Zoekresultaten 11-20 van de 46782 resultaten
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:42 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8562
- Datum publicatie: 03-03-2026
- Datum uitspraak: 03-03-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:42
Kennelijk ongegronde klacht tegen een GZ-psycholoog. De GZ-psycholoog was als regiebehandelaar bij de behandeling van klager betrokken. De feitelijke uitvoering werd door een masterpsycholoog gedaan. Klager verwijt de GZ-psycholoog onder meer onjuiste dossiervoering, het toepassen van een onjuiste behandelmethode, onterechte en onzorgvuldige beëindiging van de behandeling en onvoldoende regievoering. Klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:40 Raad van Discipline Amsterdam 26-029/A/A
- Datum publicatie: 02-03-2026
- Datum uitspraak: 23-02-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:40
Voorzittersbeslissing; klacht over de kwaliteit van dienstverlening kennelijk ongegrond. Van enige belangenverstrengeling bij verweerster is de voorzitter niet gebleken. Verweerster lijkt zich juist steeds voor klager te hebben ingespannen.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:41 Raad van Discipline Amsterdam 25-673/A/A/D
- Datum publicatie: 02-03-2026
- Datum uitspraak: 23-02-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:41
Dekenbezwaar dat samenhangt met klacht 25-669. Verweerster heeft vrijwel niets gedaan voor haar cliënt, die daarover een klacht heeft ingediend bij de deken. Tijdens het onderzoek van de deken reageert verweerster eerst traag en daarna niet meer. Net als de deken ziet de raad in het gedrag van verweerster een zorgwekkend patroon. De raad legt aan verweerster een voorwaardelijke schorsing voor de duur van twee weken op. Als bijzondere voorwaarde legt de raad aan verweerster de verplichting op om zich gedurende zes maanden te houden aan de aanwijzingen van de deken aangaande haar praktijkvoering.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:68 Hof van Discipline 's Gravenhage 250363
- Datum publicatie: 02-03-2026
- Datum uitspraak: 27-02-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:68
Verzet na afwijzende verwijzing ongegrond. Het hof ziet op basis van het onderzoek in verzet geen aanleiding om tot een andere beoordeling van de klacht te komen dan die van de voorzitter. Klager heeft zijn klacht over mr. H ingetrokken en zijn klacht over mr. O is reeds ter verdere behandeling naar de raad toegestuurd. De Advocatenwet voorziet niet in de mogelijkheid voor verweerster in haar hoedanigheid van deken – en evenmin voor het hof – om een ingetrokken klacht alsnog tegelijk met een andere klacht (waarin reeds een dekenonderzoek heeft plaatsgevonden) door te sturen naar de raad voor verdere behandeling. Klager kan, als hij dat wil, opnieuw een klacht indienen over mr. H bij verweerster die deze dan zal onderzoeken waarna klager ook die klacht, na voldoening van het griffierecht, ter verdere behandeling naar de raad van discipline kan laten doorsturen. Reeds daarom is er ook geen sprake van strijd met de artikelen 6 en 13 EVRM zoals klager stelt.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:42 Raad van Discipline Amsterdam 25-669/A/A
- Datum publicatie: 02-03-2026
- Datum uitspraak: 23-02-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:42
Klacht tegen de eigen advocaat. Verweerster heeft klager in een familiezaak in de steek gelaten. Zij nam zijn zaak in behandeling, werd vervolgens ziek, maar informeerde haar cliënt niet. Als gevolg hiervan is geen verweer gevoerd in een rechtbankprocedure. De klacht is gegrond, maar de raad legt geen maatregel op. Dat gebeurt in het met deze zaak samenhangende dekenbezwaar (25-673).
-
ECLI:NL:TNORAMS:2025:26 Kamer voor het notariaat Amsterdam 764270 / NT 25-4 770749 / NT 25/19 774743 / NT 25-27
- Datum publicatie: 02-03-2026
- Datum uitspraak: 11-12-2025
- ECLI:NL:TNORAMS:2025:26
Klacht over (met name) weigering van de notaris om inhoudelijk te reageren op vragen van klager over een akte (waar deze geen partij bij was). Daarnaast ziet de klacht op het uitblijven van een reactie van (het kantoor van) de notaris op de door klager intern ingediende klacht. De voorzitter heeft de klacht (t.a.v. dit klachtonderdeel) terstond afgewezen omdat deze naar zijn oordeel kennelijk ongegrond of van onvoldoende gewicht was. De kamer heeft het verzet tegen de voorzittersbeslissing vervolgens (deels) gegrond verklaard. De kamer acht de weigering van de notaris om inhoudelijk te reageren op klagers’ vragen over de betreffende akte niet tuchtrechtelijk verwijtbaar; klager was immers geen partij bij deze akte. De notaris heeft derhalve een terecht beroep gedaan op zijn geheimhoudingsplicht. Dat de notaris in het geheel niet heeft gereageerd op klagers’ e-mails noch de pogingen van klager om telefonisch contact te krijgen met de notaris, acht de kamer in dit geval evenmin tuchtrechtelijk verwijtbaar. Hierbij is van belang dat dit alles zich afspeelde binnen een korte tijdspanne (...). Artikel 2 van de Verordening Klachten- en geschillenregeling schrijft voor dat een notaris zorgdraagt voor een kantoorklachtenregeling. De kamer acht het geheel uitblijven van een reactie op de intern ingediende klacht onbegrijpelijk en in strijd met voornoemd artikel 2, omdat deze handelwijze het functioneren van een kantoorklachtenregeling belemmert. Het had op de weg van de notaris gelegen om ten minste een schriftelijke of telefonische reactie aan klager te sturen naar aanleiding van zijn klacht. Nu hij dit niet heeft gedaan, is dit klachtonderdeel gegrond. De kamer is van oordeel dat de notaris de zorgvuldigheidsnorm heeft geschonden door na te laten enige reactie te geven op de intern ingediende klacht. De kamer acht hiervoor de maatregel van waarschuwing passend en geboden.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:43 Raad van Discipline Amsterdam 25-686/A/A
- Datum publicatie: 02-03-2026
- Datum uitspraak: 23-02-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:43
Klacht tegen de eigen advocaat. Verweerder heeft klager 2 en de ondernemingen van klager 1 bijgestaan in een geschil met een gemeenschappelijke schuldeiser. Klager 1, die in persoon klaagt, is in de klacht niet-ontvankelijk om dat hij niet belanghebbend is. De klachten van klager 2 zijn ongegrond. Het is de raad niet gebleken dat verweerder met zijn bijstand aan de ondernemingen en klager 2 tegenstrijdige belangen heeft gediend. Het is de raad ook niet gebleken dat verweerder excessief of anderszins onbetamelijk heeft gedeclareerd.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:55 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 26-079/AL/MN
- Datum publicatie: 02-03-2026
- Datum uitspraak: 02-03-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:55
voorzittersbeslissing. De klacht van klager is te laat ingediend. Nu van een verschoonbare termijnoverschrijding niet is gebleken, wordt klager niet-ontvankelijk verklaard op grond van artikel 46g lid 1 onder a Advocatenwet.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:44 Raad van Discipline Amsterdam 25-661/A/A
- Datum publicatie: 02-03-2026
- Datum uitspraak: 23-02-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:44
Klacht tegen een advocaat in andere hoedanigheid. Klaagster is eigenaar van een zelfbouwkavel. Verweerder is voorzitter van de dorpsraad van klaagsters woonplaats. Verweerder heeft de gemeente, namens de dorpsraad, verzocht om handhavend op te treden omdat de woning volgens de dorpsraad niet voldeed aan de vergunning. De raad is van oordeel dat klaagster in haar klacht ontvankelijk is. Weliswaar trad verweerder niet op als advocaat van de dorpsraad, maar voor zijn werkzaamheden als voorzitter van de dorpsraad maakte hij wel gebruik van zijn zakelijke e-mailadres. Hij verrichtte bovendien juridische werkzaamheden. De raad is daarom van oordeel dat het tuchtrecht van toepassing is. De klachten van klaagster (rauwelijks procederen, ongepaste uitlatingen, onduidelijkheid over hoedanigheid van advocaat) zijn ongegrond.
-
ECLI:NL:TGDKG:2026:28 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/755711 DW RK 24/305 MK/SM
- Datum publicatie: 02-03-2026
- Datum uitspraak: 20-01-2026
- ECLI:NL:TGDKG:2026:28
Klacht (gedeeltelijk) gegrond. Maatregel: berisping. De gerechtsdeurwaarder heeft klaagster niet concreet geïnformeerd wat specifiek van haar verwacht werd en dat zij dwangsommen zou verbeuren als zij dat niet zou doen. Voorst heeft de gerechtsdeurwaarder conclusies getrokken uit een omstandigheid die zich heeft voorgedaan en daarmee niet alleen meer verklaard dat nodig was, maar ook heeft het er mede toe geleid dat de opdrachtgeefster verbeurde dwangsommen heeft proberen in te vorderen bij klaagster.