Zoekresultaten 1841-1860 van de 47494 resultaten

  • ECLI:NL:TACAKN:2025:64 Accountantskamer Zwolle 25/1778 Wtra AK

    Voorzittersbeslissing, de klacht is kennelijk ongegrond. De voorzitter is van oordeel dat sprake is van een klacht over nagenoeg dezelfde feiten als waarover de Accountantskamer al eerder heeft geoordeeld, dat de tuchtklacht niet los kan worden gezien van het verdiepte geschil tussen klager en een derde en dat de argumenten die klager brengen tot zijn standpunt dat sprake is van nieuwe feiten en omstandigheden te licht zijn om gewicht in de schaal te leggen. De betrokken accountant handelt niet verwijtbaar met zijn beroep om de klacht vereenvoudigd af te doen met een voorzittersbeslissing.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2025:233 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8069

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een revalidatiearts. De destijds 5-jarige dochter (patiënte) van klaagster was opgenomen in het revalidatiecentrum waar verweerster werkzaam is. Klaagster verwijt de revalidatiearts onder meer dat zij niet heeft meegewerkt aan de wens van de ouders van patiënte om patiënte weer terug te laten keren naar regulier onderwijs. Het college stelt vast dat de revalidatiearts de tijd heeft willen nemen om aan klaagster uit te leggen waarom het niet goed was om met de revalidatie te stoppen. Door dit verloop heeft het verkrijgen van toestemming voor de overdracht naar de school wellicht vertraging opgelopen, dit kan de revalidatiearts niet worden verweten. Overige klachtonderdelen ook kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2025:216 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-551/AL/GLD

    voorzittersbeslissing over advocaat wederpartij. Verweerder heeft als overnemend advocaat abusievelijk een onvolledig procesdossier eerste aanleg bij het gerechtshof gefourneerd. Hij mocht erop vertrouwen dat dat procesdossier van zijn cliënten in orde was. Na de ontdekking van de vergissing heeft verweerder dat meteen rechtgezet. Als partijdige belangenbehartiger mocht verweerder de standpunten en feiten namens zijn cliënten innemen zoals gedaan. Ook mocht verweerder zich ervan vergewissen, ook na de e-mail van klager, of de advocaat van klager hem nog altijd bijstond. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2025:234 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2024/7955

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een psychiater. De psychiater, destijds werkzaam als AIOS, heeft samen met een behandelteam een huisbezoek afgelegd, naar aanleiding van een melding van de vader van klager. Klager verwijt de AIOS zijn huis te zijn binnengedrongen, zonder toestemming, zonder contact vooraf en zonder aankondiging. Het college oordeelt dat er geen sprake is van een forceerde toegang. Gebrek aan voorafgaand contact kan de AIOS niet worden verweten, zij heeft voorts adequaat gereageerd op de situatie en de ontwikkelingen tijdens het korte huisbezoek. Overige klachtonderdelen ook kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2025:137 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-568/DB/ZWB

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in alle onderdelen kennelijk ongegrond. Het was de taak van verweerster om de belangen van haar cliënt te behartigen en in dat verband in de procedure die standpunten naar voren te brengen en die stukken in het geding te brengen waarmee naar haar oordeel de belangen van haar cliënt het beste werden gediend. Dat verweerster daarbij misbruik van procesrecht heeft gemaakt of anderszins de belangen van klager nodeloos heeft geschaad, is de voorzitter niet gebleken. Dat verweerster feiten heeft gesteld waarvan zij de onwaarheid kende of behoorde te kennen is de voorzitter evenmin gebleken.

  • ECLI:NL:TADRARL:2025:217 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-553/AL/GLD

    voorzittersbeslissing. Het staat een advocaat vrij om een zaak te weigeren, zoals verweerder heeft gedaan. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2025:235 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2024/7956

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een huisarts die destijds werkzaam was als ANIOS. Klager is ontvankelijk. De ANIOS was niet betrokken bij de beslissing om een huisbezoek af te leggen en heeft geen medische of zorghandelingen verricht. Zij was net begonnen aan haar inwerkperiode en was mee om te observeren hoe een huisbezoek verloopt. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2025:218 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-554/AL/GLD

    voorzittersbeslissing. Klaagster is deels niet-ontvankelijk omdat zij buiten de wettelijke driejaarstermijn heeft geklaagd. Het stond verweerder vrij om geen nieuwe zaak van klaagster aan te nemen. In zoverre is de klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2025:236 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2024/7958

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een psychiater. Klager verwijt de psychiater onder meer dat zij verantwoordelijk is voor het zonder zijn toestemming binnentreden van een behandelteam. De psychiater heeft haar beslissing om een huisbezoek te laten plaatsvinden goed onderbouwd en gedocumenteerd en heeft de-escalerend gehandeld. De psychiater was niet aanwezig bij het huisbezoek, dus de klachtonderdelen die betrekking hebben op het huisbezoek zijn ook ongegrond. Klacht kennelijk ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2025:158 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2734 Verzet

    .

  • ECLI:NL:TNORSHE:2025:14 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/10

    Klager verwijt de notaris dat zij onzorgvuldig heeft gehandeld bij de afwikkeling van erflaters nalatenschap. De klacht wordt gedeeltelijk gegrond verklaard. De notaris heeft het proces van afwikkeling van erflaters nalatenschap namelijk onvoldoende bewaakt, onvoldoende gecommuniceerd en daarbij onvoldoende invulling gegeven aan haar regiefunctie. Ook heeft zij slordige en vermijdbare fouten gemaakt (zoals het aanschrijven van iemand die geen erfgenaam is en diegene erflaters nalatenschap laten aanvaarden). Daarmee heeft de notaris gehandeld in strijd met haar notariële zorgplicht. Aan de notaris wordt de maatregel van waarschuwing opgelegd.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:175 Raad van Discipline Amsterdam 25-564/A/A

    Voorzittersbeslissing; Kennelijk ongegronde klacht over de eigen advocaat; Niet gebleken is dat de verweersters dienstverlening ondermaats is geweest. Ook heeft verweerster zich zorgvuldig aan de zaak onttrokken door eerst met de deken te overleggen en daarnaast uitstel van de zitting te vragen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2025:159 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2835 Verzet

    .

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2025:115 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8225

    Klacht van de IGJ tegen een fysiotherapeut gegrond. Maatregel: voorwaardelijke schorsing van twaalf maanden met proeftijd twee jaar en bijzondere voorwaarden. De klacht gaat over seksueel grensoverschrijdend gedrag. De IGJ verwijt verweerder dat hij een affectieve en seksuele relatie is aangegaan met een patiënte. Verweerder erkent dat hij gedurende de behandelrelatie van 2018 tot 2021 een relatie met patiënte heeft gehad. Hoewel de relatie lang heeft voortgeduurd en verweerder tussentijds niet heeft gereflecteerd op zijn handelen, ziet het college, net als de IGJ, wel dat hij maatregelen wil nemen om zich professioneel in goede zin te ontwikkelen en herhaling te voorkomen. De bijzondere voorwaarden zien op het informeren van de IGJ over de psychologische behandeling van verweerder en bij een wijziging van zijn werkomgeving.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:176 Raad van Discipline Amsterdam 25-565/A/A

    Voorzittersbeslissing; kennelijk ongegronde klacht over verweerder in de hoedanigheid van klachtenfunctionaris. Verweerder heeft met de wijze waarop hij heeft gehandeld als klachtenfunctionaris het vertrouwen in de advocatuur niet geschaad.

  • ECLI:NL:TAHVD:2025:189 Hof van Discipline 's Gravenhage 250101

    Hof bepaalt na intrekking van hoger beroep ingangsdatum schorsing en proeftijd.

  • ECLI:NL:TADRARL:2025:215 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-160/AL/MN

    Verweerder heeft een brief aan de rechtsbijstandsverzekeraar van zijn cliënte gestuurd, zonder dat hij hiervoor toestemming van zijn cliënte had. De raad heeft geoordeeld dat dat tuchtrechtelijk verwijtbaar is. De raad houdt er echter ook rekening mee dat er weinig vertrouwelijke informatie in die brief stond en dat verweerder zijn geheimhoudingsverplichting niet bewust heeft geschonden; verweerder dacht (weliswaar ten onrechte) dat hij hiervoor toestemming van zijn cliënte had. Verder houdt de raad er rekening mee dat verweerder niet eerder door de raad is veroordeeld. Gelet op de (beperkte) ernst van het handelen van verweerder en de hierboven genoemde omstandigheden, wordt volstaan met de gegrondverklaring van een deel van de klacht en wordt geen maatregel worden opgelegd.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2025:156 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2834

    Ongegronde klacht tegen een apotheker. Klager is voor de deur van de apotheek in elkaar gezakt. Hij verwijt de apotheker onder meer dat hij hem in een hulpeloze toestand heeft gebracht of gelaten en omstanders ervan heeft weerhouden om hulp te verlenen. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht in al haar onderdelen kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager tegen deze beslissing.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:173 Raad van Discipline Amsterdam 25-531/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de kwaliteit van dienstverlening van de eigen advocaat is kennelijk ongegrond. Naar het oordeel van de voorzitter heeft verweerster gemotiveerd aangevoerd dat zij haar besluit om zich te onttrekken, niet lichtvaardig heeft genomen. Verweerster was van mening dat sprake was van een verstoorde vertrouwensrelatie met klager. Zij heeft dit zowel per e-mail als telefonisch ook zo aan klager uitgelegd. Daarbij heeft verweerster klager ook verwezen naar een andere advocaat en heeft zij haar bijstand aan klager pas beëindigd nadat zij bezwaarschrift voor hem had opgesteld en ingediend. Van het missen van een termijn is geen sprake geweest en het is de voorzitter evenmin gebleken dat klager op andere wijze procedurele schade heeft geleden als gevolg van de onttrekking door verweerster. Verder had verweerster aan klager bericht dat het bezwaarschrift door haar was ingediend en dat zij ook een voorlopige voorziening voor hem zou aanvragen, maar dat klager hiertoe eerst de tweede voorschotnota diende te betalen. De voorzitter acht dit een begrijpelijke mededeling. Klager had deze nota immers (kennelijk) nog niet betaald en verweerster wenste financiële zekerheid, voordat zij haar werkzaamheden voor klager zou hervatten. Dat verweerster hiermee ondermaats, danwel tuchtrechtelijk verwijtbaar zou hebben gehandeld, is de voorzitter niet gebleken en klager heeft dit klachtonderdeel ook niet nader onderbouwd.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2025:157 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2733 Verzet

    .