Zoekresultaten 1751-1800 van de 47441 resultaten

  • ECLI:NL:TAHVD:2025:192 Hof van Discipline 's Gravenhage 250320

    Klachten over de deken worden niet verwezen. De klachten/verwijzingsverzoeken zijn prematuur. Eerste klacht betreft de mededeling van de deken dat hij een klacht over een advocaat pas in behandeling zou nemen nadat eerst de interne klachtenregeling van het kantoor was doorlopen, en als de klacht daarmee niet was afgedaan, nadat de klacht was ingediend bij een klachten- of geschilleninstantie en dit ook niet tot een bevredigende oplossing had geleid. Na bezwaren van klaagster heeft de deken de klacht echter wel in behandeling genomen. Tweede klacht gaat over de klachtomschrijving. De deken past de klachtomschrijving niet aan, maar betrekt de klachten daarover wel in zijn onderzoek.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2025:139 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-070/DB/OB

    Verzetbeslissing. De voorzitter heeft bij de beoordeling van de klacht de juiste maatstaf toegepast en voorts rekening gehouden met alle relevante feiten en omstandigheden van het geval. Daarmee hoeft in redelijkheid niet te worden betwijfeld of de beslissing van de voorzitter juist is. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TDIVBC:2025:7 Veterinair Beroepscollege 's-Gravenhage VBC 2025/02

    Beroep van een stichting tegen een uitspraak van het Veterinair Tuchtcollege op een klacht tegen een dierenarts. De zaak heeft betrekking op de controle door de dierenarts van een populatie grote grazers in een Natura 2000-gebied. De stichting maakt de dierenarts hierover verschillende verwijten. Het Veterinair Tuchtcollege heeft de klacht in eerste aanleg ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:181 Raad van Discipline Amsterdam 25-054/A/A

    Raadsbeslissing; klacht over de kwaliteit van dienstverlening. Verweerder is ernstig tekortgeschoten in de behandeling van klagers zaak. Een opdrachtbevestiging en plan van aanpak ontbraken, evenals een gedegen schriftelijke vastlegging van belangrijke informatie. Klager is ruim twee jaar aan het lijntje gehouden en in al die tijd zijn slechts twee inhoudelijke brieven gestuurd aan de wederpartij. Op herhaalde verzoeken van klager om een update, volgde geen (adequaat) antwoord. Van zelfreflectie is onvoldoende gebleken. Rekening houdend met verweerders tuchtrechtelijk verleden is een onvoorwaardelijke schorsing van drie weken passend en geboden.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2025:237 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2024/7907

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een huisarts. Klaagster verwijt de huisarts met name dat de huisarts haar fysieke klachten onterecht afdeed als psychische klachten, dat zij ten onrechte een ‘no-show’-boete heeft gekregen en dat haar toegang tot huisartsenzorg is ontzegd. Het college vindt dat telkens adequaat is gereageerd op de hulpvraag van klaagster en dat de klachten niet zijn afgedaan als psychisch. Het opleggen en de hoogte van de ‘no-show-boete was niet onredelijk. Niet gebleken is dat klaagster is uitgesloten van medische zorg. Klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:182 Raad van Discipline Amsterdam 25-647/A/DH/W

    Wrakingsverzoek kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2025:238 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2024/7908

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een huisarts. Klaagster verwijt de huisarts met name dat de huisarts haar fysieke klachten onterecht afdeed als psychische klachten. Het college oordeelt dat telkens adequaat is gereageerd op de hulpvraag van klaagster en dat de klachten niet zijn afgedaan als psychisch. Klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:183 Raad van Discipline Amsterdam 24-962/A/A

    Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2025:239 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8273

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een huisarts. Klager had pijn en zwellingsklachten bij zijn rechteronderbeen. Hij verwijt de huisarts onder meer dat hij hem zonder lichamelijk onderzoek te verrichten heeft verwezen naar een fysiotherapeut in plaats van naar een orthopeed. Later is een breuk in het scheenbeen vastgesteld. Voor het college staat voldoende vast dat de huisarts wel een lichamelijk onderzoek heeft verricht. Op basis van wat is besproken en onderzocht tijdens het consult hoefde de huisarts niet onmiddellijk uit te gaan van een breuk. Klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:177 Raad van Discipline Amsterdam 25-202/A/A

    Tenuitvoerlegging van een voorwaardelijk opgelegde schorsing.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:184 Raad van Discipline Amsterdam 25-279/A/A

    Raadsbeslissing; klacht over de advocaat wederpartij in een familierechtzaak. Door niet zelf te reageren op e-mails van de advocaat van de wederpartij (maar haar cliënte rechtstreeks met haar ex-partner te laten communiceren) heeft verweerster onvoldoende inspanningen verricht om te voorkomen dat er onnodig een procedure zou worden gestart en onnodig kosten zouden worden gemaakt. Dit valt verweerster te verwijten en in verband daarmee is de klacht gegrond. Tijdens de zitting is het de raad gebleken dat verweerster geen kwade bedoelingen had met haar handelwijze. Verweerster heeft meerdere malen aangegeven dat zij zich ervan bewust is dat zij anders had moeten handelen en dat zij dit in de toekomst ook zal doen. De raad ziet hierin aanleiding om geen maatregel op te leggen.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:178 Raad van Discipline Amsterdam 25-104/A/A

    Raadsbeslissing. Klacht tegen de advocaat van de wederpartij. Eén klachtonderdeel wordt gegrond verklaard. Verweerder heeft zich met een bericht van 20 maart 2023 aan de rechtbank schuldig gemaakt aan ongeoorloofd napleiten waarop gedragsregel 21 lid 3 ziet. In de gegeven omstandigheden moet het bericht van verweerder worden gezien als een poging om de kantonrechter alsnog te beïnvloeden, hetgeen zich niet verdraagt met genoemde gedragsregel 21 lid 3. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2025:240 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8190

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een huisarts. Klaagster verwijt de huisarts dat zij lichtvaardig aan de crisisdienst opdracht heeft gegeven om klaagster gedwongen te laten opnemen. Het college stelt vast dat de huisarts deze beslissing niet heeft genomen. De huisarts heeft na een telefonische melding over klaagster besloten om de crisisdienst in te schakelen. Na inschakeling van de crisisdienst is de huisarts bij de beslissing tot opname niet meer betrokken geweest.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:185 Raad van Discipline Amsterdam 25-295/A/A

    Raadsbeslissing; ongegronde klacht over de advocaat van de wederpartij. Verweerster heeft in een klachtprocedure van klaagster tegen een zorginstelling de belangen van de zorginstelling behartigd. Daarbij heeft verweerster de grenzen van het betamelijke niet overschreden.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:179 Raad van Discipline Amsterdam 25-224/A/NH

    Raadsbeslissing. Klacht tegen de advocaat van de wederpartij in een familiekwestie. Klager verwijt verweerster dat zij hem heeft weggezet als pleger van huiselijk geweld (klachtonderdeel a), dat zij ten onterechte heeft geschreven dat er drie stopgesprekken met klager zijn gevoerd door de politie (klachtonderdeel b) en dat zij de advocaat van klager heeft aangeschreven in een kwestie waarin deze advocaat hem niet bijstond (klachtonderdeel c).Alle klachtonderdelen worden ongegrond verklaard. Hoewel verweerster zich met betrekking tot de klachtonderdelen a en b genuanceerder had kunnen uitdrukken, is de raad van oordeel dat verweerster hiermee geen tuchtrechtelijke grens heeft overschreden. Ook het aanschrijven van de advocaat van klager acht de raad in het licht van de veelheid van procedures tussen partijen niet onbegrijpelijk en ook niet tuchtrechtelijk verwijtbaar.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2025:241 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8202

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een huisarts. Klaagster verwijt de huisarts dat hij haar bij twee consultafspraken in de wachtkamer heeft genegeerd en niet heeft gereageerd toen klaagster contact zocht met de praktijk. De huisarts was bij één consult niet betrokken en bij het andere consult was sprake van een ongelukkig misverstand maar niet van bewust negeren. Het college kan verder ook niet vaststellen dat de huisarts klaagster heeft genegeerd.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:186 Raad van Discipline Amsterdam 25-245/A/A

    Raadsbeslissing; gegronde klacht over de kwaliteit van dienstverlening. Het verwijtbaar handelen heeft betrekking op een gebrekkige en slordige communicatie, het niet nakomen van de verplichting van schriftelijke vastlegging van zaken en een onzorgvuldige onttrekking aan de zaak. Bij het bepalen van de hoogte van de maatregel is als verlichtend meegewogen dat klagers slecht bereikbaar waren. Als verzwarend is meegewogen de laconieke houding van verweerder ter zitting. Rekening houdend met verweerders tuchtrechtelijk verleden is een voorwaardelijke schorsing voor de duur van twee weken passend en geboden.

  • ECLI:NL:TDIVBC:2025:6 Veterinair Beroepscollege 's-Gravenhage VB 2024/15

    Beroep van klachtambtenaar tegen een uitspraak van het Veterinair Tuchtcollege op een klacht tegen een dierenarts. Het verwijt betreft nalatigheid bij het opstellen van een noodslachtverklaring van een rund. Het Veterinair Tuchtcollege heeft de klacht van de klachtambtenaar gegrond verklaard en aan de dierenarts de maatregel van een onvoorwaardelijke geldboete van € 500,- en een voorwaardelijke geldboete van € 500,- opgelegd. Het beroep heeft betrekking op een deel van de motivering en op de hoogte van de maatregel.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2025:242 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8398

    Voorzittersbeslissing. Klager niet-ontvankelijk in een klacht tegen een specialist ouderengeneeskunde die de zus van klager heeft behandeld. Klager is geen rechtstreeks belanghebbende en er zijn bijzondere aanwijzingen dat klager niet de veronderstelde wil van zijn zus vertegenwoordigt. Klager kennelijk niet-ontvankelijk verklaard.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:180 Raad van Discipline Amsterdam 25-129/A/A

    Ongegrond verzet.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2025:116 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8061

    Klacht van dochter over de behandeling van haar inmiddels overleden moeder. De huisarts wordt verweten dat zij onvoldoende zorg heeft geleverd en niet adequaat heeft gehandeld in de fase van palliatieve zorg aan klaagsters moeder. Het college komt tot het oordeel dat de klacht ongegrond is.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2025:117 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/7997

    Klacht tegen een verzekeringsarts kennelijk ongegrond. Klaagster heeft een WIA-uitkering aangevraagd. Na een medische beoordeling is aan klaagster een loongerelateerde WGA-uitkering toegekend. De klacht heeft betrekking op de klachtenprocedure die klagers na het eerste verzekeringsgeneeskundig onderzoek zijn gestart en waarbij verweerder in zijn hoedanigheid van districtsmanager/districtsadviseur medisch betrokkenheid heeft gehad.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2025:118 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/7996

    Klacht tegen een verzekeringsarts kennelijk ongegrond. In het kader van de aanvraag van een WIA-uitkering heeft verweerder klaagster onderzocht en een verzekeringsgeneeskundige beoordeling verricht. Met inachtneming van de door verweerder vastgestelde beperkingen zijn er voor klaagster diverse functies geduid en is aan haar een loongerelateerde WGA-uitkering toegekend. De klacht heeft betrekking op, samengevat, het door verweerder uitgevoerde onderzoek en het mede door hem opgestelde rapport.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2025:119 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/7995

    Klacht tegen een verpleegkundige kennelijk ongegrond. In het kader van de aanvraag van een WIA-uitkering heeft verweerster klaagster onderzocht en een verzekeringsgeneeskundige beoordeling verricht. Met inachtneming van de door de verzekeringsarts vastgestelde beperkingen zijn er voor klaagster diverse functies geduid en is aan klaagster een loongerelateerde WGA-uitkering toegekend. De klacht heeft betrekking op, samengevat, het mede door verweerster uitgevoerde onderzoek en het mede door haar opgestelde rapport.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2025:160 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2929 VZ

    Voorzittersbeslissing. De moeder van klaagster is na een ingreep overleden in het ziekenhuis. Klaagster dient een klacht in tegen de voorzitter van de Raad van Bestuur van het ziekenhuis, die niet bij de behandeling van haar moeder betrokken is geweest. De voorzitter van het Regionaal Tuchtcollege heeft geoordeeld dat de verwijten geen handelen betreft dat valt onder de eerste of tweede tuchtnorm en heeft klaagster kennelijk niet-ontvankelijk verklaard in de klacht. De voorzitter van het Centraal Tuchtcollege wijst het beroep af omdat het beroep niet kan leiden tot een andere beslissing dan die van de voorzitter van het Regionaal Tuchtcollege.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2025:109 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7716

    Kennelijk ongegronde klacht tegen gynaecoloog. Klaagster verwijt de gynaecoloog dat hij tijdens de keizersnede haar blaas heeft beschadigd en dat een hersteloperatie nodig was. Ook verwijt zij hem dat haar tweelingdochters hechtingsproblemen hebben opgelopen en dat haar gezin voorgoed beschadigd is. Blaaslaesie is een dag na de keizersnede geconstateerd tijdens een (her)operatie in verband met een nabloeding. Geen eerdere aanwijzingen voor het bestaan van een blaaslaesie. Geen aanwijzingen voor medisch onzorgvuldig handelen. Complicatie. College oordeelt niet over de door klaagster gestelde gevolgen. Klaagster deels niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2025:161 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2930 VZ

    Voorzittersbeslissing. De moeder van klaagster is na een ingreep overleden in het ziekenhuis. Klaagster dient een klacht in tegen de voorzitter van Coöperatie Medisch Specialisten van het ziekenhuis, die niet bij de behandeling van haar moeder betrokken is geweest. De voorzitter van het Regionaal Tuchtcollege heeft geoordeeld dat de verwijten geen handelen betreft dat valt onder de eerste of tweede tuchtnorm en heeft klaagster kennelijk niet-ontvankelijk verklaard in de klacht. De voorzitter van het Centraal Tuchtcollege wijst het beroep af omdat het beroep niet kan leiden tot een andere beslissing dan die van de voorzitter van het Regionaal Tuchtcollege.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2025:110 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/6781

    Kennelijk ongegronde klacht tegen tandarts/gnatholoog. Klager, die in een PI verblijft, verwijt de tandarts dat zij op de gemaakt kaakoverzichtsfoto (OPT) geen bijzonderheden heeft gezien en dat zij zonder toestemming van klager, informatie aan de PI heeft verstrekt. Omdat kraakbeen niet zichtbaar is op een OPT heeft verweerster op juiste gronden aan klager medegedeeld dat er geen bijzonderheden waren. KNMT-praktijkrichtlijn Horizontale verwijzing. In het geval de patiënt in een PI verblijft, is het gebruikelijk de terugkoppeling naar de medische dienst te sturen in plaats van naar de tandarts zelf.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2025:162 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2931 VZ

    Voorzittersbeslissing. De moeder van klaagster is na een ingreep overleden in het ziekenhuis. Klaagster dient een klacht in tegen een aios over het niet (laten) doen van een melding.De voorzitter van het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. De voorzitter van het Centraal Tuchtcollege wijst het beroep af omdat het beroep niet kan leiden tot een andere beslissing dan die van de voorzitter van het Regionaal Tuchtcollege.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2025:111 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7771

    (Kennelijk) ongegronde klacht van patiënte tegen dermatoloog. Klaagster is ontvankelijk in haar klacht als verweerster niet was betrokken bij de medische behandeling van klaagster. Patiënte verwijt verweerster dat zij bij een huidafwijking bij patiënte (1) geen/onjuiste diagnose heeft gesteld b) geen onderzoek heeft verricht en c) deze behandeling onjuist heeft gedeclareerd. De klachtonderdelen a) en b) zijn kennelijk ongegrond omdat verweerster niet was betrokken bij de medische behandeling. Klachtonderdeel c) is kennelijk ongegrond ondanks een onjuiste registratie in de factuur van de behandeling.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2025:138 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-578/DB/OB

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij. Verweerder heeft een stelbrief verstuurd aan het e-mailadres van klagers tandartsenpraktijk en niet zijn persoonlijke e-mailadres. Daarin wordt geen tuchtrechtelijk verwijt gezien. Voor zover wordt geklaagd over een schending van de AVG en het veroorzaken van een datalek, is de Autoriteit Persoonsgegevens bevoegd om daarop toezicht te houden. Verweerder mocht verder uitstel vragen in de procedure bij de rechtbank. De door verweerder ingenomen stellingen zijn niet evident onpleitbaar of onnodig grievend. Onbevoegdverklaring van de raad voor zover wordt geklaagd over een schending van de AVG. Klacht voor het overige kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2025:219 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-561/AL/GLD

    voorzittersbeslissing. Niet concreet onderbouwde klacht over deken kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2025:230 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2024/7837

    Deels gegronde klacht tegen een psychiater. De psychiater heeft relatie- en cognitieve gedragstherapie verleend aan klaagster. Klaagster verwijt de psychiater dat hij aan de (ex-)partner en de buurvrouw het advies heeft gegeven om de huisarts te bellen. Ook verwijt zij hem dat hij een diagnose heeft gesteld die nooit met haar is gedeeld en waarvoor hij geen behandelplan heeft opgesteld. Bij gebreke van deugdelijke verslaglegging kan niet kan worden vastgesteld dat de psychiater de door hem gestelde diagnose en de daaraan verbonden gevolgen en risico’s met klaagster heeft besproken. Overige klachtonderdelen ongegrond. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2025:231 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2024/7838

    Deels gegronde klacht tegen een psychotherapeut. De psychotherapeut heeft relatie- en cognitieve gedragstherapie verleend aan klaagster. Klaagster verwijt de psychotherapeut dat hij aan de (ex-)partner en de buurvrouw het advies heeft gegeven om de huisarts te bellen. Ook verwijt zij hem dat hij een diagnose heeft gesteld die nooit met haar is gedeeld en waarvoor hij geen behandelplan heeft opgesteld. Bij gebreke van deugdelijke verslaglegging kan niet kan worden vastgesteld dat de psychotherapeut de door hem gestelde diagnose en de daaraan verbonden gevolgen en risico’s met klaagster heeft besproken. Overige klachtonderdelen ongegrond. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TNORSHE:2025:15 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/12

    Klagers 1 en 2 verwijten de notaris dat hij tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld omdat hij:1. een kwalitatieve verplichting in een splitsingsakte heeft opgenomen die in strijd is met artikel 6:252 lid 1 BW;2. deze verplichting vervolgens niet heeft opgenomen in de door hem verleden leveringsaktes. Klager 2 wordt niet ontvankelijk verklaard in de klacht, omdat hij deze niet tijdig heeft ingediend. De klacht van klager 1 wordt ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2025:232 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2024/7939

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een revalidatiearts. Klager doorliep na een zwaar ongeval een revalidatietraject. Klager heeft met de revalidatiearts gesproken om te beoordelen of pijnrevalidatie geïndiceerd zou zijn. De revalidatiearts heeft de tijd genomen om met klager in gesprek te gaan en uitgelegd waarom pijnrevalidatie niet goed mogelijk was. Dat dit niet de gewenste uitkomst voor klager was, is begrijpelijk, maar maakt niet dat de revalidatiearts klager niet serieus zou hebben genomen. Dat er geen lichamelijk onderzoek heeft plaatsgevonden tijdens het consult is begrijpelijk gezien de informatie die al beschikbaar was vanuit het voorgaande revalidatietraject. Klacht kennelijk ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TNORSHE:2025:16 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/05 en 06

    Klager is bij arrest veroordeeld om mee te werken aan de doorhaling van het/de ten behoeve van klaagster gevestigde hypotheekrecht(en). De toegevoegd notaris en de notaris hebben werkzaamheden verricht ten behoeve van de doorhaling. Klagers verwijten de notarissen dat zij daarbij hebben gehandeld in strijd met diverse op hen rustende plichten. De klachten worden ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TACAKN:2025:64 Accountantskamer Zwolle 25/1778 Wtra AK

    Voorzittersbeslissing, de klacht is kennelijk ongegrond. De voorzitter is van oordeel dat sprake is van een klacht over nagenoeg dezelfde feiten als waarover de Accountantskamer al eerder heeft geoordeeld, dat de tuchtklacht niet los kan worden gezien van het verdiepte geschil tussen klager en een derde en dat de argumenten die klager brengen tot zijn standpunt dat sprake is van nieuwe feiten en omstandigheden te licht zijn om gewicht in de schaal te leggen. De betrokken accountant handelt niet verwijtbaar met zijn beroep om de klacht vereenvoudigd af te doen met een voorzittersbeslissing.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2025:233 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8069

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een revalidatiearts. De destijds 5-jarige dochter (patiënte) van klaagster was opgenomen in het revalidatiecentrum waar verweerster werkzaam is. Klaagster verwijt de revalidatiearts onder meer dat zij niet heeft meegewerkt aan de wens van de ouders van patiënte om patiënte weer terug te laten keren naar regulier onderwijs. Het college stelt vast dat de revalidatiearts de tijd heeft willen nemen om aan klaagster uit te leggen waarom het niet goed was om met de revalidatie te stoppen. Door dit verloop heeft het verkrijgen van toestemming voor de overdracht naar de school wellicht vertraging opgelopen, dit kan de revalidatiearts niet worden verweten. Overige klachtonderdelen ook kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2025:216 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-551/AL/GLD

    voorzittersbeslissing over advocaat wederpartij. Verweerder heeft als overnemend advocaat abusievelijk een onvolledig procesdossier eerste aanleg bij het gerechtshof gefourneerd. Hij mocht erop vertrouwen dat dat procesdossier van zijn cliënten in orde was. Na de ontdekking van de vergissing heeft verweerder dat meteen rechtgezet. Als partijdige belangenbehartiger mocht verweerder de standpunten en feiten namens zijn cliënten innemen zoals gedaan. Ook mocht verweerder zich ervan vergewissen, ook na de e-mail van klager, of de advocaat van klager hem nog altijd bijstond. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2025:234 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2024/7955

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een psychiater. De psychiater, destijds werkzaam als AIOS, heeft samen met een behandelteam een huisbezoek afgelegd, naar aanleiding van een melding van de vader van klager. Klager verwijt de AIOS zijn huis te zijn binnengedrongen, zonder toestemming, zonder contact vooraf en zonder aankondiging. Het college oordeelt dat er geen sprake is van een forceerde toegang. Gebrek aan voorafgaand contact kan de AIOS niet worden verweten, zij heeft voorts adequaat gereageerd op de situatie en de ontwikkelingen tijdens het korte huisbezoek. Overige klachtonderdelen ook kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2025:137 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-568/DB/ZWB

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in alle onderdelen kennelijk ongegrond. Het was de taak van verweerster om de belangen van haar cliënt te behartigen en in dat verband in de procedure die standpunten naar voren te brengen en die stukken in het geding te brengen waarmee naar haar oordeel de belangen van haar cliënt het beste werden gediend. Dat verweerster daarbij misbruik van procesrecht heeft gemaakt of anderszins de belangen van klager nodeloos heeft geschaad, is de voorzitter niet gebleken. Dat verweerster feiten heeft gesteld waarvan zij de onwaarheid kende of behoorde te kennen is de voorzitter evenmin gebleken.

  • ECLI:NL:TADRARL:2025:217 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-553/AL/GLD

    voorzittersbeslissing. Het staat een advocaat vrij om een zaak te weigeren, zoals verweerder heeft gedaan. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2025:235 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2024/7956

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een huisarts die destijds werkzaam was als ANIOS. Klager is ontvankelijk. De ANIOS was niet betrokken bij de beslissing om een huisbezoek af te leggen en heeft geen medische of zorghandelingen verricht. Zij was net begonnen aan haar inwerkperiode en was mee om te observeren hoe een huisbezoek verloopt. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2025:218 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-554/AL/GLD

    voorzittersbeslissing. Klaagster is deels niet-ontvankelijk omdat zij buiten de wettelijke driejaarstermijn heeft geklaagd. Het stond verweerder vrij om geen nieuwe zaak van klaagster aan te nemen. In zoverre is de klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2025:236 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2024/7958

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een psychiater. Klager verwijt de psychiater onder meer dat zij verantwoordelijk is voor het zonder zijn toestemming binnentreden van een behandelteam. De psychiater heeft haar beslissing om een huisbezoek te laten plaatsvinden goed onderbouwd en gedocumenteerd en heeft de-escalerend gehandeld. De psychiater was niet aanwezig bij het huisbezoek, dus de klachtonderdelen die betrekking hebben op het huisbezoek zijn ook ongegrond. Klacht kennelijk ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2025:158 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2734 Verzet

    .

  • ECLI:NL:TNORSHE:2025:14 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/10

    Klager verwijt de notaris dat zij onzorgvuldig heeft gehandeld bij de afwikkeling van erflaters nalatenschap. De klacht wordt gedeeltelijk gegrond verklaard. De notaris heeft het proces van afwikkeling van erflaters nalatenschap namelijk onvoldoende bewaakt, onvoldoende gecommuniceerd en daarbij onvoldoende invulling gegeven aan haar regiefunctie. Ook heeft zij slordige en vermijdbare fouten gemaakt (zoals het aanschrijven van iemand die geen erfgenaam is en diegene erflaters nalatenschap laten aanvaarden). Daarmee heeft de notaris gehandeld in strijd met haar notariële zorgplicht. Aan de notaris wordt de maatregel van waarschuwing opgelegd.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:175 Raad van Discipline Amsterdam 25-564/A/A

    Voorzittersbeslissing; Kennelijk ongegronde klacht over de eigen advocaat; Niet gebleken is dat de verweersters dienstverlening ondermaats is geweest. Ook heeft verweerster zich zorgvuldig aan de zaak onttrokken door eerst met de deken te overleggen en daarnaast uitstel van de zitting te vragen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2025:159 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2835 Verzet

    .