Zoekresultaten 1431-1440 van de 47568 resultaten
-
ECLI:NL:TADRARL:2025:267 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-249/AL/MN
- Datum publicatie: 09-12-2025
- Datum uitspraak: 08-12-2025
- ECLI:NL:TADRARL:2025:267
gegrond verzet en deels gegronde klacht over verweerster als advocaat van de wederpartij. Uit de stukken en de verklaringen tijdens de zitting van de raad is gebleken dat cliënte G ervoor heeft gekozen om niet bij de zitting van de rechtbank aanwezig te zijn. Zij heeft een verklaring opgesteld die vervolgens door verweerster tijdens de zitting is voorgelezen. De raad is ook gebleken dat G in haar verklaring, die bij de stukken ontbreekt, niet alleen de redenen voor haar afwezigheid heeft toegelicht maar daarin ook ernstige beschuldigingen aan het adres van klager heeft geuit. Als een cliënte niet mee gaat naar een zitting maar een verklaring wil laten voorlezen door de eigen advocaat, dan heeft die advocaat daarin ook een eigen verantwoordelijkheid, ondanks de wensen van de cliënt. In een dergelijke situatie moet een advocaat kritisch zijn ten aanzien van het nut en de noodzaak van de verklaring en de inhoud daarvan in het bijzonder. Juist vanwege het grievende karakter van de verklaring van cliënte G en het ontbreken van voldoende belang bij het naar voren brengen van de gevoelige inhoud, is terughoudendheid geboden. Verweerster heeft naar het oordeel van de raad van die terughoudendheid onvoldoende blijk gegeven door de verklaring van G integraal voor te lezen. Dat was niet alleen onnodig, want niet van belang voor de zaak, maar ook schadelijk voor klager die daarvan pas tijdens de zitting kennis heeft genomen, terwijl verweerster andere keuzes had kunnen maken. Verweerster heeft aldus onvoldoende rekening gehouden met de gerechtvaardigde belangen van klager, hetgeen haar tuchtrechtelijk wordt verweten. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2025:291 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8188
- Datum publicatie: 09-12-2025
- Datum uitspraak: 09-12-2025
- ECLI:NL:TGZRAMS:2025:291
Kennelijk ongegronde klacht tegen een arts. Patiënte, de moeder van klaagster, is overleden aan longkanker. De arts was werkzaam als zaalarts op de longafdeling. Het college stelt vast dat de arts geen diagnose heeft gesteld, ook niet dat hij klaagster niet serieus zou hebben genomen. Het door klaagster ervaren gebrek aan empathie kan het college niet in objectieve zin vaststellen. Het college komt ook niet tot het oordeel dat de arts niet adequaat heeft gehandeld op het moment dat het niet goed ging met patiënte. Er waren op dat moment geen andere handelingen mogelijk om het lijden van patiënte te verminderen. Klacht kennelijk ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TADRARL:2025:268 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-263/AL/MN
- Datum publicatie: 09-12-2025
- Datum uitspraak: 08-12-2025
- ECLI:NL:TADRARL:2025:268
ongegrond verzet
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2025:292 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9027
- Datum publicatie: 09-12-2025
- Datum uitspraak: 09-12-2025
- ECLI:NL:TGZRAMS:2025:292
Voorzittersbeslissing. De voorzitter oordeelt dat er sprake is van misbruik van recht nu klaagster een in de kern dezelfde klacht indient tegen de bedrijfsarts. Klaagster wenst kennelijk de beslissing van het CTG niet af te wachten en dient wederom een klacht in met een andere weergave en andere bewoordingen, die in de kern op hetzelfde neerkomt. In dit geval komt de voorzitter tot het oordeel dat het belang van klaagster niet opweegt tegen het belang van de bedrijfsarts om te worden beschermd tegen het opnieuw indienen van een tuchtklacht tegen haar over in de kern hetzelfde feitencomplex. Klaagster kennelijk niet-ontvankelijk verklaard.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2025:243 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-625/DH/DH
- Datum publicatie: 09-12-2025
- Datum uitspraak: 19-11-2025
- ECLI:NL:TADRSGR:2025:243
Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij. Klager heeft geen eigen, rechtstreeks belang bij de vraag of verweerster wel of geen toevoeging mocht aanvragen voor haar cliënte. Klacht kennelijk niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2025:170 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-737/DB/LI
- Datum publicatie: 09-12-2025
- Datum uitspraak: 09-12-2025
- ECLI:NL:TADRSHE:2025:170
Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij. De tuchtrechter is (kennelijk) onbevoegd om kennis te nemen over AVG-klachten. Klacht voor het overige kennelijk ongegrond. Verweerder heeft klager mede kunnen delen dat als de Belgische belastingdienst (FOD) nog vragen had over de bankrekening van zijn cliënt, dat de FOD zich tot hem kon wenden. Niet gebleken van het verstrekken van onjuiste informatie. Verweerder mocht namens zijn cliënt standpunten innemen die afwijken van klager. Het is niet aan klager om te bepalen door welke advocaat zijn wederpartij zich laat bijstaan. Herhalen van passages uit de conclusie van antwoord in het verweerschrift op de tuchtklacht is niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Benoemen van de deken als ‘confrère’ en klacht als ‘verwijt’ is niet klachtwaardig.
-
ECLI:NL:TADRARL:2025:269 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-272/AL/MN 25-273/AL/MN 25-274/AL/MN
- Datum publicatie: 09-12-2025
- Datum uitspraak: 08-12-2025
- ECLI:NL:TADRARL:2025:269
ongegrond verzet
-
ECLI:NL:TAHVD:2025:256 Hof van Discipline 's Gravenhage 250324
- Datum publicatie: 09-12-2025
- Datum uitspraak: 08-12-2025
- ECLI:NL:TAHVD:2025:256
Beklag artikel 13 Advocatenwet ongegrond. Onvoldoende kans van slagen van de door klager gewenste procedure.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2025:209 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2774
- Datum publicatie: 08-12-2025
- Datum uitspraak: 08-12-2025
- ECLI:NL:TGZCTG:2025:209
Klacht tegen een chirurg. Klager is sinds 2002 in behandeling vanwege een darmziekte. Oorspronkelijk is de diagnose colitis ulcerosa (ontsteking van de dikke darm) gesteld. Later is ook de verdenking op de ziekte van Crohn in de overwegingen betrokken, die niet alleen de dikke darm, maar het gehele spijsverteringskanaal van mond tot anus kan aantasten. Beide ziekten zijn zogenoemde inflammatoire darmziekten (Inflammatory Bowel Dieseases of IBD), die zich vaak kenmerken door een complexe problematiek. Vanaf september 2017 is klager behandeld door een multidisciplinair team (MDO) in het medisch centrum waar de chirurg werkzaam is. De chirurg maakte ook deel uit van het MDO en was hoofdbehandelaar van klager. Klager verwijt de chirurg onzorgvuldig handelen, het verstrekken van foutieve informatie en misdiagnostiek na maart 2019 . Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.
-
ECLI:NL:TAHVD:2025:251 Hof van Discipline 's Gravenhage 240360W
- Datum publicatie: 08-12-2025
- Datum uitspraak: 05-12-2025
- ECLI:NL:TAHVD:2025:251
Verzoekster heeft haar wrakingsverzoek ingediend direct na hervatting van het onderzoek ter zitting en nog voordat de behandelend kamer op haar aanhoudingsverzoek heeft kunnen beslissen. Het wrakingsverzoek is in zoverre voorbarig. Dat de behandelend kamer met de wijze van behandeling van het aanhoudingsverzoek ter zitting vooringenomen zou zijn en/of hoor en wederhoor zou hebben geschonden, is de wrakingskamer niet gebleken. Het proces-verbaal is bedoeld als een zakelijke weergave en niet als een woordelijk verslag van hetgeen ter zitting is besproken. Het feit dat niet alles wat ter zitting is besproken in het proces-verbaal is opgenomen, is daarom geen aanwijzing dat er sprake is van (een schijn van) vooringenomenheid van de behandelend kamer.