Zoekresultaten 21201-21250 van de 47613 resultaten

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:102 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-1041

    Dekenklacht over verweerster, eerst in hoedanigheid van faillissementscurator en later ook als advocaat. Dat verweerster zich bij de vervulling van haar taak als curator zodanig heeft gedragen dat daardoor het vertrouwen in de advocatuur is ondermijnd, is de raad niet gebleken. Weliswaar staat vast dat verweerster als curator een groot actief in de faillissementsboedel heeft gemist en was nader onderzoek naar aanleiding van de vrij summiere bevindingen van de door verweerster als curator ingeschakelde externe partij wellicht geboden geweest, maar mogelijk had dat nadere onderzoek op dat moment voor verweerster in de gegeven omstandigheden niet tot een andere uitkomst geleid. In zoverre is de dekenklacht ongegrond. Dat verweerster jaren na sluiting van het faillissement alsnog als advocaat heeft opgetreden door namens de Stichting, de enig aandeelhouder van de gefailleerde, een akkoord aan te bieden aan de crediteuren van de gefailleerde wordt haar tuchtrechtelijk verweten. De evidente mogelijkheid van tegenstrijdige belangen had verweerster ervan moeten weerhouden om die opdracht te aanvaarden. Door deze opdracht als advocaat wel te aanvaarden, heeft verweerster naar het oordeel van de raad in strijd gehandeld met de kernwaarde integriteit. Daarnaast verwijt de raad verweerster in ernstige mate dat zij 1) gezien haar voorkennis als curator bij aanvaarding van de opdracht niet naar de herkomst van de gelden van de Stichting ten behoeve van het akkoord heeft geïnformeerd, 2) in de brieven aan de crediteuren niet heeft vermeld, dan wel had dienen te vermelden, dat sinds begin 2007 een aanzienlijk bedrag in depot stond bij een notaris ten gunste van de boedel van de gefailleerde, en 3) in diezelfde brieven de crediteuren op juridische foutieve gronden met betrekking tot de vermeende verjaring van hun vordering onder druk zette en misleidde , dit alles ten gunste van een akkoord in het belang van de Stichting. Eveneens gegrond is de dekenklacht voor zover verweerster wordt verweten niet op eerste verzoek te hebben meegewerkt aan het ter beschikking stellen van alle opgevraagde stukken aan de later wegens nagekomen bate aangestelde vereffenaar op de voet van art. 2:23C lid 4 BW. Maatregel van vier weken voorwaardelijke schorsing in de praktijkuitoefening.

  • ECLI:NL:TGDKG:2018:52 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/613232 / DW RK 16/851

    De klacht betreft het volgens klager ten onrechte gebruik maken van de BRP gegevens in de pre-justitiële fase. Op een adresverificatie door een gerechtsdeurwaarder is de “Gedragscode gerechtsdeurwaarders ter bescherming persoonsgegevens” van toepassing. De Gedragscode beoogt onnodige raadpleging van het BRP te voorkomen. Het doel van de Gedragscode is niet de schuldeiser en schuldenaar te beperken in het uitvoeren van een volwaardig minnelijk incassotraject. In de onderhavige zaak werd de gerechtsdeurwaarder 2 maal met een adreswijziging van klager geconfronteerd. Dat deed veronderstellen dat eerdere aanmaningen klager niet hadden bereikt. Dat de gerechtsdeurwaarder verschillende keren een adresverificatie heeft genomen acht de kamer onder deze omstandigheden niet tuchtrechtelijk laakbaar.

  • ECLI:NL:TGDKG:2018:46 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/621670 / DW RK 17/12

    Klacht over het innen van alimentatie. Bij de inning daarvan is de gerechtsdeurwaarder aangewezen op de opgave van zijn opdrachtgever van de hoogte van het verschuldigde bedrag. Het kenmerk van een alimentatiebeschikking is dat daarin in het algemeen alleen de verschuldigdheid van toekomstige verplichtingen wordt vastgelegd. Of en in hoeverre die verplichtingen, in dit geval door klager, zijn nagekomen, is niet door een rechterlijke uitspraak bepaald, maar blijkt uit de opgave van degene die recht heeft op de alimentatie. De gerechtsdeurwaarder heeft de bezwaren van klager serieus genomen, besproken met zijn opdrachtgever en om uitleg verzocht. De klacht wordt ongegrond verklaard. Hoger beroep ingesteld.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:117 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.336

    Klacht tegen een neuroloog. Klager is door zijn huisarts verwezen naar de neuroloog, werkzaam bij een ziekenhuis, voor een beoordeling van zijn hoofdpijnklachten bij jarenlang gebruik van psychofarmaca en anti-epileptica. Klager is door de neuroloog gezien op de polikliniek. De neuroloog heeft klager doorverwezen naar de polikliniek neurologie van een universitair medisch centrum (UMC) waar klager vier maanden later op de polikliniek eenmalig is gezien door een neuroloog in opleiding. Klager verwijt de neuroloog in de onderhavige zaak dat hij voor wat betreft onderzoek en diagnose, voorschrijven van medicatie, beroepsgeheim en aantekeningen in het medisch dossier niet heeft gehandeld zoals van een redelijk handelend en redelijk bekwaam vakgenoot onder dezelfde omstandigheden mag worden verwacht. Het Regionaal Tuchtcollege wijst de klacht af. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:83 Raad van Discipline Amsterdam 18-210/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat wederpartij in alle onderdelen kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:91 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-399/DH/NH

    Verzet ongegrond

  • ECLI:NL:TGDKG:2018:53 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/635737 / DW RK 17/944

    De klacht betreft een bewaringstekort dat niet onverwijld is gemeld, het niet voldoen aan de bestuursregel liquiditeit en het handelen in strijd met het bepaalde in artikel 27 lid 1 van de Gerechtsdeurwaarderswet. Alle klachtonderdelen worden gegrond verklaard. De gerechtsdeurwaarder is de maatregel van schorsing opgelegd voor de duur van twee maanden.

  • ECLI:NL:TGDKG:2018:47 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/624346 / DW RK 17/191

    Klacht over betekende exploten, betalingsvoorstel en specificatie. Overweging ten aanzien van de betekening van de aanzegging van de rechtsovergang. Klacht op één onderdeel gegrond. Geen maatregel opgelegd.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:118 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.337

    Klacht tegen een huisarts. Klager is door de huisarts verwezen naar een neuroloog, werkzaam bij een algemeen ziekenhuis, voor een beoordeling van zijn hoofdpijnklachten bij jarenlang gebruik van psychofarmaca en anti-epileptica. Klager is door een neuroloog gezien op de polikliniek. Deze neuroloog heeft klager doorverwezen naar de polikliniek neurologie van een universitair medisch centrum (UMC) waar klager vier maanden later op de polikliniek eenmalig is gezien door een neuroloog in opleiding. Klager verwijt de huisarts onder meer dat hij zonder zijn toestemming (onjuiste) medische informatie heeft gedeeld met collega’s en zodoende zijn beroepsgeheim heeft geschonden. Het Regionaal Tuchtcollege wijst de klacht af. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager. Het Centraal Tuchtcollege overweegt ten aanzien van het meesturen van medische informatie van klager nog dat de huisarts door af te wegen welke informatie relevant en noodzakelijk was voor de verwijzing zorgvuldig heeft gehandeld en dat hij ook om die reden zijn beroepsgeheim niet heeft geschonden .

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:84 Raad van Discipline Amsterdam 16-616/A/A 16-617/A/A 16-618/A/A

    Klacht over advocaten wederpartij deels ongegrond en deels niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:92 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-649/DH/DH

    Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TGDKG:2018:54 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/624883 / DW RK 17/225

    Beslissing op verzet. Diverse klachtonderdelen betreffende het onterecht leggen van beslag, misbruik maken van bevoegdheid, onjuiste berekening van de beslagvrije voet, het veroorzaken van onnodig proces- en rechtsbijstandskosten, het weigeren uitvoering te geven aan een vonnis, het misleiden van klager over wie de opdrachtgever is en het weigeren van het opheffen van een beslag. De voorzitter heeft de klachten als zijnde kennelijk ongegrond afgewezen. De kamer is het met deze beslissing eens. het verzet wordt ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2018:44 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2017/468

    Klaagster dient de klacht in namens haar overleden echtgenoot. Klaagster verwijt de internist het missen van de diagnose lymfogene metastasen en longcarcinoom, waaraan haar echtgenoot uiteindelijk is overleden. Verweerder voert verweer.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:85 Raad van Discipline Amsterdam 17-449/A/A

    Ongegronde klacht over eigen advocaat. Niet is gebleken dat verweerder werkzaamheden heeft uitgevoerd waartoe geen opdracht is gegeven of onvoldoende inzage heeft gegeven in de financiële afspraken en urenspecificaties. Onvoldoende onderbouwd dat sprake is van excessief declareren. Ook overige klachtonderdelen zijn ongegrond.

  • ECLI:NL:TGDKG:2018:55 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/624628 / DW RK 17/212

    Beslissing op verzet. De klacht betreft de kosten die in rekening mogen worden gebracht bij de tenuitvoerlegging van een dwangbevel. De voorzitter heeft de klacht ongegrond verklaard. De kamer is het met deze beslissing eens. Het verzet wordt ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TGDKG:2018:49 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/638022/ DW RK 17/1088

    Gedurende een lange periode onjuiste inrichting van de administratie, bewaringstekort, diverse tekortkomingen waaronder het onterecht in rekening brengen van BTW, het niet voldoen aan de regels voor de liquiditeitsratio en solvabiliteitsratio eh het niet betekenen processen-verbaal van beslag. Deze onderdelen van de klacht worden gegrond verklaard. Dit rechtvaardigt het opleggen van de maatregel van schorsing. Gegeven het feit dat de gerechtsdeurwaarder inmiddels op zijn verzoek ontslag is verleend uit zijn ambt, is er geen plaats voor het opleggen van een maatregel die er zich uit zijn aard niet voor leent om te worden opgelegd. Daarom de maatregel van berisping opgelegd.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:86 Raad van Discipline Amsterdam 17-955/A/A 17-956/A/A

    Klacht deels niet-ontvankelijk vanwege het ontbreken van een rechtstreeks belang en voor het overige ongegrond.

  • ECLI:NL:TNORSHE:2017:28 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2017/75

    Klager verwijt de notaris dat hij onzorgvuldig heeft gehandeld door hem niet te informeren met betrekking tot de doorhaling van de hypotheek alsmede dat de brief van 7 april 2017 die volgens klager onjuist en onvolledig is. De kamer is van oordeel dat de notaris niet verplicht was klager te informeren, omdat klager geen zakelijk-gerechtigde was. Wel meent de kamer dat de notaris communicatief beter had kunnen handelen door klager bijvoorbeeld te verwijzen naar het Kadaster. Op grond van het voorgaande stelt de kamer vast dat de communicatie van de notaris met klager beter had gekund en dat zowel de notaris als klager daarbij een rol hebben gespeeld. Dit brengt de kamer tot het oordeel dat geen sprake is van klachtwaardig handelen van de notaris.

  • ECLI:NL:TGDKG:2018:56 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/641320 / DW RK 18/6

    Beslissing op verzet. De klacht betreft een beslag op de bankrekeningen huurtoeslag waarbij geen rekening is gehouden met de beslagvrije voet en een ontruiming ondanks een betaling van een bedrag van € 18.500,00. De voorzitter heeft de klachten als kennelijk ongegrond afgewezen. De kamer is het met de beslissing van de voorzitter eens. Het verzet wordt ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2018:46 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2017/363

    Klaagster is dochter van een inmiddels overleden patiënt. Zij klaagt er onder meer over dat verweerder (uroloog) na de spoedopname van haar vader geen lichamelijk onderzoek heeft verricht en ondanks herhaald verzoek daartoe, haar vader geen aanvullende pijnstilling heeft gegeven. Verweerder voert verweer.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:98 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 16-1167

    Ongegrond verzet inzake klacht tegen de deken.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:87 Raad van Discipline Amsterdam 17-733/A/A

    Ongegrond verzet.

  • ECLI:NL:TGDKG:2018:50 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/618044 / DW RK 16/1184

    Beslissing op verzet. De klacht betreft het feit dat geen gespecificeerd overzicht van de vordering aan klager wordt verstrekt. De kamer is het met de beslissing van de voorzitter eens. Het verzet wordt ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:115 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.334

    Klacht tegen anesthesioloog. Klaagster is sinds vijf jaar onder behandeling bij de anesthesioloog en krijgt tweemaal per jaar een epiduraal lumbaal injectie in verband met langdurig bestaande rugpijn. Twee dagen na de laatste injectie is klaagster opgenomen geweest in het ziekenhuis met als klacht een verlamd/gevoelloos been en erge rugpijn. Een mri-scan laat het beeld zien van een afwijkend verloop van de zenuwwortel L5-S1 aan de rechterzijde en milde degeneratieve veranderingen aan de lumbale wervelkolom. Het Regionaal Tuchtcollege wijst de klacht van klaagster, dat de anesthesioloog een medische fout heeft gemaakt en dat hij haar niet heeft gewezen op de risico’s en mogelijke complicaties, af. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep. Buiten de klacht om wordt opgemerkt dat het niet bezoeken van klaagster tijdens de ziekenhuisopname een gemiste kans is.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:81 Raad van Discipline Amsterdam 18-189/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat wederpartij deels kennelijk ongegrond en deels kennelijk niet-ontvankelijk. Verweerder heeft klager niet beschuldigd van valsheid in geschrifte.

  • ECLI:NL:TGDKG:2018:51 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/623492 / DW RK 17/123

    Beslissing op verzet. Nu in verzet geen gronden zijn aangevoerd, wordt het verzet niet-ontvankelijk verklaard.

  • ECLI:NL:TGDKG:2018:45 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/615097/ DW RK 16/1007

    Perikelen rond het betekenen van een toegewezen vonnis in het licht van een afspraak om het onderliggende declaratiegeschil alsnog voor te leggen aan de Geschillencommissie Advocatuur. Het tuchtrecht ziet op het individuele handelen van elke gerechtsdeurwaarder afzonderlijk zodat niet alle bij de zaak betrokken gerechtsdeurwaarders zonder meer voor het geheel van het aan hen verweten handelen tuchtrechtelijk aansprakelijk kunnen worden gehouden. Overwegingen ten aanzien van het deurwaardersrenvooi. De klachten worden ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:116 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.335

    Klacht tegen een neuroloog in opleiding. Klager is door zijn huisarts verwezen naar een neuroloog van een ziekenhuis voor een beoordeling van zijn hoofdpijnklachten bij jarenlang gebruik van psychofarmaca en anti-epileptica. Klager is door deze neuroloog gezien op de polikliniek. Deze neuroloog heeft klager doorverwezen naar de polikliniek neurologie van een universitair medisch centrum (UMC) waar klager vier maanden later op de polikliniek eenmalig is gezien door de neuroloog in opleiding. Klager verwijt de neuroloog in opleiding onder meer dat zij heeft gehandeld op basis van vooroordelen en partijdigheid waarbij zij klager heeft gestigmatiseerd als een patiënt met een bipolaire stoornis, manisch depressieve stoornis, manisch depressieve psychose, epilepsie en migraine, dat zij zonder toestemming van klager (onjuiste) medische informatie heeft gedeeld met collega’s en zodoende haar beroepsgeheim heeft geschonden en dat zij geen neurologisch onderzoek bij klager heeft verricht. Het Regionaal Tuchtcollege wijst de klacht af. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:82 Raad van Discipline Amsterdam 18-110/A/NH

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat minderjarig kind van klager. De klacht ziet er onder meer op dat verweerster het minderjarige kind als cliënt heeft aangenomen zonder dat klager dat wist. De voorzitter is van oordeel dat de omstandigheid dat verweerster voor de belangenbehartiging vooraf geen toestemming aan klager heeft gevraagd of vooraf (of direct daarna) geen mededeling daarvan aan klager heeft gedaan, in de gegeven omstandigheden niet tuchtrechtelijk verwijtbaar is. Ook overige klachtonderdelen zijn kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2018:44 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 17161

    Klacht tegen neuroloog gedeeltelijk gegrond, waarschuwing. Ten onrechte diagnose conversie gesteld na onderzoek dat onvoldoende op de klachten was gericht. Ten onrechte geen rekening gehouden met bevindingen andere specialist. Verslaglegging onvoldoende.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:110 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.409

    De aangeklaagde psychiater, en zijn collega (aangeklaagd C2017.410) hebben klager in het kader van een consult strafrechtspleging (trajectconsult) in opdracht van de Officier van Justitie onaangekondigd bezocht. Klager heeft aangegeven eerst met zijn advocaat te willen overleggen waarna de psychiater en zijn collega zijn vertrokken om een week later klager opnieuw te bezoeken. Van dit bezoek is een verslag gemaakt. Klager verwijt de psychiater en zijn collega – kort samengevat – onprofessioneel handelen door een gesprek van slechts tien minuten de status van onderzoek te geven. Voorts klaagt klager over de inhoud van het verslag en verwijt hij de psychiater en zijn collega het dossier onvoldoende bestudeerd te hebben. Het Regionaal Tuchtcollege wijst de klacht af. Het Centraal tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2018:45 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 17241

    Klager met pijnklachten thorax gezien op huisartsenpost. Waarschijnlijkheidsdiagnose spierpijn, vangnetadvies gegeven. Beoordeling met inachtneming criteria uit geldende richtlijnen. Dat na enige dagen een hartinfarct bleek doet daar niet aan af. Klacht tegen huisarts ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2018:61 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-827/DB/ZWB

    Verzet gegrond. Voorzitter had klacht ruimer moeten opvatten. Klacht ongegrond: niet gebleken dat verweerder de indruk heeft gewekt dat hij klager in cassatie zou kunnen bijstaan. Niet gebleken dat verweerder tegen klager heeft gezegd dat hij de zaak alleen wilde doorzetten als een toevoeging zou worden verstrekt, noch dat verweerder fouten heeft gemaakt bij indienen toevoegingsaanvraag. Voldoende duidelijkheid over declaratie ten bedrage van € 1.202,70.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:111 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.410

    De aangeklaagde psychiater, en haar collega (aangeklaagd C2017.409) hebben klager in het kader van een consult strafrechtspleging (trajectconsult) in opdracht van de Officier van Justitie onaangekondigd bezocht. Klager heeft aangegeven eerst met zijn advocaat te willen overleggen waarna de psychiater en haar collega zijn vertrokken om een week later klager opnieuw te bezoeken. Van dit bezoek is een verslag gemaakt. Klager verwijt de psychiater en haar collega – kort samengevat – onprofessioneel handelen door een gesprek van slechts tien minuten de status van onderzoek te geven. Voorts klaagt klager over de inhoud van het verslag en verwijt hij de psychiater en haar collega het dossier onvoldoende bestudeerd te hebben. Het Regionaal Tuchtcollege wijst de klacht af. Het Centraal tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:112 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.459

    Klaagster verwijt de huisarts, voor zover in beroep van belang, dat hij niet adequaat heeft gereageerd op haar gordelroosklachten. Het Regionaal Tuchtcollege wijst de klacht af. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.

  • ECLI:NL:TNORDHA:2018:7 Kamer voor het notariaat Den Haag 17-43

    Klaagster lijdt schade door de hele gang van zaken. Indien zij tijdig was gewaarschuwd door de notaris, was zij niet akkoord gegaan met de constructie en woonde zij nog in haar oude woning met € 125.000,- op haar bankrekening.

  • ECLI:NL:TSCTS:2018:1 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2018-01 (2017.V5-Anna

    Op 26 juni 2017 ontstond aan boord van het Nederlandse zeeschip Anna een brand in de machinekamer. De brand werd zeer waarschijnlijk veroorzaakt doordat, na een smeeroliespuiter vanuit het smeerolieduplexfilter van de hoofdmotor, een nevel van smeerolie ontstond die door onbekende ontstekingsbron ontbrandde. De brand was kort maar zeer hevig en kon vrij snel met gebruik van de vaste blusmiddelen (CO2) worden gedoofd. Desondanks liepen de maritiem officier en een leerling brandwonden aan de armen op, waardoor ze van boord geëvacueerd moesten worden. De brand heeft zeer veel schade in de machinekamer veroorzaakt. Op het moment van de brand was het schip in de aanloop naar Rotterdam, ongeveer 11 mijl WZW van Hoek van Holland.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:113 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.397

    Klacht tegen huisarts. De klacht betreft de meerderjarige zoon van klaagster. Aan de zoon van klaagster was zalf voorgeschreven in verband met klachten van uitslag in beide liezen. Een week later heeft klaagster telefonisch contact opgenomen met de praktijk van de huisarts om een afspraak te maken vanwege het ongewijzigd voortduren van de klachten. Nadat aan klaagster was medegedeeld dat herbeoordeling op zo korte termijn nog geen zin had, is klaagster naar de praktijk gekomen en heeft er een gesprek met de huisarts plaatsgevonden met een zodanig verloop dat de huisarts klaagster heeft gevraagd de praktijk te verlaten. De klachten zijn na onderzoek en behandeling door een dermatoloog enkele weken later verholpen. De klacht houdt zakelijk weergegeven in dat de huisarts : 1. niet heeft voldaan aan verzoeken van klaagster om een consult voor patiënt een week na het voorschrijven van de zalf; 2. zich tegenover klaagster onacceptabel heeft gedragen toen zij op die dag de praktijk bezocht. Het Regionaal Tuchtcollege wijst de klacht af. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klaagster.

  • ECLI:NL:TNORDHA:2018:8 Kamer voor het notariaat Den Haag 17-75

    De klacht houdt in dat de notaris zich niet heeft gedragen zoals van haar in de gegeven omstandigheden en gelet op haar positie in het maatschappelijk verkeer mag worden verwacht. Door het niet toepassen van hoor- en wederhoor alsmede schending van de geheimhoudingsplicht heeft de notaris afbreuk gedaan aan de eer en aanzien van het ambt. Daarbij is tevens sprake van smaad.

  • ECLI:NL:TSCTS:2018:2 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2018-02 (2018.V2 Fiducia)

    Op 28 augustus 2017 ontving ILT melding van de Deense autoriteiten dat het Nederlandse zeeschip Fiducia aan de grond was gelopen in Deense wateren in de positie 56º35,88N 010º26,69E. Betrokkene was op dat moment kapitein. Het schip is zelfstandig losgekomen. Bij een duikinspectie in de haven van Randers, Denemarken, bleek er geen noemenswaardige schade aan het schip te zijn.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:114 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.412

    Klacht tegen gz-psycholoog. De plaatsing van klager in het penitentiair psychiatrisch centrum hing samen met de afspraak die de gz-psycholoog, met klager had gemaakt inhoudende dat hij de laatste achttien maanden van zijn detentie naar een kliniek zou kunnen gaan om te resocialiseren. Klager verwijt de gz-psycholoog: 1. dat zij een en ander anders heeft geregeld zonder klager hiervan op de hoogte te stellen; 2. dat zij klager in een selectieadvies met ernstige etiketten is gaan labelen zoals gehospitaliseerd, langdurige behandeling, suïcidaal en meer. Het Regionaal Tuchtcollege wijst de klacht als kennelijk ongegrond af. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:109 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.323

    Klager verwijt de huisarts dat hij niet de zorg heeft verleend die verwacht mag worden van een zorgvuldig handelend arts, maar heeft gehandeld als een verlengstuk van justitie. Het Regionaal Tuchtcollege wijst de klacht af. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:90 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-646/DH/DH

    Verzet ongegrond. Klacht is gericht tegen de advocaat van de wederpartij in een arbeidsgeschil.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:84 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-643/DH/DH

    Verweerder is opgetreden in een cassatieprocedure waarin hij klager en diens ex-partner als gezamenlijke procespartij bijstond. In een andere kwestie heeft verweerder klager geschreven dat de ex-partner van klager hem had meegedeeld dat klager bezig was inbeslaggenomen inboedelzaken te verkopen en dat hij geen reden had om te veronderstellen dat die mededeling van de ex-partner onjuist was. De raad is van oordeel dat verweerder tuchtrechtelijk laakbaar heeft gehandeld door in zijn e-mail zonder enige nuance te stellen dat hij geen reden had om te twijfelen aan de mededeling van de ex-partner van klager. Een dergelijk bericht past materieel gezien immers bij een partijdig advocaat, terwijl ook klager een cliënt van verweerder is/was. Naar het oordeel van de raad heeft verweerder ook tijdens een telefoongesprek met klager een tuchtrechtelijke grens overschreden. Verweerder heeft immers, zonder klager de mogelijkheid te bieden om zijn kant van het verhaal te vertellen, meegedeeld dat klager de woning diende te verlaten. Ook hieruit blijkt dat verweerder volledig is afgegaan op de mededelingen van de ex-partner van klager. Klacht gegrond. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:56 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-221b

    Ongegronde klacht tegen een psychiater. Bij het bepalen van de diagnose en verdere optreden is de psychiater niet afgeweken van de professionele standaard. De diagnose is te rechtvaardigen. Voorts is gebleken dat de psychiater niet betrokken is geweest bij het aanvragen van de inbewaringstellingen. Ten aanzien van de rechterlijke machtiging (in het kader van de BOPZ) heeft de psychiater in redelijkheid kunnen menen dat een beoordeling door een onafhankelijk psychiater was aangewezen. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2018:60 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 18-176/DB/LI

    Geen advocaat-cliënt relatie tot stand gekomen. Advocaat niet verplicht om opdracht te aanvaarden. Vertrouwen in advocatuur niet geschaad. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2018:42 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2017/353GZP

    Klager dient een klacht in namens zijn moeder. Hij verwijt verweerder een onjuist rapport. Naar aanleiding van het rapport van verweerder is de WIA-uitkering stopgezet. Moeder is bang dat er vanwege het rapport een fraudezaak zal worden gestart tegen haar. Gegrond, berisping.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:50 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-236

    Ongegronde klacht tegen een huisarts. De huisarts heeft de vader van klager via zijn assistente correct doorverwezen, maar dat klager uiteindelijk niet op een spreekuur van verweerder is verschenen met het verzoek om een verwijsbrief, kan verweerder niet worden verweten. Niet gebleken dat de huisarts heeft geweigerd klager op zijn spreekuur te zien. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:85 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-647/DH/DH

    Beslissing op verzet. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:57 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-221a

    Ongegronde klacht tegen een psychiater. Bij het bepalen van de diagnose en verdere optreden is de psychiater niet afgeweken van de professionele standaard. De diagnose is te rechtvaardigen. Voorts is gebleken dat de psychiater niet betrokken is geweest bij het aanvragen van de inbewaringstellingen dan wel de rechterlijke machtiging. Klacht afgewezen.