Zoekresultaten 42931-42940 van de 46787 resultaten

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1358 Raad van Discipline Amsterdam 10-259H

    Verzetzaak. Klacht tegen eigen advocaat. Uit de stukken is niet gebleken dat verweerder over onvoldoende (parate) juridische kennis beschikt om zaak te kunnen aannemen. Een andere visie op het juridische geschil dan de cliënt is niet zonder meer tuchtrechtelijk verwijtbaar. Verweerder is niet verplicht visie van de cliënt te volgen. Verweerder heeft opdacht niet ontijdig naast zich neergelegd. Hij kan aanspraak maken op honorarium voor de tot dat moment verleende diensten. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:RBAMS:2011:YB0534 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam GDW2010.594

    De zaak betreft de inzet van een systeem waarbij kentekens van auto's op de openbare weg worden gescand. Die gegevens worden vergeleken met een database van de gerechtsdeurwaarder. Wanneer een voertuig wordt gescand waarvan bekend is dat de eigenaar een schuld heeft, wordt navraag gedaan of het voertuig nog op naam staat van die eigenaar. Zo ja, dan wordt contact opgenomen met de opdrachtgever met de vraag of beslag (op grond van een aanwezige titel) op het voertuig gerechtsvaardigd is. Zo ja, dan wordt het voertuig in beslag genomen, voorzien van een sticker en een wielklem. De schuldenaar wordt de mogelijkheid geboden de schuld te voldoen en bij niet voldoening wordt het voertuig afgevoerd. (in bewaring genomen). De beroepsorganisatie is van mening dat het niet de bedoeling van de wetgever is geweest om de bevoegdheid om in beslag genomen zaken in bewaring te geven zo stelselmatig toe te passen als de gerechtsdeurwaarder doet. Ook het feit dat hij niet altijd beschikt over de titel (die er wel is maar niet in zijn handen) wanneer hij beslag legt in opdracht van een andere gerechtsdeurwaarder staat op gespannen voet met de wet. De Kamer is samengevat van oordeel dat het wettelijke systeem van bewaargeving een individuele toets vergt en het aanbrengen van een wielklem als tussenstadium voor dat onderzoek het oneigenlijk oprekken van een wettelijke bepaling betreft. De klacht wordt gegrond verklaard. Er wordt geen maatregel opgelegd omdat het een proefprocedure betrof.

  • ECLI:NL:RBAMS:2010:YB0535 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam GDW2010.740A

    In een bij de Kameer aanhangige klachtprocedure, verzoekt de KBvG om zich in de procedure te mogen voegen. De Kamer overweegt dat de Gerechtsdeurwaarderswet het incident van voeging niet kent en ziet -omdat in het voorontwerp kaderwet tuchtprocesrecht die mogelijkheid evenmin is opgenomen- geen aanleiding een precedent te scheppen. Het verzoek wordt afgewezen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG0907 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009.316

  • ECLI:NL:TNOKARN:2010:YC0584 Kamer van toezicht Arnhem 07.831/2010/957

    De Kamer is van oordeel dat er voldoende aanleiding voor de notaris was om het “Stappenplan Beoordeling Wilsbekwaamheid” te volgen. Dit klachtonderdeel gegrond, overige klachtonderdelen ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG0908 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2010.045

    Patiënt (klager) in sinds 2007 opgenomen in een Zorgcentrum op basis van artikel 60 van de BOPZ. De aangeklaagde arts is geneesheer-directeur van dit Zorgcentrum. De klacht is ingediend door een bevriende huisarts van de patiënt die de opname wil terugdraaien. De familie van de patiënt verzet zich niet tegen de opname. Onder andere doet de vraag zich voor of de klagende huisarts ontvankelijk is. Het Regionaal Tuchtcollege oordeelt zich deels onbevoegd en voor het overige klager niet-ontvankelijk in de klacht. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.

  • ECLI:NL:TNOKARN:2011:YC0585 Kamer van toezicht Arnhem 07.831/2009/938

    Klaagster verwijt de notaris dat hij in de akte tot beëindiging van haar geregistreerd partnerschap en in de akte van verdeling niet heeft geregeld dat de voorhuwelijkse schulden van haar partner voor diens rekening zouden blijven. De Kamer stelt voorop dat de notaris niet kan afwijken van de dwingendrechtelijke bepalingen van het huwelijksvermogensrecht. De Kamer overweegt voorts dat de notaris er niettemin wijzer aan had gedaan met zoveel woorden in de akten aan te geven dat de interne verdeling van de schulden daarin niet was opgenomen. In ieder geval had de notaris, volgens de Kamer, daarover schriftelijk of anderszins op een duidelijke wijze met klaagster kunnen communiceren. De Kamer acht het verzuim niet zodanig dat een tuchtrechtelijke maatregel moet worden opgelegd

  • ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG0909 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2010.140

    Klacht: Klaagster heeft chronische hoest- en benauwdheidklachten en wordt door haar huisarts voor hernieuwd onderzoek doorverwezen naar verweerder, longarts. Zij is in totaal vijf keer gezien door deze arts. Klaagster verwijt de arts: 1) ten onrechte advies gegeven te hebben het bed op klossen te zetten, waardoor zij een herseninfarct heeft gekregen; 2) de brief van de huisarts waarin stond dat zij in 2006 een schedeloperatie heeft ondergaan niet goed heeft gelezen; 3) haar een tekening meegegeven te hebben met een Engelse tekst. Klaagster en zoon beheersten deze taal niet goed en informatie was voor hen niet duidelijk; 4) haar privacy geschonden te hebben; 5) haar onheus heeft bejegend en ‘in de kou heeft laten staan’, de arts heeft haar verteld dat zij niet meer terug hoefde te komen. Het Regionaal Tuchtcollege oordeelt de klacht kennelijk ongegrond in al haar onderdelen en wijst de klacht af. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klaagster.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG0906 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009.260

  • ECLI:NL:TNOKARN:2011:YC0583 Kamer van toezicht Arnhem 07.831/2010/963

    Nalatenschap. Beoordeling rol en daarbij behorende zorgplicht van de notaris bij de afwikkeling. De Kamer is van oordeel dat de notaris onvoldoende transparant was en is over zijn rol en voorts de belangen van klaagster (één van de erfgenamen) onvoldoende heeft behartigd. Klacht grotendeels gegrond, oplegging van een waarschuwing.