Zoekresultaten 45851-45900 van de 47441 resultaten

  • ECLI:NL:TNOKSGR:2010:YC0415 Kamer van toezicht 's-Gravenhage 09-27

    1. Uit de door klager van het gesprek gemaakte aantekeningen leidt de Kamer af, dat de notaris op 14 juli 2008 wel met klager over (het liquideren van) de effectenportefeuille heeft gesproken, zulks mede in verband met het voldoen van successierechten. In die aantekeningen staat immers onder meer: “Boedel contant maken” gevolgd door een pijl naar “successierechten”. Klachtonderdeel ongegrond. 2. Artikel 4:151 BW bepaalt, dat een executeur wiens bevoegdheid tot beheer van de nalatenschap is geëindigd, verplicht is aan degene die na hem tot het beheer bevoegd is, rekening en verantwoording af te leggen, op de wijze als voor bewindvoerders is bepaald. Gesteld noch gebleken is dat de notaris (en de beide andere executeurs) die rekening en verantwoording heeft afgelegd. Klachonderdeel gegrond, zonder maatregel.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2010:YG0171 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2009/161

    Klaagster verwijt de huisarts dat hij haar een verkeerde –de hoogste- dosering Metoprolol heeft voorgeschreven waardoor zij een gezondheidsrisico heeft gelopen. De huisarts heeft gemotiveerd verweer gevoerd. Het college heeft de klacht gegrond verklaard zonder dat aan de huisarts een maatregel werd opgelegd. Het college oordeelde dat de huisarts na de omissie zorgvuldig heeft gehandeld door onder meer klaagster direct te bezoeken, zijn excuses aan te bieden, het incident te bespreken met de apotheek en de casus (geanonimiseerd) in te brengen in een nascholingscursus voor huisartsopleiders.

  • ECLI:NL:TNOKSGR:2010:YC0413 Kamer van toezicht 's-Gravenhage 09-29

    De notaris had, gelet op hetgeen erflaatster tegenover hem heeft verklaard, geen reden om te twijfelen aan de verklaring van erflaatster dat alle zaken die zij wilde legateren onder haar bestuur waren, omdat deze zaken van haar kant in de huwelijkgemeenschap waren ingebracht. Dat deze mededelingen achteraf bezien wellicht onjuist bleken kan niet aan de notaris worden verweten. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2010:YA0394 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 5454

    Verweerder trad betalend op terwijl klager voor toevoeging in aanmerking kwam.Klager wekte indruk groepsactie namens mede belanghebbende te willen starten. Gegrond. Geen maatregel. Klacht over onvoldoende voortvarendheid. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2010:YA0400 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 5596

    Te laat ingesteld hoger beroep. Niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TAHVD:2010:YA0395 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 5547

    Verweerder had bij klaagster de indruk gewekt hoger beroep in te zullen stellen. Termijn niet veilig gesteld. Gegrond. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TAHVD:2010:YA0401 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 5619

    Beklag tegen verzet Raad van Toezicht tot inschrijving op tableau afgewezen. Klager had noch patroon, noch buitenpatroon. Gegronde wens dat verzoeker niet aan regelgeving zal voldoen.

  • ECLI:NL:TAHVD:2010:YA0396 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 5540

    Verwijt niet te hebben gewezen op proceskostenrisico en kansloze procedure te zijn begonnen. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2010:YA0402 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 5570

    Verweerder trad betalend op voor cliënt die voor toevoeging in aanmerking kwam, ging zonder akkoordverklaring een schikking aan, droeg gelden niet af, behartigde tegenstrijdige belangen. Gegrond. Onvoorwaardelijke schorsing 6 weken.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2010:YG0169 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 171/2008

    Klacht tegen verloskundige. Bij de thuisbevalling van klaagster, 18 jaar en à terme, constateert verweerster cortonen van 180, terugzakkend naar 150 à 160. Zij wijt dit aan het douchen van klaagster en blijft klaagster niet controleren. Na enige tijd blijken de cortonen plots zeer slecht (<60) te zijn. Verweerster besluit klaagster met spoed per ambulance over te laten brengen naar het ziekenhuis, zonder te onderzoeken of een natuurlijke bevalling mogelijk is. Het kindje komt dood ter wereld. Berisping.

  • ECLI:NL:TAHVD:2010:YA0397 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 5573

    Geen hoger beroep mogelijk tegen beslissing van de raad waarbij verzet tegen voorzittersbeslissing ongegrond wordt verklaard. Niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TAHVD:2010:YA0403 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 5554

    Verweerder correspondeerde met gemachtigde van wederpartij en meldde een voorgenomen verrekening door zijn cliënte niet in antwoord op vragen omtrent mogelijkheden van moment van betaling door cliënt van verweerder. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2010:YA0398 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 5524

    Beroep op nietigheid van de beslissing van de raad, waarvan beroep, omdat de beslissing niet door de voorzitter van de behandelend kamer ingetekend maar door een plaatsvervangend voorzitter die de uitspraak heeft gedaan. Beroep verworpen.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2010:YG0170 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 172/2008

    Klacht tegen verloskundige. Verweerster wordt gebeld door de maatschappelijk werkster die klaagster begeleidt. Na bespreking van de situatie van klaagster biedt verweerster aan bij het ziekenhuis te bespreken of het mogelijk is dat klaagster poliklinisch kan bevallen met de verloskundige maar daarna wel enkele dagen voor een zogenaamd klinisch kraambed zal worden opgenomen in het ziekenhuis. Verweerster bespreekt dit met de arts-assistent gynaecologie, bij wie klaagster vervolgens op consult komt. Inmiddels heeft de maatschappelijk werkster aangekondigd een AMK-melding te zullen doen. Hierdoor afgeschrikt besluit klaagster thuis te bevallen. Als er dan bij de bevalling problemen ontstaan, komt de baby te overlijden. Klacht, ondermeer over schending beroepsgeheim en verspreidng van smaad en laster, indirect de dood van het kindje tot gevolg hebben, ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TAHVD:2010:YA0392 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 5545

    Verweerder had bewust niet gereageerd op brieven en vragen van klager, de partner van klaagster.Klaagster was cliënte. Klager had voorschot voldaan. Verweerder had hem dienen te antwoorden. Gegrond. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TAHVD:2010:YA0399 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 5523

    Beroep op nietigheid van de beslissing van de raad, waarvan beroep, omdat de beslissing niet door de voorzitter van de behandelend kame is getekend, maar door een plaatsvervangend voorzitter die de uitspraak heeft gedaan. Beroep verworpen.

  • ECLI:NL:TAHVD:2010:YA0393 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 5536

    Advocaat meldde met gedeeltelijk geciteerde e-mails een gedraging van fiscalist (tevens wederpsrtij) aan FIOD. gegrond. Berisping.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2010:YG0160 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009/027

    Klacht tegen verpleegkundige. Klager ook in hoger beroep ontvankelijk in de klacht. De werkzaamheden van coördinator patiëntenservice bureau zodanig verweven met de professie van verpleegkundige, dat handelen valt onder tuchtrecht. Schending beroepsgeheim. Klacht ook in hoger beroep gegrond. Maatregel van waarschuwing bevestigd.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2010:YG0166 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2008 O 181

    Klager verwijt de orthopedisch chirurg dat hij de operatie onvoldoende heeft voorbereid en voorts dat hij ten onterechte heeft vastgehouden aan de in de status onjuist vermelde gegevens omtrent de operatie. De arts heeft verweer gevoerd en aangegeven dat waarschijnlijk een verkeerde invulling van de status heeft plaatsgevonden. Het College heeft de klacht gegrond geacht en hieraan toegevoegd dat de dossiervorming onvoldoende is geweest. Het College heeft de arts een waarschuwing opgelegd.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2010:YG0154 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009/040

    Klager is onder curatele van zijn zus gesteld. De klacht tegen de gezondheidszorg-psycholoog betreft met name haar rol in de informatieverstrekking rond deze onder curatele stelling. Het Regionaal Tuchtcollege is van oordeel dat de gz-psycholoog de juiste zorg heeft betracht, hulp heeft aangeboden bij het omgaan met de curatele en op deugdelijke wijze bemoeizorg heeft verleend. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht als kennelijk ongegrond afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege heeft het beroep van klager verworpen.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2010:YA0391 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch B 168-2009

    Verzet in zaak waarin wordt geklaagd over behoorlijke dienstverlening. Geen onzorgvuldige belangenafweging. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2010:YG0148 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009/015

    Partner van klaagster is overleden aan de gevolgen van een hersentumor. Klaagster klaagt erover dat de huisarts een onjuiste diagnose (vitale depressie) heeft gesteld. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht als kennelijk ongegrond afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege heeft het beroep van klaagster verworpen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2010:YG0161 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009/052

    Klager is na een epileptische aanval door de neuroloog behandeld op basis van de waarschijnlijkheidsdiagnose glioblastoom, gesteld door een collega-neuroloog (zaak 2009/053). Als klagers toestand snel achteruit gaat, adviseert de neuroloog een DNR-beleid. Na een second opinion op verzoek van klagers familie blijkt dat er sprake is van een hersenabces. Klager wordt geopereerd en behoorlijk herstel volgt. Klager verwijt de neuroloog onzorgvuldig handelen. Het Regionaal Tuchtcollege legt de neuroloog een waarschuwing op overwegende dat na de klinische achteruitgang van klager spoed beeldvorming obligaat was, omdat in de differentiaaldiagnose nog steeds een hersenabces stond vermeld. De neuroloog komt in beroep. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep overwegende dat zonder nadere diagnostische gegevens en beeldvormend onderzoek de heersende waarschijnlijkheidsdiagnose glioblastoom en - in het verlengde daarvan - de medische behandeling en het DNR-beleid, tussentijds niet konden worden getoetst of bijgesteld, terwijl de verslechterende situatie van klager daarom wel vroeg. Zie ook zaak 2009/053.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2010:YG0167 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2009 O 134

    Klager verwijt de arts dat hij onvoldoende onderzoek heeft verricht en daardoor tot een onjuiste conclusie is gekomen. Hierdoor is door de arts een onjuist advies afgegeven. Voorts verwijt klager de arts door hem onheus te zijn bejegend. De arts heeft gemotiveerd verweer gevoerd. Het College heeft de klacht in haar geheel in raadkamer afgewezen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2010:YG0155 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009/074

    Klaagster heeft een borstcorrectie laten uitvoeren door de plastische chirurg vanwege asymmetrie en tubereuze borsten. Na de operatie is er nog steeds sprake van een geringe asymmetrie en klaagster ondergaat een tweede operatie. Echter nu is er sprake van ontsierende littekens en “bottomming out” van de implantaten. Klaagster verwijt de arts dat hij in strijd heeft gehandeld met de zorg, medisch onjuist heeft gehandeld waardoor de borsten zijn ontsierd en tekort is geschoten in zijn informatieplicht. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege heeft het beroep van klaagster verworpen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2010:YG0149 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009/019

    Betreft informed consent. Een chirurg heeft bij klager de indicatie gesteld tot een spataderoperatie. Klager klaagt erover dat hij vervolgens door de arts-assistent heelkunde is geopereerd. Het Regionaal Tuchtcollege overweegt dat de arts-assistent er niet voor verantwoordelijk kan worden gehouden dat klager er niet tevoren van op de hoogte is gesteld dat hij door een ander dan de behandeld chirurg (2009/018) zou worden geopereerd, dat het niet ongebruikelijk of ongepast is dat een andere arts dan degene die de indicatie stelt, een operatie uitvoert, dat de arts-assistent bekwaam was en de operatie op acceptabele wijze heeft uitgevoerd. Het Centraal Tuchtcollege bevestigt deze beslissing en voegt daaraan toe dat het voor de arts-assistent niet in de rede lag klager toestemming te vragen voor de operatie, omdat de arts-assistent er vanuit mocht gaan dat klager in een eerder stadium van het behandeltraject door de behandelend chirurg was geïnformeerd over de mogelijkheid dat de ingreep door een andere arts zou worden uitgevoerd. Zie ook zaken 2009/018 en 2009/020.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2010:YG0162 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009/053

    Klager is na een epileptische aanval behandeld door de neuroloog. De neuroloog heeft de waarschijnlijkheidsdiagnose glioblastoom gesteld. De behandeling wordt later overgenomen door een collega-neuroloog (zaak 2009/052) die, als klagers toestand snel achteruit gaat, een DNR-beleid adviseert. Na een second opinion op verzoek van klagers familie blijkt dat er sprake is van een hersenabces. Klager wordt geopereerd en behoorlijk herstel volgt. Klager verwijt de neuroloog onzorgvuldig handelen. Het Regionaal wijst de klacht af. De neuroloog kan geen verwijt worden gemaakt ten aanzien van de door haar gestelde waarschijnlijkheidsdiagnose en er was geen noodzaak met spoed een neurochirurg in consult te vragen, noch gezien de gestelde waarschijnlijkheidsdiagnose, noch gezien de klinische toestand van klager tijdens de opname. Het Centraal Tuchtcollege bevestigt de beslissing van het Regionaal Tuchtcollege. Zie ook zaak 2009/052.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2010:YG0168 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2009 O 168

    Klager is niet ontvankelijk in de klacht, aangezien de arts klager niet als patiënt heeft behandeld.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2010:YG0156 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009/084

    Klager was gedetineerd met een TBS-maatregel en weigerde mee te werken aan een door de gz-psycholoog uit te voeren psychologisch onderzoek naar de noodzakelijkheid van de (verdere) verlenging van de TBS-maatregel, omdat klager alleen met een transculturele deskundige wilde praten. De gz-psycholoog heeft (toch) een Pro Justitia rapportage uitgebracht. Klagers klacht houdt in dat de door de gz-psycholoog uitgebrachte rapportage niet voldoet aan de daaraan te stellen eisen. Het Regionaal Tuchtcollege wijst de klacht af. Het Centraal Tuchtcollege oordeelt dat er sprake is van een gebrekkige verantwoording van de conclusie in de rapportage, nu daarin de neerslag van een gedegen beoordeling van de transculturele aspecten ontbreekt, terwijl daarvoor alle aanleiding was. Het Centraal Tuchtcollege legt de gz-psycholoog ter zake een waarschuwing op.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2010:YG0150 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009/020

    Betreft een klacht tegen een anesthesist. De klacht houdt in dat de anesthesist, zonder dat zij eerst klagers preoperatieve anesthesiegegevens had ingezien, er vanuit is gegaan dat klager voorafgaand aan zijn spataderoperatie een ruggenprik als verdoving zou krijgen. Het regionaal Tuchtcollege wijst de klacht af. Het Centraal Tuchtcollege oordeelt dat de anesthesist zich, alvorens met klager in gesprek te gaan, op de hoogte had moeten stellen van klagers anesthesiegegevens en had moeten onderzoeken welke anesthesieafspraken er reeds met klager waren gemaakt. Geen tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen, nu de anesthesist nadien adequaat heeft gehandeld door zelf een preoperatieve screening bij klager te verrichten, hetgeen ertoe heeft geleid dat klager die dag (toch) nog onder algehele narcose kon worden geopereerd. Zie ook zaken 2009/018 en 2009/019.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2010:YG0157 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009/116

    Klaagster verwijt de tandarts een onprofessionele behandeling te hebben verricht bij het plaatsen van een aantal implantaten in haar bovenkaak. Volgens klaagster heeft zij bij de tandarts herhaaldelijk klachten geuit over (een van) de implantaten, maar adviseerde hij deze te laten zitten. Het Regionaal Tuchtcollege oordeelt dat gelet op de staat van klaagsters kaak genoegen werd genomen met een insufficiënte situatie, welke op den duur tot klachten zou kunnen leiden. Dat verweerder deze oplossing heeft gekozen is tuchtrechtelijk niet verwijtbaar. Het Centraal Tuchtcollege bevestigt de beslissing van het Regionaal Tuchtcollege.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2010:YG0163 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2009 O 107

    Klagers verwijten de psychiater dat hij op meerdere punten nalatig is geweest. Zo heeft hij de suïcidale patiënte na opname niet zelf gezien en onderzocht en is hij niet tijdig ingegaan op een verzoek van de familie om een gesprek. De psychiater heeft verweer gevoerd en daarbij wel erkend dat hij zelf eerder contact had moeten opnemen met de familie. Het College heeft drie van de vijf klachtonderdelen gegrond geacht en de arts een waarschuwing opgelegd.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2010:YG0151 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009/037

    De gynaecoloog heeft haar onderzoeksbevindingen geduid als passend bij een vervroegde overgang (POF). Klaagster verwijt de arts dat ze een onjuiste diagnose heeft gesteld en de bejegening vernederend en onbeleefd was. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht deels gegrond geoordeeld en gesteld dat het op grond van twee laboratoriumtesten aannemen dat klaagster aan POF leed onvoldoende is. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de arts de maatregel van waarschuwing opgelegd. Het Centraal Tuchtcollege heeft het beroep van de arts gegrond bevonden en de bestreden beslissing vernietigd.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2010:YG0164 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2009 O 016a

    Klager verwijt de longarts onvoldoende alert te zijn geweest en de diagnose te hebben gemist. Voorts wordt de longarts verweten dat hij ten onrechte: heeft laten vermelden dat geen sprake was van kanker, patiënt heeft ontslagen wegens zijn vakantie, patiënt niet heeft doorverwezen naar een meer gespecialiseerd ziekenhuis en tot slot de mogelijkheid van autopsie niet is voorgelegd. De longarts heeft gemotiveerd verweer gevoerd. Het College heeft de klacht in haar geheel afgewezen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2010:YG0152 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009/038

    Klager is onder curatele van zijn zus gesteld. De klacht betreft met name de rol van de sociaal-psychiatrisch verpleegkundige in de informatieverstrekking rond deze curatele stelling. Het Regionaal Tuchtcollege is o.m. van oordeel dat de verpleegkundige niet tekortgeschoten is in het verlenen van zorg aan klager, hulp heeft geboden en op correcte wijze bemoeizorg heeft verleend. Het Regionaal Tuchtcollege heeft derhalve de klacht als kennelijk ongegrond afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege heeft het beroep van klager verworpen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2010:YG0146 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2008/272

    De klacht betreft de behandeling van klager door verweerster (gz-psycholoog en psychotherapeut) gedurende de periode dat hij in een TBS-inrichting verbleef. Klager heeft deelgenomen aan een zogenoemde intimiteittraining. Klager verwijt verweerster dat zij niet de juiste diagnose heeft gesteld en ook dat de intimiteittraining bij hem tot onherstelbare immateriële schade heeft geleid. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart klager in zijn klacht niet-ontvankelijk voor zover betrekking hebbend op zijn deelname aan de intimiteittraining en wijst de klacht voor het overige als ongegrond af. In hoger beroep is alleen verweersters handelen als gz-psycholoog aan de orde. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt klagers beroep op beide onderdelen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2010:YG0159 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2008/274

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2010:YG0165 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2009 O 016b

    Klager verwijt de internist dat hij onvoldoende onderzoek heeft verricht waardoor te laat de diagnose kanker is gesteld. Voorts wordt de internist verweten dat hij ten onrechte: eerder heeft verteld dat er geen sprake was van kanker, patiënt niet heeft doorverwezen naar een meer gespecialiseerd ziekenhuis en tot slot de mogelijkheid van autopsie niet is voorgelegd. De internist heeft gemotiveerd verweer gevoerd. Het College heeft de klacht in haar geheel afgewezen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2010:YG0153 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009/039

    Klager is onder curatele van zijn zus gesteld. De klacht betreft met name het feit dat de psychiater niet tegen de curatele stelling is opgetreden. Het Regionaal Tuchtcollege is van oordeel dat de arts de juiste zorg heeft betracht, hulp heeft geboden bij het omgaan met curatele en op deugdelijke wijze bemoeizorg heeft verleend. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege heeft het beroep van klager verworpen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2010:YG0147 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2008/325

    Klager verwijt de huisarts dat zij – anders dan haar voorgangster - weigert hem tavegilinjecties te geven in geval van een allergische reactie. Het Regionaal Tuchtcollege is van oordeel dat deze injecties alleen in noodgevallen moeten worden gegeven en heeft de klacht afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.

  • ECLI:NL:TNOKARN:2010:YC0412 Kamer van toezicht Arnhem 07.831/2009/913

    Klaagster verwijt de notaris bij de afwikkeling van de nalatenschap van haar moeder onbehoorlijk, onzorgvuldig en partijdig te hebben gehandeld. De Kamer acht de klachten ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2010:YG0141 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009/246

    De oorspronkelijk klager wordt niet ontvankelijk verklaard in beroep wegens het ontbreken van beroepsgronden in het beroepschrift.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2010:YG0135 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009/101

    Klacht tegen bedrijfsarts. Beroep wordt verworpen. Volgens Centraal Tuchtcollege kan de klacht dat de bedrijfsarts WAO papieren via een jobcoach heeft laten innemen bij gebrek aan een feitelijke grondslag niet slagen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2010:YG0142 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009/247

    De oorspronkelijk klager wordt niet ontvankelijk verklaard in beroep wegens het ontbreken van beroepsgronden in het beroepschrift.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2010:YG0136 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2008/264

    Klacht tegen arts-assistent psychiatrie over beleid binnen kliniek waar klager verblijft en over gestelde diagnose. Van het oordeel van het Regionaal Tuchtcollege dat klager niet kan worden ontvangen in de klacht over het beleid is geen beroep ingesteld. Het Centraal Tuchtcollege onderschrijft het oordeel van het Regionaal Tuchtcollege dat de klacht over de gestelde diagnose ongegrond is. Een verzoek om verder beeldvormend onderzoek te laten verrichten wordt afgewezen. Een dergelijk onderzoek kan geen meerwaarde hebben voor klagers klacht. Aan de hand van beeldvormend onderzoekkan uitgesloten noch bevestigd worden of iemand aan schizofrenie lijdt.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2010:YG0143 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009/161

    Beroep van beslissing waarbij klager in de klacht niet ontvankelijk wordt verklaard omdat de klacht kennelijk geen betrekking heeft op enig handelen als bedoeld in artikel 47, lid 1 van de Wet BIG, wordt verworpen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2010:YG0137 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009/265

    Klacht tegen niet BIG geregisterde persoon. Beroep van beslissing waarin de klaagster in de klacht niet-ontvankelijk wordt verklaard wordt verworpen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2010:YG0144 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009/175

    Klager verwijt internist: 1. dat onjuiste diagnose is gesteld en 2. dat de diagnose niet tijdig is bijgesteld. In eerste aanleg is klager in klachtonderdeel 1. niet-ontvankelijk verklaard en is klachtonderdeel 2. afgewezen. Klager komt alleen in beroep voorzover de klacht is afgewezen. Beroep wordt verworpen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2010:YG0138 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009/268

    Klacht tegen niet BIG geregisterde persoon. Beroep van beslissing waarin de klaagster in de klacht niet-ontvankelijk wordt verklaard wordt verworpen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2010:YG0145 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009/179

    Klager verwijt de plastisch chirurg dat de uitvoering van de neuscorrectie niet voldoet aan de vooraf door klager geuite wensen. Klager wilde een verlaging en verbreding van de neus terwijl volgens hem een versmalling het ongewenste resultaat is. Voorts heeft de neus een scheefstand naar links. Het Regionaal Tuchtcollege wijst de klacht als kennelijk ongegrond af. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.