Zoekresultaten 251-260 van de 5198 resultaten
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:194 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2026/9596
- Datum publicatie: 04-08-2026
- Datum uitspraak: 04-08-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:194
Kennelijk ongegronde klacht tegen een radioloog. Bij klaagster is een tumor in de hals ontdekt. Klaagster heeft zich bij dit college en bij het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg op het standpunt gesteld dat de MRI-scans door verschillende radiologen op verschillende momenten niet juist zijn beoordeeld, waardoor er niet is gezien dat de tumor was gegroeid. Het college is met de radioloog van oordeel dat het openen van het dossier nog niet betekent dat de in 2016 gemaakte scan ook daadwerkelijk door haar is beoordeeld. Voor het college is leidend dat uit het medisch dossier blijkt dat de radioloog niet de verslaglegging heeft gedaan van de beoordeling van deze MRI-scan en ook niet als medebeoordelaar wordt genoemd in de verslagen. Zodoende concludeert het college dat de radioloog geen betrokkenheid heeft gehad bij de (uiteindelijke) beoordeling van de scan in 2016.
-
ECLI:NL:TNORAMS:2026:5 Kamer voor het notariaat Amsterdam 778573 / NT RK 25/42
- Datum publicatie: 04-08-2026
- Datum uitspraak: 26-05-2026
- ECLI:NL:TNORAMS:2026:5
Klagers stellen dat de notaris foutief zo niet frauduleus kosten bij klaagster heeft opgevoerd die niet voor haar rekening komen, namelijk Wwft-kosten, kantoorkosten en transactiekosten. (...) Klagers vermoeden dat de notaris veelvuldig van twee walletjes eet. Dat lijkt volgens hen op fraude. De kamer heeft de klacht ongegrond verklaard en heeft hiertoe als volgt overwogen. Nu de drie kosten(posten), waar de klacht betrekking op heeft, door de notaris van de uiteindelijke nota van afrekening zijn verwijderd, is het directe belang van klaagster weg. Daarbij merkt de kamer op dat de kandidaat-notaris de concept nota van afrekening tijdig aan klaagster heeft verzonden. (...) Bij deze stand van zaken heeft klaagster hooguit nog een indirect belang (waren de kosten terecht opgevoerd). Daarover zijn klaagster en de notaris het niet eens. De kamer volgt hierin de lijn van de notaris. Anders dan klaagster stelt, kan er ook bij een ‘kosten koper’ transactie sprake zijn van kosten die voor rekening van de verkoper komen. Dat is hier aan de orde. De controle van de persoon van verkoper en de overboeking van gelden aan haar zijn kosten die aan de persoon van verkoper zijn verbonden en derhalve voor haar rekening komen. De kantoorkosten kon de notaris, gezien artikel 7 van diens Algemene Voorwaarden, separaat in rekening brengen. De drie kosten(posten) zijn door de notaris dus in eerste instantie terecht in rekening gebracht bij klaagster.
-
ECLI:NL:TDIVTC:2026:4 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2024/84
- Datum publicatie: 04-08-2026
- Datum uitspraak: 12-02-2026
- ECLI:NL:TDIVTC:2026:4
Parkiet.Dierenarts wordt verweten dat hij: 1. niet tijdig heeft gereageerd op de gezondheidsverslechtering van de parkiet van klager; 2. onvoldoende heeft gecommuniceerd over de mogelijke behandelopties; 3. onvoldoende onderzoek heeft verricht, 4. onvoldoende instructies heeft gegeven aan de assistentes over de verzorging; 5. een onjuiste behandeling / onjuiste medicatie heeft ingezet.[Klacht gegrond ten aanzien van de onderdelen 1, 3 en 4, volgt een waarschuwing. Overige klachten ongegrond]
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:177 Raad van Discipline 's-Gravenhage 26-399/DH/RO
- Datum publicatie: 04-08-2026
- Datum uitspraak: 22-07-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:177
Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij. Verweerster mocht het standpunt van haar cliënte, dat klager zich schuldig maakte aan fraude, verdedigen. Uit de processtukken blijkt uit de context dat het een standpunt van haar cliënte betreft. Zij heeft niet onzorgvuldig gehandeld. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:253 Hof van Discipline 's Gravenhage 260038
- Datum publicatie: 04-08-2026
- Datum uitspraak: 04-08-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:253
Verzet ongegrond. Het hof ziet op basis van het onderzoek in verzet geen aanleiding om tot een andere beoordeling van de klacht te komen dan die van de voorzitter. Uit de door klager overgelegde stukken leidt het hof af dat de klacht van klager over de deken nauw samenhangt met diens onvrede over het feit dat de deken heeft geweigerd om opnieuw een advocaat ten behoeve van klager aan te wijzen nadat de eerder bij beslissing van de deken van 23 januari 2026 ten behoeve van klager aangewezen advocaat een negatief procesadvies had verstrekt en de zaak daarom niet heeft aangenomen. Daarvan kan de deken echter geen verwijt worden gemaakt. Een deken is ook niet gehouden opnieuw een advocaat aan te wijzen als hij dat al heeft gedaan en de aangewezen advocaat niet aan al de wensen van een klager tegemoet komt (HvD 21 april 2017, ECLI:NL:TAHVD:2017:68). De voorziening van artikel 13 Advocatenwet is, anders dan klager lijkt te veronderstellen, geen absolute waarborg voor daadwerkelijke toegang tot de rechter.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:195 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8635
- Datum publicatie: 04-08-2026
- Datum uitspraak: 04-08-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:195
Kennelijk ongegronde klacht tegen een (basis)arts. De moeder van klaagster (patiënte) was opgenomen op de instelling waar de arts destijds als basisarts werkte. Op de dag van het ontslag uit de instelling is patiënte thuis overleden. Klaagster vindt dat de arts patiënte niet adequaat heeft behandeld en onvoldoende heeft gecommuniceerd. Het college oordeelt dat de arts zorgvuldig heeft gehandeld en kan niet vaststellen hoe de communicatie tussen klaagster en haar echtgenoot met de arts is geweest.
-
ECLI:NL:TDIVTC:2026:5 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2024/57 2024/58 2024/64 2024/121
- Datum publicatie: 04-08-2026
- Datum uitspraak: 05-02-2026
- ECLI:NL:TDIVTC:2026:5
Kat. Klachten met betrekking tot twee casussen die op de kliniek van de dierenartsen hebben plaatsgevonden te weten over: 1. de diagnosestelling en behandeling van de kat van klaagster na een ongeval in oktober 2023; 2. de verrichte onderzoeken naar aanleiding van sproeigedrag van de kat in juni 2024. [Klacht ongegrond in de zaken 2024/57, 2024/58 en 2024/121 en in de zaak 2024/64 klacht deels gegrond, volgt een waarschuwing]
-
ECLI:NL:TDIVTC:2026:10 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage VTC 2023/61 VTC 2023/62
- Datum publicatie: 04-08-2026
- Datum uitspraak: 05-02-2026
- ECLI:NL:TDIVTC:2026:10
Hond. Dierenartsen wordt verweten dat zij met betrekking tot een hond in hun onderzoek, diagnosestelling en behandeling zijn tekortgeschoten. [Klachten ongegrond]
-
ECLI:NL:TADRSGR:2026:178 Raad van Discipline 's-Gravenhage 26-440/DH/DH
- Datum publicatie: 04-08-2026
- Datum uitspraak: 22-07-2026
- ECLI:NL:TADRSGR:2026:178
Voorzittersbeslissing. Klacht over belangenverstrengeling. Klager is in 2015 cliënt geweest bij het kantoor van verweerder in verband met een echtscheiding. Verweerders treden nu op tegen twee vennootschappen waarvan klager bestuurder en aandeelhouder is geweest. Deze vennootschappen zijn nooit cliënt geweest van verweerders c.q. het kantoor, daarom is geen sprake van optreden tegen een (voormalig) cliënt. Zelfs als dat wel zo zou zijn, is voldaan aan de voorwaarden van gedragsregel 13 lid 3. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:254 Hof van Discipline 's Gravenhage 250107W
- Datum publicatie: 04-08-2026
- Datum uitspraak: 04-08-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:254
Afwijzing verzoek tot wraking. De samenstelling van de kamer wordt vanaf een week voor de zitting gepubliceerd op de website van het hof. Verzoeker had na raadpleging van de curricula vitae van de leden van de kamer zijn verzoek tot wraking behoren in te dienen. Nu verzoeker dit eerst tijdens de zitting heeft gedaan, is zijn wrakingsverzoek tardief. Het hof is niet gebleken dat de nevenfuncties van verweerders een indicatie voor partijdigheid of vooringenomenheid zouden kunnen zijn (Hof van Discipline, 8 december 2023, ECLI:NL:TAHVD:2023:223). De toelichting van verzoeker op de wrakingsgronden 1, 5 en 6 alsook het proces-verbaal van de zitting leveren volgens het hof ook overigens geen aanwijzingen op voor het oordeel dat verweerders ten opzichte van verzoeker vooringenomen waren, althans dat de bij verzoeker bestaande vrees daarvoor objectief gerechtvaardigd is.Afwijzing verzoek tot wraking. De samenstelling van de kamer wordt vanaf een week voor de zitting gepubliceerd op de website van het hof. Verzoeker had na raadpleging van de curricula vitae van de leden van de kamer zijn verzoek tot wraking behoren in te dienen. Nu verzoeker dit eerst tijdens de zitting heeft gedaan, is zijn wrakingsverzoek tardief. Het hof is niet gebleken dat de nevenfuncties van verweerders een indicatie voor partijdigheid of vooringenomenheid zouden kunnen zijn (Hof van Discipline, 8 december 2023, ECLI:NL:TAHVD:2023:223). De toelichting van verzoeker op de wrakingsgronden 1, 5 en 6 alsook het proces-verbaal van de zitting leveren volgens het hof ook overigens geen aanwijzingen op voor het oordeel dat verweerders ten opzichte van verzoeker vooringenomen waren, althans dat de bij verzoeker bestaande vrees daarvoor objectief gerechtvaardigd is.