Zoekresultaten 31-40 van de 47127 resultaten
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:78 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2937
- Datum publicatie: 13-04-2026
- Datum uitspraak: 13-04-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:78
Klacht tegen arts in opleiding tot psychiater. Klaagster werd in januari 2024 gezien door de arts voor een intake op de polikliniek Psychiatrie. In het kader van de opleiding heeft de arts, werkzaam onder supervisie, zelfstandig de intake gedaan. De bevindingen van de intake werden, na overleg met de supervisor en collega’s, met klaagster besproken. Klaagster verwijt de arts het stellen van een onjuiste diagnose, schending van de informatieplicht, een onzorgvuldige dossiervorming, het schenden van het beroepsgeheim en een gebrekkige voorlichting over verdere behandelmogelijkheden. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verklaart het beroep gedeeltelijk niet-ontvankelijk en verwerpt het beroep voor het overige.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:103 Hof van Discipline 's Gravenhage 250423
- Datum publicatie: 13-04-2026
- Datum uitspraak: 10-04-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:103
Beklag artikel 13 ongegrond. De deken heeft zich terecht op het standpunt gesteld dat voor de procedure die klaagster wil voeren bijstand van een advocaat niet noodzakelijk is. Dit omdat het een bestuursrechtelijke procedure betreft, waarvoor geen verplichte procesvertegenwoordiging geldt. De verplichting voor de deken om op grond van artikel 13 Advocatenwet een advocaat aan te wijzen geldt alleen voor personen die een advocaat zoeken voor een procedure waarbij een advocaat verplicht is of voor een procedure waarin zij uitsluitend door een advocaat kunnen worden bijgestaan.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:79 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/3074
- Datum publicatie: 13-04-2026
- Datum uitspraak: 13-04-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:79
Klaagster is eind 2024 tweemaal op consult geweest bij de tandarts. Over beide consulten is klaagster ontevreden. Zij vindt dat ze beide keren lang in de wachtkamer heeft moeten wachten, dat zij onvoldoende uitleg heeft gekregen over voedingssupplementen en dat de behandeling tijdens het tweede consult (behandeling van cariës) niet zorgvuldig is uitgevoerd. Ook heeft klaagster geen reactie gekregen op de klacht die zij bij de tandartspraktijk heeft ingediend. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. In beroep gaat het alleen over het verwijt dat de behandeling van cariës niet zorgvuldig is uitgevoerd. Het Centraal Tuchtcollege komt tot hetzelfde oordeel als het Regionaal Tuchtcollege en verwerpt het beroep van klaagster.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:104 Hof van Discipline 's Gravenhage 250413
- Datum publicatie: 13-04-2026
- Datum uitspraak: 10-04-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:104
Klaagster heeft beroep ingesteld tegen een beslissing van de Raad van Discipline in het ressort Amsterdam (hierna: de raad) waarbij het verzet van klaagster tegen een voorzittersbeslissing ongegrond is verklaard. Tegen een dergelijke beslissing staat geen hoger beroep open. Hetgeen klaagster bij het hof heeft aangevoerd levert naar vaste jurisprudentie van het hof geen grond op voor doorbreking van het appelverbod. Klaagster kan dan ook niet in hoger beroep worden ontvangen. Het beroep is niet-ontvankelijk verklaard.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:76 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2025/8671
- Datum publicatie: 10-04-2026
- Datum uitspraak: 10-04-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:76
Kennelijk ongegronde klacht tegen een arts in opleiding tot huisarts. Klager heeft twee weken na een bezoek aan de spoedpoli van een GGZ-aanbieder zijn echtgenote gedood. Klager verwijt de arts dat hij en een collega hebben nagelaten de noodzakelijke medische zorg te verlenen, dan wel niet hebben ingegrepen bij een mogelijk levensbedreigende situatie. Het college is van oordeel dat er voor de arts geen aanleiding was om acuut gevaar te vermoeden. Er was dan ook geen reden om klager op te nemen.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:77 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9111
- Datum publicatie: 10-04-2026
- Datum uitspraak: 10-04-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:77
Kennelijk ongegronde klacht tegen een gz-psycholoog. Klaagster verwijt de gz-psycholoog dat niet duidelijk was wie de regiebehandelaar was. Het was beter geweest als de wijziging van het regiebehandelaarschap niet alleen telefonisch maar ook schriftelijk aan klaagster was medegedeeld. Achterwege blijven van de schriftelijke mededeling is echter niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. De overige klachtonderdelen zijn ook ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:78 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8245
- Datum publicatie: 10-04-2026
- Datum uitspraak: 10-04-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:78
Gedeeltelijk gegronde klacht tegen een psychotherapeut. Klager verwijt de psychotherapeut onder meer dat zij als regiebehandelaar een brief heeft ondertekend waarin ten onrechte is vermeld dat sprake was van ‘wederkerige mishandeling’, met als gevolg dat klager daarvan nadeel ondervond in gerechtelijke procedures. Dit klachtonderdeel is gegrond. Door het begrip ‘anamnestische’ weg te laten, lijkt sprake te zijn van een vaststaand feit. Dat laatste staat echter niet vast en blijkt echter nergens uit. In de overige klachtonderdelen is klager niet-ontvankelijk. Het college legt een waarschuwing op.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:101 Hof van Discipline 's Gravenhage 250238
- Datum publicatie: 10-04-2026
- Datum uitspraak: 10-04-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:101
Klacht over de advocaat van de wederpartij. Klager heeft als bungaloweigenaar en voorzitter van de belangenvereniging van bungaloweigenaren een klacht ingediend tegen de advocaat van de v.o.f. die het bungalowpark exploiteert. Voor zover in hoger beroep van belang ziet deze klacht erop dat verweerster onvoldoende zorg ervoor heeft gedragen dat geen misverstand bestond over de hoedanigheid waarin zij handelde en dat zij tijdens een bespreking met de belangenvereniging niet duidelijk heeft gemaakt dat zij advocaat was. Verder verwijt klager verweerster dat zij onbetamelijk heeft gehandeld door klager onder druk te zetten met dreigementen, waaronder het in rekening brengen van kosten aan klager als hij e-mails aan een bepaald e-mailadres zou blijven sturen. Het hof oordeelt in dit hoger beroep dat de klachten van klager gegrond zijn. De tuchtrechtelijke verwijtbare gedragingen in combinatie met de wijze waarop verweerster in de onderhavige klachtprocedure heeft gereageerd, rechtvaardigen de zware maatregel van schrapping van het tableau die de raad heeft opgelegd.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:72 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8315
- Datum publicatie: 10-04-2026
- Datum uitspraak: 10-04-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:72
Kennelijk ongegronde klacht tegen een psychiater, werkzaam als geneesheer-directeur. Klager verwijt de psychiater dat zij zijn medisch dossier niet heeft verstrekt dan wel een onvolledig of gemanipuleerd dossier aan hem heeft verstrekt. Tweede tuchtnorm van toepassing. De psychiater is niet betrokken geweest bij een eerdere afgifte van het dossier en de inhoud daarvan. De psychiater heeft de vragen van klager over zijn dossier zorgvuldig beantwoord.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:73 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8316
- Datum publicatie: 10-04-2026
- Datum uitspraak: 10-04-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:73
Kennelijk ongegronde klacht tegen een psychiater, werkzaam als geneesheer-directeur. Klager verwijt de psychiater dat zij zijn medisch dossier niet heeft verstrekt dan wel een onvolledig of gemanipuleerd dossier aan hem heeft verstrekt. Tweede tuchtnorm van toepassing. De psychiater is niet betrokken geweest bij een eerdere afgifte van het dossier en de inhoud daarvan. De psychiater heeft de vragen van klager over zijn dossier zorgvuldig beantwoord.