Zoekresultaten 1-10 van de 47190 resultaten
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:79 Raad van Discipline Amsterdam 26-158/A/A
- Datum publicatie: 23-04-2026
- Datum uitspraak: 13-04-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:79
Voorzittersbeslissing; klacht kennelijk niet-ontvankelijk vanwege misbruik van klachtrecht. Klager heeft voor de tweede keer over hetzelfde feitencomplex een klacht ingediend. Het tuchtrecht is er niet om onbeperkt ruimte te geven aan klagers om hun onvrede over advocaten telkens opnieuw, in iets andere vorm, maar met op hoofdlijnen dezelfde soort klachten, aan de orde te stellen. Alleen als het gaat om (volledig) nieuwe feiten, wordt een volgende klacht nog in behandeling genomen. Het is daarbij niet de taak van de voorzitter om in de stukken te zoeken naar gedragingen van verweerder die mogelijk na indiening van de eerste klacht hebben plaatsgevonden. Nu van volledig nieuwe feiten niet is gebleken, althans niet kan worden vastgesteld of daarvan sprake is, komt de voorzitter tot de slotsom dat de beginselen van een behoorlijk tuchtprocesrecht aan een inhoudelijke beoordeling van onderhavige klacht in de weg staan.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:80 Raad van Discipline Amsterdam 26-164/A/A
- Datum publicatie: 23-04-2026
- Datum uitspraak: 13-04-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:80
Voorzittersbeslissing; klacht over de deken kennelijk ongegrond in procedures rondom aanwijzing advocaat (artikel 13 Advocatenwet).
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:81 Raad van Discipline Amsterdam 26-172/A/NH
- Datum publicatie: 23-04-2026
- Datum uitspraak: 13-04-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:81
Voorzittersbeslissing; klacht over de advocaat wederpartij in een familierechtzaak kennelijk ongegrond. Verweerder is in zijn bijstand aan de man binnen de grenzen van het betamelijke gebleven. Van het langdurig rekken van de echtscheidingsprocedure is niet gebleken.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:83 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2866
- Datum publicatie: 23-04-2026
- Datum uitspraak: 20-04-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:83
Gegronde klacht tegen een tandarts. De tandarts heeft een implantaat bij klaagster geplaatst. Vanaf de plaatsing had klaagster (pijn)klachten rond het implantaat waarvoor zij diverse malen bij de tandarts is geweest. Vier jaar later, na het maken van een driedimensionale foto bleek dat de klachten van klaagster werden veroorzaakt doordat het implantaat scheef stond. Klaagster verwijt de tandarts dat hij het implantaat scheef en zonder sinuslifting heeft geplaatst en dat hij onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de oorzaak van de klachten die klaagster daarna had. Verder verwijt klaagster de tandarts dat hij het dossier gebrekkig heeft bijgehouden, geen klachtenregeling heeft en de zaak heeft gefrustreerd door niet/niet volledig/heel laat te voldoen aan informatieverzoeken van onder andere de tandheelkundige adviseur van de rechtsbijstandsverzekeraar. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht gedeeltelijk gegrond verklaard en de tandarts een berisping opgelegd en bepaald dat deze berisping, nadat de beslissing onherroepelijk is geworden, zal worden gepubliceerd in het BIG-register. Het Centraal Tuchtcollege is het eens met het oordeel van het Regionaal Tuchtcollege en de door het Regionaal Tuchtcollege opgelegde maatregel.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:84 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2819
- Datum publicatie: 23-04-2026
- Datum uitspraak: 20-04-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:84
Gegronde klacht tegen een kaakchirurg. De kaakchirurg heeft bij klaagster (in vervolg op een grotere operatie om haar gezicht te vervrouwelijken, een facial feminization surgery) een liplift uitgevoerd. Klaagster verwijt de kaakchirurg dat zij het medisch dossier niet goed heeft bijgehouden, bij de liplift te veel weefsel heeft verwijderd en een daaropvolgende ingreep niet goed met klaagster heeft afgestemd en vervolgens is afgeweken van het afgesproken operatieplan. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht voor wat betreft de dossiervoering en het zonder voorafgaand overleg gebruiken van vicryl-hechtdraad gegrond verklaard en de kaakchirurg een waarschuwing opgelegd. Het Centraal Tuchtcollege verklaart ook de klacht dat de kaakchirurg bij de liplift te veel weefsel heeft verwijderd gegrond en legt de kaakchirurg een berisping op.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:85 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2026/3190 en C2026/3191
- Datum publicatie: 23-04-2026
- Datum uitspraak: 20-04-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:85
Voorzittersbeslissing. Klager verblijft in een instelling waar de gz-psycholoog werkzaam is en verblijft daar op basis van TBS met dwang verpleging. Klager klaagt over zijn verlofregeling en de tijdsduur van zijn verjaardagsfeest. De voorzitter van het Regionaal Tuchtcollege heeft klager kennelijk niet-ontvankelijk in zijn klacht verklaard. De voorzitter van het Centraal Tuchtcollege wijst het beroep van klager af. In het tuchtrecht geldt het beginsel van persoonlijke verwijtbaarheid. De gz-psycholoog heeft geen betrokkenheid gehad bij de verlofregeling van klager of het besluit over het verjaardagsfeest.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:78 Raad van Discipline Amsterdam 26-197/A/A 26-206/A/A
- Datum publicatie: 23-04-2026
- Datum uitspraak: 13-04-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:78
Voorzittersbeslissing; de klacht van klager over verweerders is kennelijk niet-ontvankelijk wegens misbruik van recht.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:72 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025-8507
- Datum publicatie: 22-04-2026
- Datum uitspraak: 22-04-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:72
Klacht van huisarts tegen huisarts waarmee zij een maatschapsovereenkomst was aangegaan. Mede wegens arbeidsongeschiktheid heeft de beklaagde huisarts de maatschap opgezegd. Klachtonderdelen die zien op het ondermijnen van de continuïteit van zorg door zonder overleg uitschrijving bij de Kamer van Koophandel te bewerkstelligen en het niet nakomen van de afspraken en verplichtingen binnen een medisch samenwerkingsverband, wat directe risico’s zou hebben opgeleverd voor de veiligheid en toegankelijkheid van zorg kennelijk ongegrond wegens onvoldoende onderbouwing/concretisering. Wat betreft het datalek medische gegevens patiënten heeft de beklaagde huisarts zich voldoende ingespannen om dit op te lossen tevens kennelijk ongegrond. Voor het overige kennelijk niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:73 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025-8714
- Datum publicatie: 22-04-2026
- Datum uitspraak: 22-04-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:73
Kennelijk ongegronde klacht tegen huisarts. Klager is terecht verwezen naar GGZ. Het college heeft niet kunnen vaststellen dat de huisarts niet goed heeft geluisterd naar klager of zaken niet goed heeft uitgelegd. Ook is niet gebleken dat de huisarts informatie heeft achtergehouden en niet alle mogelijkheden heeft besproken met klager.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:74 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8319
- Datum publicatie: 22-04-2026
- Datum uitspraak: 22-04-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:74
Kennelijk ongegronde klacht tegen huisarts. Huisarts was niet gehouden om wederhoor toe te passen na consult met partner van klager en niet gebleken dat er onjuiste informatie is opgenomen in dossier van partner van klager. Gezien acute situatie met betrekking tot veiligheid van partner en minderjarige kinderen van klager is onthouden van informatie die in verband gebracht zou kunnen worden met hun verblijfplaats niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Niet gebleken dat de huisarts heeft geadviseerd om klager onjuiste informatie te verstrekken. De huisarts is alleen verantwoordelijk voor persoonlijk handelen, onjuiste informatie in dossiernotitie is haar niet aan te rekenen. De huisarts heeft zich ingezet voor de belangen van de kinderen conform de geldende richtlijnen en gecommuniceerd met klager zoals een goede huisarts betaamt. Verwijt dat huisarts geen oog heeft gehad voor impact van handelen kan niet slagen, aangezien het tuchtrecht niet gaat over de (mogelijke) gevolgen van handelen.
- Pagina: 1
- Pagina: 2
- ...
- Pagina: 4719
- Volgende pagina zoekresultaten