Zoekresultaten 201-220 van de 48158 resultaten
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:165 Raad van Discipline Amsterdam 25-848/A/NH
- Datum publicatie: 23-07-2026
- Datum uitspraak: 20-07-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:165
Beslissing op verzet. Klaagster is lid van een VvE. Verweerster staat de VvE bij, maar ook de twee andere leden van de VvE. Klaagster heeft erover geklaagd dat dat niet kan. De voorzitter heeft de klacht gedeeltelijk kennelijk niet-ontvankelijk verklaard en gedeeltelijk kennelijk ongegrond. De raad acht het verzet gegrond. Uit de beslissing van de voorzitter blijkt niet dat hij heeft getoetst aan het kader dat door het hof van discipline is gegeven in ECLI:NL:TAHVD:2022:16. De raad verwijst de zaak naar een zitting voor de verdere behandeling van de klacht.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:156 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2026/3263
- Datum publicatie: 23-07-2026
- Datum uitspraak: 22-07-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:156
.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:159 Raad van Discipline Amsterdam 26-114/A/A
- Datum publicatie: 23-07-2026
- Datum uitspraak: 20-07-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:159
Raadbeslissing; gegronde klacht over de advocaat wederpartij. Verweerster heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door klager rechtstreeks te benaderen, terwijl zij wist dat hij werd bijgestaan door een advocaat. Daarnaast heeft zij zich in haar sommatiebrief ongepast en dreigend uitgelaten. Bij de bepaling van de maatregel heeft de raad meegewogen dat verweerster haar fout ten aanzien van het rechtstreeks aanschrijven van klager zelf heeft ingezien en na ontdekking heeft rechtgezet. Gelet daarop en mede in aanmerking nemend dat verweerster niet eerder met de tuchtrechter in aanraking is gekomen, acht de raad de maatregel van een waarschuwing passend en geboden.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:235 Hof van Discipline 's Gravenhage 260257 260258
- Datum publicatie: 23-07-2026
- Datum uitspraak: 23-07-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:235
Afwijzing verzoek tot verwijzing op grond van artikel 46c lid 5 Advocatenwet. Het klachtrecht is niet bedoeld om te klagen over procedurele beslissingen die een deken tijdens het klachtonderzoek neemt (zoals het toelaten van stukken). Klager kan, na afronding van het klachtonderzoek door de deken en na betaling van het griffierecht, zijn klacht over mr. S laten toetsen door de raad van discipline. Binnen de kaders van die procedure kan klager al zijn bezwaren over het klachtonderzoek door de deken en de daarin door de deken genomen procedurele beslissingen onder de aandacht van de raad van discipline brengen. Daarom zal de voorzitter de klacht over de deken niet verwijzen.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:153 Raad van Discipline Amsterdam 26-459/A/A 26-462/A/A
- Datum publicatie: 23-07-2026
- Datum uitspraak: 20-07-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:153
Voorzittersbeslissing; Twee opvolgende klachten over de advocaat wederpartij (van klagers ex-partner) in een familierechtszaak kennelijk ongegrond met waarschuwing misbruik van recht. Klager heeft inmiddels drie klachten ingediend over verweerder. De klachten betreffen stuk voor stuk de bijstand van verweerder aan de ex-partner van klager. De voorzitter is er ambtshalve mee bekend dat klager over de voormalig advocaat van zijn ex-partner ook vier klachten heeft ingediend. Klager is erop gewezen dat het tuchtrecht er niet voor is bedoeld om onbeperkt ruimte te geven aan klagers om hun onvrede over advocaten telkens opnieuw, in iets andere vorm, maar met op hoofdlijnen dezelfde soort klachten, aan de orde te stellen. Klager moet er daarom ernstig rekening mee houden dat een volgende klacht die op enigerlei wijze samenhangt met de eerder ingediende klachten, niet meer (inhoudelijk) in behandeling wordt genomen.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:157 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2935
- Datum publicatie: 23-07-2026
- Datum uitspraak: 22-07-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:157
Klacht tegen chirurg kennelijk ongegrond. Klager, die al sinds lange tijd bekend is met een partiële dwarslaesie, heeft na een val in huis zijn onderbeen gebroken. In verband hiermee is hij in het ziekenhuis opgenomen geweest. Over de opname vanwege zijn beenbreuk heeft klager klachten ingediend tegen verschillende artsen die bij zijn behandeling waren betrokken, onder wie de chirurg. Het Centraal Tuchtcollege laakt het gebrek aan regie tijdens de opname van klager, maar dient voor iedere arts afzonderlijk te beoordelen of al dan niet sprake is van persoonlijke verwijtbaarheid. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:160 Raad van Discipline Amsterdam 25-898/A/A
- Datum publicatie: 23-07-2026
- Datum uitspraak: 20-07-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:160
Raadsbeslissing; zeer uitgebreide klacht over de advocaat wederpartij in een familierechtzaak in alle onderdelen ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:154 Raad van Discipline Amsterdam 26-088/A/A 26-103/A/A
- Datum publicatie: 23-07-2026
- Datum uitspraak: 20-07-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:154
Raadsbeslissing. De raad is van oordeel dat verweerders in ieder geval tot en met 30 april 2025 feitelijk de advocaten waren van meerdere vennootschappen. Er bestond een risico op een belangenconflict. De raad is in deze zaak van oordeel dat klaagsters voldoende rechtstreeks belang hebben bij hun klacht en dat verweerders bij het verlenen van hun rechtsbijstand duidelijker hadden moeten zijn over de positie van de onderlinge vennootschappen en de gevolgen van een eventueel tegenstrijdig belang tussen de partijen. Toen dat tegenstrijdig belang zich eenmaal had geopenbaard hadden verweerders dit op tafel moeten leggen en hierover in openheid met L. B.V. en de vennootschappen moeten overleggen. Door daar onvoldoende oog voor te hebben, hebben verweerders gehandeld op een wijze die botst met de kernwaardes van de advocatuur. De klacht is daarom gegrond. De raad legt de maatregel van waarschuwing op.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:158 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2933
- Datum publicatie: 23-07-2026
- Datum uitspraak: 22-07-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:158
Klacht tegen chirurg kennelijk ongegrond. Klager, die al sinds lange tijd bekend is met een partiële dwarslaesie, heeft na een val in huis zijn onderbeen gebroken. In verband hiermee is hij in het ziekenhuis opgenomen geweest. Over de opname vanwege zijn beenbreuk heeft klager klachten ingediend tegen verschillende artsen die bij zijn behandeling waren betrokken, onder wie de chirurg. Het Centraal Tuchtcollege laakt het gebrek aan regie tijdens de opname van klager, maar dient voor iedere arts afzonderlijk te beoordelen of al dan niet sprake is van persoonlijke verwijtbaarheid. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:161 Raad van Discipline Amsterdam 26-074/A/A
- Datum publicatie: 23-07-2026
- Datum uitspraak: 20-07-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:161
Klacht tegen de eigen advocaat over de kwaliteit van dienstverlening. Verweerder heeft klager bijgestaan bij een familierechtelijke kwestie. Verweerder heeft afgewacht met het indienen van een verzoek tot een voorlopige voorziening met toewijzing van de woning aan klager als doel. Verweerder heeft de reden van het afwachten gedeeld met klager, maar niet schriftelijk vastgelegd. Verweerder is daarmee tekortgeschoten. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:155 Raad van Discipline Amsterdam 26-030/A/A
- Datum publicatie: 23-07-2026
- Datum uitspraak: 20-07-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:155
Ongegrond verzet.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:159 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2904
- Datum publicatie: 23-07-2026
- Datum uitspraak: 22-07-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:159
Klacht tegen een internist. De echtgenote van klager is gedurende negen dagen opgenomen geweest op de afdeling interne geneeskunde van een ziekenhuis. Daar is een neusmaagsonde geplaatst. Klager verwijt de internist dat zij bij het ontslag uit het ziekenhuis onzorgvuldig heeft gehandeld, omdat zij (a) de patiënte en klager twee uur heeft laten wachten op een ontslaggesprek, (b) de patiënte en klager niet of onvoldoende heeft geïnformeerd over het gebruik van de sonde en de daarmee samenhangende risico’s bij het gebruik, alsmede de voorgeschreven medicatie, en (c) in de zorgoverdracht en een brief aan de huisarts geen of onvoldoende instructie heeft gegeven over het gebruik van de voorgeschreven medicatie. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart klachtonderdeel (b) gegrond en legt aan de internist een waarschuwing op. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager over klachtonderdeel (c) en het incidenteel beroep van de internist over klachtonderdeel (b).
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:132 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8705
- Datum publicatie: 22-07-2026
- Datum uitspraak: 22-07-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:132
Kennelijk ongegronde klacht tegen een GZ-psycholoog. Klager, de echtgenoot van een patiënte met Alzheimer, verwijt de GZ-psycholoog onder meer dat zij een voorgenomen verhuizing van patiënte heeft geïnitieerd en verzwegen, de familie niet heeft betrokken bij de besluitvorming, buiten het multidisciplinair overleg om heeft gehandeld, onvoldoende uitleg heeft gegeven over de verhuizing en niet in het belang van patiënte heeft gehandeld. Het college oordeelt dat verweerster niet verantwoordelijk was voor de communicatie met de familie of het initiëren van de verhuizing, dat zij heeft gehandeld in samenspraak met de betrokken zorgverleners en dat de overwegingen voor de voorgenomen verhuizing voldoende waren gemotiveerd. Ook is niet gebleken dat zij buiten haar professionele rol is getreden of de belangen van patiënte heeft veronachtzaamd. De klacht wordt daarom kennelijk ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:157 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-746/DH/DH
- Datum publicatie: 22-07-2026
- Datum uitspraak: 13-07-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:157
Verzet ongegrond
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:133 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8622
- Datum publicatie: 22-07-2026
- Datum uitspraak: 22-07-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:133
Verwijten aan huisarts dat zij klager niet naar een oogarts maar naar een optometrist heeft gestuurd, dat zij klager niet zelf heeft uitgenodigd op haar spreekuur, dat zij zijn klachten niet serieus heeft genomen, dat zij onvoldoende heeft gedaan om ervoor te zorgen dat klager eerder bij de oogarts terecht kon en dat zij achteraf haar fout niet heeft erkend. De klacht is in zoverre gegrond, dat de huisarts in de door klager in een herhaald e-consult geuite klachten aanleiding had moeten zien om contact met klager op te nemen, hetzij telefonisch hetzij door hem uit te nodigen op het spreekuur, om die klachten uit te vragen en deugdelijk te kunnen beoordelen of een verwijzing met spoed alsnog in de rede lag. De klacht is voor het overige ongegrond. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:158 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-624/DH/DH
- Datum publicatie: 22-07-2026
- Datum uitspraak: 13-07-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:158
Raadsbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij. Niet gebleken dat verweerder de raad en het hof van discipline in zijn schriftelijke stukken die hij in de eerdere klachtprocedure bij de raad en/of het hof heeft ingediend, heeft misleid met zijn standpunten over de adviesaanvraag en (de inhoud van) het advies aan het OM met als doel om de tuchtrechtelijke toetsing van zijn handelen te frustreren. De mededelingen over de adviesaanvraag en het advies die verweerder in deze procedure worden verweten zijn gedaan in de periode dat verweerder nog aan zijn geheimhoudingsplicht gebonden was en dat dit van invloed was op welke mededelingen verweerder daarover wel en niet kon doen. Klacht is ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:21 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2026/03
- Datum publicatie: 22-07-2026
- Datum uitspraak: 17-07-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:21
Spoedtestament. De notaris bezoekt een testateur met spoed thuis en spreekt af dat zij de volgende ochtend zal terugkomen voor de wijziging van het testament. ’s-Nachts overlijdt de testateur. Omdat hij zijn testament kort daarvoor ook al twee keer had gewijzigd, het om een ingrijpende wijziging ging en degene die daardoor begunstigd zou worden het initiatief tot dienstverlening had genomen, was de notaris alert op de mogelijkheid van beïnvloeding en heeft zij bewust enige bedenktijd ingebouwd. In de gegeven omstandigheden vindt de kamer dat niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Wel had de communicatie met de klaagster over het moment waarop de notaris zou terugkomen beter gekund, maar dat is onvoldoende voor een tuchtrechtelijk verwijt. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:159 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-574/DH/DH
- Datum publicatie: 22-07-2026
- Datum uitspraak: 13-07-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:159
Verzet
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:129 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/9186
- Datum publicatie: 22-07-2026
- Datum uitspraak: 22-07-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:129
Klaagster verwijt huisarts dat hij heeft geweigerd haar zoontje van acht jaar naar de oogarts te verwijzen en dat hij klaagster (in aanwezigheid van haar kinderen) respectloos en intimiderend heeft benaderd en hen zonder reden naar buiten heeft geduwd. De juistheid van het medisch dossier geldt voor het college in beginsel als uitgangspunt voor de beoordeling van een klacht. Klaagster heeft geen feiten of omstandigheden aangedragen op basis waarvan het college kan concluderen dat hetgeen de huisarts over het consult en de (wijze van) communicatie in het medisch dossier heeft genoteerd, onjuist is. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORDHA:2026:17 Kamer voor het notariaat Den Haag 26-18
- Datum publicatie: 22-07-2026
- Datum uitspraak: 15-07-2026
- ECLI:NL:TNORDHA:2026:17
De notaris was verzocht om de afwikkeling van de nalatenschap van erflaatster in behandeling te nemen. Klaagster verwijt de notaris onder andere onvoldoende duidelijkheid over haar rol, structureel negeren van correspondentie en schijn van partijdigheid. De klacht is op alle onderdelen ongegrond verklaard.