweerder pas na herhaald verzoek van klager overgegaan is tot aanschrijving van de wederpartij in verband met de proceskostenveroordeling die deze aan klager diende te voldoen, wordt niet tuchtrechtelijk verwijtbaar geacht, waarbij mede in aanmerking wordt genomen de algehele wijze van belangenbehartiging door verweerder. De klachtonderdelen zijn ongegrond

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3105 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3837/11.239

    Na of bij overdracht van zaken zoekgeraakte dossiers. Geen behoorlijke dossierbehandeling. Klacht in zoverre gegrond. Of er fouten zijn gemaakt in dossier blijkt niet uit de stukken. Klacht in zoverre ongegrond

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3118 Raad van Discipline 's-Gravenhage R.3906/12.40

    Verzoek 60b Advocatenwet. De verwijten die aan verweerder worden gemaakt worden weliswaar gedeeltelijk ondersteund door bevindingen in onder meer de onderzoeksrapportages maar zijn onvoldoende om een zware maatregel als schorsing voor onbepaalde tijd te rechtvaardigen.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3131 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3655/11.57

    Verzet. Uitgangspunt in de relatie advocaat-wederpartij is steeds dat die advocaat een grote mate van vrijheid toekomt om de belangen van zijn cliënt te behartigen op de wijze die hem passend voorkomt. Deze vrijheid mag niet ten gunste van een (processuele) wederpartij worden beknot, tenzij de belangen van die partij nodeloos en op ontoelaatbare wijze worden geschaad. Daarvan is niet gebleken. Evenmin is gebleken dat verweerster zich in enig ander opzicht niet heeft gedragen zoals een behoorlijk advocaat betaamt. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3112 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3706/11.108

    Verzet tegen voorzittersbeslissing is ongegrond. De gronden van het verzet betreffen slechts een uitwerking van de eerdere klacht en leiden niet tot een ander oordeel.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3125 Raad van Discipline 's-Gravenhage R.3748/11.150

    Verweerder heeft niet binnen een redelijke termijn op verzoeken van klager gereageerd. Het had bovendien op de weg van verweerder gelegen om, indien hij geen mogelijkheden meer zag in de zaak van klager, dit mee te delen aan klager in plaats van in het geheel niet te reageren. De klacht is gegrond. Als maatregel wordt opgelegd enkele waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3106 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3710/11.112

    Klacht dat de advocaat niet bereid was namens klager een nadere conclusie met producties in te dienen in een procedure bij het gerechtshof. De advocaat heeft over het nemen van een nadere conclusie geadviseerd aan klager. Hij heeft bij het gerechtshof verzocht een nadere conclusie te mogen nemen. De toestemming daartoe is enkele dagen na het indienen van de klacht verleend. De advocaat heeft uiteindelijk, in weerwil van zijn advies aan klager, de door klager opgestelde tekst als productie bij de nadere conclusie gevoegd, evenals andere producties van klager. Klacht kennelijk ongegrond. In het verzet worden ook nieuwe klachten aangevoerd en wordt de raad verzocht een uitspraak te doen over de vraag of verweerder in de behandeling van zijn opdracht al dan niet onzorgvuldig is geweest. Verzet ongegrond, waarbij wordt overwogen dat in het oordeel van de raad besloten ligt dat er geen grond is om uit te spreken dat de advocaat niet de zorgvuldigheid heeft betracht die bij een behoorlijke rechtshulpverlening betaamt.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3119 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3701/11.103b

    Verzet. Verschoonbare termijnoverschrijding. In verzet geen gronden aangevoerd. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3132 Raad van Discipline 's-Gravenhage R.3694/11.96

    Klager klaagt over de bijstand van verweerster aan zijn dochter. In beginsel kan slechts de dochter zelf daarover klagen. Gesteld noch gebleken is dat zich op die regel een uitzondering voordoet. Klager is niet-ontvankelijk. Ten overvloede overweegt de Raad dat voorzover klager wel ontvankelijk zou zijn, de klacht ongegrond is omdat de geheimhoudingsverplichting aan het afgeven door verweerster van het dossier aan derden in de weg staat.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3113 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3744/11.146

    De advocaat had bij aanvang van de zaak gegronde redenen om aan te nemen dat klaagster niet in aanmerking kwam voor gefinancierde rechtsbijstand. De door de advocaat aangevoerde redenen, meer in het bijzonder de gestelde overwaarde in de woning van klaagster, is niet door klaagster betwist. In de loop van de procedure is de advocaat duidelijk geworden dat klaagster over een aanzienlijk vermogen beschikte, zodat ook die omstandigheid ertoe leidde dat klaagster niet in aanmerking kwam voor gefinancierde rechtsbijstand, zodat de advocaat ook lopende de behandeling van klaagsters zaak geen reden had om klaagster te wijzen op de mogelijkheid van gefinancierde rechtsbijstand. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3126 Raad van Discipline 's-Gravenhage R.3819/11.221

    Het verzet dat ingesteld is tegen de beslissing van de plaatsvervangend voorzitter is gegrond. De plaatsvervangend voorzitter heeft één van de klachtonderdelen te beperkt opgevat. De klacht die betrekking heeft op de traagheid van werken van verweerder wordt gegrond verklaard. Het feit dat drie maanden gedaan wordt om een concept dagvaarding op te stellen en dat er langer dan twee maanden over gedaan wordt om te reageren op opmerkingen van klager, en dan eerst na twee rappellen, kan niet worden gekwalificeerd als een handelen zoals een behoorlijk advocaat betaamt. Het klachtonderdeel wordt deels gegrond verklaard. De beslissing van de plaatsvervangend voorzitter wordt voor het overige bekrachtigd. Verweerder wordt de maatregel van enkele waarschuwing opgelegd

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA3107 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3715/11.117

    Klachten over het optreden van de advocaat in een procedure tegen het UWV terzake van een arbeidsongeschiktheidsuitkering. Verwijten dat de advocaat klager bij een hoorzitting bij het UWV deels alleen heeft gelaten, dat de advocaat geen procedure tot herziening met terugwerkende kracht van UWV-beschikkingen aanhangig heeft gemaakt, dat hij een beroep tegen een UWV-beslissing heeft ingetrokken en dat klager door het handelen van de advocaat psychische en financiële schade heeft geleden. De advocaat is deels aanwezig geweest bij de hoorzitting, heeft zijn pleidooi gehouden en is omstreeks een half uur bij de hoorzitting aanwezig geweest. Hij had kort voor de zitting met klager besproken dat hij de zitting wegens een andere zitting zou moeten verlaten. De advocaat heeft klager geïnformeerd dat het niet mogelijk is de eerdere beschikkingen van het UWV met terugwerkende kracht te herzien indien de bezwaar- en/of beroepstermijn is verstreken. Dit advies is niet kennelijk onjuist. De intrekking van een ingesteld beroep is door de advocaat eerst telefonisch en later op kantoor met klager besproken. Hoewel het beter ware geweest indien de advocaat het gesprek inzake de intrekking schriftelijk aan klager had bevestigd, treft de advocaat hier geen verwijt. Het vierde klachtonderdeel is bij de behandeling van het verzet ingetrokken. Klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond. Verzet, onder aanvulling van gronden, ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2012:YA3095 Raad van Discipline Amsterdam 12-233A

    Voorzittersbeslissing. Klacht tegen eigen advocaat kennelijk ongegrond. Beleidsvrijheid en vrijheid om opdracht neer te leggen.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2012:YA3096 Raad van Discipline Amsterdam 12-215H

    Voorzittersbeslissing. Klacht tegen advocaat wederpartij kennelijk ongegrond. Verweerster mocht het standpunt van haar cliënte uitdragen. Vrijheid van handelen.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2012:YA3097 Raad van Discipline Amsterdam 12-232A

    Voorzittersbeslissing. Uitlatingen tegenover derden. Klacht over toon en schenden geheimhoudingsplicht. Deels kennelijk ongegrond, deels kennelijk niet ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TNOKALM:2012:YC0825 Kamer van toezicht Almelo 08 11 Wna 15 11 Wna 20 11 Wna 21 11 Wna

    De notaris is verantwoordelijk voor handelen of nalaten van zijn notarisklerk. Op de notaris rust de zware zorgplicht te bewerkstelligen dat partijen volledig zijn geïnformeerd over de inhoud en gevolgen van de hypotheekakte. In dat verband is de expertise van klager en de eventueel door hem ingeschakelde deskundigen van belang. De Kamer oordeelt dat de notaris de hypotheekakten heeft gepasseerd als zekerheid voor een overeenkomst van geldlening met een uitzonderlijk hoge rente, en een waarde van de verstrekte zekerheid die lager of mogelijk zelf veel lager lag dan het bedrag van de geldlening waarvoor zekerheid werd gegeven, zonder dat hij zich voldoende van de deskundigheid aan de zijde van klager om zijn aan deze transactie verbonden financiële risico’s in te schatten had vergewist. Het was aan de notaris om zich ervan te vergewissen dat dit bij klager bekend was en hem te wijzen op het risico van een laag dekkingsprofiel.

  • ECLI:NL:TNOKALM:2012:YC0826 Kamer van toezicht Almelo 09 11 Wna

    Als regel kan een notaris tuchtrechtelijk worden aangesproken voor - klachtwaardige - gedragingen, handelen of nalaten van zijn notarisklerk. Op de notaris rust de zware zorgplicht te bewerkstelligen dat partijen volledig zijn geïnformeerd over de inhoud en gevolgen van de hypotheekakte. In dat verband is de expertise van klagers van belang. De Kamer oordeelt dat de notaris de hypotheekakten heeft gepasseerd als zekerheid voor een overeenkomst van geldlening met een uitzonderlijk hoge rente, en een waarde van de verstrekte zekerheid die lager of mogelijk zelf veel lager lag dan het bedrag van de geldlening waarvoor zekerheid werd gegeven, zonder dat hij zich voldoende van de deskundigheid aan de zijde van klagers om hun aan deze transacties verbonden financiële risico’s in te schatten had vergewist.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2012:YG2294 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2011/422

    Klager verwijt de BMA-arts dat zij geen zelfstandig onderzoek heeft verricht naar de behandelmogelijkheden in het land van herkomst en evenmin heeft onderzocht of een behandeling aldaar adequaat en effectief is. Afwijzing.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2012:YG2295 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2011/438

    Klager verwijt de BMA-arts dat zij geen zelfstandig onderzoek heeft verricht naar de behandelmogelijkheden in het land van herkomst en evenmin heeft onderzocht of een behandeling aldaar adequaat en effectief is en/of deze zal plaatsvinden in een veilige omgeving. Afwijzing.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2012:YG2296 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2011/338

    Klager verwijt de BMA-arts dat zij onzorgvuldig heeft gehandeld door onder andere na te laten klager op te roepen voor het spreekuur en zich strikt te houden aan de vraagstelling van de IND zonder haar eigen verantwoordelijkheid en deskundigheid mee te laten wegen. Afwijzing.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2012:YG2291 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2011-035

    Klager verwijt de chirurg dat hij tijdens een van de operaties aan zijn schildklier de nervus recurrens heeft geraakt, met als gevolg blijvende heesheid, hetgeen voorkomen had kunnen worden. Voorts verwijt klager de arts dat deze hem onvoldoende heeft voorgelicht over de risico’s van de ingreep en de eventuele alternatieven voor de ingreep. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2012:YG2292 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2011-121

    Klaagsters verwijten de longarts in de kern dat hij noch naar de patiënt noch naar klaagsters voldoende duidelijk en tijdig heeft gecommuniceerd over de aandoeningen, de behandeling en het te verwachten ziekteverloop en het mogelijk aanstaande overlijden van de patiënt. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2012:YG2293 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2011-146

    Klaagster verwijt de orthopeed dat zijn rapport niet voldoet aan de daaraan te stellen eisen. Meer specifiek verwijt klaagster de arts dat hij bij het verrichten van de keuring deze niet objectief en onvolledig uitgevoerd heeft, dat hij onnodig grof lichamelijk onderzoek heeft verricht wat extreme pijnklachten gaf en tijdens de keuring zware incontinentie veroorzaakte en dat hij de incontinentie niet in het keuringsrapport heeft vermeld, medische feiten foutief heeft weergegeven en zijn conclusies over lichamelijke beperkingen niet heeft onderbouwd. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2012:YA3093 Raad van Discipline Amsterdam 12-219A

    Voorzittersbeslissing. Klacht tegen advocaat wederpartij. Niet is gebleken dat verweerster de procedure (onnodig) heeft vertraagd. Advocaat heeft bovendien grote mate van vrijheid om de belangen van zijn/haar cliënt te behartigen. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2012:YA3094 Raad van Discipline Amsterdam 12-216Alk

    Voorzittersbeslissing. Klacht tegen advocaat wederpartij. Niet is gebleken dat de door verweerster als productie ingebrachte documenten zijn vervalst. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2012:YA3092 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch B 244 - 2011

    Hoewel verweerder in de gegeven omstandigheden niet als advocaat is opgetreden, was zijn verwevenheid met zijn beroep van advocaat daarmede duidelijk aanwezig. Klager ontvankelijk. Dat verweerder zijn advocate in het bezit heeft gesteld van de notulen van een niet gehouden aandeelhoudersvergadering, welke door haar aan de rechter zijn overgelegd, valt verweerder te verwijten. De inhoud van de door verweerder aan klager gezonden e-mail bevat alle kenmerken van een dreigement en zulks past een advocaat niet. Klacht gedeeltelijk gegrond; maatregel: enkele waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2012:YA3086 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch H 45 - 2012

    Als al op een klacht is beslist kan die klacht niet voor een tweede keer aan de tuchtrechter kan worden voorgelegd. Geen sprake van nieuwe feiten die tot een ander oordeel van de voorzitter zouden hebben geleid als hij deze gekend zou hebben. Niet is gebleken dat klager in enig belang is geschaad door de feiten – indien al juist – dat verweerder een financieel belang bij de uitkomst van de zaak had en tegenstrijdige belangen heeft behartigd. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2012:YA3087 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch B 133-2011

    De advocatenwet voorziet niet in de mogelijkheid van herziening van een onherroepelijk beslissing van een raad van discipline. Bij wijze van uitzondering kan hiervan slechts sprake zijn in geval van schending van fundamentele rechtsbeginselen, welke uitzondering beperkt dient te blijven tot die gevallen waarin een beklaagde advocaat, aan wie een maatregel is opgelegd, hierop een beroep kan doen. Verzet ongegrond

  • ECLI:NL:TADRSHE:2012:YA3088 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch H 43 - 2012

    Schending gedragsregel 19 door rauwelijks dagvaarden. Opmerking dat de onderneming van klager in staat van faillissement zou verkeren feitelijk onjuist maar niet onnodig grievend. Geen feiten geponeerd waarvan verweerder de onwaarheid kende of die hij redelijkerwijs op waarheid behoorde te onderzoeken. Geen maatregel o.a. omdat blijkens het e-mailverkeer voor klager duidelijk was dat hij bij het uitblijven van een minnelijke regeling rechtsmaatregelen kon verwachten. Klacht deels gegrond; geen maatregel.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2012:YA3089 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch R 115 - 2012

    In geval van een beroepsfout dient een advocaat adequaat te handelen. Het is van belang dat zo spoedig mogelijk komt vast te staan of zijn cliënt ten gevolge van de beroepsfout al dan niet financieel nadeel heeft geleden. Gelet op de mogelijke financiële gevolgen voor zijn cliënt mag van een behoorlijk advocaat worden verwacht dat hij zijn beroepsaansprakelijkheidsverzekeraar zo snel mogelijk inhoudelijk informeert. Klacht gegrond; enkele waarschuwing

  • ECLI:NL:TADRSHE:2012:YA3083 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch X 255 - 2011

    Door een klaarblijkelijk gebrekkige organisatie van de Toetsingscommissie van Insolad is het mogelijk gebleken dat een beslissing is gewezen door een panel, waarvan een onbevoegd lid deel uitmaakte. Niet kan worden vastgesteld dat verweerders hiervan individueel een tuchtrechtelijk verwijt valt te maken. Klacht ongegrond

  • ECLI:NL:TADRSHE:2012:YA3090 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch M 28 - 2011

    Vast is komen te staan dat verweerder willens en wetens de rechter onjuist heeft geïnformeerd en daardoor heeft misleid. Vertrouwen in de rechterlijke macht zodanig ondermijnd, dat deze handelwijze hem ernstig valt aan te rekenen. Klacht gegrond; schorsing drie maanden.