Zoekresultaten 1-10 van de 47441 resultaten
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:162 Hof van Discipline 's Gravenhage 260040
- Datum publicatie: 22-05-2026
- Datum uitspraak: 22-05-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:162
Beklag artikel 13 Advocatenwet. Klager heeft om aanwijzing van een advocaat verzocht voor een huurgeschil. Zoals de deken terecht heeft aangegeven, moeten huurgeschillen worden aangebracht bij de kantonrechter. Voor een procedure bij de kantonrechter is geen bijstand van een advocaat vereist. Klager mag zelf een procedure voor de kantonrechter starten. Nu op grond van artikel 13 Advocatenwet door de deken alleen een advocaat kan worden aangewezen in zaken waarin vertegenwoordiging door een advocaat is voorgeschreven, dan wel bijstand uitsluitend door een advocaat kan geschieden, is het hof van oordeel dat de deken klagers verzoek om aanwijzing terecht heeft afgewezen.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:105 Raad van Discipline Amsterdam 26-281/A/NH
- Datum publicatie: 22-05-2026
- Datum uitspraak: 18-05-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:105
Voorzittersbeslissing; klacht niet-ontvankelijk vanwege een niet-verschoonbare termijnoverschrijding.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2026:13 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2026/26, 27 en 28
- Datum publicatie: 22-05-2026
- Datum uitspraak: 18-05-2026
- ECLI:NL:TNORSHE:2026:13
De kamer voor het notariaat Den Haag heeft een tegen haar wrakingskamer gericht wrakingsverzoek op grond van artikel 2 lid 2 van het Wrakingsprotocol kamers voor het notariaat ter behandeling doorgeleid naar de kamer voor het notariaat ’s-Hertogenbosch.De wrakingskamer van de kamer voor het notariaat ’s-Hertogenbosch heeft het vervolgens tegen haar gerichte wrakingsverzoek buiten behandeling gesteld, omdat de verzoeker evident misbruik maakt van het wrakingsinstrument, met het kennelijke doel de voortgang van de procedure te frustreren. Om die reden heeft de wrakingskamer ’s-Hertogenbosch ook bepaald dat een volgend verzoek tot wraking van haar tuchtrechters niet meer in behandeling zal worden genomen.Het tegen de wrakingskamer Den Haag gerichte wrakingsverzoek is deels niet-ontvankelijk verklaard en voor het overige afgewezen. Verder heeft de wrakingskamer ’s-Hertogenbosch bepaald dat ook een volgend wrakingsverzoek tegen de leden van de wrakingskamer Den Haag niet meer in behandeling zal worden genomen wegens misbruik van dit middel.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:163 Hof van Discipline 's Gravenhage 260008
- Datum publicatie: 22-05-2026
- Datum uitspraak: 22-05-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:163
Hoger beroep niet-ontvankelijk. Verweerder is bij beslissing van de raad van 8 december geschorst in de uitoefening van zijn praktijk als advocaat op grond van artikel 60ab lid 1 Advocatenwet. De raad heeft daarbij de termijn als bedoeld in artikel 60ab lid 5 Advocatenwet (indienen dekenbezwaar) op zes weken bepaald. Verweerder heeft zich op 18 december 2025 uitgeschreven als advocaat. De deken heeft daarop besloten om geen dekenbezwaar in te dienen. Uit artikel 60ab lid 5 Advocatenwet volgt dat de schorsing na de termijn van zes weken van rechtswege vervalt als niet binnen die termijn een dekenbezwaar is ingediend. Nu dat niet is gebeurd, is de aan verweerder opgelegde schorsing in de uitoefening van zijn praktijk als advocaat komen te vervallen. Gelet hierop heeft verweerder geen belang meer bij een beoordeling van de beslissing van de raad.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:118 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8274
- Datum publicatie: 22-05-2026
- Datum uitspraak: 22-05-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:118
Gegronde klacht tegen een fysiotherapeut. Het college oordeelt dat de fysiotherapeut ten aanzien van de communicatie met klager en het beëindigen van de behandelrelatie met de dochter van klager onzorgvuldig heeft gehandeld en niet het belang van haar minderjarige patiënt voorop heeft gesteld. Alle klachtonderdelen zijn gegrond. Het college volstaat in dit geval met een gegrondverklaring zonder de oplegging van een maatregel.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:164 Hof van Discipline 's Gravenhage 260005
- Datum publicatie: 22-05-2026
- Datum uitspraak: 22-05-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:164
Het verzet tegen voorzittersbeslissing waarbij een klacht niet is verwezen is ongegrond. Voor zover klager heeft aangevoerd dat de voorzittersbeslissing is genomen zonder dat sprake is geweest van hoor-en wederhoor, wijst het hof erop dat er in de procedure in verzet invulling is gegeven aan dit beginsel door het bieden van de mogelijkheid van verweer, re- en dupliek. Hiervan is door klager en verweerster ook gebruikgemaakt. Het hof ziet op basis van het onderzoek in verzet geen aanleiding om tot een andere beoordeling van de klacht te komen dan die van de voorzitter. Klager heeft de mogelijkheid gehad om bij de Raad van Discipline zijn standpunt over het dekenbezwaar, de wijze van totstandkoming ervan en het handelen van de deken in dat kader naar voren te brengen. Van die mogelijkheid heeft klager gebruik gemaakt. Dat betekent dat klager niet alsnog zijn bezwaren over -het handelen van- de deken aan de orde kan stellen door middel van een klacht tegen de deken. Daar is het klachtrecht niet voor bedoeld.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:101 Raad van Discipline Amsterdam 26-284/A/NH
- Datum publicatie: 22-05-2026
- Datum uitspraak: 18-05-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:101
Voorzittersbeslissing; kennelijk ongegronde klacht over verweerder in hoedanigheid van deken.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:159 Hof van Discipline 's Gravenhage 260085
- Datum publicatie: 22-05-2026
- Datum uitspraak: 22-05-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:159
Beklag artikel 13 Advocatenwet ongegrond. Naar het oordeel van het hof heeft de deken zich terecht op het standpunt gesteld dat de procedure waarvoor klager om aanwijzing van een advocaat heeft verzocht bij de kantonrechter kan worden gevoerd. Bijstand van een advocaat is daarbij niet vereist. Ook onderschrijft het hof het standpunt van de deken dat het starten van een executiegeschil -in kort geding- geen redelijke kans van slagen heeft nu vaststaat dat het vonnis en de dwangbevelen waarvan klager schorsing wenst alle onaantastbaar zijn. Terecht heeft de deken erop gewezen dat voor uitspraken waartegen geen rechtsmiddelen (meer) openstaan slechts grond voor schorsing bestaat ingeval van -kort gezegd- misbruik van bevoegdheid (art. 3:13 BW). Datzelfde geldt voor dwangbevelen die onaantastbaar zijn.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:102 Raad van Discipline Amsterdam 26-279/A/A
- Datum publicatie: 22-05-2026
- Datum uitspraak: 18-05-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:102
Voorzittersbeslissing; klacht is kennelijk ongegrond. Het staat verweerster vrij om een zaak al dan niet aan te nemen.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:160 Hof van Discipline 's Gravenhage 260042
- Datum publicatie: 22-05-2026
- Datum uitspraak: 22-05-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:160
Beklag artikel 13 Advocatenwet ongegrond. De deken heeft aan klaagster een advocaat aangewezen voor het hoger beroep tegen een vonnis van de kantonrechter. Vervolgens heeft klaagster een herhaald verzoek gedaan om aanwijzing van een advocaat voor dezelfde procedure. Het hof is van oordeel dat de deken op goede gronden heeft geweigerd aan klaagsters herhaalde verzoek te voldoen. Het standpunt van de deken dat het feit dat de aangewezen advocaat zich heeft onttrokken geen reden geeft voor aanwijzing van een nieuwe advocaat wordt door het hof onderschreven. De deken heeft er terecht op gewezen dat de aangewezen advocaat ‘dominus litis’ is. Het hof onderschrijft de toelichting van de deken dat de advocaat – in overleg met klaagster – de strategie bepaalt in de zaak. De advocaat mag geen handelingen verrichten tegen klaagsters wil, maar wanneer er sprake is van een verschil van mening over wat in de procedure naar voren moet worden gebracht, kan klaagster de advocaat niet dwingen bepaalde argumenten aan te voeren of om bepaalde incidenten op te werpen. Wanneer er geen overeenstemming kan worden bereikt over de strategie in de zaak, mag de aangewezen advocaat zich onttrekken. De deken heeft bij de eerste aanwijzing al te kennen gegeven dat dit geen reden zal zijn om een nieuwe advocaat aan te wijzen.
- Pagina: 1
- Pagina: 2
- ...
- Pagina: 4745
- Volgende pagina zoekresultaten