Zoekresultaten 1251-1300 van de 47613 resultaten

  • ECLI:NL:TGDKG:2025:132 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/759953 / DW RK 24/403 EV/RH

    Gebleken is dat er bij de registratie van de huwelijkse voorwaarden een fout is gemaakt; de registratie heeft niet plaatsgevonden op achternaam maar op voornaam. Deze fout kan de gerechtsdeurwaarder niet worden toegerekend. Naar het oordeel van de kamer kan de gerechtsdeurwaarder niet worden verweten dat hij beslag heeft gelegd op goederen van de echtgenote van klager.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2026:8 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2815

    De echtgenoot van klaagster (hierna ook: patiënt) is overleden aan de gevolgen van een aortadissectie. Klaagster verwijt de huisarts, samengevat, dat hij onvoldoende zorg heeft verleend en onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de klachten van patiënt en heeft vastgehouden aan een diagnose zonder medische onderbouwing. Ook verwijt klaagster de huisarts dat hij na het overlijden van haar echtgenoot geen calamiteitenmelding heeft gedaan. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verklaart de klacht dat de huisarts geen calamiteitenmelding heeft gedaan alsnog gegrond, maar legt de huisarts geen maatregel op.

  • ECLI:NL:TGDKG:2026:2 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/763888 / DW RK 25/37 EdV/WdJ

    De gerechtsdeurwaarder heeft de verschillen in de hoogte van de vordering onvoldoende onderbouwd en is niet inhoudelijk ingegaan op de bezwaren van klaagster. Klacht gegrond, maatregel van berisping opgelegd en veroordeling in de proceskosten.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2026:5 Raad van Discipline Amsterdam 25-813/A/A

    Voorzittersbeslissing; betreft een klacht over de advocaat wederpartij. Klaagster heeft geen rechtstreeks belang bij de verwijten dat verweerster klakkeloos standpunten van haar cliënte overneemt een daarmee niet onafhankelijk van haar cliënte optreedt, haar zorgvuldigheidsplicht schendt door een onvoldoende analyse te geven en haar cliënte onjuist juridisch advies geeft. Deze verwijten hebben betrekking op verweersters bijstand aan haar cliënte. Als wederpartij heeft klaagster geen bemoeienis met die bijstand en wordt zij hierdoor niet rechtstreeks in haar belangen getroffen. In zoverre is de klacht kennelijk niet-ontvankelijk. Voor zover verweerster wordt verweten tegenstrijdige uitspraken te doen en daarmee haar waarheidsplicht te schenden, vertragend te werk te gaan en ontwijkend gedrag te vertonen, treffen deze verwijten ook geen doel. De klacht is voor het overige kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2026:8 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7370

    Klacht tegen huisarts gedeeltelijk gegrond. Waarschuwing. Klagers zijn patiënten van de huisarts. Zij verwijten haar onder meer dat zij ten onrechte heeft geweigerd om verzoeken tot selectieve vernietiging te honoreren en onzorgvuldige en onrechtmatige gegevensverwerking. Klager is in een aantal klachtonderdelen niet-ontvankelijk. Het oorspronkelijke verzoek van klaagster tot selectieve vernietiging was overzichtelijk en concreet. Van de huisarts kon redelijkerwijs worden gevergd hieraan gevolg te geven. Verschillende notities van de huisarts in het dossier van klaagster betreffen de visie van de huisarts op de gang van zaken rondom een consult en haar visie op de verzoeken tot vernietiging en correctie die daarna zijn gedaan. Deze gegevens en correspondentie horen niet thuis in het medisch dossier. Er bestond geen enkele noodzaak voor het maken van een notitie over de geestelijke gesteldheid van klaagster.

  • ECLI:NL:TGDKG:2025:133 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/768734 / DW RK 25/121 EV/RH

    Het is niet aan de kamer zelfstandig een inhoudelijke berekening te maken over de juistheid van de geinde bedragen. De kamer is daartoe niet bevoegd. Gebleken is dat de gerechtsdeurwaarder meerdere malen contact heeft opgenomen met het CJIB ten aanzien van het te innen bedrag en de standpunten van klager aan deze professionele executant heeft voorgelegd, maar dat partijen niet tot elkaar komen. Voor een gerechtsdeurwaarder is geen verdere rol weggelegd.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2026:9 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2024/2583

    Klacht tegen een dermatoloog. De dermatoloog heeft door middel van Mohs-chirurgie bij klager een basaalcelcarcinoom verwijderd. Klager heeft klachten over de informatie die hem is verstrekt over deze vorm van chirurgie, de wijze waarop deze is uitgevoerd en de nazorg. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht in al haar onderdelen ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2026:6 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-334/DB/ZWB 25-792/DB/ZWB

    Raadsbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in een familiezaak. Gevoegde behandeling van twee klachtzaken. De klachten zijn gedeeltelijk niet-ontvankelijk, gedeeltelijk gegrond en gedeeltelijk ongegrond. Verweerster heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door in het beroepschrift van 7 augustus 2024 onnodig grievende uitlatingen te doen. Dat verhoudt zich niet met de de-escalerende aanpak die van verweerster in een familierechtzaak mocht worden verwacht. Verweerster heeft met haar handelwijze de belangen van klager onnodig geschaad zonder redelijk doel. De raad heeft bij beslissing van 10 maart 2025 reeds aan verweerster een berisping opgelegd voor in het beroepschrift 6 mei 2024 opgenomen uitlatingen met een gelijke inhoud of strekking als de in de onderhavige klachtzaak als onnodig grievend beoordeelde uitlatingen in het beroepschrift van 7 augustus 2024. Indien in die vorige klachtprocedure, ook het in de onderhavige klachtprocedure gegrond bevonden tuchtrechtelijk verwijt aan de raad ter beoordeling was voorgelegd – wat goed mogelijk was nu het beroepschrift van 7 augustus 2024 dateert van voor de beslissing van de raad van 10 maart 2025 - zou dit in die klachtprocedure naar alle waarschijnlijkheid niet tot oplegging van een zwaardere maatregel hebben geleid. Om die reden ziet de raad in dezen af van het opleggen van een maatregel.

  • ECLI:NL:TGDKG:2026:3 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/752315 / DW RK 24/228 EdV/WdJ

    De gerechtsdeurwaarder heeft niet gereageerd op de e-mail van klager van 4 april 2024 met betrekking tot dossiernummer 1702691. Klager heeft het, gelet op de hoeveelheid identieke e-mailberichten die hij op 4 april 2024 aan de gerechtsdeurwaarder heeft verzonden, over zichzelf afgeroepen dat verwarring is ontstaan bij de gerechtsdeurwaarder waardoor niet op alle e-mailberichten van klager van die datum is gereageerd. De kamer volstaat met de constatering dat de klacht gegrond is.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2026:6 Raad van Discipline Amsterdam 25-809/A/A

    Voorzittersbeslissing; klacht over de eigen advocaat in alle onderdelen kennelijk ongegrond. Het declareren van een te hoog uurtarief levert geen tuchtrechtelijk verwijt op. Verweerder heeft dit na ontdekking direct gecorrigeerd. Ook was verweerder niet verplicht om een eindafrekening op te stellen. Wel is verweerder, zoals elke advocaat, gehouden zorgvuldig te handelen in financiële aangelegenheden en zijn honorarium in beginsel periodiek en deugdelijk gespecificeerd te declareren. Uit de onderliggende stukken volgt dat klager alle declaraties met specificaties heeft ontvangen en klager deze ook heeft voldaan.

  • ECLI:NL:TACAKN:2026:1 Accountantskamer Zwolle 25/1880 Wtra AK

    Ongegronde klacht. Volgens klaagster heeft betrokkene vertrouwelijke gegevens gedeeld met een derde partij. Maar betrokkene heeft dat gemotiveerd betwist. De Accountantskamer is van oordeel dat klaagster er niet in is geslaagd de verweten gedraging aannemelijk te maken.

  • ECLI:NL:TADRARL:2026:8 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-404/AL/MN

    Verweerder heeft klager bijgestaan in een letselschade procedure. In een aantal verwijten is door klager te laat geklaagd zodat klager deels niet-ontvankelijk wordt verklaard. Naar het oordeel van de raad heeft verweerder door zijn handelen de kernwaarde deskundigheid geschonden. De raad acht de handelwijze van verweerder ernstig laakbaar en ziet aanleiding om een onvoorwaardelijke schorsing in de praktijkuitoefening voor vier weken op te leggen om de volgende redenen. Verweerder heeft onvoldoende regie genomen en klager onvoldoende deskundig geadviseerd en bijgestaan in zijn geschil met ASR. Klager is door verweerder ook niet serieus genomen. Dit terwijl klager zich vanaf de start van de werkzaamheden in april 2021 en de jaren daarna geduldig en begripvol heeft getoond en hoopvol was over de deskundige bijstand van verweerder in een procedure. Voor zover die verwachtingen van klager niet realistisch waren, had het op de weg van verweerder gelegen om daarover duidelijk met klager te communiceren en gemaakte afspraken schriftelijk vast te leggen. Dat heeft verweerder echter onvoldoende gedaan. Ook gedane toezeggingen is verweerder zowel richting klager als richting ASR niet nagekomen. Daarbij komt dat verweerder ter zitting geen blijk heeft gegeven het onjuiste en tuchtrechtelijk verwijtbare van zijn handelwijze in te zien.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2026:7 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-685/DB/LI

    Raadsbeslissing. Klacht van derde gegrond. Het handelen van verweerder hangt zo nauw samen met verweerders beroepsuitoefening dat het advocatentuchtrecht in volle omvang van toepassing is. Verweerder had moeten begrijpen dat de wijze waarop hij klaagster heeft benaderd onbetamelijk is. De raad is van oordeel dat het verweer van verweerder, dat klaagster geen getuige was, moet worden gepasseerd. Immers, niet kon worden uitgesloten dat klaagster als getuige zou worden opgeroepen. Het op min of meer indringende wijze voorhouden van de consequenties die de reeds afgelegde verklaring en verdere bemoeienissen met de zaak voor klaagster zouden kunnen hebben is in strijd met de strekking van de hiervoor genoemde gedragsregels. Verweerder heeft door de wijze waarop hij klaagster heeft benaderd in strijd gehandeld met de kernwaarde integriteit. De raad heeft bij beslissing d.d. 13 oktober 2025 naar aanleiding van de door mevrouw H tegen hem ingediende klacht reeds aan verweerder een waarschuwing opgelegd. Indien in die klachtprocedure ook het in de onderhavige klachtprocedure gegrond bevonden tuchtrechtelijk verwijt aan de raad ter beoordeling was voorgelegd, zou dit in die klachtprocedure naar alle waarschijnlijkheid niet tot oplegging van een zwaardere maatregel hebben geleid. Om die reden ziet de raad in dezen af van het opleggen van een maatregel.

  • ECLI:NL:TAHVD:2026:5 Hof van Discipline 's Gravenhage 250029

    Klacht over eigen advocaat. Verweerder heeft samen met zijn kantoorgenoot klaagster bijgestaan in een huurgeschil. Klaagster is ontevreden over de wijze waarop verweerder haar heeft bijgestaan. Volgens klaagster is verweerder tekortgeschoten in zijn dienstverlening (waaronder onjuiste advisering en de juridische kwalificatie van het huurgeschil) en heeft hij niet conform de (al dan niet gegeven) opdracht gehandeld bij het instellen van hoger beroep. De raad heeft geoordeeld dat niet is gebleken van klachtwaardig handelen van verweerder en heeft de klacht in beide klachtonderdelen ongegrond verklaard. Het hof sluit zich bij dat oordeel van de raad aan. De klacht is ook in hoger beroep in beide klachtonderdelen ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2026:6 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-732/AL/NN

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de deken is kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2026:7 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8234

    Het college stelt voorop dat de gedwongen uitzetting van klager een heftige en ingrijpende gebeurtenis voor hem is geweest,. Het gebeurde heeft ook de verpleegkundige die als medisch escort betrokken was erg aangegrepen. De videobeelden van de uitzetting die door de gemachtigde van klager zijn gemaakt zijn veelvuldig gedeeld in (sociale) media waarbij de vraag is opgekomen hoe ver wij als samenleving willen gaan in het uitzetten van mensen en of het toezicht daarop goed is geregeld. Het college benadrukt dat het niet tot taak heeft om op die vragen een antwoord te geven. Het college is kritisch over de toelichting van de verpleegkundige over de conclusie dat klager voldoende zuurstof had omdat hij luid schreeuwde. Indien een patiënt aangeeft benauwd te zijn of zuurstof tekort te komen, moet dat voor een verpleegkundige aanleiding zijn om die klacht te onderzoeken, onder andere door de saturatie te meten. Naar het oordeel van het college kon de verpleegkundige niet volstaan met de inschatting dat het in orde was omdat klager in staat was om te schreeuwen. Op dat punt acht het college de door de verpleegkundige geboden zorg onvoldoende. Voor het overige wordt de klacht ongegrond verklaard en in één klachtonderdeel is klager niet-ontvankelijk. Het college volstaat met een gegrondverklaring zonder oplegging van een maatregel.

  • ECLI:NL:TADRARL:2026:7 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-694/AL/NN

    Voorzittersbeslissing. De voorzitter verklaart een klacht over de eigen advocaat deels niet-ontvankelijk en deels kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2025:226 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2812

    Ongegronde klacht tegen een psychiater. Klager kreeg door de psychiater het antipsychoticum paliperidon en het middel lorazepam voorgeschreven. Hij is niet tevreden over de manier waarop de psychiater deze medicatie heeft afgebouwd. Klager is het ook niet eens met de inhoud van de overdracht die de psychiater ten behoeve van zijn medisch dossier heeft geschreven. Zij noemt hierin delicten die klager stelt niet te hebben gepleegd. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.

  • ECLI:NL:TGDKG:2025:127 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/771797 / DW RK 25/228

    Beslissing op verzet. Verzet ongegrond. Het wegslepen van het voertuig van klager, nadat dit voertuig was opgespoord door een scanauto van een ander gerechtsdeurwaarderskantoor is niet tuchtrechtelijk laakbaar.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2025:227 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2910

    Niet-ontvankelijke klacht tegen een psychiater. Klager heeft kort na elkaar twee vrijwel gelijkluidende klachten tegen de psychiater ingediend. Hij heeft tegen de ongegrondverklaring van de eerste klacht beroep ingesteld en tegelijkertijd een tweede klacht ingediend. Het Regionaal Tuchtcollege heeft klager in de klacht kennelijk niet-ontvankelijk verklaard wegens misbruik van recht. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager tegen deze beslissing.

  • ECLI:NL:TGDKG:2025:128 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/757569 / DW RK 24/350 EV/RH

    Bij een ongeclausuleerde opdracht tot executie hoeft de gerechtsdeurwaarder niet te overleggen en heeft hij geen afzonderlijke opdracht nodig voor het leggen van beslag.De gerechtsdeurwaarder is door klager belast geweest met meerdere executiedossiers waarin kosten zijn gemaakt en een executieopbrengst is gerealiseerd. De opbrengst die aan klager toekwam, is door de gerechtsdeurwaarder verrekend met kosten in andere dossiers van dezelfde executant. Omdat alle dossiers betrekking hebben op dezelfde opdrachtgever/schuldeiser, is deze wijze van verrekening in overeenstemming met de geldende wet- en regelgeving.

  • ECLI:NL:TAHVD:2026:4 Hof van Discipline 's Gravenhage 250447

    Klachten over de deken worden niet verwezen. De klachten/verwijzingsverzoeken zijn prematuur. Het onderzoek van verweerder naar de onderliggende klacht van klaagster is nog bezig en bevindt zich in het stadium waarin de standpunten van partijen worden uitgewisseld. Naar het oordeel van het hof moet verweerder eerst in staat worden gesteld het onderzoek naar de onderliggende klacht af te ronden met een zogenoemde dekenvisie. Indien de onderliggende klacht in het traject bij verweerder uiteindelijk niet naar tevredenheid van klaagster wordt opgelost, kan klaagster de klacht, na betaling van het griffierecht, voorleggen aan de Raad van Discipline en laten beoordelen door de tuchtrechter.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2026:4 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2763 Herstelbeslissing

    De psychotherapeut was de regiebehandelaar van klager bij een GGZ-praktijk. Klagers eigen behandelaar kreeg een andere functie en stopte haar werkzaamheden bij de praktijk. Klager bleef contact met haar zoeken, ook nadat de voormalig behandelaar zei dat ze dat niet wilde en ook de psychotherapeut hem daarop had gewezen. Om die reden ging de praktijk over tot beëindiging van de behandelingsovereenkomst en verwees klager terug naar de huisarts. Klager is van mening dat de psychotherapeut geen dringende reden had voor de opzegging en dat hij geen verantwoordelijkheid heeft genomen voor de voortgang van de behandeling. Verder klaagt hij over schending van de geheimhoudingsplicht doordat de psychotherapeut zonder goede grond informatie over klager met collega’s en met de office-manager heeft gedeeld. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege is het eens met dit oordeel.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2026:6 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8422

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een verloskundige. De verloskundige heeft klaagster tijdig genoeg naar het ziekenhuis gestuurd voor de bevalling; klaagster had bovendien geen medische indicatie maar een plaatsindicatie. De verloskundige heeft de bevalling niet begeleid, maar heeft een waarnemer ingeschakeld. Deze werkwijze is zorgvuldig geweest, de verloskundige heeft klaagster hier van tevoren over geïnformeerd en er is een adequate overdracht geweest. Omdat verweerster niet bij de bevalling betrokken is geweest, zijn de klachtonderdelen over de bevalling ongegrond. Klacht kennelijk ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2026:1 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/7974

    Ongegronde klacht tegen gz-psycholoog. Klaagster verwijt verweerster, dat verweerster een andere versie heeft geschreven van het levensverhaal van klaagster en dat verweerster klaagster in deze weergave verwijten heeft gemaakt. Ook heeft verweerster volgens klaagster niet gereageerd op de e-mailberichten van klaagster en klaagster als een klein kind behandeld. College: de onhandige en pijnlijke weergave in de werkhypothese is niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Collega van verweerster en verweerster hebben gereageerd op de e-mailberichten van klaagster. Verschillende lezingen over communicatie.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2026:2 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8440

    Ongegronde klacht tegen psychotherapeut. Klaagster verwijt verweerster, dat verweerster een andere versie heeft geschreven van het levensverhaal van klaagster en dat verweerster klaagster in deze weergave verwijten heeft gemaakt. Ook heeft verweerster volgens klaagster niet gereageerd op de e-mailberichten van klaagster en klaagster als een klein kind behandeld. College: de onhandige en pijnlijke weergave in de werkhypothese is niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Collega van verweerster en verweerster hebben gereageerd op de e-mailberichten van klaagster. Verschillende lezingen over communicatie.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2026:3 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2762 Herstelbeslissing

    De gz-psycholoog was de regiebehandelaar van klager bij een GGZ-praktijk. Klagers eigen behandelaar kreeg een andere functie en stopte haar werkzaamheden bij de praktijk. Klager bleef contact met haar zoeken, ook nadat de voormalig behandelaar zei dat ze dat niet wilde en ook de gz-psycholoog hem daarop had gewezen. Om die reden ging de praktijk over tot beëindiging van de behandelingsovereenkomst en verwees klager terug naar de huisarts. Klager is van mening dat de gz-psycholoog geen dringende reden had voor de opzegging en dat hij geen verantwoordelijkheid heeft genomen voor de voortgang van de behandeling. Verder klaagt hij over schending van de geheimhoudingsplicht doordat de gz-psycholoog zonder goede grond informatie over klager met collega’s en met de office-manager heeft gedeeld. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege is het eens met dit oordeel.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2026:3 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7742

    Kennelijk ongegronde klacht tegen huisarts. De huisarts wordt verweten dat zij ondanks het verzoek van klagers, geen obductie heeft laten verrichten op het lichaam van de vader van klagers. Geen indicatie voor obductie. Natuurlijk overlijden. Geen aanwijzingen voor erfelijke aandoeningen. Huisarts heeft klagers serieus genomen en haar besluit in meerdere gesprekken toegelicht. Huisarts heeft ook andere inspanningen verricht met betrekking tot het verzoek van klagers. Zorgvuldige handelwijze.

  • ECLI:NL:TADRARL:2026:2 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-562/AL/MN

    Raadsbeslissing. Verweerster heeft zonder toestemming van de wederpartij bij de rechtbank stukken in het geding gebracht waarvan zij had moeten begrijpen dat die onder de geheimhoudingsplicht van haar cliënt vielen, waaraan ook zij gebonden was. Daarbij weegt ook mee dat verweerster daar door de advocaat van de wederpartij op gewezen is en ook dat verweerster zelf MfN mediator is en uit dien hoofde de nodige terughoudendheid had te betrachten ten aanzien van tijdens het mediationtraject gemaakte afspraken. Berisping.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2026:3 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8420

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een arts. Klager is door de arts gekeurd in verband met de aanvraag van een gehandicaptenparkeerkaart (GPK). De arts heeft geoordeeld dat er sprake is van zwaarwegende sociaal-medische gronden voor het toekennen van een GPK en zij heeft haar sociaal-medisch advies aan de gemeente gezonden. Ongeveer een week later is het advies van de arts ingetrokken door de organisatie waarvoor de arts werkzaam is. Klager verwijt de arts dat zij a) hem niet de mogelijkheid heeft gegeven om gebruik te maken van het correctie/blokkeringsrecht en b) geen reden en onderbouwing heeft gegeven voor het intrekken van het advies.Het college komt tot het oordeel dat de klacht kennelijk ongegrond is.

  • ECLI:NL:TGDKG:2025:122 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/756127 / DW RK 24/316 HE/RH

    De gerechtsdeurwaarder heeft meegedeeld dat bij niet betaling het CJIB de politie opdracht kan geven tot gijzeling van klager en/of inbeslagname van klagers auto en rijbewijs. Deze maatregelen kunnen op grond van de Wet Administratiefrechtelijke Handhaving Verkeersvoorschriften worden genomen. De gerechtsdeurwaarder heeft niet tuchtrechtelijk laakbaar gehandeld door klager te wijzen op bovengenoemde maatregelen.

  • ECLI:NL:TADRARL:2026:3 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-599/AL/MN

    Raadsbeslissing. Een advocaat dient zijn cliënt op de hoogte dient te brengen van belangrijke informatie, feiten en afspraken. Ter voorkoming van misverstand, onzekerheid of geschil, dient hij belangrijke informatie en afspraken schriftelijk aan zijn cliënt te bevestigen. Een duidelijk plan van aanpak kan hierin al veel schelen en in deze zaak ontbrak dat. Verweerder heeft klaagster mede daardoor onvoldoende meegenomen in de te volgen strategie en te volgen route. Verder heeft verweerder klaagster eerst achteraf op de hoogte gebracht van belangrijke informatie. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2026:4 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8661

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een arts. Klager is door de arts gekeurd in verband met de aanvraag van een gehandicaptenparkeerkaart. De arts heeft geadviseerd tot afwijzing van de aanvraag. Klager verwijt de arts dat hij een onjuist sociaal-medisch advies heeft gegeven en dat hij heeft geweigerd om aan klager medische stukken te sturen. Het college komt tot het oordeel dat de klacht kennelijk ongegrond is.

  • ECLI:NL:TGDKG:2025:123 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/762250 / DW RK 25/4 HE/RH

    Klager heeft gesteld dat hij een maandelijks een specificatie van de openstaande schuld wenst te ontvangen. De gerechtsdeurwaarder is daartoe niet gehouden.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2026:2 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-645/DB/LI

    Raadsbeslissing. Klacht over de eigen advocaat over de kwaliteit van de dienstverlening ongegrond omdat niet is gebleken dat verweerder de met klager gemaakte afspraken niet is nagekomen, noch dat hij niet de benodigde stukken met de rechter gedeeld.

  • ECLI:NL:TADRARL:2026:4 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-610/AL/MN

    Raadsbeslissing. De raad rekent verweerster aan dat zij niet alleen de voorzieningenrechter van onjuiste informatie heeft voorzien, maar in haar verweer op de klacht ook de raad. Verweerster heeft weliswaar ter zitting verklaard zich teveel te hebben laten leiden door de situatie van haar cliënte en dat ze te gefocust was en het een vergissing is geweest, maar dat overtuigt de raad niet. Berisping.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2026:5 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8147

    Deels gegronde klacht tegen een verzekeringsarts. Klager is gediagnosticeerd met ME/CVS (myalgische encephalomyelitis/chronisch vermoeidheidssyndroom). Bij een herbeoordeling van zijn gezondheidstoestand door een (andere) verzekeringsarts van het UWV – hierna: de primaire verzekeringsarts – is die arts tot de conclusie gekomen dat klager per week vijf dagen van zeven uur kon werken. Tegen de mede op die conclusie gebaseerde beslissing van het UWV om klager geen WIA-uitkering toe te kennen, heeft klager bezwaar gemaakt. In bezwaar heeft verweerder de gezondheidstoestand van klager opnieuw beoordeeld per de zogenoemde data in geding. Hij heeft de conclusie van de primaire verzekeringsarts bevestigd. Klager is het niet eens met die conclusie en maakt de verzekeringsarts een groot aantal verwijten, die er onder andere op neerkomen dat hij onvoldoende zorgvuldig onderzoek heeft gedaan en op grond van de beschikbare informatie in redelijkheid niet tot zijn conclusie heeft kunnen komen.Het college komt tot het oordeel dat de klacht gedeeltelijk gegrond is en legt de verzekeringsarts een waarschuwing op.

  • ECLI:NL:TGDKG:2025:124 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/763908 / DW RK 25/38 HE/RH

    De gerechtsdeurwaarder heeft berichten van schuldhulp verkeerd gelezen en daardoor niet beantwoord. In diezelfde periode zijn er ook berichten van klaagster ontvangen. De gerechtsdeurwaarder had met deze berichten de fout kunnen ontdekken, maar dat is niet gebeurd. Vervolgens is er beslag gelegd. Hoewel de gerechtsdeurwaarder verklaart dat dit beslag ook gelegd zou zijn als de berichten zouden zijn gelezen, past dit de gerechtsdeurwaarder niet en doet dit handelen richting klaagster en de schuldhulpverlener afbreuk aan het aanzien van het ambt. Maatregel van berisping opgelegd.

  • ECLI:NL:TNORSHE:2025:22 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/14

    De notaris heeft van een beslaglegger opdracht gekregen om het pand van klager te executeren (veilen). Op de dag dat het pand in eigendom is overgegaan naar de veilingkoper heeft dezelfde beslaglegger executoriaal derdenbeslag gelegd onder (het kantoor van) de notaris op de aan klager toekomende veilingopbrengst van het pand. Klager maakt de notaris in deze tuchtprocedure drie verwijten, namelijk 1. het tegen klagers wil uitbetalen van de veilingopbrengst aan de deurwaarder, 2. de niet adequate en/of niet tijdige informatieverstrekking en het traineren van de afwikkeling van het derdenbeslag en 3. de onheuse wijze waarop hij klager op 19 maart 2025 heeft behandeld. De kamer heeft de klacht ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2026:3 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-568/DB/ZWB

    Verzet. De voorzitter heeft bij de beoordeling van de klacht de juiste maatstaf toegepast en voorts rekening gehouden met alle relevante feiten en omstandigheden van het geval. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2026:5 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-631/AL/OV

    Raadsbeslissing. De raad is van oordeel dat verweerder onvoldoende duidelijk is geweest over de door hem in rekening te brengen kosten en ook niet adequaat heeft gereageerd op de duidelijke signalen van klager dat de oplopende kosten een probleem zouden gaan worden. Nadien heeft verweerder zelfs nog ruim € 11.000 in rekening gebracht, terwijl verweerder eerder zelf had aangegeven dat normaal gesproken de meeste kosten wel gemaakt zouden zijn. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGDKG:2025:125 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/763581 / DW RK 25/31 HE/RH

    Gebleken is dat klaagster de vordering via Klarna zou voldoen. Klarna heeft niet betaald aan de schuldeiser. Het is en blijft echter de verantwoordelijkheid van klaagster dat de vordering van de schuldeiser wordt voldaan. De gerechtsdeurwaarder heeft op verzoek van de schuldeiser klaagster een aanmaning verstuurd om de vordering te voldoen. De gerechtsdeurwaarder mocht dit doen, want de vordering was immers niet betaald. Het geschil dat klaagster heeft is derhalve met Klarna. Niet gebleken is dus dat de gerechtsdeurwaarder tuchtrechtelijk laakbaar heeft gehandeld door de klaagster een aanmaning te versturen.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2026:4 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-541/DB/LI

    Raadsbeslissing. Klacht over handelen in strijd met gedragsregel 15. Tegen verweerders optreden heeft klager bezwaren geuit en klagers bezwaren zijn ook redelijk. Vast staat dat er sprake is van een familierelatie tussen verweerder en de accountant, dat het advocatenkantoor en het accountantskantoor in hetzelfde pand zijn gevestigd en dat er sprake is van een doorlopende opdracht op grond waarvan verweerders kantoor juridisch advies en / of juridische bijstand verleend aan (klanten van) het accountantskantoor. Tevens staat als onweersproken vast dat verweerders broer heeft bemiddeld in het geschil tussen klager en de heer H, in welk verband zowel klager als de heer H gesprekken hebben gevoerd met verweerders broer, waarbij klager zijn standpunten over het geschil heeft kenbaar gemaakt aan verweerders broer. Vervolgens heeft inschakeling van verweerders kantoorgenoot mr. L plaatsgevonden in het kader van het geschil tussen klager en de heer H. Daarna is verweerder tegen klager geen optreden. De hiervoor genoemde feiten en omstandigheden, in onderlinge samenhang bezien, maken naar het oordeel van de raad dat aan de zijde van klager redelijke bezwaren bestaan tegen het optreden van verweerder voor de heer H tegen de aan klager gelieerde vennootschap. Er is daarom niet voldaan aan de in gedragsregel 15 lid 3 genoemde voorwaarde (c) terwijl ook niet is gebleken dat aan voorwaarde (b) is voldaan, zodat het verweerder niet vrij stond om op te treden tegen klager. Gegrond. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2026:1 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2762 Herstelbeslissing

    De gz-psycholoog was de regiebehandelaar van klager bij een GGZ-praktijk. Klagers eigen behandelaar kreeg een andere functie en stopte haar werkzaamheden bij de praktijk. Klager bleef contact met haar zoeken, ook nadat de voormalig behandelaar zei dat ze dat niet wilde en ook de gz-psycholoog hem daarop had gewezen. Om die reden ging de praktijk over tot beëindiging van de behandelingsovereenkomst en verwees klager terug naar de huisarts. Klager is van mening dat de gz-psycholoog geen dringende reden had voor de opzegging en dat hij geen verantwoordelijkheid heeft genomen voor de voortgang van de behandeling. Verder klaagt hij over schending van de geheimhoudingsplicht doordat de gz-psycholoog zonder goede grond informatie over klager met collega’s en met de office-manager heeft gedeeld. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege is het eens met dit oordeel.

  • ECLI:NL:TGDKG:2025:126 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/763932 / DW RK 25/40

    De gerechtsdeurwaarder heeft het dictum van het vonnis waarin duidelijk is opgenomen dat klager eerst aangeschreven moest worden ter zake van de betaling van de proceskosten, miskend. Nu klager tijdig na de aanschrijving daartoe de hoofdsom heeft voldaan, heeft klager voldaan aan het vonnis. Gelet op die tijdige betaling betekent dit dat het gelegde beslag ten onrechte is gelegd. Maatregel van berisping opgelegd.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2026:5 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-433/DB/OB

    Verzet. De raad is op grond van het verzetschrift van oordeel dat het verzet slaagt. De voorzitter heeft bij de beoordeling van de klacht weliswaar de juiste maatstaf toegepast, maar gezien de motivering van de beslissing heeft de voorzitter naar het oordeel van de raad onvoldoende rekening gehouden met de door klager naar voren gebrachte feiten, die slechts in zeer beperkte mate door verweerder zijn weersproken. Verzet gegrond. De raad vernietigt de beslissing van de voorzitter van 29 augustus 2025, bepaalt dat partijen worden opgeroepen voor de mondelinge behandeling van de klacht en houdt iedere verdere beslissing aan.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2026:1 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8699

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een arts. Klaagster is door de arts gekeurd in verband met de aanvraag van een gehandicaptenparkeerkaart. De arts heeft in zijn sociaal-medisch advies geschreven dat klaagster niet voldoet aan de medische criteria voor het toekennen van de kaart. Klaagster verwijt de arts dat zijn sociaal-medisch advies niet strookt met de regelgeving en niet voldoet aan de eisen van een medische rapportage. Ook verwijt zij de arts dat hij haar tijdens het spreekuur onheus heeft bejegend.Het college komt tot het oordeel dat klaagster voor een deel van de klacht kennelijk niet-ontvankelijk is en dat de klacht voor het overige kennelijk ongegrond is.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2026:2 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2763 Herstelbeslissing

    De psychotherapeut was de regiebehandelaar van klager bij een GGZ-praktijk. Klagers eigen behandelaar kreeg een andere functie en stopte haar werkzaamheden bij de praktijk. Klager bleef contact met haar zoeken, ook nadat de voormalig behandelaar zei dat ze dat niet wilde en ook de psychotherapeut hem daarop had gewezen. Om die reden ging de praktijk over tot beëindiging van de behandelingsovereenkomst en verwees klager terug naar de huisarts. Klager is van mening dat de psychotherapeut geen dringende reden had voor de opzegging en dat hij geen verantwoordelijkheid heeft genomen voor de voortgang van de behandeling. Verder klaagt hij over schending van de geheimhoudingsplicht doordat de psychotherapeut zonder goede grond informatie over klager met collega’s en met de office-manager heeft gedeeld. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege is het eens met dit oordeel.

  • ECLI:NL:TADRARL:2026:1 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-038/AL/GLD

    Raadsbeslissing. Niet is komen vast te staan dan verweerster niet (tijdig) communiceerde, de opdracht onzorgvuldig zou hebben uitgevoerd, de belangen van klaagster onvoldoende zou hebben behartigd of zich onnodig grievend zou hebben uitgelaten jegens klaagster. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2026:2 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8700

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een arts. Klaagster is door de arts gekeurd in verband met de aanvraag van een gehandicaptenparkeerkaart. De arts heeft in haar sociaal-medisch advies geschreven dat klaagster niet voldoet aan de medische criteria voor het toekennen van de kaart. Klaagster verwijt de arts haar sociaal-medisch advies niet strookt met de regelgeving en niet voldoet aan de eisen van een rapportage.Het college komt tot het oordeel dat klaagster voor een deel van de klacht kennelijk niet-ontvankelijk is en dat de klacht voor het overige kennelijk ongegrond is.