Zoekresultaten 20551-20600 van de 47494 resultaten

  • ECLI:NL:TACAKN:2018:43 Accountantskamer Zwolle 17/969 en 17/970 Wtra AK

    Tuchtklacht van een getoetst kantoor tegen alle bij een kantoortoetsing betrokken accountants van de Nba (toetsers, vaktechnisch adviseur van de Raad voor Toezicht, leden van de Raad voor Toezicht, accountantslid van de bezwarencommissie Nba en (oud-) bestuursleden van de Nba) om diverse redenen ongegrond verklaard, daargelaten de ontvankelijkheid van die tuchtklacht.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2018:126 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 039/2018

    Klacht tegen arts. Het college oordeelt dat de beslissing om klaagster te separeren en noodmedicatie toe te passen gerechtvaardigd was. Voorts kan niet worden vastgesteld dat Bij de separatie van klaagster door of onder verantwoordelijkheid van verweerder onnodig hardhandig is opgetreden en dat klaagster daarbij gewond is geraakt. De klacht dat verweerder een plan heeft beraamd om klaagster zo lang mogelijk opgenomen te houden is op geen enkele manier onderbouwd. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TACAKN:2018:44 Accountantskamer Zwolle 17/971 Wtra AK

    Tuchtklacht van een getoetst kantoor tegen alle bij een kantoortoetsing betrokken accountants van de Nba (toetsers, vaktechnisch adviseur van de Raad voor Toezicht, leden van de Raad voor Toezicht, accountantslid van de bezwarencommissie Nba en (oud-) bestuursleden van de Nba) om diverse redenen ongegrond verklaard, daargelaten de ontvankelijkheid van die tuchtklacht.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2018:127 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 040/2018

    Klacht tegen psychiater. Het college oordeelt dat de beslissing om klaagster te separeren en noodmedicatie toe te passen gerechtvaardigd was. Voorts kan niet worden vastgesteld dat Bij de separatie van klaagster door of onder verantwoordelijkheid van verweerster onnodig hardhandig is opgetreden en dat klaagster daarbij gewond is geraakt. De klacht dat verweesterr een plan heeft beraamd om klaagster zo lang mogelijk opgenomen te houden is op geen enkele manier onderbouwd. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TACAKN:2018:45 Accountantskamer Zwolle 17/972 t/m 17/976 Wtra AK

    Tuchtklacht van een getoetst kantoor tegen alle bij een kantoortoetsing betrokken accountants van de Nba (toetsers, vaktechnisch adviseur van de Raad voor Toezicht, leden van de Raad voor Toezicht, accountantslid van de bezwarencommissie Nba en (oud-) bestuursleden van de Nba) om diverse redenen ongegrond verklaard, daargelaten de ontvankelijkheid van die tuchtklacht.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2018:128 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 041/2018

    Klacht tegen arts. Klacht kennelijk ongegrond. Niet gebleken is dat verweerster bij de gebeurtenissen waarover geklaagd wordt, betrokken is geweest.

  • ECLI:NL:TACAKN:2018:46 Accountantskamer Zwolle 17/977 Wtra AK

    Tuchtklacht van een getoetst kantoor tegen alle bij een kantoortoetsing betrokken accountants van de Nba (toetsers, vaktechnisch adviseur van de Raad voor Toezicht, leden van de Raad voor Toezicht, accountantslid van de bezwarencommissie Nba en (oud-) bestuursleden van de Nba) om diverse redenen ongegrond verklaard, daargelaten de ontvankelijkheid van die tuchtklacht.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:132 Raad van Discipline Amsterdam 17-200/A/A

    Gedeeltelijk gegronde klacht van curator over advocaat wederpartij. Verweerder heeft gehandeld in strijd met één van de kernwaarden van de advocatuur; integriteit. Hij heeft onware mededelingen aan de rechter-commissaris en de rechtbank. Berisping.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2018:129 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 262/2017

    Diverse klachten van klaagsters over de zorg van verweerster als huisarts aan hun overleden moeder. Klaagsters verwijten verweerster onder meer dat zij ondanks een eerder positief gesprek over euthanasie niet is ingegaan op het verzoek van patiente toen dit actueel werd. Met verweerster is het college van oordeel dat de op dat moment uitgesproken wens om levensbeëindiging van patiënte was ingegeven door haar toestand op dat moment, die het rechtstreekse gevolg was van de pijn en ongemak nadat zij twee keer gevallen was. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TACAKN:2018:47 Accountantskamer Zwolle 17/978 t/m 17/994 Wtra AK

    Tuchtklacht van een getoetst kantoor tegen alle bij een kantoortoetsing betrokken accountants van de Nba (toetsers, vaktechnisch adviseur van de Raad voor Toezicht, leden van de Raad voor Toezicht, accountantslid van de bezwarencommissie Nba en (oud-) bestuursleden van de Nba) om diverse redenen ongegrond verklaard, daargelaten de ontvankelijkheid van die tuchtklacht.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:133 Raad van Discipline Amsterdam 18-053/A/A

    Ongegrond verzet

  • ECLI:NL:TACAKN:2018:48 Accountantskamer Zwolle 18/359 Wtra AK

    Tijdens toetsing heimelijk geantedateerde stukken toevoegen aan het toetsings(controle)dossier; strijd met de fundamentele beginselen van integriteit en professionaliteit. Tijdelijke doorhaling voor 3 maanden.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2018:130 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 003/2018

    Klacht tegen verzekeringsarts UWV over verzekeringsgeneeskundige rapportage in het kader van een WIA einde wachttijd beoordeling en bejegening. Het college acht de klachten ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:134 Raad van Discipline Amsterdam 17-914/A/A

    Ongegrond verzet

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:137 Raad van Discipline 's-Gravenhage 18-219/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht tegen deken in alle onderdelen kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:150 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 18-164

    Voorzittersbeslissing: de voorzitter oordeelt de klacht van klager over advocaat wederpartij in onteigeningsprocedure namens een gemeente kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:138 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-900/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:139 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-963/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:148 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-849

    Ongegrond verzet tegen de voorzittersbeslissing.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:187 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.472

    Klacht tegen een orthopedisch chirurg. Klager is door de orthopedisch chirurg geopereerd aan een lumbale kanaalstenose. De orthopedisch chirurg heeft gedurende een bijna zes uur durende operatie getracht de kanaalstenose te verhelpen door middel van decompressie. Direct na de operatie had klager last van onder andere verminderde motoriek en sensibiliteit in de benen, uitval in het bekkenbodemgebied en de anaalstreek met incontinentie voor urine en ontlasting tot gevolg . Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht van klager dat de orthopedisch chirurg tijdens de operatie tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld ongegrond. Het Regionaal Tuchtcollege heeft klagers klacht dat de orthopedisch chirurg na de operatie niet adequaat heeft gereageerd gegrond verklaard met oplegging van een voorwaardelijke schorsing. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het principaal en incidenteel beroep met handhaving van de door het Regionaal Tuchtcollege opgelegde maatregel van voorwaardelijke schorsing.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:149 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-982 17-983

    Klacht over tegenstrijdige belangen. Verweerder heeft als curator geprocedeerd tegen een vennootschap en de bestuurder alsmede tegen klagers als beweerdelijk feitelijke bestuurder. Indirecte aandeelhouders van de vennootschap zijn de bestuurder, via een holding, en klagers eveneens via een holding, ieder voor 50%. Verweerder is in de beide feitelijke instanties in het ongelijk gesteld. Vervolgens hebben de aandeelhouders onderling over de besluitvorming in de vennootschap een geschil gekregen. Verweerder is daarin gaan optreden voor de vennootschap en de andere bestuurder/aandeelhouder tegen klagers. Klagers hebben daartegen bezwaar gemaakt. De raad heeft hierover geoordeeld dat het verweerder niet vrijstond in het vennootschapsrechtelijke geschil voor de vennootschap en de bestuurder/andere aandeelhouder op te treden tegen klagers omdat de vennootschap verweerder aansprakelijk had gesteld voor het in eerstgenoemde procedure door verweerder gelegde vexatoire beslag en verweerder niet in vrijheid zou kunnen adviseren over mogelijke vervolgstappen. Klagers kunnen als aandeelhouder van die vennootschap een vermogensrechtelijk belang hebben bij een dergelijke procedure tegen verweerder. Het feit dat verweerder wellicht een kennisvoorsprong heeft in een dergelijk geschil is niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Klacht gegrond. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:188 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.401

    Klacht tegen een orthopedisch chirurg, na een rugoperatie waarbij klager een (partiële) dwarslaesie heeft opgelopen. Klager verwijt verweerder: 1. dat hij onvoldoende informatie heeft gekregen betreffende de ingreep op 27 november 2013; 2. dat de risico’s en de alternatieven niet voldoende met hem zijn besproken; 3. dat de indicatie voor de operatie niet juist was; 4. dat hij niet heeft getekend om zijn toestemming voor de operatie te geven; 5. onvoldoende verslaglegging met betrekking tot het informed consent; 6. aanpassing van de operatieverslagen; 7. dat verweerder bij de ingreep gebruik heeft gemaakt van een beitel; 8. dat, anders dan vooraf verteld, bij de operatie en vervolgens na het ontstaan van de dwarslaesie, er geen neurochirurg betrokken was bij de behandeling; 9. dat verweerder geen calamiteitenmelding heeft gedaan bij de IGZ; 10.dat klager het volledige medisch dossier niet eerder heeft gekregen; 11.dat hij een meinedige verklaring heeft afgelegd. Het Regionaal Tuchtcollege Zwolle verklaart klachtonderdeel 2 gegrond, de overige klachtonderdelen ongegrond en legt de maatregel van waarschuwing op. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het principale en het incidentele beroep.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:183 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.232

    Klacht tegen gz-psycholoog. Klaagster verwijt verweerder dat hij zijn beroepsgeheim heeft geschonden doordat hij vertrouwelijke informatie over klaagster met derden heeft gedeeld. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht als kennelijk ongegrond afgewezen en het beroep van klaagster wordt door het Centraal Tuchtcollege verworpen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:184 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.526

    Klacht tegen psychotherapeut. Klager en zijn echtgenote zijn in verband met complexe relatieproblemen, vermoede persoonlijkheidsstoornissen en zorgen over de twee minderjarige kinderen door de huisarts verwezen naar de GGZ-instelling waar verweerder als psychotherapeut werkzaam was. Gedurende een jaar heeft verweerder verschillende gesprekken gevoerd, zowel met beide partners samen als afzonderlijk. Op verzoek van klager is de hulpverlening geëindigd. Klager verwijt verweerder – kort gezegd – dat hij geweigerd heeft de problemen van zijn echtgenote te erkennen en dat hij de privacy van klager heeft geschonden door, in het bijzijn van zijn echtgenote, speculatieve uitlatingen te doen over mogelijk bij klager bestaande persoonlijkheidstoornissen. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:146 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 18-167

    Voorzittersbeslissing: klacht tegen advocaat wederpartij kennelijk ongegrond. Met de stelling dat verweerder niet constructief heeft gehandeld miskent klager dat verweerder als advocaat van de wederpartij niet de belangen van klager maar die van zijn cliënte dient te behartigen. Geen sprake van een onnodig grievende e-mail door verweerder, ook al had hij zich voorzichtiger kunnen uitlaten.

  • ECLI:NL:TAHVD:2017:267 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170120

    Tussenbeslissing. Klacht over eigen advocaat. Ondanks diverse zittingen en afspraken met partijen is over de rekening en verantwoording van verweerder aan de stichting en haar bestuurders (waaronder klager) t.a.v. gelden op de derdengeldrekening van verweerder bestemd voor 54 beleggers (gemachtigd door klager) en de stichting nog steeds geen helderheid is gekomen. Het hof ziet aanleiding het dekenonderzoek te heropenen, de deken te verzoeken nader onderzoek te stellen en van zijn bevindingen verslag aan het hof te doen. Ten overvloede: uit artikel 45a Advocatenwet vloeit voort dat verweerder is gehouden volledige medewerking te verlenen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:185 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.514

    Klacht tegen arts in opleiding tot gynaecoloog. De arts heeft klaagster één keer gezien. Klaagster verwijt de arts (1) dat zij meldde dat de opgevraagde medische gegevens nog niet aanwezig waren, terwijl die wel al ontvangen waren. Volgens klaagster heeft de arts óf niet goed gelezen, óf tegen klaagster gelogen omdat zij klaagster niet wilde helpen. Verder verwijt klaagster de arts (2) gekleurde uitlatingen in haar verslag te hebben gedaan over klaagsters houding en haar wens om snelle service te verkrijgen (3) dat klaagster na een eerder consult werd weggestuurd (4) dat haar verslaglegging incompleet was. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege bevestigt de beslissing in beroep.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:147 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-875

    Ongegrond verzet tegen voorzittersbeslissing.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:186 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.515

    Klacht tegen gynaecoloog. De gynaecoloog heeft klaagster één keer gezien. Klaagster verwijt de arts (1) dat diens verslaglegging incompleet is nu daarin een onvolledige en te algemene formulering van de oorzaak van klaagsters bloedingen is opgenomen, (2) dat de verslaglegging over het gemeten CA 125-gehalte onjuist is, (3) dat zij vergeefs om behandeling heeft verzocht en (4) dat haar klachten verkeerd zijn beschreven op de factuur. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege bevestigt de beslissing in beroep.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:135 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-769/DH/DH

    Beslissing op verzet. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:94 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-300

    Ongegronde klacht tegen een arts. Het rapport voldoet aan de te stellen eisen. Niet gebleken dat de arts niet onafhankelijk was. Aan klager komt geen blokkeringsrecht toe. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:88 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2018-041a

    Gegronde klacht tegen een psychiater. De psychiater heeft erkend dat zij (achteraf gezien) geen grond had voor de opdracht tot inwendig onderzoek bij patiënte. Volgens het College waren de omstandigheden onvoldoende om te kunnen concluderen tot een noodsituatie op grond van de Wet BOPZ. Ook is in de huidige regeling geen sprake van actief ingrijpen in of aan het lichaam van een patiënt. Mocht sprake zijn geweest van een vermoeden van noodsituatie die vergaande maatregelen vergt, dan is een goede beoordeling ter plaatse, overleg met andere behandelaars en kennisneming van het actuele behandelplan een voorwaarde. Berisping.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2018:68 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2018/050

    De klacht betreft de door de neurochirurg bij klaagsters moeder verrichte operatie (laminectomie lumbaal). De klacht houdt onder andere in dat de neurochirurg informatie voor patiënte heeft achtergehouden en haar niet heeft geïnformeerd over de tijdens de operatie ontstane complicatie (durascheur). Ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:136 Raad van Discipline 's-Gravenhage 18-046/DH/RO

    Gegronde klacht over eigen advocaat. Verweerder heeft geen werkzaamheden verricht voor het door klager betaalde voorschot van € 917,50 en heeft dit voorschot – evenals als het dossier in de zaak van klager – niet aan klager geretourneerd. Ook was verweerder onvoldoende onbereikbaar voor klager en heeft hij niet adequaat op diens verzoeken gereageerd. Schorsing van 8 weken, waarvan 4 weken voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar, onder de bijzondere voorwaarden dat verweerder binnen 14 dagen na dagtekening van de beslissing aan de deken moet hebben aangetoond: 1) dat hij het van klager ontvangen voorschot ter hoogte van € 917,50 aan klager heeft terug betaald en 2) dat hij het dossier in de zaak van klager aan klager heeft geretourneerd.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:95 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2018-020

    Ongegronde klacht tegen een cardioloog. De cardioloog is niet betrokken geweest bij de opname van patiënt op de CCU afdeling. Niet gebleken dat de cardioloog teveel medicatie heeft toegediend. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:89 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2018-041b

    Gegronde klacht tegen een arts. De psychiater heeft de arts ten onrechte medegedeeld dat het inwendig onderzoek in een situatie als deze en door de psychiater ten onrechte als noodsituatie op grond van de Wet BOPZ gekenmerkt mocht uitvoeren. Dat de arts op de juistheid hiervan heeft vertrouwd en daarbij haar eigen twijfels opzij heeft gezet en kennis van de wet ontbrak, rekent het College de arts niet aan. Wel wordt de arts aangerekend dat zij de situatie op de afdeling toen zij ter plaatse kwam niet opnieuw heeft beoordeeld. De uitvoering van het inwendige onderzoek had zij op dat moment opnieuw moeten overwogen. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2018:69 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2017/447GZP

    Klacht over behandeling door genderteam. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2018:40 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2017/195

    Klager is geopereerd aan zijn wervelkolom vanwege een wervelkanaalstenose ter hoogte van de 4e en 5e lendenwervel. Na de operatie verdwenen de klachten niet en bleek dat er op het verkeerde niveau was geopereerd, namelijk op het niveau van de 3e en 4e lendenwervel. Het college is van oordeel dat het bepalen van het operatieniveau volgens de geldende beroepsnormen is uitgevoerd en dat hier sprake is van een complicatie. Gelet op de geringe kans dat deze complicatie zich kan voordoen is het binnen de beroepsgroep niet gebruikelijk dat deze tijdens de preoperatieve voorlichting wordt genoemd. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:130 Raad van Discipline Amsterdam 17-933/A/A

    Klacht over deken. Deken dient in beginsel een onderzoek in te stellen naar elke bij hem ingediende klacht. Hoe onderzoek dient plaats te vinden is niet wettelijk geregeld, hetgeen betekent dat de deken een grote vrijheid toekomt in de inrichting van dat onderzoek en bij het bepalen van de reikwijdte ervan. In onderhavig geval is evenwel in het geheel geen onderzoek verricht, nu de deken klager heeft bericht de klacht niet in behandeling te nemen, onder de overweging dat klager met betrekking tot hetzelfde feitencomplex reeds eerder klachten had ingediend over dezelfde verweerders waarover reeds onherroepelijk was beslist (ne bis in idem). Hoewel deze omstandigheid aanleiding kan zijn om het onderzoek door de deken in omvang te beperken, kan dit naar het oordeel van de raad op zichzelf geen aanleiding zijn om de klacht in zijn geheel buiten behandeling te laten. Van bijkomende omstandigheden die voor het buiten behandeling laten van de klacht een rechtvaardiging zouden kunnen vormen is niet gebleken. Klacht gegrond, gelet op specifieke omstandigheden geen maatregel opgelegd.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:143 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 18-187 18-188

    Voorzittersbeslissing: klager was tot enig moment bestuurder van een failliet verklaarde vennootschap, waarbij verweerder sub 1 als curator is benoemd. Na boekenonderzoek is de curator een procedure tegen klager gestart middels openbare betekening van de dagvaarding wegens onbekendheid met de woon- of verblijfplaats van klager. Klager is daarna bij verstek veroordeeld tot betaling van een voorschot op het boedeltekort van € 15.000.000,-. Doordat het vonnis ex artikel 143 Rv nog niet in persoon aan klager is betekend, is de verzettermijn niet aangevangen. Daarnaast is het OM een strafrechtelijke procedure jegens klager gestart wegens vermeende faillissementsfraude. Namens klager is de curator verzocht om vanwege deze strafrechtelijke vervolging een kopie van de dagvaarding en het verstekvonnis van 1 oktober 2014 te verstrekken. Verweerder sub 2 heeft aan de afgifte van de verzochte stukken namens zijn collega/ de curator, met instemming van de rc, voorwaarden verbonden. Klager heeft geweigerd om aan die voorwaarden te voldoen, waarna afgifte van de stukken door verweerders is geweigerd.Naar het oordeel van de voorzitter valt niet in te zien in hoeverre daarvan aan verweerders een tuchtrechtelijk verwijt kan worden gemaakt. Niet is gesteld of gebleken op welke (rechts)grond voor verweerders als curator een verplichting bestond om tot afgifte van de stukken aan klager over te gaan of dat anderszins door hun handelwijze sprake is geweest van zodanige misdragingen dat daardoor het vertrouwen in de advocatuur is geschaad. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:131 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-395/DH/DH-b

    Beslissing op verzet. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:90 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-281

    Ongegronde klacht tegen een huisarts. De huisarts heeft in tegenstelling tot wat klager beweert wel een verklaring afgegeven, alleen bleek deze niet te voldoen volgens klager. Niet kan komen vast te staan hoe de gesprekken tussen klager en de huisarts precies zijn verlopen. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2018:41 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2017/193

    Klager verwijt de anesthesioloog dat hij bij de intubatie zijn gebit heeft beschadigd. Het college heeft niet kunnen vaststellen dat de beschadiging van het gebit door het handelen van verweerder is veroorzaakt. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:131 Raad van Discipline Amsterdam 17-931/A/A 17-932/A/A

    Ongegrond verzet.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:144 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 18-163

    Voorzittersbeslissing: de voorzitter oordeelt alle klachtonderdelen van klager tegen verweerster kennelijk ongegrond. Verweerster heeft op zorgvuldige wijze gehandeld in het alimentatiegeschil tussen klager en zijn ex-partner en heeft daarbij de grenzen van de haar, als advocaat van de wederpartij, toekomende vrijheid niet overschreden.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2018:70 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2018/099

    Klaagster is door verweerder (orthopeed) geopereerd, waarbij een nieuwe techniek is gebruikt. Klaagster verwijt verweerder dat hij niet voldoende kennis en kunde had om deze techniek bij haar toe te passen, waardoor zij blijvend letsel heeft opgelopen. Tevens verwijt zij hem dat hij zonder duidelijk behandelplan aan de operatie is begonnen en haar niet voldoende heeft ingelicht. Ook is verweerder tekortgeschoten in de nazorg. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:132 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-637/DH/DH

    Klager verwijt verweerder dat hij de werkgever van klager – een universiteit – bij brief van 8 september 2016 heeft aangeschreven om zich te beklagen over het optreden van klager als gemachtigde in een kantonprocedure. Volgens klager is verweerder met die brief over de schreef gegaan door daarin evident valse beschuldigingen aan het adres van klager op te nemen, namelijk: dat klager zich voordeed als advocaat, die bovendien mogelijk handelde uit naam van de universiteit. De raad is van oordeel dat er onvoldoende grond was voor de beschuldiging dat klager zich (ten onrechte) zou voordoen als advocaat. Uit de toon en inhoud van de brief van 8 september 2016 leidt de raad af dat het voornaamste doel van verweerder kennelijk was om (de reputatie van) klager te schaden. Berisping.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:91 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-276

    Ongegronde klacht tegen een huisarts. De huisarts valt niet te verwijten dat de poh in de huisartsenpraktijk de uitslag van de allergietest niet correct aan klaagster heeft doorgegeven. Er is geen aanwijzing dat deze fout de huisarts is aan te rekenen, bijvoorbeeld wegens onvoldoende instructie van de poh. Het was voorts wel beter geweest wanneer de huisarts aan klaagster had laten weten wat de vertraging was van een gesprek tussen klaagster en de huisarts, maar dit is niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:145 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 18-192

    Voorzittersbeslissing: de voorzitter oordeelt de klacht van klager tegen advocaat wederpartij in geschil over een maatschap deels kennelijk niet-ontvankelijk, deels kennelijk ongegrond. Verweerder heeft zich aan de gemaakte afspraken over de marsroute gehouden.

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:233 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-546

    Voorzittersbeslissing: klacht tegen eigen advocaat kennelijk ongegrond. Niet gebleken van een ongeoorloofde samenwerking tussen verweerder en de (namens klager) ingeschakelde deurwaarder. Evenmin aannemelijk dat sprake is geweest van uitbuiting van klager door verweerder door ontvangen gelden te verrekenen zoals met klager was afgesproken.