Zoekresultaten 51-100 van de 47844 resultaten
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:161 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8571
- Datum publicatie: 03-07-2026
- Datum uitspraak: 03-07-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:161
Gegronde klacht tegen een psychiater. Volgens klager heeft de psychiater onzorgvuldig gehandeld omdat zij, door het eenzijdig en onverwacht beëindigen van de behandeling van klager, diens belangen in ernstige mate heeft geschonden. Het college is van oordeel dat de psychiater, zoals zij zelf ook heeft erkend, de beëindiging van de behandelrelatie met klager onvoldoende zorgvuldig heeft gedaan. De psychiater is tuchtrechtelijk verwijtbaar tekortgeschoten door onaangekondigd en abrupt mee te delen dat zij de behandeling beëindigde, zonder te hebben zorggedragen voor een opvolging van de behandeling, voor overbruggingszorg, voor een overdracht naar de huisarts dan wel voor enige nazorg. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:144 Raad van Discipline Amsterdam 26-371/A/A
- Datum publicatie: 03-07-2026
- Datum uitspraak: 29-06-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:144
Voorzittersbeslissing; kennelijk ongegronde klacht over de advocaat wederpartij in een familierechtzaak. Verweerder is in zijn bijstand aan de ex-partner van klager ruimschoots binnen de grenzen van het betamelijke gebleven
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:138 Raad van Discipline Amsterdam 26-403/A/A
- Datum publicatie: 03-07-2026
- Datum uitspraak: 29-06-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:138
Voorzittersbeslissing; klacht over de advocaat wederpartij treft geen doel. Er is geen sprake van intimiderende of ongepaste uitlatingen.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:201 Hof van Discipline 's Gravenhage 260103
- Datum publicatie: 03-07-2026
- Datum uitspraak: 03-07-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:201
Beklag art 13 Advocatenwet ongegrond. Onvoldoende kans van slagen. De door klager aan de deken te verstrekken gegevens moeten ten minste een begin van bewijs voor zijn stellingen vormen om in aanmerking te komen voor aanwijzing van een advocaat. In deze zaak zijn in het dossier onvoldoende aanknopingspunten te vinden voor een redelijke kans van slagen van de door klager gewenste procedure.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:145 Raad van Discipline Amsterdam 26-424/A/NH
- Datum publicatie: 03-07-2026
- Datum uitspraak: 29-06-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:145
Voorzittersbeslissing; klacht kennelijk niet-ontvankelijk vanwege het ontbreken van een rechtstreeks eigen belang. Dat verweerder zijn neef adviseert betreft een aangelegenheid tussen verweerder en zijn neef, waar klaagster als wederpartij buiten staat.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:139 Raad van Discipline Amsterdam 25-911/A/A
- Datum publicatie: 03-07-2026
- Datum uitspraak: 29-06-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:139
Raadsbeslissing; verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:202 Hof van Discipline 's Gravenhage 260110
- Datum publicatie: 03-07-2026
- Datum uitspraak: 03-07-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:202
Beklag art 13 Advocatenwet ongegrond. Al tweemaal eerder een advocaat aangewezen voor procedures in het kader van hetzelfde feitencomplex. Onvoldoende kans van slagen van de thans door klager gewenste procedure.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:157 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8432
- Datum publicatie: 03-07-2026
- Datum uitspraak: 03-07-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:157
Kennelijk ongegronde klacht tegen een gz-psycholoog. Klager is in behandeling geweest bij een GGZ-instelling waar verweerster werkzaam is (mede) als algemeen directeur. Volgens klager is door de behandelaars van de GGZ-instelling onzorgvuldig gehandeld door het eenzijdig en onverwacht beëindigen van de behandeling van klager. Omdat de algemeen directeur daarvoor de eindverantwoordelijkheid draagt is de klacht ook tegen haar gericht. Het college stelt vast dat de algemeen directeur op geen enkele wijze bij de beëindiging van de behandeling betrokken is geweest. Van een algemene eindverantwoordelijkheid van de algemeen directeur voor het medisch handelen van andere binnen de GGZ-instelling werkzame zorgverleners is in tuchtrechtelijke zin geen sprake. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:146 Raad van Discipline Amsterdam 26-425/A/A 26-429/A/A
- Datum publicatie: 03-07-2026
- Datum uitspraak: 29-06-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:146
Voorzittersbeslissing; kennelijk ongegronde klacht over de advocaten van de wederpartij. Geen sprake van dreiging of intimidatie, maar een gebruikelijke advocatenbrief met sommatie. Verder is het aan de civiele rechter en niet aan de tuchtrechter om de rechtmatigheid van een gelegd beslag te beoordelen. De toets door de tuchtrechter is op dit punt een terughoudende, namelijk het onnodig of onevenredig schaden van de belangen van de wederpartij zonder redelijk doel. Daarvan is in de gegeven omstandigheden geen sprake.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:203 Hof van Discipline 's Gravenhage 260116
- Datum publicatie: 03-07-2026
- Datum uitspraak: 03-07-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:203
Beklag artikel 13 Advocatenwet ongegrond. Voor de vordering van klaagster is de kantonrechter bevoegd. Het is dus geen zaak waarvoor vertegenwoordiging door een advocaat is voorgeschreven.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:158 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8568
- Datum publicatie: 03-07-2026
- Datum uitspraak: 03-07-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:158
Kennelijk ongegronde klacht tegen een psychotherapeut. Klager is in behandeling geweest bij een GGZ-instelling waar verweerster werkzaam is (mede) als algemeen directeur. Volgens klager is door de behandelaars van de GGZ-instelling onzorgvuldig gehandeld door het eenzijdig en onverwacht beëindigen van de behandeling van klager. Omdat de algemeen directeur daarvoor de eindverantwoordelijkheid draagt is de klacht ook tegen haar gericht. Het college stelt vast dat de algemeen directeur op geen enkele wijze bij de beëindiging van de behandeling betrokken is geweest. Van een algemene eindverantwoordelijkheid van de algemeen directeur voor het medisch handelen van andere binnen de GGZ-instelling werkzame zorgverleners is in tuchtrechtelijke zin geen sprake. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:140 Raad van Discipline Amsterdam 25-910/A/A
- Datum publicatie: 03-07-2026
- Datum uitspraak: 29-06-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:140
Raadsbeslissing; verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:147 Raad van Discipline Amsterdam 26-426/A/A
- Datum publicatie: 03-07-2026
- Datum uitspraak: 29-06-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:147
Voorzittersbeslissing; klacht over de eigen advocaat kennelijk ongegrond. Niet gebleken is dat verweerder tekortgeschoten is in zijn dienstverlening.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:198 Hof van Discipline 's Gravenhage 240119H
- Datum publicatie: 03-07-2026
- Datum uitspraak: 03-07-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:198
Verweerder heeft herziening verzocht van een uitspraak van het hof van 8 maart 2024. Het herzieningsverzoek is door het hof wegens schending van een fundamenteel rechtsbeginsel ontvankelijk geacht. Ten onrechte is een door verweerder ingediend verweerschrift bij de oorspronkelijke beoordeling niet meegenomen. Het hof stelt voorop dat na een gegrond verklaard herzieningsverzoek de zaak in hoger beroep opnieuw wordt behandeld, maar met dien verstande dat geen ruimte bestaat om nieuwe beroepsgronden naar voren te brengen. Er is slechts plaats voor een nadere beschouwing en/of onderbouwing van (een) reeds eerder ingenomen standpunt(en). Met medeneming van het eerder door verweerder ingediende verweerschrift in de integrale (her)beoordeling van de zaak komt het hof tot het oordeel dat het herzieningsverzoek niet slaagt. De uitspraak van het hof waarvan herziening is verzocht, wordt niet herzien.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:159 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8569
- Datum publicatie: 03-07-2026
- Datum uitspraak: 03-07-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:159
Ongegronde klacht tegen een gz-psycholoog. De gz-psycholoog is bij de behandeling van klager betrokken geweest. Klager is ontevreden over de wijze waarop de behandeling is beëindigd.Het college is van oordeel dat het de gz-psycholoog niet kan worden verweten dat de behandeling onverwacht en eenzijdig is beëindigd, omdat zij op dat moment niet meer betrokken was bij de behandeling van klager. Weliswaar was zij bij het gesprek waarin de beëindiging van de behandeling aan klager werd medegedeeld aanwezig, maar dit was alleen ter ondersteuning van de psychiater en om de verwachte emoties te reguleren. Bij het (tot stand komen van het) besluit tot het beëindigen van de behandeling heeft de gz-psycholoog geen bemoeienissen gehad. De klacht is ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:141 Raad van Discipline Amsterdam 25-813/A/A
- Datum publicatie: 03-07-2026
- Datum uitspraak: 29-06-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:141
Raadsbeslissing; verzet niet-ontvankelijk; te laat ingediend.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:106 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/9029
- Datum publicatie: 03-07-2026
- Datum uitspraak: 03-07-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:106
klacht tegen huisarts ingediend door nabestaanden van patiente. Beroep op artikel 67 lid 3 Wet BIG door de huisarts is gehonoreerd. Klacht is kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:199 Hof van Discipline 's Gravenhage 250322
- Datum publicatie: 03-07-2026
- Datum uitspraak: 03-07-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:199
Klagers hebben een klacht ingediend over het handelen van verweerder in zijn hoedanigheid van advocaat van hun wederpartij in een civiel geschil. Het verwijt dat verweerder zich tijdens een telefoongesprek met één van de klagers onnodig grievend heeft uitgelaten is door de raad van discipline Den Haag gegrond verklaard. Ook verweerders verdere opstelling in het telefoongesprek is naar het oordeel van de raad onbehoorlijk en onvoldoende zakelijk geweest. De raad heeft daarvoor een waarschuwing opgelegd. De klachten zijn door de raad voor het overige niet-ontvankelijk en ongegrond verklaard. Verweerder is het niet eens met de gegrondverklaring door de raad en heeft hoger beroep ingesteld. Het hof van discipline bekrachtigt de beslissing van de raad.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:142 Raad van Discipline Amsterdam 25-905/A/A 25-908/A/A
- Datum publicatie: 03-07-2026
- Datum uitspraak: 29-06-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:142
Raadsbeslissing. Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:107 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/9012
- Datum publicatie: 03-07-2026
- Datum uitspraak: 03-07-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:107
Klacht tegen apotheker kennelijk ongegrond. Aan klager zijn door de oogarts oogdruppels voorgeschreven. Vanwege een tekort van deze oogdruppels bij de apotheek, heeft de apotheker aan klager als alternatief verschillende andere druppels verstrekt. Klager verwijt de apotheker dat zij stelselmatig heeft geweigerd de voorgeschreven en medisch noodzakelijke oogdruppels te verstrekken. Het college oordeelt dat de apotheker heeft kunnen volstaan met de door haar gegeven alternatieven. Van een tuchtrechtelijk verwijtbare weigerachtigheid is geen sprake.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:160 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8570
- Datum publicatie: 03-07-2026
- Datum uitspraak: 03-07-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:160
Ongegronde klacht tegen een psychotherapeut. De psychotherapeut is bij de behandeling van klager betrokken geweest. Klager is ontevreden over de wijze waarop de behandeling is beëindigd.Het college is van oordeel dat het de psychotherapeut niet kan worden verweten dat de behandeling onverwacht en eenzijdig is beëindigd, omdat zij op dat moment niet meer betrokken was bij de behandeling van klager. Weliswaar was zij bij het gesprek waarin de beëindiging van de behandeling aan klager werd medegedeeld aanwezig, maar dit was alleen ter ondersteuning van de psychiater en om de verwachte emoties te reguleren. Bij het (tot stand komen van het) besluit tot het beëindigen van de behandeling heeft de psychotherapeut geen bemoeienissen gehad. De klacht is ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:194 Hof van Discipline 's Gravenhage 260215 260223
- Datum publicatie: 02-07-2026
- Datum uitspraak: 02-07-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:194
Klacht over deken wordt niet verwezen op grond van artikel 46c lid 5 Advocatenwet. De beslissing van de deken om een schriftelijke reactie in een lopend klachtonderzoek al dan niet aan het dossier toe te voegen, is een procedurele beslissing in het kader van het klachtonderzoek. Het klachtrecht is geen middel om een dergelijke beslissing van de deken ter discussie te stellen. Klager kan, na afronding van het onderzoek door de deken en betaling van het griffierecht, zijn klacht laten toetsen door de Raad van Discipline en binnen de kaders van die procedure kan klager ook zijn klachten over het klachtonderzoek door de deken en de daarin door de deken genomen procedurele beslissingen aan de raad voorleggen.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:155 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam Herstelbeslissing A2025/8418
- Datum publicatie: 02-07-2026
- Datum uitspraak: 01-07-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:155
Herstelbeslissing van de beslissing van 8 mei 2026 ECLI:NL:TGZRAMS:2026:106 .
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:195 Hof van Discipline 's Gravenhage 260162
- Datum publicatie: 02-07-2026
- Datum uitspraak: 02-07-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:195
Klacht over deken wordt niet verwezen op grond van artikel 46c lid 5 Advocatenwet. De beslissing van de deken om tijdens het lopende onderzoek naar de door klager ingediende klacht over een advocaat geen re- en dupliek te laten plaatsvinden is een procedurele beslissing in het kader van het klachtonderzoek. Het klachtrecht is geen middel om een dergelijke beslissing van de deken ter discussie te stellen. Het tuchtrecht zoals beschreven in de Advocatenwet is alleen van toepassing op advocaten. Er is dus geen grondslag voor een onderzoek door een deken naar een over de stafjurist of de adjunct-secretaris ingediende klacht.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:156 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam Herstelbeslissing A2025/8417
- Datum publicatie: 02-07-2026
- Datum uitspraak: 01-07-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:156
Herstelbeslissing van de beslissing van 8 mei 2026 ECLI:NL:TGZRAMS:2026:105 .
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:196 Hof van Discipline 's Gravenhage 260161
- Datum publicatie: 02-07-2026
- Datum uitspraak: 02-07-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:196
Klacht over deken wordt niet verwezen op grond van artikel 46c lid 5 Advocatenwet. Een klacht over een deken is geen middel om de inhoud van een aanwijzingsbesluit waar klager zich niet in kan vinden ter discussie te stellen, nu daartegen de beklagprocedure op grond van artikel 13 lid 3 Advocatenwet openstaat. Door de inhoud van twee aanwijzingsbesluiten in de klachtprocedure (opnieuw) ter discussie te stellen, gebruikt klager het klachtrecht voor een ander doel dan waarvoor het klachtrecht is bedoeld. Dat beschouwt het hof als misbruik van het klachtrecht.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:197 Hof van Discipline 's Gravenhage 260233
- Datum publicatie: 02-07-2026
- Datum uitspraak: 02-07-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:197
Verzoek van de Amsterdamse Orde van Advocaten om een klacht over verweerder te verwijzen naar de raad van discipline in het ressort Den Bosch voor behandeling, omdat de klacht samenhangt met een klacht van klager tegen een advocaat, kantoorhoudend in het arrondissement Zeeland-West-Brabant. Volgens de deken is sprake van zoveel samenhang dat deze klachten het beste gezamenlijk door één raad van discipline behandeld kunnen worden. Uit de stukken blijkt niet dat na het onderzoek door de deken Zeeland-West Brabant van de eerste klacht over verweerder een andere raad van discipline door het hof is aangewezen (op de voet van artikel 46aa, lid 3 of lid 5 Advocatenwet) dan de bevoegde raad, namelijk de raad van discipline in het ressort Amsterdam. Mede gelet op artikel 12 Advocatenwet valt verweerder onder de bevoegdheid van de deken Amsterdam (vgl. HvD 30 maart 2026, ECLI:NL:TAHVD:2026:91) en de raad van discipline in het ressort Amsterdam. Evenmin blijkt uit de overgelegde stukken dat klager gebruik heeft gemaakt van de mogelijkheid om, na betaling van het griffierecht, de eerste klacht aanhangig te maken bij de raad van discipline, in ofwel Amsterdam ofwel ’s-Hertogenbosch. Toewijzing van het verzoek zou, gelet op het hof ter beschikking staande informatie, in beginsel tot gevolg hebben dat de eerste klacht in behandeling zou komen van de raad van discipline in het ressort Amsterdam en de tweede klacht bij de raad van discipline in het ressort ’s-Hertogenbosch. Dit is niet wat met het verzoek en met artikel 46aa lid 5 van de Advocatenwet is beoogd. Het verzoek om verwijzing wordt daarom afgewezen.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:113 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025-9154
- Datum publicatie: 01-07-2026
- Datum uitspraak: 01-07-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:113
Klacht tegen een MDL-arts. Voorzittersbeslissing. Kennelijk niet-ontvankelijk. Klaagster verwijt de arts dat zij onvoldoende heeft gereageerd op haar zorgen over de vermelding van opiaten in het medisch dossier, haar angst voor toediening van morfine niet heeft weggenomen en voorafgaand aan een operatie niet adequaat heeft gereageerd op haar signalen en verzoeken.De voorzitter oordeelt dat sprake is van misbruik van tuchtrecht. Klaagster heeft de tuchtklacht gebruikt als instrument in een langdurig conflict met het ziekenhuis en de arts, waarbij zij herhaaldelijk aandrong op een schadevergoeding en aangaf de klacht te willen intrekken indien aan haar voorwaarden zou worden voldaan. Daarnaast diende klaagster meerdere, inhoudelijk grotendeels gelijkluidende klachten in tegen dezelfde arts en bleef zij via deze weg contact zoeken, ondanks opgelegde contactbeperkingen. Het tuchtrecht is niet bedoeld als middel om onderhandelingen af te dwingen of een geschil met een zorginstelling voort te zetten.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:114 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8900
- Datum publicatie: 01-07-2026
- Datum uitspraak: 01-07-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:114
Klacht tegen een MDL-arts. Voorzittersbeslissing. Kennelijk niet-ontvankelijk. Klaagster verwijt de arts dat zij de behandeling van haar ziekte van Crohn ten onrechte heeft beëindigd, onvoldoende heeft meegewerkt aan de voortzetting van de zorg, onvolledige informatie aan de huisarts heeft verstrekt en verzoeken om behandelafspraken heeft genegeerd. De voorzitter oordeelt dat sprake is van misbruik van tuchtrecht. Klaagster heeft de tuchtklacht gebruikt als instrument in een langdurig conflict met het ziekenhuis en de arts, waarbij zij herhaaldelijk aandrong op een schadevergoeding en aangaf de klacht te willen intrekken indien aan haar voorwaarden zou worden voldaan. Daarnaast diende klaagster meerdere, inhoudelijk grotendeels gelijkluidende klachten in tegen dezelfde arts en bleef zij via deze weg contact zoeken ondanks opgelegde contactbeperkingen. Het tuchtrecht is niet bedoeld als middel om onderhandelingen af te dwingen of een geschil met een zorginstelling voort te zetten.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:115 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/9231
- Datum publicatie: 01-07-2026
- Datum uitspraak: 01-07-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:115
Klacht tegen een MDL-arts. Voorzittersbeslissing. Kennelijk niet-ontvankelijk. Klaagster is bang dat ze na een ongeluk in haar woonplaats naar het ziekenhuis wordt gebracht en dat zij daar pijnstilling krijgt toegediend. Klaagster is bang dat deze morfinegift haar fataal gaat worden, in het licht van eerdere ervaringen. Klaagster wil erop kunnen vertrouwen dat ze geen morfinepreparaat krijgt toegediend en verwijt verweerster dat zij geen borging biedt voor goede en veilige zorg..De voorzitter oordeelt dat sprake is van misbruik van tuchtrecht. Klaagster heeft de tuchtklacht gebruikt als instrument in een langdurig conflict met het ziekenhuis en de arts, waarbij zij herhaaldelijk aandrong op een schadevergoeding en aangaf de klacht te willen intrekken indien aan haar voorwaarden zou worden voldaan. Daarnaast diende klaagster meerdere, inhoudelijk grotendeels gelijkluidende klachten in tegen dezelfde arts en bleef zij via deze weg contact zoeken ondanks opgelegde contactbeperkingen. Het tuchtrecht is niet bedoeld als middel om onderhandelingen af te dwingen of een geschil met een zorginstelling voort te zetten.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2026:80 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 26-405/DB/OB
- Datum publicatie: 01-07-2026
- Datum uitspraak: 30-06-2026
- ECLI:NL:TADRSHE:2026:80
Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij. Klagers verwijten verweerder dat hij een ongefundeerde beschuldiging heeft geuit en stukken in het geding heeft gebracht, terwijl hij wist of behoorde te weten dat deze stukken onjuist waren. Naar het oordeel van de voorzitter is niet gebleken dat verweerder onnodig grievende of kennelijk onjuiste uitlatingen heeft gedaan, noch dat hij reden had om te twijfelen aan de juistheid van de overgelegde stukken. Niet gebleken dat verweerder de grenzen van de aan hem, in zijn hoedanigheid van advocaat van de wederpartij, toekomende vrijheid heeft overschreden. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:112 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/9406
- Datum publicatie: 01-07-2026
- Datum uitspraak: 01-07-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:112
Klacht tegen een MDL-arts. Voorzittersbeslissing. Kennelijk niet-ontvankelijk. Klaagster verwijt de arts dat zij onvoldoende heeft gewaarborgd dat aan haar geen morfinepreparaten zouden worden toegediend en daarmee geen goede en veilige zorg heeft geboden. De voorzitter oordeelt dat sprake is van misbruik van tuchtrecht. Klaagster heeft de tuchtklacht gebruikt als instrument in een langdurig conflict met het ziekenhuis en de arts, waarbij zij herhaaldelijk aandrong op een schadevergoeding en aangaf de klacht te willen intrekken indien aan haar voorwaarden zou worden voldaan. Daarnaast diende klaagster meerdere, inhoudelijk grotendeels gelijkluidende klachten in tegen dezelfde arts en bleef zij via deze weg contact zoeken ondanks opgelegde contactbeperkingen. Het tuchtrecht is niet bedoeld als middel om onderhandelingen af te dwingen of een geschil met een zorginstelling voort te zetten.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2026:81 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 26-406/DB/OB
- Datum publicatie: 01-07-2026
- Datum uitspraak: 30-06-2026
- ECLI:NL:TADRSHE:2026:81
Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij. Klagers verwijten verweerder dat hij een ongefundeerde beschuldiging heeft geuit en stukken in het geding heeft gebracht, terwijl hij wist of behoorde te weten dat deze stukken onjuist waren. Naar het oordeel van de voorzitter is niet gebleken dat verweerder onnodig grievende of kennelijk onjuiste uitlatingen heeft gedaan, noch dat hij reden had om te twijfelen aan de juistheid van de overgelegde stukken. Niet gebleken dat verweerder de grenzen van de aan hem, in zijn hoedanigheid van advocaat van de wederpartij, toekomende vrijheid heeft overschreden. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:137 Raad van Discipline Amsterdam 26-499/RO/W
- Datum publicatie: 30-06-2026
- Datum uitspraak: 26-06-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:137
Wrakingsbeslissing; kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:149 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8957
- Datum publicatie: 30-06-2026
- Datum uitspraak: 30-06-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:149
Kennelijk ongegronde klacht tegen arts die intakegesprek heeft gevoerd en neurologisch onderzoek heeft gedaan bij onderzoek naar multiple sclerose (MS). Verwijt dat de arts klaagsters klachten niet (volledig) heeft besproken in het multidisciplinair overleg (MDO) en geen correcte diagnose heeft gesteld is ongegrond. De arts heeft een zorgvuldig en volledig neurologisch onderzoek uitgevoerd en daarbij geen zaken onbesproken gelaten. Haar onderzoek was ook slechts een van de invalshoeken van het MDO. Met betrekking tot de (aanwezige en beoordeelde) MRI-scans geldt dat de beoordeling van de beeldvorming de verantwoordelijkheid is van de radiologen.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:99 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8578
- Datum publicatie: 30-06-2026
- Datum uitspraak: 26-06-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:99
Klacht tegen een orthopedagoog-generalist kennelijk ongegrond. De orthopedagoog-generalist heeft in civielrechtelijk kader een forensisch onderzoek gedaan, wat heeft geleid tot onder andere een deelrapport over klagers minderjarige zoon. Klager is het, samengevat, niet eens met de inhoud en totstandkoming van dit rapport. Het college oordeelt dat de orthopedagoog-generalist niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:150 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-766/AL/MN
- Datum publicatie: 30-06-2026
- Datum uitspraak: 29-06-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:150
Ongegrond verzet.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:131 Raad van Discipline Amsterdam 25-719/A/A
- Datum publicatie: 30-06-2026
- Datum uitspraak: 22-06-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:131
Ongegrond verzet.
-
ECLI:NL:TGDKG:2026:62 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/775797 / DW RK 25/356 EdV/WdJ
- Datum publicatie: 30-06-2026
- Datum uitspraak: 29-06-2026
- ECLI:NL:TGDKG:2026:62
Beslissing op verzet. Klager heeft kosten betaald voor juridisch advies. Dat het gegeven advies niet het door klager gewenste advies was, maakt niet dat het betaalde bedrag zou moeten worden terugbetaald. De kamer is het met de beslissing van de voorzitter eens, verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:151 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 26-372/AL/GLD
- Datum publicatie: 30-06-2026
- Datum uitspraak: 29-06-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:151
Voorzittersbeslissing. De voorzitter verklaart een klacht over de advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TDIVTC:2025:49 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2023/65
- Datum publicatie: 30-06-2026
- Datum uitspraak: 18-12-2025
- ECLI:NL:TDIVTC:2025:49
Cavia en Konijn. Dierenarts wordt verweten dat hij met betrekking tot een tandheelkundige behandeling bij een cavia en een konijn is tekortgeschoten in de op hem rustende zorgplicht. [Klacht voor zover deze betrekking heeft op de cavia is niet-ontvankelijk en voor zover deze betrekking heeft op het konijn ongegrond].
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:132 Raad van Discipline Amsterdam 26-092/A/A
- Datum publicatie: 30-06-2026
- Datum uitspraak: 22-06-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:132
Raadsbeslissing; ongegronde klacht van een advocaat over een advocaat. Geen sprake van grievende uitlatingen of het verkondigen van bewust onjuiste informatie.
-
ECLI:NL:TGDKG:2026:63 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/760472 / DW RK 24/417 EdV/WdJ
- Datum publicatie: 30-06-2026
- Datum uitspraak: 29-06-2026
- ECLI:NL:TGDKG:2026:63
Beslissing op verzet. Klaagster beklaagt zich over het gelegde bewijsbeslag. Dit is al in een eerdere klachtenprocedure aan de orde geweest. Verder stelt klaagster dat de gerechtsdeurwaarder vanaf september 2023 gerechtelijke documenten niet rechtmatig heeft betekend, met als gevolg dat de dwangsommen inmiddels zijn verbeurd. De kamer is het met de beslissing van de voorzitter eens en verklaart het verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:150 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8958
- Datum publicatie: 30-06-2026
- Datum uitspraak: 30-06-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:150
Kennelijk ongegronde klacht tegen neuroloog. Onder verantwoordelijkheid van de neuroloog is onderzocht of klaagster multiple sclerose (MS) had. Intakegesprek en neurologisch onderzoek door arts-onderzoeker waren zorgvuldig en volledig. Daarbij zijn geen zaken onbesproken gelaten. Het onderzoek was ook slechts een van de invalshoeken van het MDO. De neuroloog valt noch als supervisor van de arts, noch als behandelaar een verwijt te maken. Met betrekking tot de (aanwezige en beoordeelde) MRI-scans geldt dat de beoordeling van de beeldvorming de verantwoordelijkheid is van de radiologen. Overigens zijn tot twee keer toe nog ontbrekende scans opgevraagd en beoordeeld en heeft de neuroloog alle MRI-scans nog eens samen met klaagster bekeken en besproken. Het wel of niet afwijkende looppatroon van klaagster is geen doorslaggevende factor bij het stellen van de diagnose MS.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:133 Raad van Discipline Amsterdam 26-055/A/A
- Datum publicatie: 30-06-2026
- Datum uitspraak: 22-06-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:133
Raadsbeslissing; klacht over de kwaliteit van dienstverlening, voor zover tijdig, gegrond. Het behoort tot de taak van een advocaat zijn de cliënt bij aanvang van een zaak een gedegen voorlichting te geven over de aanpak van de zaak en de kansen en de risico’s die spelen. De advocaat moet zich ervan vergewissen of de cliënt alles goed heeft begrepen en of hij de gevolgen van een gekozen aanpak voldoende overziet. Zo nodig moet hij belangrijke informatie en afspraken schriftelijk aan zijn cliënt bevestigen (gedragsregel 16 lid 1). Verweerder is op deze punten richting klager tekortgeschoten. Waarschuwing met kostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TGDKG:2026:64 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/754583 / DW RK 24/270 EdV/WdJ
- Datum publicatie: 30-06-2026
- Datum uitspraak: 29-06-2026
- ECLI:NL:TGDKG:2026:64
Klaagster beklaagt zich erover dat de gerechtsdeurwaarder zonder toestemming van de r-c haar woning is binngengedrongen en veel schade heeft aangebracht. Verder stelt klaagster dat de gerechtsdeurwaarder het arrest van 2 april 2024 niet dan wel niet juist heeft betekend. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:151 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8764
- Datum publicatie: 30-06-2026
- Datum uitspraak: 30-06-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:151
Ongegronde klacht tegen een tandarts. Klaagster was patiënt in de praktijk van verweerster. De tandartspraktijk is overgenomen door een andere tandarts, zijnde de gemachtigde van klaagster. De opvolgende tandarts heeft bij de eerste periodieke controle bij klaagster tien laesies vastgesteld, waarvoor een restauratieve behandeling werd ingezet. Klaagster verwijt verweerster dat zij onbekwaam heeft gehandeld en onvoldoende gehoor heeft gegeven aan haar pijn- en kaakklachten. Het college oordeelt dat het terughoudende beleid van verweerster ten aanzien van niet-gecaviteerde cariëslaesies binnen de geldende professionele standaarden past. Klacht over onvoldoende luisteren naar klachten is ook ongegrond.
-
ECLI:NL:TDIVTC:2025:50 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2024/60
- Datum publicatie: 30-06-2026
- Datum uitspraak: 09-12-2025
- ECLI:NL:TDIVTC:2025:50
Hond. Dierenarts wordt verweten dat zij is tekortgeschoten in de behandeling van en de euthanasie van een hond. [Klacht gegrond, volgt een berisping].
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:191 Hof van Discipline 's Gravenhage 260082
- Datum publicatie: 30-06-2026
- Datum uitspraak: 29-06-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:191
Beklag artikel 13 niet-ontvankelijk. De -verlengde- termijn voor het instellen van beroep in cassatie tegen het arrest van het gerechtshof Amsterdam van 17 februari 2026 verliep op 12 maart 2026. Nu deze termijn is verstreken, heeft klager geen belang meer bij aanwijzing van een advocaat voor het indienen van hoger beroep. Reeds om die reden is het beklag niet-ontvankelijk. Inmiddels is cassatieberoep ingesteld door een advocaat die voor klager de zaak mag behandelen. De in het beklag genoemde gronden behoeven daarom, bij gebrek aan belang, geen bespreking meer.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:134 Raad van Discipline Amsterdam 26-054/A/A
- Datum publicatie: 30-06-2026
- Datum uitspraak: 22-06-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:134
Raadsbeslissing; gegronde klacht over de advocaat wederpartij. Verweerster heeft zich niet gedragen zoals het een behoorlijk advocaat betaamt door maandenlang de vele e-mails van klager te negeren. Ook als de advocaat van de wederpartij mocht van verweerster verwacht worden dat zij ten minste kort reageerde met de mededeling dat zij klager niet kon helpen. Daarnaast acht de raad het ongepast om beschuldigingen te uiten zonder enige feitelijke onderbouwing. Waarschuwing met kostenveroordeling.