Zoekresultaten 1-20 van de 1582 resultaten

  • ECLI:NL:TACAKN:2026:70 Accountantskamer Zwolle 24/3896 Wtra AK 25/1199 Wtra AK

    Deels gegronde klacht; berisping. Derde en vierde tuchtklacht van klager tegen betrokkene, waarbij de kern van het verwijt is dat betrokkene de Accountantskamer in de vorige tuchtzaak onjuist en onvolledig heeft geïnformeerd. De klacht is deels gegrond. De verwijten van klager berusten grotendeels op (interpretaties van) documenten uit een digitaal systeem van de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst, maar daarmee heeft klager onvoldoende aangetoond dat betrokkene de Accountantskamer onjuist heeft voorgelicht. Enkel het verwijt dat betrokkene niet heeft verklaard dat hij wél toegang had tot een digitaal systeem brengt mee dat de Accountantskamer van oordeel is dat betrokkene tijdens de tweede klachtprocedure niet volledig is geweest in zijn verklaringen.

  • ECLI:NL:TACAKN:2026:71 Accountantskamer Zwolle 25/2700 Wtra AK

    Deels gegronde klacht. Betrokkene was de accountant van klaagsters. Een vennootschap waarvan betrokkene de enig aandeelhouder en bestuurder was, heeft een toezichthouderstructuur voor klaagsters opgezet. De vrouw van betrokkene was daarbij betrokken en werd voorzitter van de Raad van Toezicht. In het voorjaar van 2025 ontstonden bij betrokkene zorgen over de continuïteit van klaagster. Deze zorgen heeft hij bij de bespreking van de conceptjaarrekening 2024 gedeeld met klaagsters en de Raad van Toezicht. Klaagsters verwijten betrokkene onder andere dat sprake hij onvoldoende maatregelen heeft getroffen tegen belangenverstrengeling, dat de toezichthouderstructuur ondeugdelijk was en dat hij richting de Raad van Toezicht een onjuist en onvolledig financieel beeld heeft geschetst. De Accountantskamer is van oordeel dat betrokkene onvoldoende maatregelen heeft genomen tegen de belangenverstrengeling die met name ontstond toen zijn echtgenote voorzitter van de Raad van Toezicht van [X3] werd. In zoverre is de klacht gegrond. De Accountantskamer legt de maatregel van berisping op.

  • ECLI:NL:TACAKN:2026:69 Accountantskamer Zwolle 25/3205 Wtra AK

    Tussen klager en zijn ex-vrouw is een geschil ontstaan over de bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarige kinderen. Klager is hierover een procedure begonnen bij de rechtbank Gelderland. Betrokkene heeft van de ex-vrouw van klager de opdracht gekregen om in verband hiermee een prognose van de winst en de kasstroom van haar huisartsenpraktijk over de jaren 2025 tot en met 2027 op te stellen. De klacht gaat over de uitgangspunten van en de berekeningen in de prognose. De Accountantskamer verklaart de klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TACAKN:2026:68 Accountantskamer Zwolle 24/3943 Wtra AK

    Klaagster is gescheiden. In het kader van de beëindiging van hun huwelijk hebben klaagster en haar ex-partner in 2014 een convenant gesloten waarin zij afspraken hebben gemaakt over de vaststelling en verdeling van hun huwelijksgoederengemeenschap. De afwikkeling van de nalatenschap van de moeder van de ex-partner maakte hiervan deel uit. Betrokkene zou – samen met prof.dr. [B] – als opdrachtnemer onder het convenant de gemaakte afspraken ten uitvoer leggen. Klaagster stelt dat betrokkene zijn opdracht tot op heden niet heeft uitgevoerd. Klaagster vindt dit tuchtrechtelijk verwijtbaar. De Accountantskamer oordeelt dat betrokkene onzorgvuldig heeft gehandeld bij de uitvoering van het convenant. De klacht is in zoverre gegrond. De Accountantskamer legt aan betrokkene de maatregel van waarschuwing op.

  • ECLI:NL:TACAKN:2026:67 Accountantskamer Zwolle 25/3427 Wtra AK

    Gedeeltelijk gegronde klacht. Betrokkene krijgt de maatregel van berisping opgelegd. Klaagster verwijt betrokkene dat hij zonder haar toestemming haar aangifte inkomstenbelasting 2024 bij de belastingdienst heeft ingediend en haar daarvan niet op de hoogte heeft gesteld. Volgens klaagster is de aangifte ook onjuist en heeft betrokkene opzettelijk informatie voor klaagster achtergehouden. Voorts verwijt klaagster betrokkene dat hij in een gesprek haar zorgen over de gang van zaken heeft genegeerd. De Accountantskamer is van oordeel dat betrokkene op meerdere momenten het fundamentele beginstel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid heeft geschonden. Hij heeft de aangifte inkomstenbelasting van klaagster zonder haar toestemming ingediend en klaagster daarvan niet op de hoogte gesteld. Betrokkene heeft ook niet adequaat gereageerd op klaagsters zorgen over de verwerking van de afspraken uit het echtscheidingsconvenant.

  • ECLI:NL:TACAKN:2026:66 Accountantskamer Zwolle 25/1879 Wtra AK

    Betrokkene was penningmeester van een stichting. Na zijn defungeren is de administratie van de stichting onderzocht. Daarbij is gebleken dat betrokkene ten laste van de stichting allerlei betalingen heeft gedaan die niet in verband staan met het doel van de stichting en waarvoor hij ook geen toestemming van het bestuur had. Het gaat onder meer om betalingen voor privé-uitgaven. De klacht is gegrond. Betrokkene wordt de maatregel van doorhaling voor de duur van vijf jaar opgelegd.

  • ECLI:NL:TACAKN:2026:60 Accountantskamer Zwolle 26/1463 Wtra AK

    Voorzittersbelissing inzake klacht tegen accountant die optrad als financieel adviseur voor klaagster en haar ex-man. De accountant zou onjuist hebben gehandeld bij de afwikkeling van de echtscheiding en een verkeerd waarderingsrapport hebben opgesteld van het bedrijf. Door klaagster is een grote hoeveelheid stukken ingediend maar daar niet naar verwezen in de klacht. Het is niet aan de Accountantskamer om zelfstandig in de bijlagen op zoek te gaan naar wat wel en niet dienstig zou kunnen zijn voor de klacht. Klacht is kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TACAKN:2026:61 Accountantskamer Zwolle 26/1590 Wtra AK

    Voorzittersbeslissing inzake klacht tegen accountant die financieel manager is. Verwijt dat hij bedrijven heeft opgezet om activa van klagers te verduisteren en over te hevelen naar een andere vennootschap is kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TACAKN:2026:62 Accountantskamer Zwolle 26/403 Wtra AK

    Ongegronde klacht; mondelinge uitspraak. Betrokkene heeft in opdracht van een gemeente een feitenonderzoek verricht (persoonsgericht onderzoek). Betrokkene heeft geen aanleiding hoeven zien om klager in de gelegenheid te stellen voor wederhoor, omdat hij niet het object van onderzoek was. De persoonsgegevens waren in een eerdere versie van het Memorandum ontoereikend zwartgelakt. Toen betrokkene daarmee werd geconfronteerd, heeft hij alles in het werk gezet om te voorkomen dat deze versie verder verspreid zou worden. Geen strijd met vakbekwaamheid en zorgvuldigheid.

  • ECLI:NL:TACAKN:2026:63 Accountantskamer Zwolle 25/3421 Wtra AK

    De NBA heeft na een reguliere toetsing in 2021 in 2024 een hertoetsing van het accountantskantoor van betrokkene uitgevoerd. De NBA stelt dat bij de hertoetsing diverse tekortkomingen zijn geconstateerd in de opzet en werking van het kwaliteitssysteem, op zowel stelsel- als dossierniveau. Betrokkene erkent dit maar wijst onder andere op haar moeilijke persoonlijke omstandigheden en de maatregelen die zij inmiddels heeft getroffen om de kwaliteit te verbeteren. De Accountantskamer verklaart de klacht gegrond. Betrokkene krijgt de maatregel opgelegd van tijdelijke doorhaling voor de duur van één jaar.

  • ECLI:NL:TACAKN:2026:64 Accountantskamer Zwolle 25/2485 Wtra AK

    Klager had via zijn persoonlijke holding een joint venture met een partner. Nadat klager te kennen had gegeven de joint venture te willen beëindigen, is met de partner een geschil ontstaan over de financiële afwikkeling daarvan. Betrokkene was de accountant van klagers, de partner en hun persoonlijke vennootschappen, alsmede van de joint venture. Betrokkene heeft op verzoek van de partner een brief met daarin een voorstel opgesteld en zij heeft dit voorstel daarna in een tweede brief tegenover klagers verdedigd. Klagers verwijten betrokkene kort gezegd dat zij niet objectief is geweest, dat zij geen hoor en wederhoor heeft toegepast, dat zij heeft gedreigd met extra kosten als de joint venture zou overstappen naar een andere accountant en dat zij zonder toestemming vertrouwelijke informatie uit een gesprek met klager heeft gedeeld met de partner. De klacht is grotendeels gegrond en betrokkene wordt de maatregel opgelegd van tijdelijke doorhaling voor de duur van één maand.

  • ECLI:NL:TACAKN:2026:65 Accountantskamer Zwolle 25/2136 Wtra AK

    Deels gegronde klacht; berisping. Betrokkene heeft geen vergelijkende cijfers opgenomen in de door hem samengestelde jaarrekening, terwijl hij wel de beschikking had over een aangifte Vennootschapsbelasting. Ook deze cijfers kunnen, onder voorwaarden en mogelijk na nadere bewerking, het inzicht van de gebruiker vergroten. Betrokkene had ze dan ook niet zonder meer achterwege mogen laten, zoals hij zelf ook heeft ingezien. Verder treft betrokkene het verwijt dat hij onvoldoende actief is opgetreden toen hem bekend werd dat financiële informatie, afkomstig van een medewerker van zijn kantoor, in een gerechtelijke procedure is gebruikt als accountantsverklaring.

  • ECLI:NL:TACAKN:2026:58 Accountantskamer Zwolle 25/3131 Wtra AK

    Ongegronde klacht. Het accountantskantoor waarvoor betrokkene werkt, heeft voor klagers opdrachten uitgevoerd (samenstellen jaarrekening, aangifte Inkomstenbelasting en Vennootschapsbelasting (IB/Vpb), btw-aangifte). Het accountantskantoor is een buitengerechtelijk incassotraject gestart tegen klagers nadat een aantal facturen niet werd betaald. Het valt betrokkene niet tuchtrechtelijk te verwijten dat zijn kantoor het geschil over de facturen niet voorlegt aan de Raad voor Geschillen van de NBA, maar aan de civiele rechter. Voor het overige is de klacht naar het oordeel van de Accountantskamer onvoldoende door klagers onderbouwd.

  • ECLI:NL:TACAKN:2026:59 Accountantskamer Zwolle 26/1104 Wtra AK

    Kennelijk ongegronde klacht. De voorzitter is van oordeel dat klager onvoldoende feiten en omstandigheden heeft gesteld om te kunnen oordelen dat betrokkene tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.

  • ECLI:NL:TACAKN:2026:56 Accountantskamer Zwolle 24/4360 en 25/2229 Wtra AK

    Betrokkene is accountant geweest van een onderneming (een recreatiepark), die bestaat uit verschillende vennootschappen. Hij had de opdracht om (onder andere) de jaarrekeningen samen te stellen en de belastingaangiften te verzorgen. Klagers verwijten betrokkene dat hij fouten heeft gemaakt bij de bevestiging van de opdracht, het samenstellen en deponeren van de jaarrekeningen en de belastingaangiften. Betrokkene heeft zich ook bemoeid met aanvragen en procedures met betrekking tot coronasteunmaatregelen. Volgens klagers zijn daarbij eveneens fouten door betrokkene gemaakt. De Accountantskamer verklaart de klacht gedeeltelijk gegrond, betrokkene krijgt de maatregel opgelegd van tijdelijke doorhaling voor de duur van één maand.

  • ECLI:NL:TACAKN:2026:57 Accountantskamer Zwolle 26/121 Wtra AK

    Mondelinge uitspraak van de Accountantskamer. De klacht over de kantoorhertoetsing is gegrond, ook omdat betrokkene er geen inhoudelijk verweer tegen heeft gevoerd. De Accountantskamer legt aan betrokkene de maatregel van tijdelijke doorhaling op voor de duur van 18 maanden.

  • ECLI:NL:TACAKN:2026:55 Accountantskamer Zwolle 25/2663 Wtra AK

    Betrokkene heeft een rapportage opgesteld over de eindafrekening van de bedragen die door een groep vennootschappen zijn betaald in relatie tot een overeenkomst van opdracht met klagers. Deze rapportage is gebruikt in een gerechtelijke procedure. Volgens klagers had de rapportage geen deugdelijke grondslag en heeft betrokkene niet voorkomen dat de rapportage zou worden gebruikt als accountantsrapport met goedkeurend oordeel. De klacht is ongegrond.

  • ECLI:NL:TACAKN:2026:54 Accountantskamer Zwolle 26/969 Wtra AK

    Voorzittersbeslissing, de klacht is kennelijk ongegrond. De voorzitter van de Accountantskamer is van oordeel dat klager de feiten en omstandigheden onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt om de zware conclusie te rechtvaardigen dat betrokkene niet integer zou hebben gehandeld.

  • ECLI:NL:TACAKN:2026:53 Accountantskamer Zwolle 25/1779 Wtra AK

    Ongegronde klacht over de controle van de jaarrekening. Klagers hebben geld geïnvesteerd in beleggingsfondsen. Betrokkene heeft de jaarrekeningen 2017 tot en met 2019 van de beleggingsinstelling gecontroleerd en goedkeurende controleverklaringen afgegeven. De AFM heeft in december 2019 de aan de fondsbeheerder verleende vergunning ingetrokken. Betrokkene was niet op de hoogte van de gebreken in de beheerste en integere bedrijfsvoering van de fondsbeheerder toen de opdracht voor de controle van de jaarrekening 2017 van de beleggingsinstelling aanving. Klagers hebben niet aannemelijk gemaakt dat de jaarrekeningen geen getrouwe weergave bevatten van de financiële situatie van de beleggingsinstelling en dat dat te verwijten valt aan betrokkene. Toen betrokkene ermee bekend werd dat de vergunning van de fondsbeheerder werd ingetrokken, heeft betrokkene in zijn controleverklaring bij de jaarrekening 2019 van de beleggingsinstelling een paragraaf ter benadrukking inzake de continuïteit van het fonds opgenomen.

  • ECLI:NL:TACAKN:2026:52 Accountantskamer Zwolle 25/1002 Wtra AK

    Gegronde klacht, berisping. Klager is een van de maten van een maatschap. Volgens klager heeft betrokkene twee documenten opgesteld met verschillende afspraken over de samenwerking binnen een maatschap. De Accountantskamer is van oordeel dat betrokkene niet integer en niet vakbekwaam en zorgvuldig heeft gehandeld bij het opstellen van en adviseren over de samenwerkingsdocumentatie.