Zoekresultaten 43151-43200 van de 47494 resultaten
-
ECLI:NL:TDIVTC:2011:YF0329 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2009/115
- Datum publicatie: 27-04-2011
- Datum uitspraak: 21-04-2011
- ECLI:NL:TDIVTC:2011:YF0329
Klachtambtenaarzaak: Beklaagde schrijft verklaring uit waarin een koe met een ernstige gewrichtsontsteking geschikt wordt verklaard voor vervoer met als motivering dat het dier aan de betreffende poot een zenuwverlamming heeft en aldus niets van de ontsteking voelt. Het college acht het door beklaagde uitgevoerde onderzoek (met pincet en naald) onvoldoende om met zekerheid uit te kunnen sluiten dat vervoer voor de koe geen pijn of extra lijden oplevert. Bovendien wijzen verklaringen van betrokkenen op het slachthuis op het tegendeel. Gegrond met waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGZRGRO:2011:YG1070 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2010/05
- Datum publicatie: 27-04-2011
- Datum uitspraak: 26-04-2011
- ECLI:NL:TGZRGRO:2011:YG1070
Klacht tegen huisarts met betrekking tot het niet onderzoeken, het niet tijdig laten opnemen in het ziekenhuis en het onvoldoende serieus nemen van de patiënt. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TDIVTC:2011:YF0330 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2010/5
- Datum publicatie: 27-04-2011
- Datum uitspraak: 21-04-2011
- ECLI:NL:TDIVTC:2011:YF0330
Na baarmoederoperatie heeft hond bleke slijmvliezen en is kortademig. Beklaagde doet onderzoek naar hemoglobinegehalte in bloed, maar laat het daarbij. Gelet op het betrekkelijk lage HB-gehalte in combinatie met de genoemde symptomen, was een nabloeding in de buik niet uitgesloten en had vervolgonderzoek, zoals bijv. een buikpunctie, in de rede gelegen. Gegrond met waarschuwing.
-
ECLI:NL:TDIVTC:2011:YF0331 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2010/72
- Datum publicatie: 27-04-2011
- Datum uitspraak: 21-04-2011
- ECLI:NL:TDIVTC:2011:YF0331
Klaagster belt met beklaagde, dienstdoende dierenarts, omdat haar pup levensgevaarlijk gewond is geraakt door halsbeet van Rottweiler. Beklaagde vraagt alleen waar de eigen dierenarts gevestigd is en als blijkt dat deze ongeveer 10 kilometer verder praktijk houdt, wordt klaagster daar naar toe verwezen. In de gegeven noodsituatie, waar factor tijd doorslaggevend kon zijn, had van beklaagde mogen worden verwacht verder door te vragen om te bezien of zij zelf nog iets voor de hond kon betekenen. Dan was gebleken dat klaagster zich met de hond op loopafstand van haar praktijk bevond. Gegrond met waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1598 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch M 159-2010
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 28-03-2011
- ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1598
Herstel (binnen een week) van een kennelijke vergissing in een berekening niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Het staat iedere schuldeiser, en dus ook een advocaat, vrij al dan niet akkoord te gaan met een betalingsregeling. Het staat hem ook vrij de executie van een vonnis voort te zetten totdat het totaal verschuldigde bedrag was voldaan. Advocaat heeft zich bij de executie gehouden aan de daarvoor geldende regels. klacht ongegrond
-
ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1604 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch R 165-2010
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 29-03-2011
- ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1604
De advocaat heeft een eigen verantwoordelijkheid bij bepaling van de wijze waarop hij de zaak aanpakt en het belang van cliënt het beste is gediend. Hem komt daarbij grote vrijheid toe. Een advocaat is niet gehouden een zaak op door zijn client voorgestane wijze tot een einde te brengen. Dat verweerster een ander idee had over de volgen strategie is niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Niet gebleken dat verweersters niet alles in het werk heeft gesteld om de procedure in het buitenland zo goed mogelijk te behartigen en klaagster te adviseren. Wederzijds vertrouwen is essentieel voor een behoorlijke beroepsuitoefening. Indien er een onoverbrugbaar verschil van inzicht bestaat over de volgen strategie, dan wel sprake is van wederzijdse gebrek aan vertrouwen, dient de advocaat de zaak neer te leggen. Opdracht is niet ontijdig neergelegd. Niet gebleken dat verweerster de extra uren welke door de Raad voor Rechtsbijstand waren afgewezen, bij klaagster in rekening heeft gebracht. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1581 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3654/11.56
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 25-03-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1581
Verdeling toevoegingsgelden; verrekeningsvoorstel tijdig gedaan.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1575 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3558/10.188
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 11-04-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1575
Ondanks lang te wachten met het indienen van de klacht is de klacht ontvankelijk. Advocaat handelt tuchtrechtelijk laakbaar door een toevoeging te declareren, terwijl zij haar client op betalende wijze rechtsbijstand verleent en haar client voor de keuze stelt haar werkzaamheden slechts op betalende wijze voort te zetten, terwijl de client in aanmerking komt voor een toevoeging.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1588 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3564/10.194
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 14-03-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1588
Onbegrijpelijke wijze van declaratiebeleid leidt tot gegrondheid van de klacht.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1599 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch M 158-2010
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 28-03-2011
- ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1599
Betalingsafspraak door klager voor akkoord getekend; aldus gehandeld conform gedragsregels voor advocaten. Tuchtrechter is niet bevoegd declaratiegeschillen te beslechten. De tuchtrechter waakt slechts tegen excessief declareren. Hiervan is niet gebleken. Een advocaat is in beginsel gehouden tot geheimhouding. In een tuchtrechtprocedure is de advocaat evenwel verplicht om alle gevraagde gegevens aan de deken te verstrekken, zonder zich op zijn geheimhoudingsplicht te kunnen beroepen. Geheimhoudingsplicht geldt slechts tussen advocaat en zijn cliënt. Bij een tuchtrechtprocedure zijn geen derden betrokken. Dit geldt evenzeer in een incassoprocedure tussen de advocaat en zijn client. De door de advocaat in de civiele procedure verstrekt informatie was noodzakelijk om zijn vordering te onderbouwen. Indien de advocaat deze informatie niet aan de rechter zou mogen verstrekken, zou dit hem dwingen art 21 Rv te schenden en zou dit hem de mogelijkheid tot het leveren van bewijs ontnomen worden. Vertrouwelijkheid niet verbroken, nu er geen derden bij de incassoprocedure waren betrokken. klacht ongegrond
-
ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1643 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch M 131-2010
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 21-03-2011
- ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1643
Onjuist handelen van advocaat door zich twee jaar bezig te houden met het indienen van (onvolledige) toevoegingsaanvraag, terwijl hij wist, althans behoorde te weten dat geen toevoeging zou worden verleend, aangezien de zaak zich in het buitenland afspeelde. Onjuist handelen van advocaat door vervolgens in Nederland een toevoeging aan te vragen voor een niet bestaand geschil, de eigen bijdrage te incasseren en vervolgens geen werkzaamheden te verrichten. Ten onrechte verjaringstermijn naar Duits recht niet gestuit. Een advocaat die een zaak naar Duits recht in behandeling neemt mag worden verwacht dat hij op de hoogte is van het Duitse recht en daarmee van de verjaringstermijnen van een vordering in een letselschadezaak naar Duits recht. Door niet te reageren op verzoeken van de deken om informatie instructie door de deken onmogelijk gemaakt en de behandeling van de klacht nodeloos vertraagd. klacht gegrond; (onvoorwaardelijke) schorsing 1 jaar
-
ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1605 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch B 167-2010
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 28-03-2011
- ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1605
Een advocaat is gehouden tot nauwgezetheid en zorgvuldigheid in financiële aangelegenheden. In een situatie waarin van een verzekeraar wordt verwacht dat deze als verzekeraar overgaat tot betaling van niet vergoede kosten, mag van een advocaat worden verlangd dat, hij de verzekeraar schriftelijk op de hoogte stelt van de tussen hem en de verzekerde gemaakte financiële afspraken en met haar overlegt over betaling van de door de advocaat gemaakte kosten voor rechtsbijstand, voor het geval de advocaat er niet in slaagt om zijn kosten bij de wederpartij te verhalen. Werkzaamheden verrichten, zonder dat daartoe opdracht is verleend, betaamt een behoorlijk advocaat niet. . Klacht gegrond. Maatregel schorsing in de uitoefening van de praktijk voor de duur van 2 weken, waarvan 1 week voorwaardelijk, proeftijd 2 jaar.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1582 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3649/11.51
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 25-03-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1582
Een advocaat heeft bij de behandeling van een zaak de leiding en dient vanuit zijn eigen verantwoordelijkheid te bepalen met welke aanpak de belangen van zijn cliënt het beste zijn gediend. Daarbij komt de advocaat een grote mate van vrijheid toe om de belangen van zijn cliënt te behartigen op een wijze die hem passend voorkomt. In het algemeen kan een tuchtrechtelijke maatregel eerst geïndiceerd zijn indien en voor zover de advocaat bij de behandeling van de zaak kennelijk onjuist optreedt en adviseert en de belangen van de cliënt daardoor worden geschaad of kunnen worden geschaad.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1576 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3533/10.163
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 11-04-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1576
Niet is komen vast te staan dat verweerder de rechter bewust onjuist heeft geinformeerd.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1589 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3521/10.151
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 14-03-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1589
Indien in een bepaalde kwestie de gedachte kan ontstaan dat een advocaat een zodanig eigen belang heeft dat zijn onafhankelijkheid in het geding komt, dient een advocaat meer dan normale zorg te betrachten bij het uitvoeren van zijn werkzaamheden teneinde te laten zien dat hij in staat is de vereiste onafhankelijkheid ten opzichte van de zaak te betrachten. In dat soort gevallen heeft hij zorg te dragen voor een duidelijke schriftelijke vastlegging van de feiten en omstandigheden. De Raad is van oordeel dat verweerder daarin tekort is geschoten. Verweerder heeft voorts onvoldoende rekening gehouden met de belangen van de wederpartij.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1583 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3653/11.55
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 25-03-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1583
De Advocatenwet heeft niet een klachtrecht in het leven geroepen voor een ieder, doch slechts voor degene die door een handelen of nalaten van een advocaat in zijn of haar belang is of kan worden getroffen. Voor zover in het algemeen belang een tuchtrechtelijke procedure vereist is, wordt het klachtrecht uitgeoefend door de deken. Bij de beoordeling of een klacht over een advocaat nog tijdig is ingediend dienen van geval tot geval twee belangen te worden afgewogen, te weten: enerzijds het ten gunste van de klager wegende maatschappelijk belang dat het optreden van een advocaat door de tuchtrechter kan worden getoetst; anderzijds het belang dat een advocaat heeft bij toepassing van het beginsel van rechtszekerheid.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1577 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3523/10.153
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 11-04-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1577
Schending van geheimhoudingsplicht met betrekking tot de inhoud en het verloop van de mediation
-
ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1594 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch M 136-2010
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 28-03-2011
- ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1594
Een advocaat dient zijn cliënt te behoeden voor het voeren van zinloze procedures. Beklag bij Hof van Discipline tegen de beslissing van de deken tot afwijzing van het toewijzen van een advocaat in een tuchtrechtprocedure was gelet op artikel 13 Advocatenwet zinloos. Ondanks toezegging verzuimd medische bescheidenbij te voegen. Verzuim komt voor risico van advocaat. Het past een advocaat niet zijn cliënt als ongeleid projectiel te afficheren. Taalgebruik van advocaat heeft onnodig escalatieverhogend gewerkt. klacht gegrond; berisping
-
ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1600 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch M 157-2010
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 29-03-2011
- ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1600
Niet de voortvarendheid betracht die van een advocaat verwacht mag worden. Dit geldt temeer nu de beklaagde advocaat ervan op de hoogte was, althans kon zijn, dat klaagster bij haar vorige advocaat ontevreden was weggegaan. klacht (gedeeltelijk) gegrond; enkele waarschuwing
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1590 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3444/10.74
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 14-03-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1590
Het verzet is te laat ingesteld en klager heeft geen reden aangevoerd voor een verschoonbare overschrijding van de wettelijke termijn waarbinnen het rechtsmiddel dient te zijn aangewend
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1584 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3638/11.40
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 14-03-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1584
Voorop gesteld dient te worden dat een advocaat in die hoedanigheid van advocaat van de wederpartij een grote mate van vrijheid toekomt om de belangen van zijn cliënt te behartigen op de wijze die hem passend voorkomt. Deze vrijheid mag niet ten gunste van een (processuele) wederpartij worden beknot, tenzij de belangen van die wederpartij nodeloos en op ontoelaatbare wijze worden geschaad. De advocaat dient de belangen van zijn cliënt te behartigen aan de hand van feitenmateriaal dat zijn cliënt hem verschaft en hij mag in het algemeen afgaan op de juistheid van die informatie. Verificatie door de advocaat van de hem door zijn cliënt verstrekte informatie is slechts dan geboden, indien er aanwijzingen zijn dat de informatie onjuist is. De advocaat dient zich uiteraard te allen tijde te gedragen zoals een behoorlijk advocaat betaamt en hij mag bij het optreden namens zijn cliënt niet over de schreef gaan. De Advocatenwet heeft niet een klachtrecht in het leven geroepen voor een ieder, doch slechts voor degene die door een handelen of nalaten van een advocaat in zijn of haar belang is of kan worden getroffen. Voor zover in het algemeen belang een tuchtrechtelijke procedure vereist is, wordt het klachtrecht uitgeoefend door de deken. Vooropgesteld wordt dat een advocaat het maken van onnodige kosten behoort te vermijden en dat dat ook geldt tegenover de wederpartij van de cliënt, in casu klagers. Dit brengt echter niet met zich dat de advocaat bij het kiezen van het nemen van bepaalde stappen zich uitsluitend mag of moet laten leiden door het economisch aspect. Het is de advocaat die in overleg met zijn cliënt bepaalt welk beleid hij voert en op welke wijze hij de belangen van zijn cliënt behartigt. Het staat derhalve ter beoordeling van verweerder en zijn cliënt hoe te handelen in deze kwestie.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1578 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3513/10.143
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 11-04-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1578
Uitlatingen worden niet als onnodig grievend gekwalificeerd: vallen nog binnen de vrijheid die de advocaat van de wederpartij heeft. Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1595 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch M 137-2010
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 29-03-2011
- ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1595
Een voor de tweede maal aan de tuchtrechter voorgelegde klacht leidt tot niet-ontvankelijkheid. Het staat een advocaat vrij in een klachtprocedure datgene naar voren te brengen wat hij in het kader van zijn verweer noodzakelijk acht. Advocaat dient zich ten aanzien van het vervolg van de procedure te onthouden van negatieve interpretaties, waar de advocaat in eerste aanleg nalatig is gebleven. klacht (gedeeltelijk) niet-ontvankelijk, gedeeltelijk ongegrond, gedeeltelijk gegrond; geen maatregel
-
ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1601 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch M 244-2010
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 29-03-2011
- ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1601
Verweer dat in strafzaken betalingsafspraken niet vastgelegd hoeven te worden treft geen doel. Geen bescheiden aan de raad overgelegd waaruit blijkt dat aan de advocaat opdracht was verleend voor het verrichten van werkzaamheden. Evenmin zijn bescheiden overgelegd waaruit blijkt dat de door verweerder aangegeven werkzaamheden zijn verricht. Aldus moet het ervoor worden gehouden dat verweerder niet verrichte werkzaamheden heeft gedeclareerd, wat hem tuchtrechtelijk valt aan te rekenen. Gelet op tuchtrechtelijk verleden, waarbij aan de advocaat kort voordat het in deze klachtzaak verweten handelen heeft plaatsgevonden, voor vergelijkbaar tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen een voorwaardelijke schorsing van 2 weken werd opgelegd, is de raad van oordeel dat, nu deze hieruit klaarblijkelijk ontoereikend lering heeft getrokken, niet kan worden volstaan met een lichtere maatregel dan het opleggen van een schorsing in de uitoefening van de praktijk voor de duur van 2 weken. klacht (gedeeltelijk) gegrond; onvoorwaardelijke schorsing 2 weken
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1591 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3384/10.14
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 14-03-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1591
In een civiele procedure is reeds beslecht dat klager garant stond voor betaling van de declaraties van verweerder. Van enig klachtvaardig handelen is niet gebleken.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1585 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3290/09.122 & 3547/10.177
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 04-04-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1585
Klacht dat verweerster klaagster lang in onzekerheid heeft gelaten over de voortgang van haar zaak en dat zij geen procedure heeft aangespannen. Verweerster heeft klaagster met mails en per telefoon op de hoogte gehouden. Zij is gaandeweg op basis van verkregen informatie de mogelijkheden van een procedure nagegaan en concludeerde dat het aanspannen van een procedure niet verantwoord was. Verweerster kon zich terugtrekken wegens verschil van inzicht over de behandeling van de zaak. Klacht kennelijk ongegrond. Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1579 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3502/10.132
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 11-04-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1579
Uitlatingen worden niet als onnodig grievend gekwalificeerd, nu het onderliggende conflict tussen partijen in de civiele procedure de door verweerder gebezigde bewoordingen rechtvaardigt.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1596 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch B152-2010
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 28-03-2011
- ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1596
Gelet op de aard en strekking van het beslagrecht en de waarborgen waarmee dit is omgeven, is evident dat waar rechtelijk verlof tot afgifte van goederen bij beslaglegging wordt toegestaan onder bepaling dat een derde, te weten de deurwaarder en de door hem ingeschakelde bewaarnemer, zorg draagt voor fixatie na de gelegde beslaglegging, de beslaglegger niet zelf als wederpartij de beslagen en verzegelde goederen open mag breken voor bemonstering en foto’s. Nu het hier bovendien ging om een geschil omtrent vermeende nagemaakte goederen, rustte op verweerders een bijzondere zorgplicht om te voorkomen dat er onduidelijkheid zou ontstaan over de vraag aan wie de betreffende goederen toebehoorde. Niet gebleken dat verweerder zich tot de rechter heeft gewend zonder klager hierover te informeren. Klacht (gedeeltelijk) gegrond: maatregel berisping..
-
ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1602 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch M 155-2010
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 28-03-2011
- ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1602
Het is de taak van een advocaat om ook een negatief advies, hoe moeilijk en teleurstellend hij dit voor zijn cliënt ook vindt, zo spoedig mogelijk aan zijn cliënt te berichten. Door zijn cliënte een jaar lang aan het lijntje te houden, niet die voortvarendheid betracht die van een advocaat verwacht mag worden. Advocaat behoort zijn cliënt in ieder geval te informeren omtrent de termijn ten aanzien van de verdeling van de pensioenrechten en deze termijn veilig te stellen. Per toeval cliënte informeren in een kapperszaak betaamt een advocaat niet. klacht gegrond; enkele waarschuwing
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1592 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3635/11.37
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 24-02-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1592
Indien een klager klaagt over het optreden van een advocaat, in de hoedanigheid van klachtenfunctionaris van het kantoor, dient deze klacht met terughoudendheid te worden beoordeeld.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1573 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3674/11.76
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 12-04-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1573
De aard van de functie van deken brengt mee dat bij de tuchtrechtelijke controle, waaraan ook het optreden van een deken is onderworpen, terughoudendheid dient te worden betracht vanwege de beleidsvrijheid die een advocaat in die functie toekomt
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1586 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3494/10.124
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 04-04-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1586
Klacht wegens optreden tegen klaagster in echtscheidingsprocedure. Klaagster was met haar echtgenoot werkzaam in de onderneming, die cliënt bij het kantoor van verweerster is. In de echtscheidingsprocedure werd klaagsters echtgenoot door verweerster bijgestaan. Tegen een kantoorgenote van verweerster is een klacht van klaagster wegens optreden voor die echtgenoot tegen klaagster gegrond verklaard. Ook de klacht tegen verweerster is gegrond. Berisping.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1597 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch M 149-2010
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 28-03-2011
- ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1597
Een advocaat behoort voorafgaand aan het indienen van een processtuk hiervan steeds een concept aan zijn cliënt te doen toekomen en hem in de gelegenheid te stellen hierop te reageren. Een advocaat behoort op de hoogte te zijn van het rolreglement van de rechtbank ten aanzien van het in geding brengen van stukken. Door de bewuste keuze van een overvalstrategie ter zitting, heeft verweerder een gedeelte van het verweer prijsgegeven, wat de advocaat als een misslag valt aan te rekenen. Ten onrechte gepresenteerd als arbeidsrechtspecialist en daardoor onjuiste verwachtingen gewekt. klacht gegrond; berisping, tevens uitspraak ogv art 48 lid 7
-
ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1603 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch R 160-2010
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 28-03-2011
- ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1603
Gelet op afwijzing van de toevoegingsaanvraag in een recente procedure, was klaagster bekend met het risico dat zij geen toevoeging zou krijgen. Nu klaagster de voortzetting van de werkzaamheden niet heeft willen laten afhangen van de voorwaarde van het verkrijgen van een toevoeging, is zij niet in haar belangen geschaad. Het enkele feit dat een advocaat over de juridische positie van zijn cliënt een ander ideeheeft dan zijn cliënt, brengt niet met zich mee dat hij onvoldoende zorg aan de zaak heeft besteed. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1580 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3645/11.47
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 25-03-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1580
Vooropgesteld wordt dat een advocaat bij de behandeling van een zaak de leiding heeft en vanuit zijn eigen verantwoordelijkheid dient te bepalen met welke aanpak de belangen van zijn cliënt het beste zijn gediend. Daarbij komt de advocaat een grote mate van vrijheid toe om de belangen van zijn cliënt te behartigen op een wijze die hem passend voorkomt. In het algemeen kan een tuchtrechtelijke maatregel eerst geïndiceerd zijn indien en voor zover de advocaat bij de behandeling van de zaak kennelijk onjuist optreedt en adviseert en de belangen van de cliënt daardoor worden geschaad of kunnen worden geschaad.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1593 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3627/11.29a en b
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 16-02-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1593
Een advocaat heeft bij de behandeling van een zaak de leiding en dient vanuit zijn eigen verantwoordelijkheid te bepalen met welke aanpak de belangen van zijn cliënt het beste zijn gediend. Daarbij komt de advocaat een grote mate van vrijheid toe om de belangen van zijn cliënt te behartigen op een wijze die hem passend voorkomt. In het algemeen kan een tuchtrechtelijke maatregel eerst geïndiceerd zijn indien en voor zover de advocaat bij de behandeling van de zaak kennelijk onjuist optreedt en adviseert en de belangen van de cliënt daardoor worden geschaad of kunnen worden geschaad.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1574 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3659/11.61
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 13-04-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1574
Een tuchtrechtelijke procedure leent zich niet voor feitenonderzoek op grond waarvan zou kunnen worden vastgesteld dat verweerder de gestelde valsheid in geschrifte en/of fraude heeft gepleegd.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1587 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3470/10.100
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 14-03-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1587
Een advocaat dient ook rekening te houden met de gerechtvaardigde belangen van de wederpartij. In casu kan niet worden vastgesteld dat verweerder tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1062 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2010.161
- Datum publicatie: 22-04-2011
- Datum uitspraak: 19-04-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1062
Klager is in 2001 van de fiets gevallen en heeft zijn rechter pols gebroken. Hij bezoekt de SEH van het ziekenhuis en is aldaar gezien door een arts-assistent. Er worden röntgenfoto’s gemaakt waaruit wordt geconcludeerd dat sprake is van een zogeheten Collesfractuur. Er wordt een gispverband aangebracht door een verpleegkundige/gipsverbandmeester. Klager komt nog tweemaal voor controle. Enige tijd nadat het gisp is verwijderd, wordt reflexdystrofie vastgesteld bij klager. Een half jaar later wordt geconstateerd dat sprake is geweest van een verkeerde diagnose vanaf het begin: er was geen sprake van een Collesfractuur maar van een zogenaamde Smithfractuur. Een reconstructieve operatie van de pols wordt uitgevoerd. Klager verwijt –kort gezegd- dat een onzorgvuldige diagnose heeft plaatsgevonden en dat zijn pols verkeerd is behandeld door verweerder. Het RTG overweegt dat niet met zekerheid is vast te stellen dat verweerder de persoon was die het gispverband heeft aangelegd en wijst de klacht af. Het CTG bekrachtigt deze uitspraak omdat ook in hoger beroep niet is komen vast te staan dat verweerder de persoon was die bij het eerste consult –toen de diagnose werd gesteld en het gisp werd aangebracht- aanwezig was.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1056 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2010.068
- Datum publicatie: 22-04-2011
- Datum uitspraak: 19-04-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1056
Klacht tegen huisarts. Klaagster verwijt huisarts dat deze geen adequaat onderzoek heeft verricht naar klachten in haar borsten en haar ten onrechte heeft gerustgesteld. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de maatregel van waarschuwing opgelegd. Hoger beroep huisarts. Het Centraal Tuchtcollege overweegt dat n iet in geschil is dat de huisarts klaagster lichamelijk heeft onderzocht en daarbij weliswaar een zwelling in de linkerborst heeft gevoeld, maar dat deze zwelling een afwijking betrof die overeenkwam met eerder in het ziekenhuis vastgestelde cysten. Bij die stand van zaken bestond er voor de huisarts geen aanleiding de zwelling aan te merken als een nieuwe klacht, zodat hij niet opnieuw het protocol, zoals de NHG-standaard die beschrijft bij een nieuwe klacht over pijn in de borst, hoefde te doorlopen. De huisarts heeft terecht de voorgeschiedenis van klaagster betrokken bij zijn diagnose en bij het bepalen van het behandelplan. Klachtonderdeel alsnog ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1063 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009.258
- Datum publicatie: 22-04-2011
- Datum uitspraak: 19-04-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1063
In eerste aanleg heeft klager een 7-tal klachten aangevoerd naar aanleiding van de wijze waarop de gz-psycholoog als deskundige de opdracht van de rechtbank heeft uitvoerd om -kort gezegd- tussen de ex-echtgenoten tot een omgangsregeling voor de kinderen te komen. De klachten komen er op neer dat klager twijfelde aan de onafhankelijkheid van de gz-psycholoog en dat hij zich door haar niet serieus genomen voelde. Een deel van de klachten is door het RTG gegrond verklaard. Klager heeft hoger beroep ingesteld m.b.t. de klachten die door het RTG ongegrond zijn verklaard. Het hoger beroep slaagt niet.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1057 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2010.159
- Datum publicatie: 22-04-2011
- Datum uitspraak: 19-04-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1057
De klacht betreft een arts die de functie bekleedt van directeur patientenzorg in een kliniek en die daarnaast (voor het grootste deel van de werktijd) samen met andere specialisten als arts in die kliniek werkzaam is. Door de klager, die bij een operatie in de kliniek ernstig verminkt is, wordt hem in hoofdzaak verweten dat hij heeft toegelaten dat die operatie werd uitgevoerd door een plastisch chirurg die niet als zodanig in Nederland geregistreerd was. Het regionale tuchtcollege oordeelt dat de arts ook in zijn hoedanigheid van directeur patientenzorg tuchtrechtelijk aansprakelijk kan zijn. Het legt hem een waarschuwing op omdat hij ten onrechte niet gecontroleerd had of de plastisch chirurg in Nederland was ingeschreven. Ook het Centraal Tuchtcollege is van oordeel dat het handelen van artsen in een bestuurlijke of leidinggevende functie in beginsel tuchtrechtelijk getoetst kan worden; wel moet voorkomen worden dat een arts aansprakelijk wordt gehouden voor keuzen in d e bedrijfsvoering waarvoor hem in zijn managementsfunctie in beginsel beleidsvrijheid toekomt. Ten aanzien van de klacht verenigt het Centraal College zich met het oordeel in eerste aanleg; het verwerpt het beroep van de arts.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1064 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2010.135
- Datum publicatie: 22-04-2011
- Datum uitspraak: 19-04-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1064
In geschil is de vraag of de gz-psycholoog bij het intake gesprek in voldoende mate de mede met gezag beklede ouder betrokken heeft. Moeder heeft zich met het minderjarige kind bij de gz-psycholoog gemeld in een crisis-situatie. De psycholoog heeft wel gevraagd naar de contactgegevens van de vader, maar moeder had deze niet voor handen. Vervolgens heeft het meer dan een maand geduurd voordat de gz-psycholoog de vader heeft gesproken. Zij heeft wel gepoogd te bellen, maar pas in later stadium. Het RTG heeft de ter zake ingediende klacht gegrond verklaard en de maatregel van waarschuwing opgelegd. Het CTG heeft overwogen dat ook in de intake fase (ook wanneer er nog geen sprake is van een behandelingsovereenkomst) de met gezag beklede ouder(s) moeten worden geïnformeerd en dat hun instemming moet worden vastgesteld. Dit is onvoldoende gebeurd. Nu hier een nieuwe norm is gesteld, dient een maatregel achterwege te blijven.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1058 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2010.279
- Datum publicatie: 22-04-2011
- Datum uitspraak: 19-04-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1058
Klacht tegen psychiater. Klager is op basis van verklaring van de arts met rechterlijke machtiging opgenomen in psychiatrisch ziekenhuis. Het Regionaal Tuchtcollege oordeelt dat er geen aanwijzingen zijn dat de arts de verklaring valselijk heeft opgemaakt zoals hem door klager wordt verweten en wijst de klacht af. Het Centraal Tuchtcollege bevestigt in beroep het oordeel van het Regionaal Tuchtcollege en verwerpt het beroep.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1052 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2010.180
- Datum publicatie: 22-04-2011
- Datum uitspraak: 05-04-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1052
Klacht tegen tandarts, afgewezen door het Regionaal Tuchtcollege. Het Centraal Tuchtcollege vernietigt de beslissing en verklaart vier klachtonderdelen alsnog gegrond. Bij het plaatsen van een implantaat is de tandarts zowel in het vooronderzoek als in de verslaglegging onvoldoende zorgvuldig geweest. De tandarts heeft klager voorafgaand aan en tijdens het plaatsen van een brug onvoldoende voorgelicht over de verschillende mogelijkheden qua materiaal en de daaraan verbonden voor- en nadelen en risico’s. De tandarts had erop moeten toezien dat de afgesproken verrekening van de kosten van het plaatsen van het implantaat daadwerkelijk plaatsvond. Berisping.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1065 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2010.172
- Datum publicatie: 22-04-2011
- Datum uitspraak: 19-04-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1065
Klager verwijt de gz-psycholoog dat zij een verklaring in de zin van artikel 29b lid 5 Wet op de Jeugdzorg heeft opgesteld zonder klager voorafgaand te hebben onderzocht, waardoor klager ten onrechte door de rechter in een gesloten jeugdinrichting is geplaatst. Het RTG oordeelt dat de klacht gegrond is en de gz-psycholoog wordt de maatregel van schorsing opgelegd voor de duur van 10 weken waarvan 8 weken voorwaardelijk, inclusief een coachingstraject en publicatie. Ter zitting in hoger beroep is komen vast te staan dat klager ten tijde van de op te maken verklaring feitelijk onvindbaar was omdat hij zwervende was. Op de voet van artikel 29c lid 4 Wet op de Jeugdzorg kon daarom in dit geval de gz-psycholoog instemmen zonder klager voorafgaand te hebben onderzocht. Het CTG verkaart de klacht ongegrond en vernietigt de beslissing.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1059 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2010.053
- Datum publicatie: 22-04-2011
- Datum uitspraak: 19-04-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1059
Klaagster heeft zich tot de arts gewend voor een LBA ( levend bloed analyse) test. Na afloop van de behandeling waarbij een prikpen werd gebruikt, zijn bij klaagster twijfels gerezen omtrent de steriliteit van de prikpen. Volgens klaagster reageerde de arts gepikeerd en heeft de bezorgdheid die bij klaagster leefde, niet weg kunnen nemen. Vervolgens heeft de arts nagelaten te reageren op een e-mailbericht van klaagster waarin om een nadere toelichting werd gevraagd. Het RTG heeft de klacht in alle onderdelen afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klaagster.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1053 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2010.055
- Datum publicatie: 22-04-2011
- Datum uitspraak: 12-04-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1053
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1066 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2010.106
- Datum publicatie: 22-04-2011
- Datum uitspraak: 19-04-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1066
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1060 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2010.087
- Datum publicatie: 22-04-2011
- Datum uitspraak: 19-04-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1060
Het Regionaal Tuchtcollege heeft klager niet-ontvankelijk verklaard, omdat zijn klacht ziet op het handelen van verweerster in haar kwaliteit van docent en examinator van het vaardigheidsonderwijs. Het Centraal College verwerpt het beroep.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 863
- Pagina: 864
- Pagina: 865
- ...
- Pagina: 950
- Volgende pagina zoekresultaten