Zoekresultaten 43301-43350 van de 47536 resultaten

  • ECLI:NL:TPETPVE:2011:YD0123 Tuchtgerecht Productschap Pluimvee en Eieren Zoetermeer TPPE2511

    Betreft het nalaten van een hygiënogram in het kalenderjaar 2009. Betrokkene is behoorlijk en tijdig bij aangetekende brief opgeroepen, maar is niet op de terechtzitting verschenen. Blijkens het berechtingsrapport heeft betrokkene verklaard het hygiënogram in 2009 gewoon te zijn vergeten. De verplichting daartoe was hem bekend. Het Tuchtgerecht legt een geldboete op, rekening houdend met het feit dat betrokkene een bedrijf heeft van grote omvang. Boete deels voorwaardelijk omdat aan betrokkene niet eerder een tuchtrechtelijke maatregel is opgelegd.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2011:YG1042 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2010/062

    De klacht is gericht tegen twee specialisten ouderengeneeskunde en een verpleegkundige en betreft de behandeling van de moeder van klaagster, verder patiënte te noemen, tijdens haar opname in het verzorgingshuis. Klaagster verwijt de beide specialisten ouderengeneeskunde en de verpleegkundige dat zij –kort samengevat- onzorgvuldig jegens patiënte hebben gehandeld door haar tijdens haar opname niet die zorg te verlenen die zij van hen mocht verwachten. Patiënte is overleden. De klachten werden gezamenlijk ter terechtzitting behandeld. In de zaken 10/061 en 10/063Vp heeft het college de klacht afgewezen. In de zaak 10/062 is de klacht gegrond verklaard en is de maatregel van een waarschuwing opgelegd.

  • ECLI:NL:TPETPVE:2011:YD0136 Tuchtgerecht Productschap Pluimvee en Eieren Zoetermeer TPPE0911

    Deze zaak betreft drie overtredingen van de Verordening hygiënevoorschriften pluimveehouderij (PPE) 2007: 1. Het niet tijdig doorgeven van de analyseuitslag van het salmonellaonderzoek voor aflevering van vleeskuikens aan de slachterij; 2. Het twee keer nalaten van campylobacteronderzoek; 3. Onvoldoende administratie kunnen overleggen aan inspecteur bij controle. Voor de eerste twee overtredingen wordt voor elke een geldboete (deels voorwaardelijk) opgelegd. In het geval van de twee niet-uitgevoerde campylobacteronderzoeken in 2009 legt het Tuchtgerecht maar één boete op, gezien de omstandigheid dat deze onderzoeken ondanks de afspraken met de dierenartsenpraktijk niet waren uitgevoerd. Betrokkene beoogde met het abonnement een en ander geregeld te hebben. Schuldigverklaring zonder strafoplegging voor het onvoldoende kunnen overleggen van administratie aan de controleur.

  • ECLI:NL:TPETPVE:2011:YD0117 Tuchtgerecht Productschap Pluimvee en Eieren Zoetermeer TPPE1811

    In 2009 is niet op kosten van betrokkene op zijn pluimveebedrijf een jaarlijkse controle door een erkende controle-instantie uitgevoerd op de naleving van de hygiënevoorschriften. Voor de pluimveesector is een Actieplan Salmonella en Campylobacter opgesteld om besmettingen van pluimvee terug te dringen. Dit om de consument een betere bescherming te bieden tegen mogelijke gezondheidsproblemen. Om het met dit plan beoogde doel te bereiken, is het van het grootste belang dat iedereen zich houdt aan het totale pakket van de geldende maatregelen. Betrokkene was IKB-deelnemer, maar werd na onenigheid met een controleur niet meer door IKB gecontroleerd. De IKB-controle en de Actieplancontrole worden doorgaans gelijktijdig uitgevoerd en overlappen elkaar goeddeels. Nadat betrokkene geen IKB-controle meer op zijn bedrijf had, heeft hij nagelaten een Actieplancontrole op zijn bedrijf te laten uitvoeren. Dat betrokkene de waarschuwingsbrieven van het PPE niet heeft gezien, neemt de verwijtbaarheid niet weg. Betrokkene heeft na de mededeling van zijn slachterij met betrekking tot de brieven van het PPE in de zomer van 2010 wel adequaat gehandeld door in augustus 2010 alsnog een Actieplancontrole te laten uitvoeren. De boete wordt deels voorwaardelijk opgelegd.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1542 Raad van Discipline Amsterdam 10-341U

    klacht tegen de optredend raadsman wegens het niet behandelen van de zaak ogv aan de voorgaande advocaat verleende toevoeging- klager heeft de klacht niet ingediend binnen een redelijke termijn en is niet ontvankelijk

  • ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1037 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2010.074

  • ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1038 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2010.055

    Klager verwijt de bedrijfsarts dat deze medische informatie heeft opgevraagd bij de behandelend arts, zonder daarvoor schriftelijk toestemming te hebben verkregen. Voorts verwijt klager de bedrijfsarts een onjuiste diagnose van de behandelend arts te hebben bevestigd en overgenomen. Het Regionaal Tuchtcollege heeft alleen het eerste klachtonderdeel behandeld en ter zake de maatregel van waarschuwing opgelegd. Klager komt, ondanks het opleggen van een maatregel in eerste aanleg, in hoger beroep omdat het Regionaal Tuchtcollege zijn tweede klacht niet in het oordeel heeft betrokken. Het Centraal College stelt vast dat het Regionaal Tuchtcollege heeft verzuimd op het tweede klachtonderdeel te beslissen. Niettegenstaande het bepaalde in artikel 73 lid 1 sub a Wet BIG, is klager daarom ontvankelijk in hoger beroep. Het Centraal College verwerpt het beroep, nu is gebleken dat de bedrijfsarts op gebruikelijke, zorgvuldige en adequate wijze tot een diagnose is gekomen. Dit is afgezien van het feit, dat de vereiste schriftelijke machtiging voor het opvragen van informatie heeft ontbroken, waarover in eerste aanleg terecht is geklaagd.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1039 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2009.110

    De aangeklaagde psychiater is verbonden aan het UMCU. Klager is een maatregel van TBS opgelegd met bevel tot verpleging van overheidswege. Klagers behandelaar wenste dwangmedicatie op te starten en heeft de arts in dat kader verzocht om intercollegiaal advies uit te brengen. De arts heeft advies uitgebracht en klager is dwangmedicatie toegediend. De klacht houdt o.m. in dat de arts over klager een vergaande diagnose heeft gesteld en aan klager vergaande dwangmedicatie heeft voorgeschreven terwijl hij hem maar korte tijd heeft gezien. Het RTG wijst de klacht als kennelijk ongegrond af. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1040 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2010.180

    Klacht tegen tandarts, afgewezen door het Regionaal Tuchtcollege. Het Centraal Tuchtcollege vernietigt de beslissing en verklaart vier klachtonderdelen alsnog gegrond. Bij het plaatsen van een implantaat is de tandarts zowel in het vooronderzoek als in de verslaglegging onvoldoende zorgvuldig geweest. De tandarts heeft klager voorafgaand aan en tijdens het plaatsen van een brug onvoldoende voorgelicht over de verschillende mogelijkheden qua materiaal en de daaraan verbonden voor- en nadelen en risico’s. De tandarts had erop moeten toezien dat de afgesproken verrekening van de kosten van het plaatsen van het implantaat daadwerkelijk plaatsvond. Berisping.

  • ECLI:NL:TADRARN:2011:YA1533 Raad van Discipline Arnhem 10-139

    Verweerster heeft zich niet gedragen zoals een goed advocaat betaamt door vergoedingen die zij van de Raad voor Rechtsbijstand heeft ontvangen niet met klager te verrekenen zodra dat mogelijk was.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1036 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2010.129

    Klager is in 2007 onderzocht in het kader van een herbeoordeling. De betreffende verzekeringsarts concludeerde tot een urenbeperking van 20 uur per week met als toevoeging dat klager enigszins flexibele aanvangstijden nodig heeft. Op 30 september 2008 is klager door verweerder, verzekeringsarts, onderzocht. Verweerder heeft naar aanleiding van het onderzoek de urenbeperking onderschreven, maar niet de gestelde noodzaak van flexibele werktijden. De klacht houdt in dat verweerder aansluitend op het onderzoek zijn bevinding voor wat betreft het ontbreken van de noodzaak van flexibele werktijden direct met klager had moeten bespreken. Voorts verwijt klager e verzekeringsarts dat hij klager niet heeft laten uitspreken, dat hij onzorgvuldig is omgegaan met de gegevens van klager en dat hij geen rekening heeft gehouden met een neuropsychologisch rapport uit 1994. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht afgewezen als zijnde kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege overweegt dat een verzekeringsarts in het algemeen direct na afloop van het onderzoek zijn bevindingen op hoofdlijnen met de betrokkene dient te bespreken. In casu kan de verzekeringsarts geen tuchtrechtelijk verwijt worden gemaakt van het feit dat hij zijn oordeel met betrekking tot de flexibele werktijden niet direct na afloop van het onderzoek met klager heeft besproken. De behandeling in hoger beroep heeft het Centraal Tuchtcollege voor het overige niet geleid tot de vaststelling van andere feiten en tot andere beschouwingen en beslissingen dan die van het College in eerste aanleg. Het beroep wordt verworpen.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2011:YG1031 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2009/335

    De klacht houdt in dat de chirurg de bij klaagster uitgevoerde neuscorrectie niet lege artis heeft verricht. De klacht heeft voorts betrekking op de nazorg en de informatieplicht. Klacht deels gegrond. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2011:YG1032 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2009/371

    De klacht betreft de behandeling van klaagsters broer, verder te noemen: de patient. Klaagster verweet de neurochirurg onder meer dat hij de bij patiënt uitgevoerde operatie niet lege artis heeft verricht. De klacht heeft voorts betrekking op de informatieplicht en de bejegening. Klacht in al haar onderdelen ongegrond. Afwijzing en publicatie.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2011:YG1033 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2010/135

    De klacht houdt onder andere in dat de chirurg niet bekwaam was de bij klaagster uitgevoerde laparoscopische galblaasoperatie te verrichten en bovendien dat hij deze operatie niet lege artis heeft uitgevoerd. De klacht heeft voorts betrekking op de informatieplicht en de bejegening. Klacht deels gegrond. Waarschuwing en publicatie.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2011:YG1030 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 173/2010

    Klaagsters hebben ten behoeve van hun destijds minderjarige dochter een klacht ingediend tegen de eigen huisarts. De huisarts heeft de klachten van patiente, ondermeer bestaande uit pijn aan haar been en het niet goed kunnen lopen, geweten aan spanningen. Nadien bleek sprake van een kiemceltumor met metastasen in het hele skelet. Klagers verwijten de huisarts dat hij artikel 47 sub a en b wet BIG heeft overtreden. De klacht behelst dat verweerder onvoldoende diagnostiek heeft uitgevoerd, dat hij de diagnose te laat heeft gesteld en dat hij te laat heeft doorverwezen. Daarnaast wordt verweerder verweten dat hij niet heeft gereageerd op de aansprakelijkstelling voor de schade. Klacht in beide onderdelen gegrond. Berisping.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2011:YG1024 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 040/2010

    Raadkamerbeslissing. Klacht tegen oogarts betreffende staaroperatie. Klacht betreft informed consent en complicatie. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARN:2011:YA1529 Raad van Discipline Arnhem 11-02

    Indien een advocaat werkzaamheden verricht voor een cliënt in een zaak waarin de advocaat zich niet thuis voelt en hij is daarover duidelijk tegenover zijn cliënt, dan committeert hij zich niet en verliest hij niet de vrijheid om zich terug te trekken of de zaak door te zetten.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2011:YG1025 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 068/2010

    Klacht tegen oogarts over IOL exchange inzake bekwaamheid, informed consent en nazorg. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARN:2011:YA1530 Raad van Discipline Arnhem 11-10

    Klager heeft klachten over de wijze waarop in de procedure namens de wederpartij stellingen zijn betrokken en standpunten verdedigd die onjuist waren. Niet is komen vast te staan dat de beweringen tegen beter weten in en welbewust zijn gedaan, noch dat dit relevant is geweest voor de uitkomst van de procedure. Het stond de advocaat vrij om nieuwe argumenten in te brengen in de procedure mede gelet op de belangen waarvoor hij stond en de ruimte die hem bij de behartiging daarvan toekomt. Dit is niet tuchtrechtelijk laakbaar.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2011:YG1045 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 243/2009

    Geklaagd wordt dat verweerder, dermatoloog niet gewaarschuwd heeft voort en/of afwijzend heeft geadviseerd met betrekking tot een IVF-behandeling/zwangerschap nadat patiënte in het verleden, overigens voor een eerdere zwangerschap, een melanoom had gehad. Klacht ongegrond. Verweerder heeft de controles naar aanleiding van het eerdere melanoom voergenomen van een andere behandelaar in een ander ziekenhuis. In het verleden werd wel eens verondersteld dat er een relatie ebstond tussen hormonale wijzigingen, onder meer als gevolg van een zwangerschap en het ontstaan/de groei van een melanoom. In wetenschappelijke studies is een dergelijk verband nimmer komen vast te staan. Verweerder heeft daarvoor dan ook niet hoeven waarschuwen. Het lag op de weg van de IVF-arts om patiënte te wijzen op haar, gelet op de ernst van het eerdere melanoom beperkte levenskansen.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2011:YG1026 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 108/2010

    Klacht tegen neuroloog betreft beoordeling/behandeling rugklachten. Klager verwijt verweerder onder meer verkeerde beoordeling MRI, het verrichten van onnodige onderzoeken en het niet doorverwijzen naar een andere arts. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARN:2011:YA1531 Raad van Discipline Arnhem 10-95

    In tenminste 6 van de 15 steekproefsgewijs door de door de raad aangewezen rapporteur onderzochte dossiers van verweerster blijkt van ernstig tekortschieten in de aanpak van zaken en informatieverstrekking aan de cliënt daaromtrent. Deze verhouiding doet vrezen dat ook de overige nog bij verweerster in behandeling zijnde zaken te leiden hebben onder een gebrekkige bijstand. De raad betrekt daarbij dat verweerster als gevolg van een ongeval nog te lijden heeft onder ernstige vermoeidheidsverschijnselen. Conclusie dat sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 60b. Verzoek tot schorsing voor onbelaade tijd toegewezen. Bij wijze van voorziening aan de deken de bevoegdheid verleend om in te grijpen in praktijkvoering etc..

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2011:YG1046 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 244/2009

    Geklaagd wordt dat verweerder, chirurg patiënte , met een melanoom (na een eerder melanoom zes jaren daarvoor), toen zij rugklachten kreeg niet heeft doorverwezen naar een gespecialiseerd ziekenhuis zoals een academisch of het Antoni van Leeuwenhoek ziekenhuis (ALV). Klacht ongegrond. Er was geen reden patiënte door te verwijzen. Verweerder heeft, nadat de uitslag van het door hem verwijderde melanoom bekend was adequaat gehandeld door met specialisten van het ALV de casus van patiënte en het te voeren beleid te bespreken. Er was medisch gezien dan ook geen enkele aanleiding patiënte te verwijzen. Verweerder had er beter aan gedaan om, ondanks de daartoe door patiënte gegeven toestemming, niet nogmaals een inwendig onderzoek te doen, hoezeer verweerder daardoor wilde vaststellen of en wat hij bij een eerder onderzoek mogelijk had ‘gemist’.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2011:YG1027 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 207/2008

    Op verzoeken van nieuwe apotheek (klaagster is de gevestigd apotheker) aan apotheek ter plaatse (verweerder) om afgifte van de medicatiehistorie van een aantal van naar haar overgestapte patiënten had verweerder wel moeten reageren (klacht deels gegrond). Een apotheker (c.q.verweerder) moet voor afgifte patiëntgegevens aan een collega wel verifiëren om welke patiënt het gaat en hij mag de informatie rechtstreeks aan de patiënt geven. Nu van weigering tot afgifte van de verlangde informatie aan patiënten en van concreet gevaar voor de farmaceutische zorg, niet is gebleken, geen maatregel.

  • ECLI:NL:TADRARN:2011:YA1532 Raad van Discipline Arnhem 10-95b

    Vaststelling vergoeding ex artikel 60 d lid 4 Advocatenwet voor eerder door de raad op grond van 60 c Advocatenwet aangewezen rapporteur met bepaling dat deze vergoeding geheel voor rekening van verweerster komt.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2011:YG1028 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 255/2010

    Na terugverwijzing Centraal Tuchtcollege. Eigenaar van nieuwe apotheek, meewerkend maar niet gevestigd apotheker ontvankelijk in klacht tegen apotheek ter plaatse, die aanvankelijk niet reageert op verzoeken van nieuwe apotheek om afgifte van de medicatiehistorie van een aantal patiënten die naar haar willen overstappen. Verweerder had moeten reageren (klacht in zoverre gegrond) maar dient wel identiteit patiënten te verifiëren en mag informatie rechtstreeks aan patiënten geven. Nu niet van weigering aan patiënten of concreet gevaar voor farmaceutische zorg niet is gebleken, geen maatregel.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2011:YG1029 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 161/2010

    Raadkamerbeslissing. Klacht tegen huisarts. Klaagster verwijt haar huisarts dat zij haar niet serieus heeft genomen tijdens een bepaald consult. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2011:YG1023 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 076/2010

    Klacht tegen een psychiater. Klager verwijt verweerder dat hij een tweetal rapportages heeft opgesteld zonder voldoende kennis te nemen van zijn situatie en zonder informatie in te winnen bij zijn huisarts. Verweerder heeft hierbij uitspraken gedaan op een gebied dat niet zijn expertise betreft. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1517 Raad van Discipline Amsterdam 10-153U

    Klacht over nodeloos adviseren tot en aandringen op starten procedure door verweerder ongegrond. Verweerder heeft voorts niet klachtwaardig gehandeld door zich niet aan voor hem nadelige uitspraak geschillencommissie advocatuur te conformeren, nu verweerder tijdig in rechte vernietiging van deze uitspraak heeft gevorderd.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1524 Raad van Discipline Amsterdam 10-287A

    Klacht advocaat wederpartij. Niet is gebleken dat verweerster feiten heeft geponeerd waarvan zij wist of redelijkerwijs kon weten dat zij in strijd met de waarheid waren en/of dat zij (anderszins) bij de behartiging van de belangen van haar cliënte de belangen van klager onnodig of onevenredig heeft geschonden zonder dat daarmee een redelijk doel werd gediend. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1518 Raad van Discipline Amsterdam 10-151U

    In strijd met schriftelijke toezegging aan klager geld op derdenrekening niet gehouden voor klagers cliënt maar uitbetaald aan eigen cliënt. Na zitting van de raad is de klacht ingetrokken. Raad beslist op grond van art. 47a Adv.wet toch in deze zaak. Klacht gegrond, geen maatregel.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2011:YG1019 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2010-016

    Klaagster verwijt de huisarts dat de ooglifting en kinlifting die hij bij haar heeft uitgevoerd zijn mislukt. Er zijn lelijke littekens blijven bestaan waarvan klaagster veel last heeft en het resultaat van de ingrepen is onvoldoende. Klacht deels gegrond. Berisping.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1525 Raad van Discipline Amsterdam 10-247U

    Verzetzaak. Voorzitter heeft terecht overwogen dat klager , broer van de wederpartij van verweerders cliënt kennelijk niet ontvankelijk is in zijn klacht, nu klager niet in een tuchtrechtelijk relevant belang is getroffen. Verzet is ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1519 Raad van Discipline Amsterdam 10-142H

    Mondelinge betalingsafspraak terwijl verweerder wist dat aan klaagster toevoeging was verleend. Afspraak niet schriftelijk vastgelegd. . Klacht gegrond, enkele waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2011:YG1020 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2010-077

    Klaagster verwijt de huisarts dat hij haar verkeerd heeft geïnformeerd over het resultaat van de verrichte ingrepen en de ingrepen onzorgvuldig heeft uitgevoerd, mogelijk door een foutieve techniek toe te passen. Klacht op diverse onderdelen gegrond. Berisping.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1526 Raad van Discipline Amsterdam 10-332U

    Verzetzaak. Voorzitter heeft terecht overwogen dat verweerder als advocaat van klagers wederpartij mocht afgaan op het feitenmateriaal dat zijn cliënte had verschaft en dat er geen reden was voor verweerder de juistheid daarvan te verifiëren. Verzet is ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1520 Raad van Discipline Amsterdam 10-280A

    Schending geheimhoudingsplicht. Verplichting tot geheimhouding behandelend advocaat lijdt slechts uitzondering in uitzonderlijke omstandigheden, die hier niet zijn gebleken. Klacht gegrond, waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2011:YG1021 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2009 T 234a

    Klaagster verwijt de neuroloog dat deze foute medicatie, althans een te hoge dosering, heeft voorgeschreven waardoor patiënt is overleden. Klacht deels gegrond. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1527 Raad van Discipline Amsterdam 10-313A

    Verzetzaak. Voorzitter heeft terecht overwogen dat de klacht een civiele kwestie betreft. Verweerster heeft klager in een uitkoopprocedure niet op naam, maar als onbekend aandeelhouder gedagvaard, terwijl klager wel met zijn naam maar met uitsluitend een postbusnummer als adres in het aandeelhoudersregister was opgenomen. Aan klager is een afschrift van de uitgebrachte dagvaarding toegezonden. Terecht heeft de voorzitter overwogen dat klager bovendien niet duidelijk heeft gemaakt op welke wijze hij in zijn belangen is geschaad. Verzet is ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1521 Raad van Discipline Amsterdam 10-283A

    Uitleg van door klager aan verweerder verstrekte opdracht. Nu niet verweerder maar zijn kantoorgenoot verantwoordelijk is voor de financiële beslissingen in het dossier van klager, kan verweerder niet tuchtrechtelijk worden verweten dat hij bovenmatig aan klager heeft gedeclareerd. Klacht niet ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1534 Raad van Discipline Amsterdam 10-331H

    Klacht tegen verweeder in hoedanigheid van faillissementscurator. Faillissement geëindigd in 2004. Klacht in december 2009 ingediend: niet ontvankelijk wegens tijdsverloop.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2011:YG1022 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2009 T 234b

    Klaagster verwijt de apotheker dat deze foute medicatie, althans een te hoge dosering, heeft afgeleverd waardoor patiënt is overleden. Klacht deels gegrond. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1528 Raad van Discipline Amsterdam 10-222Alk

    Verweerster wordt verweten bij aanvang van de zaak ten onrechte geen toevoeging voor klaagster te hebben aangevraagd. verweerster heeft aangevoerd dat zij op basis van de financiële situatie op dat moment en de verwachte situatie in de toekomst van oordeel was dat klaagster niet voor toevoeging in aanmerking zou komen en dat zij op grond daarvan klaagster heeft voorgesteld de zaak tegen betaling te behandelen.. Nu verweerster klaagster niet de keuzemogelijkheid heeft gegeven al of niet gebruik te maken van door de overheid gefinancierde rechtshulp ook al was het geen uitgemaakte zaak of de toevoeging al dan niet zou worden verleend en na afloop in stand zou blijven, heeft zij in strijd met artikel 24 Gedragsregels gehandeld. Klacht is gegrond. Nu verweerster tijdens de zitting blijk heeft gegeven in te zien dat zij anders had moeten handelen, ziet de raad geen reden om een maatregel op te leggen.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1522 Raad van Discipline Amsterdam 10-284A

    Horen minderjarige kinderen klager door advocaat wederpartij in geschil omgangsregeling, zonder dat daarvoor toestemming aan klager is gevraagd. 'Voor gelezen en akkoord' laten ondertekenen pleitnota door minderjarige kinderen van klager. Klacht gegrond, berisping.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1535 Raad van Discipline Amsterdam 10-353U

    Verzetzaak. Klacht tegen advocaat wederpartij over sommatiebrief aan klaagster. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1523 Raad van Discipline Amsterdam 10-286A

    Klacht advocaat wederpartij: overleggen vervalste bankafschriften aan civiele rechter? Niet is gebleken dat verweerster niet mocht afgaan op de juistheid van het door haar cliënte aan haar overgelegde feitenmateriaal. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1492 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3634/11.36

    De aard van de functie van deken brengt mee dat bij de tuchtrechtelijke controle, waaraan ook het optreden van een deken is onderworpen, terughoudendheid dient te worden betracht vanwege de beleidsvrijheid die een advocaat in die functie toekomt

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1511 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3610/11.12

    De advocaat is niet verplicht mee te werken aan het voorleggen van een geschil aan de Geschillencommissie Advocatuur, omdat zij hierbij niet is aangesloten. Indien tussen advocaat en zijn cliënt een verschil van mening bestaat over de wijze waarop de zaak moet worden behandeld en dit geschil niet in onderling overleg kan worden opgelost, dient de advocaat zich op grond van de gedragsregels terug te trekken. Dit dient uiteraard op zorgvuldige wijze te worden gedaan.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1505 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3432/10.62

    Verweerder verleent vanaf mei 2002 rechtsbijstand aan klager in een letselschadezaak. Klacht (ingediend juli 2009) dat een ongeoorloofde no cure no pay afspraak is gemaakt en dat verweerder klager niet heeft geïnformeerd over het verloop van de zaak en van belang zijnde afspraken. Klacht gegrond. Berisping.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1512 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3445/10.75

    Verweerster heeft in een arbitraal kort geding bij haar pleitnota confraternele correspondentie als producties overgelegd, alsmede producties die klaagster onbekend waren. De producties waren niet op voorhand aan de advocaat van klaagster toegestuurd. Deze had geen toestemming voor het overleggen van confraternele correspondentie verleend. Klacht wegens handelen in strijd met gedragsregels 12 en 14. Klacht gegrond, ook al staat het arbitragereglement overlegging van stukken ter zitting toe. Enkele waarschuwing.