Zoekresultaten 1-20 van de 48197 resultaten

  • ECLI:NL:TADRSGR:2026:195 Raad van Discipline 's-Gravenhage 26-492/DH/RO

    Voorzittersbeslissing. Klacht deels kennelijk niet-ontvankelijk wegens strijd met de beginselen van een behoorlijke procesorde wegens verwevenheid met eerdere tuchtklacht. Klacht voor het overige kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2026:152 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8763

    Klaagster klaagt erover dat een arts onder supervisie van een bedrijfsarts haar onder meer niet heeft geïnformeerd over zijn hoedanigheid en dat hij een toezegging dat zij eerst inzage in haar FML zou krijgen, voordat deze naar haar werkgever zou worden gestuurd, niet is nagekomen. Het tuchtcollege verklaart de klacht op deze punten gegrond. Maatregel: berisping omdat verweerder heel basale essentiële zaken niet goed heeft uitgevoerd, hij een belangrijke toezegging betreffende de FML niet is nagekomen, hij onvoldoende reflectie toont op zijn handelwijze en zich niet toetsbaar heeft opgesteld.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2026:196 Raad van Discipline 's-Gravenhage 26-516/DH/RO

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij/werkgever in alle onderdelen kennelijk ongegrond. Klager lijkt niet te (willen) begrijpen dat verweerder optreedt als advocaat van de wederpartij en daarmee partijdig is. Klager kan zelf een advocaat inschakelen. Verweerder mocht afgaan op de juistheid van de informatie van zijn cliënt. Het is voor klager steeds duidelijk geweest dat verweerder het aanspreekpunt was. Geen sprake van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2026:153 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8888

    Gegronde klacht tegen bedrijfsarts. Klager verwijt verweerder dat hij, na zijn betrokkenheid bij klager als bedrijfsarts, zich negatief heeft uitgelaten over klager. Ook heeft verweerder onjuistheden is in zijn verklaring over klager opgenomen. Verweerder heeft erkend dat hij zich negatief heeft uitgelaten over klager en dat deze verklaringen onjuistheden bevatten. Verweerder ziet nu in dat hij als bedrijfsarts geen verklaring kan geven op verzoek van een werkgever of een werknemer indien die zelf betrokken is geweest bij de casus. Het college heeft voorwaardelijke schorsing overwogen en legt verweerder, gezien de omstandigheden, de maatregel berisping op.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2026:192 Raad van Discipline 's-Gravenhage 26-470/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de eigen stamadvocaat in een Wvggz-procedure. Verweerster heeft gehandeld zoals van haar mocht worden verwacht. Ook heeft zij haar werkzaamheden niet op onzorgvuldige wijze neergelegd nadat een vertrouwensbreuk was ontstaan. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2026:193 Raad van Discipline 's-Gravenhage 26-471/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de kwaliteit van de dienstverlening in een letselschadeprocedure. Niet gebleken dat verweerder heeft gedaan aan ontoelaatbare acquisitie of zijn zorgplicht richting klager heeft geschonden. Verweerder heeft een plan van aanpak opgesteld en aldus dat plan gehandeld. Verweerder heeft zijn werkzaamheden kunnen neerleggen na een ontstane vertrouwensbreuk. Dat heeft hij in overeenstemming met gedragsregel 14 lid 2 gedaan. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2026:194 Raad van Discipline 's-Gravenhage 26-472/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht over het standpunt dat een advocaat heeft ingenomen over de aansprakelijkheid van haar (kantoor) jegens klager. Klager dient zich daarvoor te wenden tot de civiele rechter. Niet gebleken van klachtwaardig handelen. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2026:175 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 26-362/AL/OV

    Raadsbeslissing. Klacht over de eigen advocaat. Klaagster verwijt de advocaat dat hij klaagster niet heeft geïnformeerd over het feit dat (en wanneer) hij zich in een procedure tegen (ook) klaagster voor haar heeft gesteld en evenmin over de voortgang van de zaak, waaronder alle ontwikkelingen op de rol (de agenda van de rechtbank), meer specifiek de (fatale) termijn waarop de conclusie van antwoord moest worden genomen. Uit het klachtdossier blijkt niet dat de advocaat dat wel heeft gedaan. De advocaat stelt er een mondelinge afspraak was. Hij zou zich wel in de procedure zou stellen, maar pas verdere werkzaamheden verrichten zodra openstaande rekeningen voor andere werkzaamheden waren betaald. De advocaat heeft deze afspraak niet schriftelijk vastgelegd. Hierdoor heeft hij de ontstane onduidelijkheid zelf veroorzaakt en in strijd gehandeld met de kernwaarde deskundigheid en gedragsregel 16. Dit leidt tot de maatregel van een berisping.

  • ECLI:NL:TADRARL:2026:176 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 26-131/AL/OV

    Ongegrond verzet.

  • ECLI:NL:TAHVD:2026:271 Hof van Discipline 's Gravenhage 260099

    Appelverbod artikel 46h Advocatenwet. Hoger beroep niet-ontvankelijk. De bezwaren van klager tegen de samenstelling van de behandelend kamer worden door het hof verworpen. De door klager aangevoerde argumenten waarmee hij zijn beroep op schending van fundamentele rechtsbeginselen heeft onderbouwd, zijn terug te voeren op het feit dat hij het niet eens is met de inhoud van de voorzittersbeslissing van de raad. Klager wenst in feite een herbeoordeling van de onderliggende klachtzaak. Dat levert naar vaste jurisprudentie geen grond op voor het aannemen van een schending van een fundamenteel rechtsbeginsel en daarmee voor doorbreking van het appelverbod.

  • ECLI:NL:TADRARL:2026:177 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 26-240/AL/MN

    Raadsbeslissing. Klacht over de eigen advocaat is in alle onderdelen ongegrond. Niet is komen vast te staan dat de advocaat niet tijdig stukken van klager heeft gedownload waardoor de zaak van klager vertraging heeft opgelopen. Evenmin is onaannemelijk of ongeloofwaardig dat berichten van klager in de spambox van de advocaat terecht zijn gekomen. Het is de raad niet gebleken dat de bijstand van de advocaat aan klager tegenover de belastingdienst niet voldoet aan de eisen van zorgvuldigheid en kwaliteit die de professionele standaard veronderstelt. Het klachtdossier bevat geen aanknopingspunten voor de stelling van klager dat daarbij essentiële zaken onbesproken zijn gebleven. Uit niets blijkt dat de advocaat is afgeweken van instructies van klager. Voor klager moest duidelijk zijn dat de het bij het in de opdrachtbevestiging opgenomen uurtarief van € 20,- om een typefout gaat. Niet alleen omdat het wel een erg laag uurtarief is, maar ook omdat klager al meer dan tien jaar is verbonden aan het kantoor van de advocaat en klager wist dat een marktconform uurtarief tussen de € 250,- en € 350, - ligt. De advocaat heeft zich op zorgvuldige wijze onttrokken aan de hem verstrekte opdracht.

  • ECLI:NL:TAHVD:2026:272 Hof van Discipline 's Gravenhage 260111

    Appelverbod artikel 46h Advocatenwet. Hoger beroep niet-ontvankelijk. De bezwaren van klager tegen de samenstelling van de behandelend kamer worden door het hof verworpen. De door klager aangevoerde argumenten waarmee hij zijn beroep op schending van fundamentele rechtsbeginselen heeft onderbouwd, zijn terug te voeren op het feit dat hij het niet eens is met de inhoud van de voorzittersbeslissing van de raad. Klager wenst in feite een herbeoordeling van de onderliggende klachtzaak. Dat levert naar vaste jurisprudentie geen grond op voor het aannemen van een schending van een fundamenteel rechtsbeginsel en daarmee voor doorbreking van het appelverbod.

  • ECLI:NL:TADRARL:2026:178 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 26-475/AL/GLD

    voorzittersbeslissing over de advocaat van de wederpartij van klaagster. Verweerder wist niet en hoefde ook niet te begrijpen dat klaagster naast haar rechtsbijstand van mr. K twee andere advocaten kort heeft ingeschakeld vanwege hun expertise. Verweerder kon en moest verweerster daarom rechtstreeks aanschrijven zoals door hem gedaan. Verweerder mocht afgaan op de van zijn cliënt ontvangen informatie. Hij heeft nog nader onderzoek naar het van zijn cliënt gekregen woonadres van klaagster gedaan, maar dat vanwege geheimvermelding daarvan niet van de gemeente ontvangen. Klaagster is hierdoor niet benadeeld of anderszins in haar (privacy)belangen geschaad. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2026:273 Hof van Discipline 's Gravenhage 260126V

    Verzet tegen voorzittersbeslissing ongegrond. De beslissing van de deken om in deze derde klachtzaak te volstaan met het geven van een dekenstandpunt is door de voorzitter terecht betiteld als een procedurele beslissing, die desgewenst in de (verdere) klachtbehandeling bij de raad aan de orde kan worden gesteld.

  • ECLI:NL:TADRARL:2026:179 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 26-498/AL/NN 26-521/AL/NN

    voorzittersbeslissing. Volgens klager hebben verweerders, als advocaten van zijn wederpartij, zich schuldig gemaakt aan grensoverschrijdend, onzorgvuldig en intimiderend gedrag richting klager. Daarvan is de voorzitter uit de stukken niet gebleken. Evenmin is daaruit gebleken dat verweerders de belangen van klager nodeloos of onevenredig hebben geschaad zoals verweten. Deels kennelijk ongegrond, deels kennelijk niet-ontvankelijk vanwege het ontbreken van een eigen belang bij die verwijten.

  • ECLI:NL:TAHVD:2026:274 Hof van Discipline 's Gravenhage 260160

    Beklag artikel 13 Advocatenwet ongegrond. Voorwaarde voor aanwijzing van een advocaat is dat de advocaat moet worden betaald. Als er een toevoeging wordt verleend, gaat het om de eigen bijdrage en eventuele bijkomende kosten, zoals griffierechten (zie ook HvD 17 november 2025, ECLI:NL:TAHVD:2025:231). In het geval de klager niet in aanmerking komt voor een toevoeging, is het niet anders (zie ook HvD 6 juli 2026, ECLI:NL:TAHVD:2026:204).

  • ECLI:NL:TAHVD:2026:275 Hof van Discipline 's Gravenhage 260173

    Beklag artikel 13 Advocatenwet ongegrond. Onvoldoende kans van slagen van de door klager gewenste procedure.

  • ECLI:NL:TADRARL:2026:180 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 26-507/AL/NN 26-522/AL/NN

    voorzittersbeslissing tegen de advocaat van de wederpartij. Verweerder mocht, voor zover hij dat feitelijk ook heeft gedaan, aan zijn cliënte de tip geven om de behandelaar van haar ex-partner te benaderen, zoals door haar gedaan. Of en in hoeverre die behandelaar ingaat op een informatieverzoek is de verantwoordelijkheid van de behandelaar. Van onjuiste, niet onderbouwde en onnodig grievende uitlatingen is de voorzitter niet gebleken. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2026:204 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9172

    Grotendeels gegronde klacht tegen een dermatoloog. De dermatoloog heeft klaagster behandeld met botulinetoxine injecties in de oksels in verband met overmatig transpireren. De dermatoloog heeft klaagster voorafgaand aan de behandeling onvoldoende geïnformeerd, de behandelrelatie zonder gewichtige reden en zonder inachtneming van de daarvoor geldende zorgvuldigheidseisen beëindigd, onzorgvuldig gehandeld bij de verslaglegging en is tekortgeschoten in de communicatie over de klachtenafhandeling en het BIG-registratienummer. Gelet op de ernst en de samenhang van de gegrond bevonden klachtonderdelen, het ontbreken van inzicht in het eigen handelen en een opgelegde berisping in een eerdere tuchtzaak, legt het college een voorwaardelijke schorsing van zes maanden op.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2026:107 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 26-586/DB/OB

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat in de hoedanigheid van klachtenfunctionaris. Niet gebleken dat het vertrouwen in de advocatuur is geschaad. Kennelijk ongegrond.