Zoekresultaten 51-100 van de 46448 resultaten
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:8 Hof van Discipline 's Gravenhage 250320
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:8
Verzet na afwijzende verwijzing ongegrond. Het hof ziet op basis van het onderzoek in verzet geen aanleiding om tot een andere beoordeling van de klacht te komen dan de voorzitter. Het klachtrecht is er niet voor bedoeld om te klagen over de werkwijze van de deken bij het al dan niet in behandeling nemen van een klacht. Klaagster heeft ook geen belang meer bij dit klachtonderdeel nu de klacht door de deken in behandeling is genomen. In zoverre is de klacht ook prematuur, aangezien nu eerst de procedure bij verweerder moet worden doorlopen, voordat klaagster de mogelijkheid heeft dit aan de orde te stellen bij de raad. Het klachtrecht is er ook niet voor bedoeld is om te klagen over de klachtomschrijving. Daar is de procedure bij de raad voor. Bovendien heeft verweerder ook klaagsters bezwaren tegen de klachtomschrijving in het onderzoek naar de klacht heeft betrokken. Gelet daarop is ook deze klacht prematuur en niet bedoeld voor onderhavige klachtprocedure.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:10 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-765/AL/GLD
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:10
voorzittersbeslissing over eigen advocaat. Uit de stukken volgt dat klager met de financiële afspraken voor het optreden door verweerster in een schadestaatprocedure heeft ingestemd waarna verweerster op betalende basis voor klager aan de slag is gegaan. Uit de opdrachtbevestiging volgt ook dat door verweerster is onderzocht dat klager niet voor de kosten voor rechtsbijstand was verzekerd en klager niet voor gefinancierde rechtshulp in aanmerking kwam. Dat klager in een andere kwestie een toevoeging heeft gekregen, maakt nog niet dat verweerster die kon gebruiken. Dat heeft zij ook niet gedaan. Voor zover verweten wordt dat alsnog een toevoeging had kunnen worden aangevraagd door verweerster, staat vast dat het kantoor van verweerster klager meermaals heeft laten weten geen zaken op basis van gefinancierde rechtsbijstand te doen. Dat staat een advocaat vrij. Van het onder druk zetten van klager om te betalen, is de voorzitter evenmin gebleken. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:2 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8192
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 09-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:2
Klacht tegen een anesthesioloog kennelijk ongegrond. Verweerder heeft in zijn hoedanigheid van anesthesioloog de situatie van klaagsters moeder beoordeeld. Patiënte heeft in het buitenland een herseninfarct gehad en werd daarna overgeplaatst naar een ziekenhuis in Nederland. Daar verslechterde haar situatie. Patiënte is in het ziekenhuis overleden. De klacht heeft betrekking op het handelen van verweerder voorafgaand aan het overlijden van patiënte.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:9 Hof van Discipline 's Gravenhage 250062
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:9
Klaagsters hebben een klacht ingediend tegen de advocaat van de wederpartij in een procedure bij de Ondernemingskamer. In hoger beroep is niet in geschil dat verweerder meerdere brieven naar de Ondernemingskamer heeft gestuurd, zonder daarvan een afschrift te sturen aan de wederpartij en daarmee tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Verweerder is echter van mening dat de klacht over dit handelen niet-ontvankelijk is, omdat sprake is van schending van het ne bis in idem-beginsel. Verder voert verweerder in hoger beroep aan dat, als de klacht al ontvankelijk is, aan hem een te zware maatregel is opgelegd. Het hof oordeelt dat niet sprake is van ne bis in idem. Met betrekking tot de maatregel staat feitelijk vast dat verweerder met opzet de naar de Ondernemingskamer gestuurde brieven niet aan de wederpartij heeft gestuurd om deze op achterstand te zetten. Het hof acht deze opzet verzwarend voor de maatregel. De maatregel wordt bevestigd.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:11 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-775/AL/OV
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:11
voorzittersbeslissing over de advocaat van de wederpartij. Naar het oordeel van de voorzitter mocht verweerster afgaan op de van haar cliënte/ werkgever van klager verkregen informatie over - onder meer - het feit dat klager al zou beschikken over de opnieuw bij haar opgevraagde documenten en informatie. Bij haar optreden heeft verweerster naar het oordeel van de voorzitter ook ruim voldoende oog gehad voor de gerechtvaardigde belangen van klager die geen juridische bijstand had. Dat verweerster informatieblokkades heeft opgeworpen, klager heeft genegeerd of afgewimpeld, is de voorzitter uit de stukken niet gebleken. Dat klager dit anders heeft ervaren en het niet eens was met de in zijn ogen patroonmatige onbalans in het hele traject, is vervelend voor hem, maar dat alleen is onvoldoende om verweerster daarvan tuchtrechtelijk een verwijt te maken. Kennelijk ongegrond
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:10 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8666
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 13-01-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:10
Klager verwijt de psychiater dat hij meerdere malen opgenomen is geweest zonder psychische diagnose. Ook verwijt klager de psychiater dat hij op onjuiste gronden een zorgmachtiging heeft aangevraagd, dat hij een valse verklaring heeft afgelegd en dat hij een telefonisch gesprek heeft afgekapt. Klager is in de klacht over de onterechte opname niet ontvankelijk omdat dit klachtonderdeel onvoldoende concreet is. De overige klachtonderdelen zijn kennelijk ongegrond omdat het niet kan worden vastgesteld of omdat de psychiater niet betrokken was bij het handelen waarover geklaagd wordt.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:8 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8664
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 13-01-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:8
Klacht tegen een psychiater deels kennelijk niet-ontvankelijk en deels kennelijk ongegrond. Klager verwijt de psychiater dat hij meerdere malen is opgenomen zonder psychische diagnose en dat zijn klachten over de dwangmedicatie zijn weggewimpeld. Klager is in de klacht over de onterechte opname niet ontvankelijk omdat dit klachtonderdeel onvoldoende concreet is. De overige klachtonderdelen zijn kennelijk ongegrond. Uit het dossier bleek dat er voldoende aandacht was voor de klachten die klager ervoer door de medicatie.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:3 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8193
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 09-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:3
Klacht tegen een neuroloog kennelijk ongegrond. Verweerster heeft in haar hoedanigheid van neuroloog de situatie van klaagsters moeder beoordeeld. Patiënte heeft in het buitenland een herseninfarct gehad en werd daarna overgeplaatst naar een ziekenhuis in Nederland. Daar verslechterde haar situatie. Patiënte is in het ziekenhuis overleden. De klacht heeft betrekking op het handelen van verweerster voorafgaand aan het overlijden van patiënte.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:12 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-477/AL/MN
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:12
Klacht over advocaat wederpartij. Naar het oordeel van de raad mocht verweerder zonder nader onderzoek afgaan op de van zijn cliënte ontvangen feitelijke informatie en als partijdige belangenbehartiger stellingen innemen zoals gedaan. Of verweerder bevoegd was om namens het nieuwe bestuur van klaagster op te treden in geschillen tegen het oude bestuur is een juridische vraag waarover tussen partijen procedures zijn gevoerd. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:9 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7643
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 13-01-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:9
Klacht tegen huisarts gedeeltelijk gegrond. De huisarts heeft de zoon van klagers gezien op de HAP. Huisarts wordt verweten dat hij niet tijdig en adequaat heeft gereageerd op de klachten van de zoon en het om zaken heen draaien, ontkennen en leugenachtig reageren tijdens een gesprek met klagers. De huisarts is tekortgeschoten op het gebied van onderzoek en anamnese en heeft nagelaten een deugdelijk vangnetadvies te geven aan klagers. Niet voorschijven antibiotica niet verwijtbaar. College heeft niet kunnen vaststellen dat er sprake is geweest van het om zaken heen draaien, ontkennen en leugenachtig reageren door de huisarts. Waarschuwing. Veroordeling in de kosten.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:11 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8567
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 13-01-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:11
Kennelijk ongegronde klacht tegen een psychiater. Klaagster verwijt de psychiater onder meer dat zij haar beroepsgeheim heeft geschonden en dat zij verouderde en niet-geverifieerde medische informatie heeft verwerkt en gebruikt. Het college heeft geen reden om te veronderstellen dat de psychiater zonder toestemming medische informatie heeft gedeeld. De schriftelijke terugkoppeling die de psychiater naar de huisarts heeft gezonden is niet onzorgvuldig. Er was geen aanleiding om de diagnose uit de medische voorgeschiedenis te verifiëren.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:9 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8665
- Datum publicatie: 13-01-2026
- Datum uitspraak: 13-01-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:9
Klacht tegen een arts deels kennelijk niet ontvankelijk en deels kennelijk ongegrond. Klager verwijt de arts dat hij meerdere malen is opgenomen zonder psychische diagnose en dat zijn klachten over de dwangmedicatie zijn weggewimpeld. Klager is in de klacht over de onterechte opname niet ontvankelijk omdat dit klachtonderdeel onvoldoende concreet is. De overige klachtonderdelen zijn kennelijk ongegrond. Uit het dossier bleek dat er voldoende aandacht was voor de klachten die klager ervoer door de medicatie.
-
ECLI:NL:TGDKG:2026:4 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/764447 / DW RK 25/45 EdV/WdJ
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TGDKG:2026:4
Beslissing op verzet ongegrond. Niet gebleken is dat sprake is van belangenverstrengeling.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:10 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2024/2659
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:10
Klacht tegen oogarts. De oogarts heeft bij klaagster een bovenooglidcorrectie uitgevoerd. Omdatklaagster niet tevreden was met het resultaat, plaatste zij online reviews over haar negatieve ervaring. De oogarts heeft klaagster in kort geding gedagvaard vanwege haar openbare uitlatingen. In die kortgedingprocedure heeft de oogarts een medisch advies van een externe deskundige overgelegd. Volgens klaagster heeft de oogarts zijn beroepsgeheim geschonden door zonder toestemming van klaagster haar medische gegevens aan deze externe deskundige te verstrekken. Daarnaast stelt klaagster dat de oogarts ten onrechte heeft geweigerd een verklaring van klaagster aan het dossier toe te voegen. Ook wilde de oogarts kosten in rekening brengen voor het toesturen van het medisch dossier aan klaagster op haar verzoek. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht grotendeels gegrond verklaard en ter zake daarvan aan de oogarts de maatregel van een berisping opgelegd. Het Centraal Tuchtcollege verklaart net iets minder gegrond dan het Regionaal Tuchtcollege en legt aan de oogarts de maatregel van een waarschuwing op.
-
ECLI:NL:TGDKG:2025:129 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/757570 / DW RK 24/351 EV/RH
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 17-12-2025
- ECLI:NL:TGDKG:2025:129
De gerechtsdeurwaarder heeft de opdracht gekregen om een appeldagvaarding te betekenen, niet om deze ook aan te brengen. Zonder opdracht om een dagvaarding aan te brengen is een gerechtsdeurwaarder daartoe niet bevoegd.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:1 Raad van Discipline Amsterdam 25-566/A/A 25-567/A/A
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 05-01-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:1
Raadsbeslissing. Klacht over de eigen advocaten. Klager verwijt verweerders dat zij hem er niet op hebben gewezen dat hij mogelijk in aanmerking kwam voor gefinancierde rechtsbijstand. De raad verklaart de klacht niet ontvankelijk. De mogelijkheid van een toevoeging is in 2018 wel besproken met klager. Klager beschikte op dat moment over informatie die gaat over de gevolgen van het handelen of nalaten waar de klacht over gaat. Klager heeft zijn klacht buiten de driejaarstermijn ingediend.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:4 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8491
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:4
Gegronde klacht van inspectie tegen psychotherapeut. Verweerster is een persoonlijke en seksuele relatie aangegaan met een cliënt tijdens de behandelrelatie, onderhield vriendschappelijke contacten met de cliënt en de echtgenote van de cliënt en drong ver in het leven van de patiënt. Verweerster schonk de cliënt en zijn echtgenote een geldbedrag en deelde informatie over andere cliënten met de cliënt. Maatregel: doorhaling, schorsing en algeheel beroepsverbod.
-
ECLI:NL:TGDKG:2026:5 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/762852 / DW RK 25/17 EdV/WdJ
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TGDKG:2026:5
Niet gereageerd op e-mailberichten/brieven. Klacht gegrond, maatregel van waarschuwing opgelegd.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:11 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2816
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:11
Ongegronde klacht tegen een huisarts. De echtgenoot van klaagster is op zestigjarige leeftijd overleden aan uitgezaaide prostaatkanker. Klaagster verwijt de huisarts met name dat zij deze diagnose heeft gemist en de patiënt niet tijdig naar een specialist heeft verwezen. Ook verwijt zij de huisarts dat zij meer dan drie maanden heeft geweigerd om een afschrift van het medisch dossier van de patiënt te verstrekken. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klaagster tegen deze beslissing.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:5 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2692
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:5
.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:2 Raad van Discipline Amsterdam 25-421/A/A
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 05-01-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:2
Verzet ingediend buiten de verzettermijn. De raad overweegt dat niet gebleken is van omstandigheden op grond waarvan moet worden geoordeeld dat de overschrijding van de termijn van 30 dagen verschoonbaar is. Verzet niet ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:5 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8492
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:5
Gegronde klacht van inspectie tegen gz-psycholoog. Verweerster is een persoonlijke en seksuele relatie aangegaan met een cliënt tijdens de behandelrelatie, onderhield vriendschappelijke contacten met de cliënt en de echtgenote van de cliënt en drong ver in het leven van de patiënt. Verweerster schonk de cliënt en zijn echtgenote een geldbedrag en deelde informatie over andere cliënten met de cliënt. Maatregel: doorhaling, schorsing en algeheel beroepsverbod.
-
ECLI:NL:TGDKG:2025:130 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/759050 / DW RK 24/384 EV/RH
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 17-12-2025
- ECLI:NL:TGDKG:2025:130
klagers stelling dat nu gebleken is dat het dossier in 2016 en 2018 onjuist is behandeld door de gerechtsdeurwaarder, kan niet worden beoordeeld. Dit betekent dat de klacht is ingediend na verloop van drie jaren na de dag waarop de klager heeft kennisgenomen of redelijkerwijs kennis heeft kunnen nemen van het handelen of nalaten van de gerechtsdeurwaarder waarop de klacht betrekking heeft. Klagers klacht wordt daarom niet-ontvankelijk verklaard.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:12 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2821
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:12
Klacht tegen een plastisch chirurg. De plastisch chirurg heeft bij klaagster een borstvergroting uitgevoerd. Zes jaar later kwam klaagster opnieuw bij de plastisch chirurg in verband met pijnklachten in haar rechterborst. Klaagster verwijt de plastisch chirurg dat hij een onjuiste diagnose heeft gesteld en dat hij een onjuist advies heeft gegeven. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht in al haar onderdelen kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:6 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2793
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:6
De echtgenoot van klaagster (hierna ook: patiënt) is overleden aan de gevolgen van een aortadissectie. De huisarts heeft de echtgenoot beoordeeld op de huisartsenpost. Dezelfde avond is de echtgenoot overleden. Klaagster verwijt de huisarts, samengevat, dat zij onvoldoende zorg heeft verleend en onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de klachten van patiënt en heeft vastgehouden aan een diagnose zonder medische onderbouwing. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht gegrond verklaard en aan de huisarts een waarschuwing opgelegd. Het Centraal Tuchtcollege verklaart de klacht ongegrond, waarmee de maatregel van waarschuwing komt te vervallen.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:3 Raad van Discipline Amsterdam 25-557/A/A
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 05-01-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:3
Raadsbeslissing. Klacht over de kwaliteit van dienstverlening door de eigen advocaat is in alle klachtonderdelen ongegrond. Uit de overgelegde correspondentie blijkt niet dat het duidelijk was dat verweerster namens klaagster hoger beroep zou instellen. Verweerster heeft in dat kader aangevoerd dat een verzoek tot wijziging van de omgangsregeling haar zinvoller leek, dat zij deze strategie ook zo met klaagster heeft besproken en dat klaagster hiermee heeft ingestemd. Dat dit anders is gegaan, heeft klaagster niet onderbouwd met onderliggende correspondentie. Dat verweerster geen stappen heeft ondernomen voor klaagster of dat klaagster op enige andere wijze nadeel heeft ondervonden van de tijdelijke afwezigheid van verweerster, is de raad verder niet gebleken. Evenmin is het de raad gebleken dat verweerster de berichten van klaagster onbeantwoord heeft gelaten of dat zij hierop (te) laat reageerde.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:6 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8230
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:6
Kennelijk ongegronde klacht tegen arts. De arts heeft geen foutieve diagnose gesteld en niet tuchtrechtelijk verwijtbaar dat de arts klager niet direct heeft doorgestuurd naar het ziekenhuis voor verwijdering van de vetbult.
-
ECLI:NL:TGDKG:2025:131 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/759864 / DW RK 24/401 EV/RH
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 17-12-2025
- ECLI:NL:TGDKG:2025:131
De kamer verklaart de klacht gegrond aangezien artikel 4.6 en 4.4 lid 2 van de Gerechtsdeurwaardersverordening zijn overtreden en legt de maatregel van berisping op. Het gedurende een langere tijd gebrekkig of niet communiceren met klager en het vervolgens uitvoeren van een huisbezoek waarvoor geen opdracht was verkregen maakt dat deze maatregel passend en geboden is.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:13 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2864
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:13
Ongegronde klacht tegen een huisarts. De zoon van klager is in de zomer van 2024 plotseling overleden. De dag ervoor was hij in verband met klachten van – onder meer – koorts en hoofdpijn bij de huisarts op consult geweest. Hij was bang dat hij meningitis had. Klager verwijt de huisarts bovenal dat zij op onzorgvuldige wijze de anamnese heeft afgenomen en zijn zoon ten onrechte niet onmiddellijk heeft ingestuurd naar het ziekenhuis. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager tegen deze beslissing.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:7 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2814
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:7
De echtgenoot van klaagster (hierna ook: patiënt) is overleden aan de gevolgen van een aortadissectie. Klaagster verwijt de huisarts, samengevat, dat hij onvoldoende zorg heeft verleend en onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de klachten van patiënt en heeft vastgehouden aan een diagnose zonder medische onderbouwing. Ook verwijt klaagster de huisarts dat hij na het overlijden van haar echtgenoot geen calamiteitenmelding heeft gedaan. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. In beroep gaat het alleen nog over het verwijt dat de huisarts geen calamiteitenmelding heeft gedaan. Het Centraal Tuchtcollege verklaart die klacht alsnog gegrond, maar legt de huisarts geen maatregel op.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:1 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8531
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 06-01-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:1
Klacht tegen een gz-psycholoog. Klaagster was in behandeling bij een therapeut. Verweerster was op dat moment de supervisor van deze therapeut. Nadat de therapeut vanwege ziekte uitviel, kwam klaagster in behandeling bij verweerster. In augustus 2024 werd de behandelrelatie tussen verweerster en klaagster beëindigd. Klaagster startte later opnieuw een behandeltraject bij de therapeut en informeerde verweerster hierover. Verweerster nam vervolgens contact op met de therapeut, waarop de therapeut de behandeling kort daarna beëindigde. Klaagster verwijt verweerster, samengevat, dat zij ten onrechte vertrouwelijke informatie heeft gedeeld, onvoldoende transparant was bij het begin van haar behandeling en onprofessioneel heeft gehandeld bij de klachtafhandeling. Het college oordeelt dat de meeste klachtonderdelen voortvloeien uit de rolvermenging die verweerster heeft laten ontstaan, verklaart de klacht grotendeels gegrond en legt de waarschuwing van een berisping op.
-
ECLI:NL:TGDKG:2026:1 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/771771 / DW RK 25/227 EdV/WdJ
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TGDKG:2026:1
Beslissing op verzet. De kamer is het met de beslissing van de voorzitter eens en verklaart het verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:4 Raad van Discipline Amsterdam 25-598/A/A
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 05-01-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:4
Raadsbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij is deels gegrond. Verweerster is klachtwaardig tekortgeschoten door geen navraag te doen naar het door klager op haar derdengeldenrekening gestorte bedrag dat bestemd was voor haar cliënt. Verweerster heeft dit bedrag ten onrechte op haar derdengeldenrekening laten staan, ook nadat klager had gevraagd om het bedrag aan hem terug te storten. Aan verweerster wordt de maatregel van een waarschuwing opgelegd.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:7 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8201
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:7
Klacht tegen huisarts gedeeltelijk gegrond. Waarschuwing. Klaagster is patiënt van de huisarts. Zij verwijt de huisarts dat zij een onjuiste diagnose heeft gesteld en dat zij klaagster ten onrechte niet naar het ziekenhuis heeft verwezen. De huisarts hoefde tijdens de huisvisite niet te vermoeden dat sprake was van een hersenbloeding en kan dan ook niet worden verweten dat zij die heeft gemist. Zij hoefde klaagster daarom niet naar het ziekenhuis te verwijzen. Wel had de huisarts de ernstig verhoogde bloeddruk als afzonderlijk probleem moeten onderkennen en daarop gericht beleid moeten voeren.
-
ECLI:NL:TGDKG:2025:132 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/759953 / DW RK 24/403 EV/RH
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 17-12-2025
- ECLI:NL:TGDKG:2025:132
Gebleken is dat er bij de registratie van de huwelijkse voorwaarden een fout is gemaakt; de registratie heeft niet plaatsgevonden op achternaam maar op voornaam. Deze fout kan de gerechtsdeurwaarder niet worden toegerekend. Naar het oordeel van de kamer kan de gerechtsdeurwaarder niet worden verweten dat hij beslag heeft gelegd op goederen van de echtgenote van klager.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:8 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2815
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:8
De echtgenoot van klaagster (hierna ook: patiënt) is overleden aan de gevolgen van een aortadissectie. Klaagster verwijt de huisarts, samengevat, dat hij onvoldoende zorg heeft verleend en onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de klachten van patiënt en heeft vastgehouden aan een diagnose zonder medische onderbouwing. Ook verwijt klaagster de huisarts dat hij na het overlijden van haar echtgenoot geen calamiteitenmelding heeft gedaan. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verklaart de klacht dat de huisarts geen calamiteitenmelding heeft gedaan alsnog gegrond, maar legt de huisarts geen maatregel op.
-
ECLI:NL:TGDKG:2026:2 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/763888 / DW RK 25/37 EdV/WdJ
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TGDKG:2026:2
De gerechtsdeurwaarder heeft de verschillen in de hoogte van de vordering onvoldoende onderbouwd en is niet inhoudelijk ingegaan op de bezwaren van klaagster. Klacht gegrond, maatregel van berisping opgelegd en veroordeling in de proceskosten.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:5 Raad van Discipline Amsterdam 25-813/A/A
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 05-01-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:5
Voorzittersbeslissing; betreft een klacht over de advocaat wederpartij. Klaagster heeft geen rechtstreeks belang bij de verwijten dat verweerster klakkeloos standpunten van haar cliënte overneemt een daarmee niet onafhankelijk van haar cliënte optreedt, haar zorgvuldigheidsplicht schendt door een onvoldoende analyse te geven en haar cliënte onjuist juridisch advies geeft. Deze verwijten hebben betrekking op verweersters bijstand aan haar cliënte. Als wederpartij heeft klaagster geen bemoeienis met die bijstand en wordt zij hierdoor niet rechtstreeks in haar belangen getroffen. In zoverre is de klacht kennelijk niet-ontvankelijk. Voor zover verweerster wordt verweten tegenstrijdige uitspraken te doen en daarmee haar waarheidsplicht te schenden, vertragend te werk te gaan en ontwijkend gedrag te vertonen, treffen deze verwijten ook geen doel. De klacht is voor het overige kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:8 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7370
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:8
Klacht tegen huisarts gedeeltelijk gegrond. Waarschuwing. Klagers zijn patiënten van de huisarts. Zij verwijten haar onder meer dat zij ten onrechte heeft geweigerd om verzoeken tot selectieve vernietiging te honoreren en onzorgvuldige en onrechtmatige gegevensverwerking. Klager is in een aantal klachtonderdelen niet-ontvankelijk. Het oorspronkelijke verzoek van klaagster tot selectieve vernietiging was overzichtelijk en concreet. Van de huisarts kon redelijkerwijs worden gevergd hieraan gevolg te geven. Verschillende notities van de huisarts in het dossier van klaagster betreffen de visie van de huisarts op de gang van zaken rondom een consult en haar visie op de verzoeken tot vernietiging en correctie die daarna zijn gedaan. Deze gegevens en correspondentie horen niet thuis in het medisch dossier. Er bestond geen enkele noodzaak voor het maken van een notitie over de geestelijke gesteldheid van klaagster.
-
ECLI:NL:TGDKG:2025:133 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/768734 / DW RK 25/121 EV/RH
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 17-12-2025
- ECLI:NL:TGDKG:2025:133
Het is niet aan de kamer zelfstandig een inhoudelijke berekening te maken over de juistheid van de geinde bedragen. De kamer is daartoe niet bevoegd. Gebleken is dat de gerechtsdeurwaarder meerdere malen contact heeft opgenomen met het CJIB ten aanzien van het te innen bedrag en de standpunten van klager aan deze professionele executant heeft voorgelegd, maar dat partijen niet tot elkaar komen. Voor een gerechtsdeurwaarder is geen verdere rol weggelegd.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:9 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2024/2583
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:9
Klacht tegen een dermatoloog. De dermatoloog heeft door middel van Mohs-chirurgie bij klager een basaalcelcarcinoom verwijderd. Klager heeft klachten over de informatie die hem is verstrekt over deze vorm van chirurgie, de wijze waarop deze is uitgevoerd en de nazorg. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht in al haar onderdelen ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2026:6 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-334/DB/ZWB 25-792/DB/ZWB
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TADRSHE:2026:6
Raadsbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in een familiezaak. Gevoegde behandeling van twee klachtzaken. De klachten zijn gedeeltelijk niet-ontvankelijk, gedeeltelijk gegrond en gedeeltelijk ongegrond. Verweerster heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door in het beroepschrift van 7 augustus 2024 onnodig grievende uitlatingen te doen. Dat verhoudt zich niet met de de-escalerende aanpak die van verweerster in een familierechtzaak mocht worden verwacht. Verweerster heeft met haar handelwijze de belangen van klager onnodig geschaad zonder redelijk doel. De raad heeft bij beslissing van 10 maart 2025 reeds aan verweerster een berisping opgelegd voor in het beroepschrift 6 mei 2024 opgenomen uitlatingen met een gelijke inhoud of strekking als de in de onderhavige klachtzaak als onnodig grievend beoordeelde uitlatingen in het beroepschrift van 7 augustus 2024. Indien in die vorige klachtprocedure, ook het in de onderhavige klachtprocedure gegrond bevonden tuchtrechtelijk verwijt aan de raad ter beoordeling was voorgelegd – wat goed mogelijk was nu het beroepschrift van 7 augustus 2024 dateert van voor de beslissing van de raad van 10 maart 2025 - zou dit in die klachtprocedure naar alle waarschijnlijkheid niet tot oplegging van een zwaardere maatregel hebben geleid. Om die reden ziet de raad in dezen af van het opleggen van een maatregel.
-
ECLI:NL:TGDKG:2026:3 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/752315 / DW RK 24/228 EdV/WdJ
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TGDKG:2026:3
De gerechtsdeurwaarder heeft niet gereageerd op de e-mail van klager van 4 april 2024 met betrekking tot dossiernummer 1702691. Klager heeft het, gelet op de hoeveelheid identieke e-mailberichten die hij op 4 april 2024 aan de gerechtsdeurwaarder heeft verzonden, over zichzelf afgeroepen dat verwarring is ontstaan bij de gerechtsdeurwaarder waardoor niet op alle e-mailberichten van klager van die datum is gereageerd. De kamer volstaat met de constatering dat de klacht gegrond is.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:6 Raad van Discipline Amsterdam 25-809/A/A
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 05-01-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:6
Voorzittersbeslissing; klacht over de eigen advocaat in alle onderdelen kennelijk ongegrond. Het declareren van een te hoog uurtarief levert geen tuchtrechtelijk verwijt op. Verweerder heeft dit na ontdekking direct gecorrigeerd. Ook was verweerder niet verplicht om een eindafrekening op te stellen. Wel is verweerder, zoals elke advocaat, gehouden zorgvuldig te handelen in financiële aangelegenheden en zijn honorarium in beginsel periodiek en deugdelijk gespecificeerd te declareren. Uit de onderliggende stukken volgt dat klager alle declaraties met specificaties heeft ontvangen en klager deze ook heeft voldaan.
-
ECLI:NL:TACAKN:2026:1 Accountantskamer Zwolle 25/1880 Wtra AK
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TACAKN:2026:1
Ongegronde klacht. Volgens klaagster heeft betrokkene vertrouwelijke gegevens gedeeld met een derde partij. Maar betrokkene heeft dat gemotiveerd betwist. De Accountantskamer is van oordeel dat klaagster er niet in is geslaagd de verweten gedraging aannemelijk te maken.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:8 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-404/AL/MN
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:8
Verweerder heeft klager bijgestaan in een letselschade procedure. In een aantal verwijten is door klager te laat geklaagd zodat klager deels niet-ontvankelijk wordt verklaard. Naar het oordeel van de raad heeft verweerder door zijn handelen de kernwaarde deskundigheid geschonden. De raad acht de handelwijze van verweerder ernstig laakbaar en ziet aanleiding om een onvoorwaardelijke schorsing in de praktijkuitoefening voor vier weken op te leggen om de volgende redenen. Verweerder heeft onvoldoende regie genomen en klager onvoldoende deskundig geadviseerd en bijgestaan in zijn geschil met ASR. Klager is door verweerder ook niet serieus genomen. Dit terwijl klager zich vanaf de start van de werkzaamheden in april 2021 en de jaren daarna geduldig en begripvol heeft getoond en hoopvol was over de deskundige bijstand van verweerder in een procedure. Voor zover die verwachtingen van klager niet realistisch waren, had het op de weg van verweerder gelegen om daarover duidelijk met klager te communiceren en gemaakte afspraken schriftelijk vast te leggen. Dat heeft verweerder echter onvoldoende gedaan. Ook gedane toezeggingen is verweerder zowel richting klager als richting ASR niet nagekomen. Daarbij komt dat verweerder ter zitting geen blijk heeft gegeven het onjuiste en tuchtrechtelijk verwijtbare van zijn handelwijze in te zien.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2026:7 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-685/DB/LI
- Datum publicatie: 12-01-2026
- Datum uitspraak: 12-01-2026
- ECLI:NL:TADRSHE:2026:7
Raadsbeslissing. Klacht van derde gegrond. Het handelen van verweerder hangt zo nauw samen met verweerders beroepsuitoefening dat het advocatentuchtrecht in volle omvang van toepassing is. Verweerder had moeten begrijpen dat de wijze waarop hij klaagster heeft benaderd onbetamelijk is. De raad is van oordeel dat het verweer van verweerder, dat klaagster geen getuige was, moet worden gepasseerd. Immers, niet kon worden uitgesloten dat klaagster als getuige zou worden opgeroepen. Het op min of meer indringende wijze voorhouden van de consequenties die de reeds afgelegde verklaring en verdere bemoeienissen met de zaak voor klaagster zouden kunnen hebben is in strijd met de strekking van de hiervoor genoemde gedragsregels. Verweerder heeft door de wijze waarop hij klaagster heeft benaderd in strijd gehandeld met de kernwaarde integriteit. De raad heeft bij beslissing d.d. 13 oktober 2025 naar aanleiding van de door mevrouw H tegen hem ingediende klacht reeds aan verweerder een waarschuwing opgelegd. Indien in die klachtprocedure ook het in de onderhavige klachtprocedure gegrond bevonden tuchtrechtelijk verwijt aan de raad ter beoordeling was voorgelegd, zou dit in die klachtprocedure naar alle waarschijnlijkheid niet tot oplegging van een zwaardere maatregel hebben geleid. Om die reden ziet de raad in dezen af van het opleggen van een maatregel.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:5 Hof van Discipline 's Gravenhage 250029
- Datum publicatie: 09-01-2026
- Datum uitspraak: 09-01-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:5
Klacht over eigen advocaat. Verweerder heeft samen met zijn kantoorgenoot klaagster bijgestaan in een huurgeschil. Klaagster is ontevreden over de wijze waarop verweerder haar heeft bijgestaan. Volgens klaagster is verweerder tekortgeschoten in zijn dienstverlening (waaronder onjuiste advisering en de juridische kwalificatie van het huurgeschil) en heeft hij niet conform de (al dan niet gegeven) opdracht gehandeld bij het instellen van hoger beroep. De raad heeft geoordeeld dat niet is gebleken van klachtwaardig handelen van verweerder en heeft de klacht in beide klachtonderdelen ongegrond verklaard. Het hof sluit zich bij dat oordeel van de raad aan. De klacht is ook in hoger beroep in beide klachtonderdelen ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:6 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-732/AL/NN
- Datum publicatie: 09-01-2026
- Datum uitspraak: 08-01-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:6
Voorzittersbeslissing. Klacht over de deken is kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:7 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8234
- Datum publicatie: 09-01-2026
- Datum uitspraak: 09-01-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:7
Het college stelt voorop dat de gedwongen uitzetting van klager een heftige en ingrijpende gebeurtenis voor hem is geweest,. Het gebeurde heeft ook de verpleegkundige die als medisch escort betrokken was erg aangegrepen. De videobeelden van de uitzetting die door de gemachtigde van klager zijn gemaakt zijn veelvuldig gedeeld in (sociale) media waarbij de vraag is opgekomen hoe ver wij als samenleving willen gaan in het uitzetten van mensen en of het toezicht daarop goed is geregeld. Het college benadrukt dat het niet tot taak heeft om op die vragen een antwoord te geven. Het college is kritisch over de toelichting van de verpleegkundige over de conclusie dat klager voldoende zuurstof had omdat hij luid schreeuwde. Indien een patiënt aangeeft benauwd te zijn of zuurstof tekort te komen, moet dat voor een verpleegkundige aanleiding zijn om die klacht te onderzoeken, onder andere door de saturatie te meten. Naar het oordeel van het college kon de verpleegkundige niet volstaan met de inschatting dat het in orde was omdat klager in staat was om te schreeuwen. Op dat punt acht het college de door de verpleegkundige geboden zorg onvoldoende. Voor het overige wordt de klacht ongegrond verklaard en in één klachtonderdeel is klager niet-ontvankelijk. Het college volstaat met een gegrondverklaring zonder oplegging van een maatregel.