Zoekresultaten 11-20 van de 46847 resultaten
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:51 Raad van Discipline Amsterdam 26-065/A/A
- Datum publicatie: 13-03-2026
- Datum uitspraak: 09-03-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:51
Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij in nalatenschapskwestie. Verweerder heeft in het verzoekschrift in duidelijke en niet mis te verstane bewoordingen de standpunten van zijn cliënten naar voren gebracht. De voorzitter begrijpt dat klager zich door de inhoud van het verzoekschrift en de daarin gedane uitlatingen over zijn persoon beledigd voelt, maar is van oordeel dat van onnodig grievende uitlatingen geen sprake is geweest. De uitlatingen zijn gedaan in de context van een verzoekschriftprocedure over de schorsing dan wel het ontslag van klager als executeur-testamentair van de nalatenschap van de moeder van partijen. In dat kader stond het verweerder vrij om de standpunten van zijn cliënten te formuleren zoals hij dat heeft gedaan op grond van de informatie die hij voor dat doel van zijn cliënten heeft gekregen. Klager kan tegen de gebruikte informatie en de daarop gebaseerde standpunten van zijn broer en zus verweer voeren in de verzoekschriftprocedure en het is uiteindelijk aan de civiele rechter om daarover te oordelen. De klacht is kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:72 Hof van Discipline 's Gravenhage 250178
- Datum publicatie: 13-03-2026
- Datum uitspraak: 13-03-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:72
Bekrachtiging. Waarschuwing. Verweerder is de advocaat van klagers wederpartij in een civiele kwestie. Daarin gaat het - kort gezegd - om de vraag of de donorovereenkomst die klager en zijn wederpartij hebben gesloten op een rechtsgeldige wijze tot stand is gekomen. Op een bepaald moment heeft verweerder klager in die kwestie gedagvaard. Verweerder heeft de zaak uiteindelijk niet voor de rechter gebracht. Klager vindt dat verweerder door hem te dagvaarden, en vanwege de inhoud van de dagvaarding en de gang van zaken daarna, tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. De klacht bestaat uit vijf onderdelen. De Raad van Discipline heeft de klacht op één onderdeel, ten aanzien van het rauwelijks dagvaarden van klager door verweerder, gegrond verklaard. De andere vier klachtonderdelen heeft de raad ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:52 Raad van Discipline Amsterdam 25-519/A/A
- Datum publicatie: 13-03-2026
- Datum uitspraak: 09-03-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:52
Tussenbeslissing; verzet gegrond; zaak wordt voor nader onderzoek terugverwezen naar de deken.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:36 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8625
- Datum publicatie: 12-03-2026
- Datum uitspraak: 03-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:36
Klacht tegen een tandarts kennelijk ongegrond. Klager verbleef in de PI en bezocht een paar keer de tandarts. Hij verwijt de tandarts, samengevat, ernstige en aanhoudende nalatigheid in de tandheelkundige zorg. Verzoeken om hulp zouden zijn afgewezen met als argument dat klager deze zorg buiten de PI moest organiseren. Het college is van oordeel dat de tandarts niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:37 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8812
- Datum publicatie: 12-03-2026
- Datum uitspraak: 06-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:37
Klacht tegen een verpleegkundig specialist kennelijk ongegrond. Klager werd verwezen naar de specialistische GGZ vanwege een hoge dosering medicatie bij ADHD en een verslavingsverleden. De verpleegkundig specialist werd vanaf april 2025 zijn regiebehandelaar en besloot, samen met de betrokken psychiater, de medicatie af te bouwen. Klager verwijt de verpleegkundig specialist, samengevat, het onvoldoende voeren van regie en onverantwoord en zonder overleg afbouwen van de medicatie. Het college is van oordeel dat de verpleegkundig specialist niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:38 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8813
- Datum publicatie: 12-03-2026
- Datum uitspraak: 06-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:38
Klacht tegen een psychiater kennelijk ongegrond. Klager werd verwezen naar de specialistische GGZ vanwege een hoge dosering medicatie bij ADHD en een verslavingsverleden. De psychiater werd betrokken bij het voorschrijven van zijn medicatie en besloot, samen met de betrokken verpleegkundig specialist, de medicatie af te bouwen. Klager verwijt de psychiater, samengevat, het onverantwoord afbouwen van de medicatie zonder overleg met klager, het fouten maken in correspondentie en negeren van het recht op een second opinion. Het college is van oordeel dat de psychiater zorgvuldig heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:39 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8291 en Z2025/8292
- Datum publicatie: 12-03-2026
- Datum uitspraak: 10-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:39
Ongegronde klacht tegen een psychiater/psychotherapeut. Klager was vanwege een depressieve stoornis onder behandeling bij de organisatie waar verweerder werkte. Verweerder was bij de behandeling betrokken. Klager verwijt verweerder onder meer dat niet werd ingegrepen bij tekenen van suïcidaliteit, gemaakte afspraken niet werden nagekomen en dat de begeleiding tijdens het ECT-traject onvoldoende was.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:40 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8293
- Datum publicatie: 12-03-2026
- Datum uitspraak: 10-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:40
Ongegronde klacht tegen een gz-psycholoog over de behandeling van klager. Klager was vanwege een depressieve stoornis onder behandeling bij de organisatie waar verweerder werkte. Verweerder was als regiebehandelaar bij de behandeling betrokken. Klager verwijt verweerder onder meer dat niet werd ingegrepen bij tekenen van suïcidaliteit, gemaakte afspraken niet werden nagekomen en dat de begeleiding tijdens het ECT-traject onvoldoende was.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:47 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8205
- Datum publicatie: 11-03-2026
- Datum uitspraak: 11-03-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:47
Kennelijk ongegronde klacht tegen longarts. Geen sprake van het stellen van een diagnose zonder enig onderzoek en het college heeft niet kunnen vaststellen dat de longarts zich onprofessioneel heeft gedragen tegen de patiënt.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:42 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2879
- Datum publicatie: 11-03-2026
- Datum uitspraak: 11-03-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:42
Klacht tegen een KNO-arts. Klager verwijt de KNO-arts dat hij verwijtbaar heeft gehandeld, omdat hij bij het uitvoeren van het oortoilet bij het linkeroor van klager dit linkeroor heeft ‘stukgezogen’. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.