Zoekresultaten 21-30 van de 46787 resultaten
-
ECLI:NL:TNORAMS:2025:26 Kamer voor het notariaat Amsterdam 764270 / NT 25-4 770749 / NT 25/19 774743 / NT 25-27
- Datum publicatie: 02-03-2026
- Datum uitspraak: 11-12-2025
- ECLI:NL:TNORAMS:2025:26
Klacht over (met name) weigering van de notaris om inhoudelijk te reageren op vragen van klager over een akte (waar deze geen partij bij was). Daarnaast ziet de klacht op het uitblijven van een reactie van (het kantoor van) de notaris op de door klager intern ingediende klacht. De voorzitter heeft de klacht (t.a.v. dit klachtonderdeel) terstond afgewezen omdat deze naar zijn oordeel kennelijk ongegrond of van onvoldoende gewicht was. De kamer heeft het verzet tegen de voorzittersbeslissing vervolgens (deels) gegrond verklaard. De kamer acht de weigering van de notaris om inhoudelijk te reageren op klagers’ vragen over de betreffende akte niet tuchtrechtelijk verwijtbaar; klager was immers geen partij bij deze akte. De notaris heeft derhalve een terecht beroep gedaan op zijn geheimhoudingsplicht. Dat de notaris in het geheel niet heeft gereageerd op klagers’ e-mails noch de pogingen van klager om telefonisch contact te krijgen met de notaris, acht de kamer in dit geval evenmin tuchtrechtelijk verwijtbaar. Hierbij is van belang dat dit alles zich afspeelde binnen een korte tijdspanne (...). Artikel 2 van de Verordening Klachten- en geschillenregeling schrijft voor dat een notaris zorgdraagt voor een kantoorklachtenregeling. De kamer acht het geheel uitblijven van een reactie op de intern ingediende klacht onbegrijpelijk en in strijd met voornoemd artikel 2, omdat deze handelwijze het functioneren van een kantoorklachtenregeling belemmert. Het had op de weg van de notaris gelegen om ten minste een schriftelijke of telefonische reactie aan klager te sturen naar aanleiding van zijn klacht. Nu hij dit niet heeft gedaan, is dit klachtonderdeel gegrond. De kamer is van oordeel dat de notaris de zorgvuldigheidsnorm heeft geschonden door na te laten enige reactie te geven op de intern ingediende klacht. De kamer acht hiervoor de maatregel van waarschuwing passend en geboden.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:43 Raad van Discipline Amsterdam 25-686/A/A
- Datum publicatie: 02-03-2026
- Datum uitspraak: 23-02-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:43
Klacht tegen de eigen advocaat. Verweerder heeft klager 2 en de ondernemingen van klager 1 bijgestaan in een geschil met een gemeenschappelijke schuldeiser. Klager 1, die in persoon klaagt, is in de klacht niet-ontvankelijk om dat hij niet belanghebbend is. De klachten van klager 2 zijn ongegrond. Het is de raad niet gebleken dat verweerder met zijn bijstand aan de ondernemingen en klager 2 tegenstrijdige belangen heeft gediend. Het is de raad ook niet gebleken dat verweerder excessief of anderszins onbetamelijk heeft gedeclareerd.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:55 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 26-079/AL/MN
- Datum publicatie: 02-03-2026
- Datum uitspraak: 02-03-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:55
voorzittersbeslissing. De klacht van klager is te laat ingediend. Nu van een verschoonbare termijnoverschrijding niet is gebleken, wordt klager niet-ontvankelijk verklaard op grond van artikel 46g lid 1 onder a Advocatenwet.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:44 Raad van Discipline Amsterdam 25-661/A/A
- Datum publicatie: 02-03-2026
- Datum uitspraak: 23-02-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:44
Klacht tegen een advocaat in andere hoedanigheid. Klaagster is eigenaar van een zelfbouwkavel. Verweerder is voorzitter van de dorpsraad van klaagsters woonplaats. Verweerder heeft de gemeente, namens de dorpsraad, verzocht om handhavend op te treden omdat de woning volgens de dorpsraad niet voldeed aan de vergunning. De raad is van oordeel dat klaagster in haar klacht ontvankelijk is. Weliswaar trad verweerder niet op als advocaat van de dorpsraad, maar voor zijn werkzaamheden als voorzitter van de dorpsraad maakte hij wel gebruik van zijn zakelijke e-mailadres. Hij verrichtte bovendien juridische werkzaamheden. De raad is daarom van oordeel dat het tuchtrecht van toepassing is. De klachten van klaagster (rauwelijks procederen, ongepaste uitlatingen, onduidelijkheid over hoedanigheid van advocaat) zijn ongegrond.
-
ECLI:NL:TGDKG:2026:28 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/755711 DW RK 24/305 MK/SM
- Datum publicatie: 02-03-2026
- Datum uitspraak: 20-01-2026
- ECLI:NL:TGDKG:2026:28
Klacht (gedeeltelijk) gegrond. Maatregel: berisping. De gerechtsdeurwaarder heeft klaagster niet concreet geïnformeerd wat specifiek van haar verwacht werd en dat zij dwangsommen zou verbeuren als zij dat niet zou doen. Voorst heeft de gerechtsdeurwaarder conclusies getrokken uit een omstandigheid die zich heeft voorgedaan en daarmee niet alleen meer verklaard dat nodig was, maar ook heeft het er mede toe geleid dat de opdrachtgeefster verbeurde dwangsommen heeft proberen in te vorderen bij klaagster.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:56 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-538/AL/GLD
- Datum publicatie: 02-03-2026
- Datum uitspraak: 02-03-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:56
De raad verklaart een klacht tegen de eigen advocaat ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:57 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-582/AL/MN
- Datum publicatie: 02-03-2026
- Datum uitspraak: 02-03-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:57
De raad verklaart een klacht over de advocaat van de wederpartij in alle onderdelen ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:67 Hof van Discipline 's Gravenhage 250360
- Datum publicatie: 27-02-2026
- Datum uitspraak: 27-02-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:67
Verzet ongegrond. Het hof ziet geen aanleiding om tot een andere beoordeling van de klacht te komen dan die van de voorzitter. De voorzitter heeft overwogen dat het indienen van een klacht niet de geëigende wijze is om een weigering van verweerder om een advocaat aan te wijzen aan de orde te stellen en dat de klacht verder geen (andere) omschrijving bevat van enig handelen of nalaten van verweerder. Klaagster heeft in het verzet geen gronden aangevoerd die zien op de toetsingsmaatstaf of de feiten die aan de beslissing van 6 november 2025 ten grondslag liggen.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:38 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8529
- Datum publicatie: 27-02-2026
- Datum uitspraak: 27-02-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:38
Kennelijk ongegronde klacht tegen een KNO-arts. Klager is geopereerd vanwege een uitzaaiing van een glomustumor. Bij deze operatie zijn twee zenuwen doorgenomen. Sinds de operatie heeft klager slikpassageklachten. Klager verwijt de KNO-arts onder andere dat hij de operatie onzorgvuldig heeft uitgevoerd en dat hij klager voorafgaande aan de operatie onvoldoende heeft geïnformeerd. Het college oordeelt dat de KNO-arts niet onzorgvuldig heeft gehandeld door de zenuwen bij de operatie door te nemen. Ook hoefde hij het risico op de klachten die klager heeft niet te bespreken, omdat deze klachten niet onder de in redelijkheid te verwachten risico’s van deze ingreep vielen. De klacht is kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TACAKN:2026:10 Accountantskamer Zwolle 25/1557 Wtra AK
- Datum publicatie: 27-02-2026
- Datum uitspraak: 27-02-2026
- ECLI:NL:TACAKN:2026:10
Betrokkene heeft in een notitie een opstelling gemaakt van de elementen die partijen hebben gebruikt om te komen tot een koopsom van de aandelen. Betrokkene heeft erkend dat in die opstelling een fout is gemaakt doordat in de jaarrekening een belastinglatentie was gevormd en betrokkene in zijn berekening is uitgegaan van het eigen vermogen in de jaarrekening en ten behoeve van de berekening opnieuw een belastinglatentie heeft bepaald zonder rekening te houden met de in de jaarrekening al gevormde latentie. Dat verwijt is dan ook terecht gemaakt. De Accountantskamer geeft betrokkene een waarschuwing, omdat hij onzorgvuldig heeft gehandeld. Klaagster vindt ook dat betrokkene de zoons had moeten adviseren een eigen adviseur in de arm te nemen, maar dat verwijt is volgens de Accountantskamer onterecht.