Zoekresultaten 40851-40900 van de 48227 resultaten

  • ECLI:NL:TACAKN:2012:YH0274 Accountantskamer Zwolle 11/2273 Wtra AK

    Vergeefse klachten door schoonvader van cliënt van betrokkene. Onaannemelijk dat sprake is geweest van herfinanciering van privéschulden van zakenpartner van cliënt, terwijl ongegrond is de klacht over misleiding, intimidatie en bedreiging van cliënt en diens gezin door betrokkene

  • ECLI:NL:TADRAMS:2012:YA2865 Raad van Discipline Amsterdam 11-307A

    Klacht van wederpartij over schending door advocaat van contractuele geheimhoudingsclausule in een vaststellingsovereenkomst waarbij (naast deze wederpartij) de cliënt van de advocaat partij is. De advocaat is, hoewel geen contractspartij bij de overeenkomst, gehouden aan het geheimhoudingsbeding. In casu is door de advocaat echter geen relevante informatie onthuld die niet reeds bekend was bij de derde partij. Klacht daarom ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2012:YA2878 Raad van Discipline Amsterdam 12-135A

    Voorzittersbeslissing. Klacht tegen eigen advocaat. Beleidsvrijheid. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2012:YG2138 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2011/373

    Klaagster verwijt de BMA-arts, kort samengevat, dat hij –in het kader van artikel 64 Vw- een onzorgvuldig advies over haar heeft uitgebracht. De BMA-arts heeft de klacht gemotiveerd betwist. Waarschuwing

  • ECLI:NL:TADRAMS:2012:YA2872 Raad van Discipline Amsterdam 11-319A

    Klacht tegen eigen advocaat over verrichten werkzaamheden zonder dat daartoe een opdracht was gegeven en over het niet zorgvuldig onderzoeken of klager in aanmerking kwam voor een toevoeging. De door verweerder beweerdelijk gemaakte afspraken zijn nooit op schrift gesteld zodat de klacht op dit onderdeel gegrond is verklaard. Geen oplegging van maatregel omdat niet zonder meer van een vriendendienst kon worden uitgegaan. Niet is gebleken dat onderzoek advocaat naar mogelijkheden toevoeging onzorgvuldig was.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2012:YA2866 Raad van Discipline Amsterdam 11-298Alk

    Klacht van ex-cliënt over onder meer wijze en gronden waarop verweerder zijn werkzaamheden heeft neergelegd en diens weigering om bepaalde werkzaamheden (te weten verwerking van door klager aangeleverde financiële gegevens) te verrichten. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2012:YA2879 Raad van Discipline Amsterdam 12-156A

    Voorzittersbeslissing. Klacht tegen eigen advocaat. Niet is gebleken dat de advocaat zonder overleg en ten onrechte de behandeling van de zaak heeft gestaakt, dan wel ten onrechte de toevoeging ter declaratie zou hebben ingediend. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2012:YG2139 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2011-225

    Klacht van een werkgever: niet-ontvankelijk

  • ECLI:NL:TADRAMS:2012:YA2873 Raad van Discipline Amsterdam 11-323A

    Klacht van voormalig aandeelhouder van cliënt tegen advocaat van die cliënt. Verweerder heeft bij het opstellen van een lawyer’s letter voor zijn cliënt niet in strijd gehandeld met de van toepassing zijnde Richtlijn en niet is komen vast te staan dat hij de vereiste zorgvuldigheid niet heeft betracht. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2012:YA2867 Raad van Discipline Amsterdam 11-299A

    Klacht van ex-cliënt over ontijdige onttrekking, uitoefening retentierecht op dossier, overschrijding van een vooraf gegeven kostenraming en uitoefening van oneigenlijke pressie teneinde een betwiste declaratie betaald te krijgen. Alleen klacht over overschrijding kostenraming gegrond. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TACAKN:2012:YH0270 Accountantskamer Zwolle 11/2271 Wtra AK

    Vergeefse klacht tegen betrokkene nu deze niet met de verrichte werkzaamheden bemoeienis heeft gehad en overigens niet de klachtprocedure of de incassoprocedure tegen de cliënt voor zijn rekening heeft genomen.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2012:YA2874 Raad van Discipline Amsterdam 12-142A

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij in zaak over omgangsregeling kind. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2012:YG2140 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2011-179

    Klaagster verwijt de huisarts dat hij patiënt onvoldoende heeft begeleid gedurende zijn ziekbed, nooit duidelijk zijn mening over het uitvoeren van euthanasie kenbaar heeft gemaakt en op vakantie is gegaan zonder adequate dossieroverdracht, waardoor de weekendartsen niets konden ondernemen. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2012:YA2868 Raad van Discipline Amsterdam 12-069A

    Dekenbezwaar wegens niet reageren op verzoeken om een reactie op een klacht. Verweerder is kort na het eerste verzoek onverwacht in een ziekenhuis opgenomen en heeft sindsdien in verpleeg- en ziekenhuizen verbleven. Bezwaar ongegrond nu niet duidelijk is geworden waaruit verwijtbaarheid bestaat.

  • ECLI:NL:TACAKN:2012:YH0271 Accountantskamer Zwolle 11/2272 Wtra AK

    Vergeefse klachten door schoonvader van cliënt van betrokkene. Onaannemelijk dat sprake is geweest van herfinanciering van privéschulden van zakenpartner van cliënt, terwijl ongegrond is de klacht over misleiding, intimidatie en bedreiging van cliënt en diens gezin door betrokkene.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2012:YA2875 Raad van Discipline Amsterdam 12-137A + 12-138A

    Voorzittersbeslissing. Klacht over eigen advocaat. Kwaliteit dienstverlening. Klacht te laat ingediend. Kennelijk niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2012:YG2141 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2011-069a

    Klaagster verwijt de chirurg dat zij ongeveer vijf jaar een korset heeft gedragen en Oxycontin heeft geslikt zonder noodzaak hiertoe, naar achteraf is gebleken, en dat er destijds geen nabehandeling is geweest. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2012:YA2869 Raad van Discipline Amsterdam 11-328A

    Verzetzaak. Klacht van wederpartij over onnodig grievende uitlatingen over de afkomst van klaagster. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TACAKN:2012:YH0272 Accountantskamer Zwolle 11/2240 Wtra AK

    In een afgegeven concept van een samengestelde jaarrekening moet duidelijk de conceptstatus verwoord zijn; een samenstellingsverklaring mag daarin niet opgenomen zijn. De door het bestuur van de onderneming in casu gegeven informatie is onvoldoende kritisch beoordeeld en had niet zonder meer in de samengestelde jaarrekening mogen worden opgenomen, punten 13 en 14 NVCOS 4410 en art.A-110.2 VGC.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2794 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3680/11.82a

    Verweerder heeft met klager een honorariumafspraak gemaakt. In strijd met deze honorariumafspraak heeft verweerder een hoger uurtarief in rekening gebracht aan de wederpartij in verband met het betalen van de proceskosten van de advocaat in het kader van een schadevergoedingsovereenkomst. Het feit dat verweerder het hanteren van een hoger en daarmee afwijkend uurtarief dan dat van klager zoals dat in rekening wordt gebracht bij de wederpartij, niet schriftelijk heeft bevestigd, wordt tuchtrechtelijk verwijtbaar geoordeeld. Het deel van de klacht dat ziet op het niet ontvangen hebben van kopieën van de aan de wederpartij toegezonden declaraties en de daarbij behorende urenspecificaties is eveneens gegrond. Volgt maatregel van enkele waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2800 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3652/11.54

    Het door klager ingestelde verzet is niet-ontvankelijk, nu klager geen reden heeft aangevoerd voor een verschoonbare overschrijding van de wettelijke termijn van 14 dagen waarbinnen het rechtsmiddel dient te zijn aangewend.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2851 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3932/12.66

    De gedragsregel waarop klaagster zich beroept ziet niet op het gedrag van de clienten van advocaten. De klacht wordt op dit onderdeel kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. Voor zover klaagster meent dat verweerder zijn cliënte had moeten weerhouden een brief te sturen, is de klacht kennelijk ongegrond, nu niet is gebleken dat verweerder wist dat zijn cliënte klaagster rechtstreeks zou schrijven, laat staan dat hij zijn cliënte had geadviseerd zulks te doen. Klacht voor het overige van onvoldoende gewicht.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2832 Raad van Discipline 's-Gravenhage R.3758/11.160

    Klacht dat de advocaat onzorgvuldig heeft gehandeld door geen hoger beroep in te stellen tegen een beschikking van de rechtbank. Klager heeft eerst per fax verzocht verzet in te stellen tegen de rechtbankbeschikking. Enkele uren later dezelfde dag stuurde klager een fax aan de advocaat waarin hij bevestigt dat hij de advocaat had verzocht om hoger beroep in te stellen, zulks onder verwijzing naar een gevoerd telefoongesprek. De advocaat stelt de eerste fax wel te hebben ontvangen en betwist het telefoongesprek te hebben gevoerden de tweede fax te hebben ontvangen. De advocaat heeft wel enkele weken later een toevoeging aangevraagd terzake van hoger beroep tegen de rechtbankbeschikking. Er is geen hoger beroep ingesteld. De Raad gaat uit van een opdracht om hoger beroep in te stellen en stelt vast dat de advocaat heeft nagelaten hoger beroep in te stellen. Klacht gegrond. Maatregel: berisping.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2813 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3650/11.52

    De Raad is van oordeel dat verweerder ernstig tekort is geschoten in de zorg voor de belangen van klager. Verweerder heeft niet de zorgvuldigheid in acht genomen ten aanzien van klager, nadat hem duidelijk was dat hij bij de beharting van de belangen van zijn client een fout had gemaakt. Dit klachtenonderdeel is gegrond. De Raad kan niet vaststellen of verweerder klager niet op de hoogte heeft gehouden van de gang van zaken, nadat de Centrale Raad van Beroep het hoger beroep niet-ontvankelijk had verklaard. Dit klachtenonderdeel is ongegond. Maatregel: onvoorwaardelijke schorsing voor de duur van een week.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2864 Raad van Discipline 's-Gravenhage R.3906/12.40

    Onvoldoende medewerking verleend aan onderzoek deken en ingeschakelde derde(n). Niet nakomen bindend advies. Niet reageren op verzoeken aansprakelijkheidsverzekeraar. Oneigenlijk gebruik derdengeldenrekening. Bewuste benadeling schuldeisers cliënt. Klacht gegrond. Schorsing zes maanden waarvan drie voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2826 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3769/11.171

    Verweerder is niet duidelijk geweest in zijn communicatie met klagers.Het betaamt een advocaat niet een cliënt eerst kenbaar te maken dat hij hoger beroep zal instellen en dan achteraf, als hij de beroepstermijn heeft laten verlopen, aan een cliënt te berichten dat het hoger beroep geen zin zou hebben gehad. Verweerder had klagers tijdig moeten adviseren hoe naar zijn mening de kansen van klagers waren en dat ter voorkoming van misverstanden schriftelijk moeten vastleggen. In dat geval hadden klagers ook de gelegenheid gehad om desgewenst het oordeel van een andere advocaat te vragen. Verweerder is voorts terkort geschoten nu hij niet tijdig een beroepschrift heeft ingediend, terwijl klagers verder daar meerder malen op hebben gewezen. De klacht is gegrond. Maatregel: onvoorwaardelijke schorsing voor de duur van een week.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2807 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3528/10.158

    Klacht dat de advocaat zich, nadat arrest was bepaald, schriftelijk tot het gerechtshof heeft gewend zonder toestemming van de andere advocaat (gedragsregel 15). De advocaat heeft, nadat het hof bij pleidooi aan hem had gevraagd het procesdossier over te leggen in verband met het feit dat uitspraak werd bepaald, het procesdossier overgelegd, begeleid door een brief, waarin de advocaat ingaat op hetgeen over de processtukken met het hof zou zijn besproken. De advocaat heeft niet enkel processtukken aan het hof overgelegd, maar deze voorzien van eigen commentaar en is in zoverre inhoudelijk ingegaan op hetgeen bij het pleidooi was voorgevallen. Er is geen sprake van louter na-fourneren. Klacht gegrond. Enkele waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2858 Raad van Discipline 's-Gravenhage R.3796/11.198

    Verweerder heeft op zijn derdengeldenrekening gestorte bedragen ten behoeve van zijn cliënt (de saniet) , die toegelaten was tot de WSNP, doorgestort aan de saniet, althans op rekeningen gestort waar de saniet de beschikking over had. Verweerder heeft daarmee actief vermogen onttrokken aan het wettelijke beslag. De op de derdengeldenrekening ontvangen bedragen hadden aan de boedel moeten worden voldaan. Het enkele feit dat verweerder een bedrag ten behoeve van de schuldeisers heeft gereserveerd maakt de handelwijze van verweerder, die de raad aanmerkt als het niet handelen zoals een behoorlijk advocaat betaamt, niet minder tuchtrechtelijk verwijtbaar. Dit in aanmerking nemende is het doen van een voorstel aan schuldeisers om akkoord te gaan met betaling van een deel van de vordering eveneens tuchtrechtelijk aan verweerder te verwijten. De klacht is gegrond. Als maatregel wordt opgelegd een schorsing in de praktijkuitoefening van drie maanden, waarvan twee maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2839 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3644/11.46

    Op basis van de stukken kan niet worden vastgesteld dat de advocaat de zaak onvoldoende voortvarend heeft aangepakt en excessief heeft gedeclareerd. Deze klachtonderdelen zijn ongegrond. Wel kan worden vastgesteld dat de advocaat klager onvoldoende heeft geïnformeerd over de stand van zaken in het dossier en bepaalde gemaakte afspraken niet schriftelijk aan klager heeft bevestigd. De advocaat heeft ook erkend dat zij in het kader van de vereiste schriftelijke vastlegging jegens klager tekort is geschoten. Dit klachtonderdeel is gegrond. Maatregel: berisping.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2795 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3680/11.82b

    Verweerder heeft met klager een honorariumafspraak gemaakt. In strijd met deze honorariumafspraak heeft verweerder een hoger uurtarief in rekening gebracht aan de wederpartij in verband met het betalen van de proceskosten van de advocaat in het kader van een schadevergoedingsovereenkomst. Het feit dat verweerder het hanteren van een hoger en daarmee afwijkend uurtarief dan dat van klager zoals dat in rekening wordt gebracht bij de wederpartij, niet schriftelijk heeft bevestigd, wordt tuchtrechtelijk verwijtbaar geoordeeld. Het deel van de klacht dat ziet op het niet ontvangen hebben van kopieën van de aan de wederpartij toegezonden declaraties en de daarbij behorende urenspecificaties is eveneens gegrond. Volgt maatregel van enkele waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2820 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3764/11.148

    Verweerder heeft klaagster als zijn wederpartij in hoger beroep gedagvaard. Daarbij is een lange dagvaardingstermijn in acht genomen in verband met onderhandelingen. Na afbreken van de onderhandelingen brengt verweerder een exploot uit waarmee zijn cliënte (appellante) de zaak bij vervroeging bij het hof aanbrengt. Het exploot is rechtsgeldig, maar wordt door klaagster in verband met een verhuizing niet gezien. Het hof heeft de vervroeging toegestaan en de zaak bij vervroeging op de rol geplaatst. Aan klaagster is verstek verleend en het hof heeft circa 7 maanden later bij verstek arrest gewezen. Klacht dat verweerder in strijd met wet en gedragsregels de zaak bij vervroeging heeft opgebracht, dat verweerder heeft nagelaten klaagster en haar raadsman hierover in te lichten en dat hij zich heeft schuldig gemaakt aan misbruik van het procesrecht en klaagster heeft benadeeld. De plaatsvervangend voorzitter oordeelt dat niet gebleken is dat verweerder de hem toekomende vrijheid te buiten is gegaan dan wel zich niet heeft gedragen zoals een behoorlijk advocaat betaamt, ook waar het het vervroegen van de roldatum betreft. Verweerder was niet gehouden de raadsman van klaagster separaat over het oproepingsexploot te berichten. Van misbruik van procesrecht is niet gebleken. Klacht kennelijk ongegrond. Het verzet is niet ingesteld binnen de in artikel 46h Advocatenwet gestelde termijn Verzet niet-ontvankelijk

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2801 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3649/11.51

    Door klagers zijn in het verzet geen gronden aangevoerd anders dan een uitwerking en herhaling van de eerdere klacht en dit leidt niet tot een ander oordeel dan de (plaatsvervangend) voorzitter heeft gegeven. Voorts merkt de Raad ten overvloede op dat verweerder niet tuchtrechtelijk kan worden verweten dat hij – er niet mee bekend zijnde dat er geen vruchtgebruikersrekening was geopend – niet op de consequenties van het niet openen van een vruchtgebruikersrekening heeft gewezen.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2789 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3667/11.69

    Klacht van de wederpartij dat de advocaat in processtukken ten onrechte heeft aangegeven dat hij mede optreedt namens een aantal lastgevers en dat daardoor verweerder, de advocatuur en de rechterlijke macht schade lijden. De advocaat heeft, na de betwisting door klager, de lastgeving met stukken aangetoond. Hij heeft aldus aan zijn zorgvuldigheidsplicht voldaan. Voor het horen van getuigen, zoals door klager in het verzet verzocht, is geen grond. Klacht kennelijk ongegrond; verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2852 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3944/12.78

    Het is niet aan de tuchtrechter om de vraag te beantwoorden of een vonnis rechtsgeldig is betekend. Indien aangenomen moet worden dat het vonnis rechtsongeldig is betekend, impliceert dat geenszins dat verweerster daarin de hand heeft gehad dan wel dat zij tuchtrechtelijk verwijtbaar zou hebben gehandeld door de betreffende exploiten aan klagers te laten betekenen. Voor zover de klacht inhoudt dat verweerster het vonnis zou hebben vervalst, stelt de voorzitter vast dat ter zake door klagers geen bewijs is overgelegd. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2833 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3781/11.186

    Klacht dat de advocaat de rechtbank bij brief over het intrekken van een faillissementsverzoek heeft geïnformeerd, zonder klager (die advocaat is van de wederpartij) daarvan een kopie te zenden. Voorts dat de advocaat zich in een exploot, uitgebracht terzake van een vordering tegen klager, onheus over klager heeft uitgelaten. De advocaat heeft, daar hij niet met klager wenst te corresponderen, zijn procesadvocaat verzocht een kopie van de brief aan de rechtbank aan klager te zenden, hetgeen is gebeurd. In het aan klager uitgebrachte exploot heeft de advocaat onder meer opgenomen dat klager is voortgegaan met het op onrechtmatige wijze handelen voor zijn cliënt en dat de cliënt van de advocaat zal wachten met het overgaan tot dagvaarding nadat alle procedures die klager heeft gevoerd, zullen zijn beëindigd. De advocaat heeft gehandeld in strijd met de regel dat hij gehouden is, indien hij zich tot de rechter wendt, daarvan gelijktijdig een afschrift aan de advocaat van de wederpartij toe te zenden. Persoonlijke motieven om hiervan af te wijken worden niet gehonoreerd. Het laten toezenden van een kopie van de brief door de procesadvocaat is niet aan te merken als voldoening aan de gedragsregel. De advocaat heeft zich in het uitgebrachte exploot niet zodanig grievend of intimiderend over klager uitgelaten dat daarmee de grens van de hem toekomende vrijheid is overschreden. Het eerste klachtonderdeel gegrond. Geen maatregel. Tweede klachtonderdeel ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2814 Raad van Discipline 's-Gravenhage R.3774/11.176

    Klacht van de wederpartij en zijn advocaat dat verweerder tijdens een mondelinge behandeling van een kort geding zich meermalen heeft beroepen op een confraternele brief van verweerder aan de klagende advocaat, zonder voorafgaand overleg en zonder het inwinnen van dekenadvies; voorts dat verweerder tijdens het pleidooi is ingegaan op gevoerde schikkingsonderhandelingen; tenslotte dat verweerder zich per brief zonder toestemming van klager rechtstreeks met zijn cliënt in verbinding heeft gesteld. Door tijdens het pleidooi te verwijzen naar de confraternele brief heeft verweerder gehandeld in strijd met gedragsregel 12. In zoverre is de klacht gegrond. De verwijzing tijdens het pleidooi naar dezelfde brief onder de mededeling dat nog is voorgesteld in onderling overleg tot ontruimingsafspraken te komen maar dat daarop nooit een reactie is gevolgd, behelst geen mededeling omtrent de inhoud van schikkingsonderhandelingen. In zoverre is de klacht ongegrond. De brief die verweerder aan de cliënt van klager heeft gezonden bevat aanzeggingen met rechtsgevolg. Het feit dat verweerder zijn in die brief vervatte aanzeggingen heeft onderbouwd en met redenen omkleed maakt dat niet anders. Verweerder is gebleven binnen de vrijheid die hem toekomt in de belangenbehartiging voor zijn cliënte. In zoverre is de klacht ongegrond. Maatregel: gedeeltelijke gegrondverklaring zonder maatregel.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2846 Raad van Discipline 's-Gravenhage R.3675/11.77

    Klacht dat de advocaat zich tijdens een pleidooi heeft beroepen op contacten tussen hem de advocaat van de wederpartij (die samen met de wederpartij klaagt), waaronder een beroep op correspondentie tussen de advocaten. De advocaat is in de pleitnota inhoudelijk ingegaan op de tussen hem en de andere advocaat gevoerde correspondentie die voorafging aan de procedure. De advocaat heeft geen overleg met de klagende advocaat gevoerd, noch het advies van de deken ingewonnen. Een beroep van de advocaat op HvD 14 maart 2011, nummer 5808, wordt verworpen daar het in casu niet gaat om het voldoen aan het vereiste van artikel 111 lid 3 Rv. Klacht gegrond; enkele waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2827 Raad van Discipline 's-Gravenhage R.3810/11.212

    Verweerder is tekortgeschoten in de belangebehartiging van klaagster. Verweerder heeft zich onvoldoende ingespannen om in klaagsters zaak de leiding te nemen en te houden. Voorts heeft verweerder ten aanzien van de opdracht aan de deurwaarder niet de nauwgezetheid en de zorgvuldigheid aan de dag gelegd, die een advocaat in financiele aangelegenheden dient te betrachten. Klacht is gegrond. Maatregel: onvoorwaardelijke schorsing voor de duur van een week.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2808 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3927/12.61

    Voor zover de klacht inhoudt dat verweerster met het doorsturen van de klacht naar de Raad van Discipline onbetamelijk, onbehoorlijk en niet zuiver heeft gehandeld, omdat zij daarbij absoluut en moedwillig onzuivere argumenten heeft aangevoerd, is zde klacht kennelijk ongegrond. Niet kan worden gezegd dat verweerster bij het uitoefenen van haar functie in dit geval haar taak zodanig heeft verwaarloosd dat zij geacht moet worden zich schuldig te hebben gemaakt aan een handelen of nalaten dat een behoorlijk advocaat niet betaamt.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2859 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3647/11.49

    Verweerster heeft door zonder overleg met klager en tegen de met hem en zijn verhuurder gemaakte afspraak in, door haar ontvangen gelden overgemaakt naar de deurwaarder, terwijl zij niet voorafgaande aan het overmaken van het bedrag geïnformeerd heeft bij de deurwaarder om te controleren of diens mededeling juist was (dat het door haar ontvangen bedrag overgemaakt diende te worden aan deze deurwaarder), niet gehandeld zoals een behoorlijk advocaat betaamt. Aan verweerster wordt de maatregel van enkele waarschuwing opgelegd

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2796 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3912/12.46

    Niet is komen vast te staan dat verweerder ondanks diverse verzoeken van klaagster geen contact met haar heeft opgenomen. Op basis van de stukken kan ook niet worden vastgesteld dat verweerder enige onduidelijkheid heeft laten bestaan over de hoedanigheid waarin hij jegens klaagster heeft op getreden Voorzover klaagster meent dat verweerder haar een schadevergoeding zou moeten betalen, wordt vooropgesteld dat de tuchtrechter niet bevoegd is hierover te oordelen. Een dergelijke vordering kan alleen aanhangig worden gemaakt bij de civiele rechter. De klacht wordt als kennelijk ongegrond afgewezen.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2840 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3640/11.42

    Klager heeft gesteld dat de advocaat vanwege een tegenstrijdig belang tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Dit klachtonderdeel is niet aannemelijk gemaakt en derhalve ongegrond. Klager heeft voorts gesteld dat de advocaat hem bij aanvang van de zaak anders heeft geadviseerd, hetgeen bij gebreke van een schriftelijke bevestiging van de opdracht niet kan worden vastgesteld. Dit laatste komt voor rekening van de advocaat. Voorts heeft de advocaat nagelaten tijdig zijn standpunt, dat hij geen althans onvoldoende juridische mogelijkheden in de zaak zag, tijdig schriftelijk aan klager te bevestigen. Dit heeft de advocaat pas achteraf gedaan. Dit klachtonderdeel is gegrond. Maatregel: een enkele waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2802 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3639/11.41

    Op basis van de stukken kan niet worden vastgesteld dat verweerder klager onjuist heeft geadviseerd met betrekking tot het schikkingsaanbod. Dit klachtonderdeel is ongegrond. Gegrond zijn de klachtonderdelen die zien op het niet vastleggen van het door verweerder gehanteerde uurtarief en de verrekening van openstaande declaraties met ontvangen derdengelden. Nu verweerder deze gestelde afspraken niet heeft vastgelegd, komt dit nalaten voor rekening en risico van verweerder. Maatregel: een enkele waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2853 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3940/12.74

    Uit de stukken noch anderszins is gebleken dat verweerder de hem - in zijn hoedanigheid van de advocaat van de wederpartij - toekomende ruimte mate van vrijheid te buiten is gegaan dan wel zich in enig ander opzicht niet heeft gedragen zoals een behoorlijk advocaat betaamt. Het feit dat klager een andere visie over het voorval, betekent niet dat het verweerder niet vrij zou staan om de door zijn cliënte aangehangen visie over de feiten weer te geven. Door klager zijn geen omstandigheden gesteld die ertoe leiden dat verweerder niet op de informatie van zijn cliënte mocht afgaan. Verweerder kan niet verantwoordelijk worden gehouden voor het feit dat zijn cliënte de in de beschikking vastgestelde omgangsregeling niet nakomt. Klacht is kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2834 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3916/12.50

    De door verweerder - in zijn hoedanigheid van deken - genoemde beslissingen ex artikel 13 Advocatenwet staan ter beoordeling van het Hof van Discipline. De klacht wordt dan ook op dit punt niet-ontvankelijk verklaard. De stukken bieden geen enkel aanknopingspunt, waaruit kan blijken dat verweerder zich bij de vervulling van zijn taak als deken zodanig heeft misdragen, dat daardoor het vertrouwen van derden in de rechtshulp door de deken of het vertrouwen in de advocatuur in het algemeen wordt geschaad. Niet kan derhalve worden vastgesteld dat verweerder in strijd heeft gehandeld met hetgeen een behoorlijk advocaat betaamt. Dit klachtonderdeel is kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2815 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3797/11.199

    Klacht betreft handelen van verweerster als advocaat van klagers wederpartijen. Klagers zijn bij arrest van het gerechtshof veroordeeld tot betaling van een bepaald bedrag aan de cliënten van verweerster. Verweerster is overgegaan tot executie van het arrest. De klachten betreffen de hoedanigheid waarin verweerster is opgetreden, de vermelding in het exploot van betekening van een onjuist adres van een van de cliënten van verweerster, het hanteren van een onjuiste opgave van het te vorderen bedrag, het achterhouden van het actuele woonadres, het beslagleggen door de deurwaarder onder een derde, die geen partij in het geschil is, het achterhouden van essentiële informatie die onder de mededelingsplicht van verweerster vallen, het ten onrechte incasseren van nakosten, het handelen in strijd met de Boekhoudverordening in verband met het niet-vermelden van de derdengeldenrekening op het briefpapier en het opdracht geven door verweerster tot betekening van een niet ondertekend kort geding vonnis. Op grond van artikel 6 lid 2 van de Verordening op de administratie en de financiële integriteit is vermelding van een rekeningnummer van de Stichting Derdengelden geen verplichting. De klacht wordt in alle onderdelen als kennelijk ongegrond afgewezen. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2847 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3635/11.37

    Klacht dat de advocaat in haar hoedanigheid van klachtenfunctionaris van het advocatenkantoor in 2009 in het geheel niet en in 2010 niet binnen de door klaagster gestelde termijn inhoudelijk en schriftelijk heeft gereageerd op klachten tegen een kantoorgenoot. In 2009 is in overleg door de kantoorgenoot afgewikkeld, waarna deze de behandeling heeft voortgezet. Op de klacht uit 2010 heeft de advocaat binnen de gestelde termijn gereageerd en zij heeft klaagster voor een gesprek uitgenodigd (waarop klaagster niet is ingegaan). Er valt geen tuchtrechtelijk verwijt aan de advocaat te maken. Klacht kennelijk ongegrond. In het verzet oordeelt de Raad dat het functioneren van een advocaat als klachtenfunctionaris op een advocatenkantoor een activiteit is die voor advocaten behoort tot de gebruikelijke activiteiten bij de uitoefening van het advocatenberoep. Het optreden als klachtenfunctionaris is daardoor toetsbaar op grond van artikel 46 Advocatenwet. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2828 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3928/12.62

    Nu klager twee keer een zelfde klacht heeft ingediend, wordt klachtenonderdeel a kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. Klachtenonderdelen b en c zijn eveneens kennelijk niet-ontvankelijk, nu klager geen verschoonbare reden heeft aangevoerd waarom hij respectievelijk 12 en 10 jaar heeft gewacht om zijn klacht in te dienen.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2809 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3669/11.71c

    De Raad is van oordeel dat het verweerster door middel van de door haar gevolgde weg niet vrij stond de belangen van de beoogde curandi te behartigen en hen bij te staan door namens hen de beschermingsmaatregel(en) te verzoeken. Door dat toch te doen heeft verweerster de schijn gewekt, althans in ieder geval de schijn kunnen wekken, dat zij niet (zozeer) optrad voor de beoogde curandi, maar voor stichting M.. Klacht gegrond, zonder oplegging van een maatregel.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2012:YA2790 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3685/11.87

    Klacht behelst meerdere verwijten, waaronder dat de advocaat heeft verzuimd deugdelijk en schriftelijk over de aanpak en voortgang van de zaak te communiceren, dat de verstrekte declaraties onvoldoende gespecificeerd zijn, ook na uitdrukkelijk verzoek, en dat de belangenbehartiging niet naar behoren is geweest. De advocaat is tekort geschoten in zijn verplichting om belangrijke afspraken en feiten schriftelijk te bevestigen. Dit had behoren plaats te vinden zeker nu de advocaat in eerste aanleg en in hoger beroep zowel in de bodemzaak als in kort geding heeft geprocedeerd. Over de stand en het verloop van de procedure is voldoende gecommuniceerd. Het niet tijdig indienen van een memorie kan de advocaat in de gegeven omstandigheden niet worden verweten; hij heeft de nog over te leggen stukken bij schriftelijk pleidooi in het geding gebracht. Ook overigens niet gebleken dat de advocaat in de belangenbehartiging tekort is geschoten. De op verzoek van klagers verstrekte specificatie van de declaraties geeft onvoldoende inzicht in de opbouw van de declaraties. Klacht in onderdelen gegrond; enkele waarschuwing.