Zoekresultaten 42741-42760 van de 47910 resultaten
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1335 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2010.288
- Datum publicatie: 23-08-2011
- Datum uitspraak: 05-07-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1335
Klaagster ondergaat een herkeuring door een verzekeringsarts in het kader van de verzekeringsuitkeringen. In eerste aanleg klaagt klaagster over het feit dat geen lichamelijk onderzoek heeft plaatsgevonden, terwijl dit wel in de rapportage is opgenomen, en dat -ondanks de gedane toezegging aan klaagster-, de arts haar huisarts niet heeft geconsulteerd. Het RTG heeft de klacht in raadkamer behandeld en afgewezen. Het CTG komt tot het oordeel dat niet kan worden vastgesteld dat de arts niet al het lichamelijk onderzoek als vermeld in de rapportage daadwerkelijk bij klaagster heeft verricht. Wel heeft de arts tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld rondom het niet bellen van de huisarts. Een maatregel van waarschuwing en publicatie wordt opgelegd.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1329 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2010.272
- Datum publicatie: 23-08-2011
- Datum uitspraak: 05-07-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1329
Hangt samen met 2010/271, 2010/273, 2010/274 en 2010/275. Klacht over behandeling zoon van klaagster, die drie dagen na de geboorte op de afdeling high care is overleden aan de gevolgen van een harttamponade, bij wie een navelvene-katheter was ingebracht. Klacht tegen arts-assistent niet in opleiding ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1323 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2010.114
- Datum publicatie: 23-08-2011
- Datum uitspraak: 05-07-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1323
In hoger beroep is in geding de vraag of een verpleegkundige in een coördinerende en leidinggevende functie tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld en heeft nagelaten om deugdelijke zorg te bieden aan een jongen die wegens een persoonlijkheidsstoornis op basis van een 24-uurs overeenkomst zelfstandig woont binnen een instelling, maar die steeds verder afgeleidt. Het RTG heeft het handelen van de verpleegkundige getoetst aan de 1e tuchtnorm (art 47 lid 1 onder a Wet BIG). Het CTG daarentegen toetst aan de 2e tuchtnorm (art. 47 lid 1 onder b Wet BIG), en komt tot het oordeel dat geen sprake is van tuchtrechterlijk verwijtbaar handelen.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1336 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2010.349
- Datum publicatie: 23-08-2011
- Datum uitspraak: 05-07-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1336
De aangeklaagde verzekeringsarts verbonden aan het UWV heeft bij klager een arbeidsongeschiktheidskeuring gedaan. De klacht houdt onder meer in dat de arts klager tijdens de keuring heeft mishandeld, ten gevolge waarvan klager vier en een halve week pijn in de liesstreek heeft gehad. Verder klaagt klager erover dat verweerder tijdens het onderzoek geen enkele vraag stelde. Het RTG heeft de klacht als kennelijk ongegrond afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.
-
ECLI:NL:TGZRSGR:2011:YG1337 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2010-196
- Datum publicatie: 23-08-2011
- Datum uitspraak: 23-08-2011
- ECLI:NL:TGZRSGR:2011:YG1337
Klager verwijt de huisarts nalatigheid, onzorgvuldigheid en onverantwoordelijkheid in zijn medisch handelen, waardoor de ziekteklachten van de overledene niet gediagnosticeerd en verholpen c.q. bestreden werden maar verergerden. Berisping.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1330 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2010.273
- Datum publicatie: 23-08-2011
- Datum uitspraak: 05-07-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1330
Hangt samen met 2010/271, 2010/272, 2010/274 en 2010/275. Klacht over behandeling zoon van klaagster, die drie dagen na de geboorte op de afdeling high care is overleden aan de gevolgen van een harttamponade, bij wie een navelvene-katheter was ingebracht. Klacht tegen arts-assistent in opleiding tot kinderarts ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1324 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2010.243
- Datum publicatie: 23-08-2011
- Datum uitspraak: 05-07-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1324
Klacht tegen tandarts over behandeling (kronen, wortelkanaalbehandelingen en klachtbehandelingen) in eerste aanleg deels gegrond, met oplegging van waarschuwing aan de tandarts. Klager is in hoger beroep niet-ontvankelijk ten aanzien van nieuwe klachten. Hoger beroep voor het overige verworpen.
-
ECLI:NL:TGZRSGR:2011:YG1338 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2010-108
- Datum publicatie: 23-08-2011
- Datum uitspraak: 23-08-2011
- ECLI:NL:TGZRSGR:2011:YG1338
Klaagster verwijt de arts dat hij niet heeft gehandeld zoals het een behoorlijk arts betaamt aangezien hij niet de benodigde afstand tussen arts en patiënt in acht heeft genomen en er (seksueel) grensoverschrijdend handelen heeft plaatsgevonden tijdens/na de behandelrelatie. Schorsing voor zes maanden, waarvan drie maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1331 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2010.274
- Datum publicatie: 23-08-2011
- Datum uitspraak: 05-07-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1331
Hangt samen met 2010/271, 2010/272, 2010/273 en 2010/275. Klacht over behandeling zoon van klaagster, die drie dagen na de geboorte op de afdeling high care is overleden aan de gevolgen van een harttamponade, bij wie een navelvene-katheter was ingebracht. Klacht tegen kinderarts, supervisie over de afdeling, gegrond, waarschuwing opgelegd.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1325 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2010.206
- Datum publicatie: 23-08-2011
- Datum uitspraak: 05-07-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1325
Klaagsters zijn moeder en dochter. De dochter heeft zich vanwege nek- en rugklachten onder behandeling gesteld van de arts. De arts stelde na kort lichamelijk onderzoek de diagnose beginnende schizofrenie als gevolg van scheefstand van de nekwervels en heeft de dochter behandeld met orthomanuele manipulatie van de nekwervels en medicatie met propanolol. De klacht houdt onder meer in dat de arts een verkeerde diagnose heeft gesteld, namelijk een ernstige psychiatrische stoornis, onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de geestestoestand van de dochter en ten onrechte een causaal verband heeft gelegd tussen een beschadiging aan de nekwervel en de psychologische toestand van de dochter. Het RTG heeft de maatregel van doorhaling van de inschrijving en schorsing van de inschrijving met onmiddellijke ingang met publicatie opgelegd. Het Centraal Tuchtcollege verklaart het beroep van de arts gegrond, vernietigd de bestreden beslissing op onderdelen en legt de arts een voorwaardelijke schorsing voor een periode van een jaar met publicatie op.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2011:YG1478 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2009/370
- Datum publicatie: 23-08-2011
- Datum uitspraak: 23-08-2011
- ECLI:NL:TGZRAMS:2011:YG1478
Klager,die werkzaam is als piloot, verwijt de arts, kort samengevat, dat zij onzorgvuldig jegens hem heeft gehandeld met betrekking tot zijn ziekmelding. De arts heeft de klacht gemotiveerd betwist.
-
ECLI:NL:TGZRSGR:2011:YG1339 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2010-072
- Datum publicatie: 23-08-2011
- Datum uitspraak: 23-08-2011
- ECLI:NL:TGZRSGR:2011:YG1339
Klaagster verwijt de arts dat hij misbruik heeft gemaakt van de afhankelijke positie van klaagster door met haar een intieme relatie aan te gaan en haar niet heeft doorverwezen naar een andere beroepsbeoefenaar. Klaagster verwijt de arts voorts dat hij zijn beroepsgeheim heeft geschonden. Schorsing voor tien maanden, waarvan zes maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1332 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2010.275
- Datum publicatie: 23-08-2011
- Datum uitspraak: 05-07-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1332
Hangt samen met 2010/271, 2010/272, 2010/273 en 2010/274. Klacht over behandeling zoon van klaagster, die drie dagen na de geboorte op de afdeling high care is overleden aan de gevolgen van een harttamponade, bij wie een navelvene-katheter was ingebracht. Klacht tegen neonatoloog ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1326 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2010.270
- Datum publicatie: 23-08-2011
- Datum uitspraak: 05-07-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1326
Klacht tegen tandarts over behandeling gegrond, omdat de gebitten van klagers een groot aantal jaren ernstig zijn verwaarloosd. Het Regionaal Tuchtcollege heeft doorhaling in het BIG-register bevolen. In hoger beroep is een berisping opgelegd, gelet op het feit dat geen sprake is van recidive, dat er niet eerder klachten zijn ingediend, dat de tandarts zijn praktijk heeft neergelegd en dat de tandarts ter zitting heeft verklaard de ernst van de verwijtbaarheid in te zien.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2011:YG1479 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2010/137
- Datum publicatie: 23-08-2011
- Datum uitspraak: 23-08-2011
- ECLI:NL:TGZRAMS:2011:YG1479
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1333 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2010.276
- Datum publicatie: 23-08-2011
- Datum uitspraak: 05-07-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1333
De aangeklaagde uroloog heeft een laparoscopische clipping van een varicocele uitgevoerd bij klager. Klager verwijt verweerder dat de operatie die bij hem is uitgevoerd niet afgesproken en niet medisch noodzakelijk was. Tevens verwijt klager verweerder dat hij sinds de operatie last heeft van psychische/lichamelijke klachten. Het RTG heeft de klacht als kennelijk ongegrond afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege heeft het beroep van klager verworpen.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1327 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2010.318
- Datum publicatie: 23-08-2011
- Datum uitspraak: 05-07-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1327
Klacht tegen huisarts. Klager verwijt huisarts hem ten onrechte geen medische hulp te hebben verleend. Het Regionaal Tuchtcollege acht het verweer van de arts dat het tussen klager en de arts ging over de vraag of klager zich als patiënt in de praktijk van de arts kon laten inschrijven en niet over de behandeling van een brandwond aannemelijk en acht de klacht kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1315 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2010.196
- Datum publicatie: 22-08-2011
- Datum uitspraak: 16-06-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1315
De burgemeester heeft op 16 maart 2007 de inbewaringstelling gelast van klaagster in een psychiatrisch ziekenhuis. De rechtbank heeft de inbewaringstelling voortgezet. Nadat er op 18 maart 2007 een incident heeft plaatst gehad, is klaagster in de separeer geplaatst. Klaagster verwijt de verpleegkundige dat zij tijdens haar verblijf in de separeer niet naar behoren is verzorgd en begeleid. Het RTG wijst de klacht als ongegrond af nu de verweten gang van zaken tijdens de separeer onvoldoende feitelijk is komen vast te staan. Het CTG bekrachtigt de uitspraak van het RTG onder verbetering van de gronden. In hoger beroep is komen vast te staan dat de verpleegkundige niet betrokken is geweest bij de plaatsing in de separeer. De verpleegkundige was wel betrokken bij het verblijf in de separeer. De daarbij gehanteerde veiligheidsmaatregelen zijn als adequaat aan te merken. Het CTG merkt voorts op dat de betrokken instelling de verkeerde namen heeft doorgegeven van de betrokken verpleegkundigen waardoor de rechtsgang voor klaagster is bemoeilijkt. Ten overvloede wijst het CTG er op dat klaagster pas een kopie heeft ontvangen van haar medisch dossier ná tussenkomst van het CTG.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1309 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2010.166
- Datum publicatie: 22-08-2011
- Datum uitspraak: 16-06-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1309
Klaagster is de dochter van de op 90-jarige leeftijd overleden patiënte. De huisarts was niet de eigen huisarts van patiënte, maar als huisarts verbonden aan de huisartsenpost. Klaagster heeft met verweerster contact gehad toen het levenseinde van patiënte naderde. De klacht houdt in dat verweerster: 1.in medisch technisch opzicht niet adequaat heeft gehandeld door geen lichamelijk onderzoek te doen, niet zelf zorg te dragen voor tijdige en juiste aflevering van de voorgeschreven medicatie en onvoldoende toepassing te geven aan palliatief handelen.2. onvoldoende zorg en aandacht heeft besteed aan een stervende patiënt en haar familie.3.het mentorschap van klaagster heeft miskend en onvoldoende overleg heeft gevoerd met klaagster en haar zus over de situatie waarin hun moeder verkeerde en over de te nemen maatregelen. Het RTG heeft alle klachtonderdelen als kennelijk ongegrond en zonder verder onderzoek in raadkamer afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klaagster.
-
ECLI:NL:TADRARN:2011:YA1916 Raad van Discipline Arnhem 11-52
- Datum publicatie: 22-08-2011
- Datum uitspraak: 06-06-2011
- ECLI:NL:TADRARN:2011:YA1916
Klacht dat verweerster werkzaamheden heeft opgeschort in afwachting van beslissing op toevoegingsaanvraag is feitelijk onjuist. Bezwaar dat verweerster onvoldoende zorgvuldig is geweest bij opstellen memorie van grieven is niet gespecificeerd laat staan onderbouwd. Concept destijds op voorhand aan klaagster toegezonden.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 2137
- Pagina: 2138
- Pagina: 2139
- ...
- Pagina: 2396
- Volgende pagina zoekresultaten