Zoekresultaten 19151-19200 van de 48210 resultaten
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2019:66 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 259/2018
- Datum publicatie: 18-04-2019
- Datum uitspraak: 18-04-2019
- ECLI:NL:TGZRZWO:2019:66
Een van de drie klachten tegen internisten/artsen. Bij patiënte is de diagnose coeliakie gesteld. Patiënte kreeg ernstige vermoeidheidsklachten. De klacht betreft –samengevat- de diagnostiek met betrekking tot de vermoeidheidsklachten. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2019:102 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2016.498
- Datum publicatie: 18-04-2019
- Datum uitspraak: 18-04-2019
- ECLI:NL:TGZCTG:2019:102
Klacht tegen gz-psycholoog en psychiater die in opdracht van het Gerechtshof een aanvullende Pro Justitia rapportage hebben opgesteld met een externe deskundige. De klacht betreft (A) inhoudelijke klachten betreffende de PJ-rapportage, (B) klachten met betrekking tot bespreking, inzage en verstrekking van afschriften van (deel)rapportages en (C) klachten over de aanpak van het onderzoek door het Q. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege heeft de klacht deels gegrond geacht, omdat de PJ-rapportage niet aan de criteria voldoet (A) en hier geen reden was om klager geen afschrift van het psychomotorisch rapport te verstrekken (B). Het Centraal Tuchtcollege heeft verweerder voor onderdeel (A) een waarschuwing opgelegd en onderdeel (B) gelet op de onduidelijke omstandigheden niet tuchtrechtelijk verwijtbaar geacht.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2019:67 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 260/2018
- Datum publicatie: 18-04-2019
- Datum uitspraak: 18-04-2019
- ECLI:NL:TGZRZWO:2019:67
Een van de drie klachten tegen internisten/artsen. Bij patiënte is de diagnose coeliakie gesteld. Patiënte kreeg ernstige vermoeidheidsklachten. De klacht betreft –samengevat- de diagnostiek met betrekking tot de vermoeidheidsklachten. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2019:61 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 216/2018
- Datum publicatie: 18-04-2019
- Datum uitspraak: 18-04-2019
- ECLI:NL:TGZRZWO:2019:61
Klager verblijft in een penitentiaire inrichting en klaagt over een aan de PI verbonden huisarts. Verweerder wordt verweten geen of een onjuiste diagnose te hebben gesteld en geen of onvoldoende informatie over bijwerkingen van medicijnen te hebben gegeven. Gegrond voor wat betreft de medicatie. Berisping.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2019:62 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 171/2018
- Datum publicatie: 18-04-2019
- Datum uitspraak: 18-04-2019
- ECLI:NL:TGZRZWO:2019:62
Klacht tegen een verpleegkundige, werkzaam in de thuiszorg. In dit geval ging het om thuiszorg aan een in een serviceflat wonende cliënte met vasculaire dementie en een partiële dwarslaesie, bij wie in de nachtdienst de urinekatheter moest worden gecontroleerd. De klacht houdt in dat de verpleegkundige cliënte (de moeder van klaagster) daarbij onzedelijk heeft betast, althans haar niet heeft wakker gemaakt voordat hij handelingen met betrekking tot de katheter ging verrichten. Het college kan niet vaststellen dat sprake is geweest van onzedelijk handelen en verklaart het eerste klachtonderdeel daarom ongegrond. Het college is wel van oordeel dat in deze situatie - waarin de verpleegkundige zelfstandig met behulp van een sleutel naar binnen ging in het appartement en de moeder van klaagster in slaap aantrof - van hem had mogen worden verwacht dat hij haar wakker zou maken en zou uitleggen wat hij kwam doen voordat hij de zorg verleende; dit zeker toen bleek dat hij niet kon volstaan met een eenvoudige controle van de nachtkatheterzak die zich naast haar bed bevond. Het college verwijst daarbij naar de uitgangspunten in de beroepscode voor verpleegkundigen en verzorgenden en naar de afspraken die in het zorgplan van cliënte waren gemaakt. Het tweede klachtonderdeel is dus gegrond. Het college legt een waarschuwing op.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2019:63 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 233/2018
- Datum publicatie: 18-04-2019
- Datum uitspraak: 18-04-2019
- ECLI:NL:TGZRZWO:2019:63
Klacht tegen psychiater wegens het off-label voorschrijven van medicatie. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2019:53 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 18-1009/DB/ZWB
- Datum publicatie: 17-04-2019
- Datum uitspraak: 15-04-2019
- ECLI:NL:TADRSHE:2019:53
Het staat een advocaat vrij om ervoor te kiezen om enkel schriftelijk met de wederpartij te communiceren, mits het belang van zijn cliënt hierdoor niet wordt geschaad en de wederpartij niet nodeloos wordt benadeeld. Advocaat is niet gehouden om aan de opvolgende advocaat van de wederpartij een afschrift van het dossier te doen toekomen. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGDKG:2019:35 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/653434 / DW RK 18/473
- Datum publicatie: 17-04-2019
- Datum uitspraak: 02-04-2019
- ECLI:NL:TGDKG:2019:35
Beslissing op verzet. Klaagster stelt dagvaarding niet te hebben ontvangen. Beslag op pensioen. Geen rekening gehouden met beslagvrije voet. Schuld is verdubbeld. De kamer is het met de beslissing van de voorzitter eens en verklaart het verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2019:60 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 18-729/DB/ZWB
- Datum publicatie: 17-04-2019
- Datum uitspraak: 15-04-2019
- ECLI:NL:TADRSHE:2019:60
Advocaat valt tuchtrechtelijk geen verwijt te maken van de conclusie van de psychiater tot teruggave van het rijbewijs aan klager met een termijnbeperking van 1 jaar. Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2019:54 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 18-1004/DB/ZWB
- Datum publicatie: 17-04-2019
- Datum uitspraak: 15-04-2019
- ECLI:NL:TADRSHE:2019:54
Advocaat had uit notariële akte niet hoeven te begrijpen dat haar geen bevoegdheid toekwam om in opdracht van haar cliënt tevens namens de moeder op te treden. Dat het gerechtshof in appel heeft geoordeeld dat verweerster aan de volmacht geen bevoegdheid kon ontlenen om in rechte namens de moeder op te treden betekent niet dat het verweerster tuchtrechtelijk valt aan te rekenen dat zij namens haar cliënt een ander standpunt heeft ingenomen. Wederpartij komt omtrent de wijze van declareren van de advocaat van zijn wederpartij geen klachtrecht toe. Klacht gedeeltelijk niet-ontvankelijk, gedeeltelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGDKG:2019:36 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/653478 / DW RK 18/474
- Datum publicatie: 17-04-2019
- Datum uitspraak: 02-04-2019
- ECLI:NL:TGDKG:2019:36
Beslissing op verzet. Ministerieplicht. Kosten. De kamer is het met de beslissing van de voorzitter eens en verklaart het verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2019:55 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 18-943/DB/ZWB
- Datum publicatie: 17-04-2019
- Datum uitspraak: 15-04-2019
- ECLI:NL:TADRSHE:2019:55
Advocaat heeft zich bij de behandeling van een letselschadezaak nodeloos grievend uitgelaten jegens de schadebehandelaar en de medisch adviseur van de wederpartij van zijn cliënt (verzekeraar) door bij herhaling de kwaliteit van deze personen fors in twijfel te trekken, met gebruikmaking van privégegevens en de kwalificaties ‘opzettelijk’ en ‘te kwader trouw’. Klacht gegrond, waarschuwing, kostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TGDKG:2019:37 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/635003 / DW RK 17/894
- Datum publicatie: 17-04-2019
- Datum uitspraak: 02-04-2019
- ECLI:NL:TGDKG:2019:37
Onaangekondigd bankbeslag. Aanleiding voor toepassing beslagvrije voet niet gebleken. Klager niet bekend met vordering. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2019:56 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 18-1010/DB/ZWB
- Datum publicatie: 17-04-2019
- Datum uitspraak: 15-04-2019
- ECLI:NL:TADRSHE:2019:56
Advocaat ia afgegaan op de mededeling van een derde namens de cliënte van de advocaat van de wederpartij dat de opdracht aan de advocaat van de wederpartij door diens cliënte is beëindigd. Advocaat heeft zonder de juistheid van deze mededeling bij de advocaat van de wederpartij te verifiëren stukken aan die derde toegezonden en een kort geding ingetrokken zonder de advocaat van de wederpartij daarover te informeren. Klager en verweerder hebben hun standpunten over en weer in stevige bewoordingen weergegeven. Niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Klacht gedeeltelijk gegrond, waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGDKG:2019:38 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/635176 / DW RK 17/903
- Datum publicatie: 17-04-2019
- Datum uitspraak: 02-04-2019
- ECLI:NL:TGDKG:2019:38
Ernstige dwangmaatregelen in het vooruitzicht gesteld, zonder adequate informatie te verstrekken. Klacht gegrond, geldboete € 1.500,--.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2019:57 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 18-753/DB/OB
- Datum publicatie: 17-04-2019
- Datum uitspraak: 15-04-2019
- ECLI:NL:TADRSHE:2019:57
Verweerder heeft zowel als advocaat als later in zijn hoedanigheid van executeur gehandeld in strijd met artikel 46 Advocatenwet door onvoldoende distantie te betrachten, zich onnodig grievend uit te laten en klaagsters rechtstreeks aan te schrijven terwijl hij wist dat zij door een advocaat werden bijgestaan. Klacht gegrond, berisping.
-
ECLI:NL:TGDKG:2019:39 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/635241 / DW RK 17/905
- Datum publicatie: 17-04-2019
- Datum uitspraak: 02-04-2019
- ECLI:NL:TGDKG:2019:39
Nakosten. Gerechtsdeurwaarder is niet verschenen op aangekondigde beslagdatum. Beslagvrije voet. Hoogte vordering niet juist. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2019:58 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 18-1000/DB/OB
- Datum publicatie: 17-04-2019
- Datum uitspraak: 15-04-2019
- ECLI:NL:TADRSHE:2019:58
Advocaat heeft in hoedanigheid van feitenonderzoeker niet gehandeld zoals van een redelijk bekwaam en redelijk handelend feitenonderzoeker verwacht mocht worden, door zich geen rekenschap te geven van de toepassing van het Protocol feitenonderzoek en geen aandacht te besteden aan de uitgangspunten van dit Protocol. Klacht gegrond, waarschuwing, kostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TGDKG:2019:40 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/635479 / DW RK 17/929
- Datum publicatie: 17-04-2019
- Datum uitspraak: 02-04-2019
- ECLI:NL:TGDKG:2019:40
Beslagvrije voet. Beantwoorden brieven. Overbetekening te laat. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2019:59 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 18-654/DB/OB
- Datum publicatie: 17-04-2019
- Datum uitspraak: 15-04-2019
- ECLI:NL:TADRSHE:2019:59
Niet gebleken van onjuist informeren. Advocaat heeft ter zitting van de raad voldoende aannemelijk gemaakt klager over het lidmaatschap van de bewindvoerder van een brancheorganisatie te hebben geïnformeerd en desgevraagd de gegevens van de klachtcommissie, waar klager met een klacht over de bewindvoerder terecht kon, te hebben verstrekt. Verzet ongegrond
-
ECLI:NL:TGZRSGR:2019:56 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2018-331
- Datum publicatie: 16-04-2019
- Datum uitspraak: 16-04-2019
- ECLI:NL:TGZRSGR:2019:56
Gegronde klacht van de IGJ tegen een verpleegkundige. Vaststaat dat de verpleegkundige gedurende langere tijd een persoonlijke, grensoverschrijdende is aangegaan met twee kwetsbare psychiatrische patiëntes. De verpleegkundige heeft naar het oordeel van het College de professionele grenzen die hij als verpleegkundige in acht behoorde te nemen, in vergaande mate overschreden. Gelet op het gebrek aan inzicht bij de verpleegkundige acht het College de terugkeer van de verpleegkundige in zijn beroep ongewenst. Ontzegging van het recht om wederom in het BIG-register te worden ingeschreven.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2019:161 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2018/339
- Datum publicatie: 16-04-2019
- Datum uitspraak: 16-04-2019
- ECLI:NL:TGZRAMS:2019:161
Klaagster, dochter van een 86-jarige man, verwijt de huisarts dat deze het dossier van haar vader niet goed heeft gelezen en onvoldoende naar zijn klachten heeft geluisterd. De vader was bekend met bloedverlies door wondjes in de maag en volgens de dochter is dit onvoldoende in de gaten gehouden. De vader had uiteindelijk veel bloed nodig en heeft daarna een beroerte gehad. De huisarts voert verweer. Gegrond, berisping
-
ECLI:NL:TGZRSGR:2019:57 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2018-311
- Datum publicatie: 16-04-2019
- Datum uitspraak: 16-04-2019
- ECLI:NL:TGZRSGR:2019:57
Gegronde klacht tegen een verpleegkundige. Duidelijk is dat de verpleegkundige geen informatie over klager als patiënt had mogen verstrekken aan de ex-echtgenote van klager. Het valt de verpleegkundige te verwijten dat hij niet heeft volstaan met de enkele mededeling dat geen enkele informatie wordt verstrekt. Hoewel het gebeuren mogelijk mede wordt verklaard doordat de verpleegkundige min of meer overvallen is geweest door het onverwachte telefoontje van de ex-echtgenote van klager, staat hiertegenover dat het bij de professionele attitude past om hiertegen bestand te zijn. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGZRSGR:2019:58 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2018-274
- Datum publicatie: 16-04-2019
- Datum uitspraak: 16-04-2019
- ECLI:NL:TGZRSGR:2019:58
Ongegronde klacht tegen een cardioloog. Patiënt (vader van klager) kwam na een hartinfarct op de afdeling cardiologie te liggen en zou worden gedotterd. Het College volgt de cardioloog in zijn afweging dat geen sprake was van een levensbedreigende situatie, maar van een verpleegsituatie waarin patiënt wachtte op de dotterbehandeling. De situatie was wel urgent, maar niet acuut, zodat het niet noodzakelijk was dat de cardioloog aan het interventieteam kenbaar zou maken dat de dotterbehandeling nog voor het weekend moest plaatsvinden. De cardioloog heeft een adequate afweging gemaakt tussen snelheid en zorgvuldigheid en had de nare afloop (het overlijden van patiënt voor de dotterbehandeling) niet kunnen of behoeven te voorzien. Bij de informatievoorziening was de cardioloog grotendeels niet betrokken. Klacht afgewezen.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2019:60 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 309-2018
- Datum publicatie: 16-04-2019
- Datum uitspraak: 16-04-2019
- ECLI:NL:TGZRZWO:2019:60
Klacht tegen KNO-arts ongegrond. Het college stelt vast dat er een lang beloop is geweest in de behandeling van patiënte. Verweerder heeft gemotiveerd toegelicht wat zijn bevindingen waren. De afwegingen en beslissingen van verweerder zijn navolgbaar en verdedigbaar. Uit stukken van het dossier rijst een beeld op van zorgvuldige, veelvuldige en uitvoerige communicatie door verweerder met patiënte en klaagster.
-
ECLI:NL:TGZREIN:2019:40 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 18165
- Datum publicatie: 16-04-2019
- Datum uitspraak: 25-04-2019
- ECLI:NL:TGZREIN:2019:40
Keurend arts wordt onprofessioneel handelen verweten. Ten onrechte geen informatie bij de huisarts opgevraagd en in de rapportage vermeld dat klaagster dat ook niet nodig vond. Conclusies in rapportage voorts niet goed onderbouwd. De arts heeft verzuimd klaagster te informeren over het haar toekomende inzage-, correctie- en blokkeringsrecht en ook heeft hij – nog afgezien daarvan – zijn geheimhoudingsverplichting geschonden door niet noodzakelijke en teveel medische informatie over klaagster met de opdrachtgever te delen. Deels gegrond. Berisping.
-
ECLI:NL:TGZRSGR:2019:59 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2018-284a
- Datum publicatie: 16-04-2019
- Datum uitspraak: 16-04-2019
- ECLI:NL:TGZRSGR:2019:59
Kennelijk ongegronde klacht tegen een internist. De vermelding van de naam van de internist in het dossier is niet louter een administratieve aangelegenheid en zij heeft als supervisor ten aanzien van de behandeling van klaagster tenminste enige verantwoordelijkheid. Gelet daarop is het feit dat de internist klaagster niet heeft gezien en er met de internist geen overleg is gevoerd over de behandeling van klaagster onvoldoende om de klacht niet-ontvankelijk te verklaren. Feitelijk gezien heeft de internist geen enkele bemoeienis gehad met de behandeling van klaagster en kan de internist geen persoonlijk tuchtrechtelijk verwijt worden gemaakt. Klacht afgewezen.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2019:52 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2018/444
- Datum publicatie: 16-04-2019
- Datum uitspraak: 16-04-2019
- ECLI:NL:TGZRAMS:2019:52
Klaagster verwijt verweerster (onder meer) ten onrechte de titel 'cosmetisch arts' te voeren en een ooglidcorrectie en botoxinjecties uit te voeren terwijl zij daartoe niet bevoegd is. deels gegrond, berisping
-
ECLI:NL:TGZRSGR:2019:60 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2018-284b
- Datum publicatie: 16-04-2019
- Datum uitspraak: 16-04-2019
- ECLI:NL:TGZRSGR:2019:60
Kennelijk ongegronde klacht tegen een arts. De arts heeft kunnen vaststellen dat er geen aanknopingspunten waren voor een mogelijke vergiftiging en dat nader onderzoek – waaronder onderzoek naar het braaksel- daarnaar niet nodig was. Wat betreft de hardheid van de buik van klaagster ziet het College geen aanleiding om te twijfelen aan hetgeen is opgenomen in het medisch dossier. Ook is voldoende onderbouwd dat de opmerking in het medisch dossier van klaagster waarin de reden van het bezoek als onwel, psychotisch wordt aangemerkt niet van de arts afkomstig is. Klacht afgewezen.
-
ECLI:NL:TGDKG:2019:34 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/650263 / DW RK 18/344
- Datum publicatie: 16-04-2019
- Datum uitspraak: 02-04-2019
- ECLI:NL:TGDKG:2019:34
Beslissing op verzet. Bejegening. De kamer is het met de beslissing van de voorzitter eens en verklaart het verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRSGR:2019:61 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2018-301b
- Datum publicatie: 16-04-2019
- Datum uitspraak: 16-04-2019
- ECLI:NL:TGZRSGR:2019:61
Kennelijk ongegronde klacht tegen een arts. Enkel op grond van de mededeling van de dermatoloog aan klaagster dat hij niets heeft gezegd over wanen kan het College, gelet op de verklaring van de arts, niet vaststellen dat de arts (of de arts-assistent) onjuiste informatie in het dossier heeft genoteerd. Het College acht niet aannemelijk dat de arts (of de arts-assistent) deze informatie zou hebben verzonnen. Klacht afgewezen.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2019:69 Raad van Discipline Amsterdam 19-086/A/A 19-087/A/A
- Datum publicatie: 15-04-2019
- Datum uitspraak: 01-04-2019
- ECLI:NL:TADRAMS:2019:69
Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaten wederpartij kennelijk ongegrond. Dat verweerders de belangen van klager onnodig of onevenredig hebben geschaad zonder redelijk doel is niet gebleken. Voor zover de klacht gericht is tegen het kantoor van verweerders is klager kennelijk niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2019:76 Raad van Discipline Amsterdam 18-1045/A/A
- Datum publicatie: 15-04-2019
- Datum uitspraak: 25-03-2019
- ECLI:NL:TADRAMS:2019:76
Deels gegronde klacht. Het was verweerder, gelet op de tegenstrijdige belangen van de twee maten van de maatschap, waarvan verweerder op de hoogte was, niet toegestaan om voor de maatschap op te treden. Hoewel de raad kan begrijpen waarom verweerder heeft gehandeld zoals hij heeft gedaan, had hij een en ander vooraf met de advocaat van klager of de deken moeten bespreken. Dat heeft hij niet gedaan. Mede gelet op het uitgebreide tuchtrechtelijke verleden van verweerder acht de raad een berisping passend en geboden.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2019:70 Raad van Discipline Amsterdam 19-092/A/A 19-093/A/A
- Datum publicatie: 15-04-2019
- Datum uitspraak: 01-04-2019
- ECLI:NL:TADRAMS:2019:70
Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaten wederpartij deels niet-ontvankelijk vanwege tijdsverloop en deels kennelijk ongegrond. Niet gebleken dat verweerders feiten hebben geponeerd waarvan zij wisten of redelijkerwijs hadden kunnen weten dat die onjuist waren.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2019:71 Raad van Discipline Amsterdam 18-806/A/A
- Datum publicatie: 15-04-2019
- Datum uitspraak: 08-04-2019
- ECLI:NL:TADRAMS:2019:71
Ongegronde klacht over de eigen advocaat.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2019:72 Raad van Discipline Amsterdam 18-1047/A/A
- Datum publicatie: 15-04-2019
- Datum uitspraak: 08-04-2019
- ECLI:NL:TADRAMS:2019:72
Gegronde klacht over de eigen advocaat. Verweerder heeft zonder klaagster daarover adequaat te informeren de intake, de toevoegingsaanvraag en de beoordeling van de haalbaarheid van de zaak overgelaten aan de heer M, die geen advocaat is. De heer M heeft geen toevoeging voor klaagster aangevraagd en heeft pas na vele telefoontjes van klaagster ruim twee maanden na het eerste contact met har de haalbaarheid van de zaak beoordeeld. Berisping en kostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TACAKN:2019:26 Accountantskamer Zwolle 18/724 Wtra AK
- Datum publicatie: 15-04-2019
- Datum uitspraak: 15-04-2019
- ECLI:NL:TACAKN:2019:26
De accountant heeft de jaarrekening over 2014 van een woningcorporatie gecontroleerd. Gezien het materiële belang van de waardering van (kort gezegd) het onroerend goed en de gevolgen daarvan voor zowel de balans als het resultaat, mag niet licht worden gedacht over de noodzaak om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen voor de beoordeling van die waardering. De accountant heeft weliswaar enige stukken uit het controledossier overgelegd, maar deze zijn zeer beperkt in aantal en maken niet inzichtelijk op welke wijze hij de controle heeft aangepakt en uitgevoerd. De accountant heeft weliswaar de verwachte huuropbrengsten vergeleken met de daadwerkelijke huuropbrengsten, maar nu niet duidelijk is geworden waarop die verwachte huuropbrengsten gebaseerd zijn, kan aan de conclusie dat de daadwerkelijke opbrengsten binnen de verwachte grens liggen, geen waarde worden toegekend. Verder heeft de accountant het door klaagster aangevoerde onderscheid tussen bedrijfs-, maatschappelijk en zorg onroerend goed gebagatelliseerd en is hij niet nagegaan of dit onderscheid bestaat en of dit voor de waardebepaling van belang is. Inzake de volledigheid van de vastgoedportefeuille heeft de accountant verwezen naar een overzicht waarbij de vastgoedadministratie wordt vergeleken met de opgelegde aanslagen onroerende zaakbelasting. Daargelaten dat uit voormeld overzicht niet kan worden afgeleid wat de accountant heeft gecontroleerd, is de Accountantskamer van oordeel dat een enkele controle op totalen bij een dergelijke vastgoedportefeuille te beperkt is. Betrokkene heeft van een aantal overige in zijn verweerschrift omschreven controlewerkzaamheden geen enkele productieovergelegd, zodat de Accountantskamer deze werkzaamheden reeds op die grond niet in haar beoordeling kan betrekken. Schending van het fundamentele beginsel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid. Maatregel: berisping.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2019:73 Raad van Discipline Amsterdam 18-1048/A/A 18-1049/A/A 18-1050/A/A
- Datum publicatie: 15-04-2019
- Datum uitspraak: 08-04-2019
- ECLI:NL:TADRAMS:2019:73
Er is geen rechtsregel die verplicht om een (derde) benadeelde in alle omstandigheden en in alle gevallen in staat te stellen om rechtstreeks contact met de beroepsaansprakelijkheidsverzekeraar van de advocaat op te nemen. In dit geval zijn de belangen van klagers voldoende gewaarborgd met een brief van de deken waaruit blijkt dat het kantoor van verweerders verzekerd is voor beroepsaansprakelijkheid en tot welk bedrag en dat melding is gedaan van de aansprakelijkstelling van klagers.. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2019:67 Raad van Discipline Amsterdam 19-095/A/NH
- Datum publicatie: 15-04-2019
- Datum uitspraak: 02-04-2019
- ECLI:NL:TADRAMS:2019:67
Voorzittersbeslissing. Klaagster niet-ontvankelijk in grootste gedeelte van haar klacht wegens tijdverloop. Verweerster heeft het advies van 2 april 2013 op diezelfde datum aan klaagster toegezonden. De termijn uit artikel 46g, eerste lid, onder a, Advocatenwet is dan ook in beginsel op die datum gaan lopen. Klaagster was toen immers bekend met de inhoud van het advies en met het feit dat verweerster haar werkzaamheden voor klaagster had neergelegd. Door hierover pas op 3 september 2018 een klacht in te dienen, heeft klaagster de in artikel 46g, eerste lid, onder a, Advocatenwet genoemde termijn overschreden. Voor zover klaagster stelt dat zij pas later bekend is geworden met de gevolgen van het handelen of nalaten van verweerster kan haar dat niet baten. De verwijten van klaagster komen er in de kern op neer dat verweerster in haar advies niet heeft gewezen op mogelijke niet-ontvankelijkheid en verjaring, op grond waarvan de vorderingen van klaagster zijn gestrand bij het Gerechtshof Amsterdam en uiteindelijk ook bij de Hoge Raad. De voorzitter gaat er vanuit dat klaagster met de uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam op of kort na 13 september 2016 bekend was. Dat de betreffende uitspraak toen nog niet in kracht van gewijsde was gegaan doet hier niet aan af. Voor zover ervan zou moeten worden uitgegaan dat klaagster pas na de uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam van 13 september 2016 op de hoogte was van de gevolgen van het verweten handelen c.q. nalaten van verweerster, geldt dat de termijn voor het indienen van een klacht dan één jaar later, en dus op of kort na 13 september 2017 zou zijn verstreken. Ook dan heeft klaagster te laat geklaagd. Klaagster deels niet-ontvankelijk, klacht voor het overige kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2019:74 Raad van Discipline Amsterdam 18-967/A/A
- Datum publicatie: 15-04-2019
- Datum uitspraak: 25-03-2019
- ECLI:NL:TADRAMS:2019:74
Klacht over eigen advocaat. Beslissing van de Geschillencommissie kan voor de beoordeling van een tuchtklacht relevant zijn, maar beslissing bindt de tuchtrechter niet. Gelet op het verweer van verweerder, dat als zodanig niet (althans niet gemotiveerd) door klager is betwist, acht de raad het begrijpelijk dat verweerder de dagvaarding in de staat waarin die zich bevond op het moment van beëindiging van de opdracht ter betekening aan de deurwaarder heeft gestuurd. Verweerder heeft daarmee niet tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld. Geen sprake van excessief declareren. Behoedzaam gebruik gemaakt van retentierecht. Klacht in alle onderdelen ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2019:68 Raad van Discipline Amsterdam 18-797/A/NH
- Datum publicatie: 15-04-2019
- Datum uitspraak: 01-04-2019
- ECLI:NL:TADRAMS:2019:68
Herstelbeslissing. Per abuis is in de beslissing van 18 maart 2019 een deel van de tekst in het dictum weggevallen, namelijk het gedeelte van de tekst met betrekking tot de ingangsdatum van de schorsing.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2019:75 Raad van Discipline Amsterdam 18-874/A/A
- Datum publicatie: 15-04-2019
- Datum uitspraak: 25-03-2019
- ECLI:NL:TADRAMS:2019:75
Verzet niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TAHVD:2018:226 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 180140D
- Datum publicatie: 13-04-2019
- Datum uitspraak: 29-10-2018
- ECLI:NL:TAHVD:2018:226
Dekenbezwaar. Het dekenbezwaar heeft een grote overlap met de klacht van klagers en deze deken in zaak 180139. Er is geen grond dezelfde gedragingen tweemaal te beoordelen. Verder betreft het dekenbezwaar het feit dat verweerder de aansprakelijkstelling van klagers in 180139 niet direct heeft gemeld bij de beroepsaansprakelijkheidsverzekeraar. Het hof oordeelt dat verweerder een structureel beeld van onzorgvuldig handelen vertoont waardoor de belangen van klagers zijn geschaad. Voorwaardelijke schorsing van 2 weken. Proceskostenveroordeling. Gedeeltelijke vernietiging beslissing raad
-
ECLI:NL:TAHVD:2018:227 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 180175D
- Datum publicatie: 13-04-2019
- Datum uitspraak: 21-12-2018
- ECLI:NL:TAHVD:2018:227
Dekenbezwaar. Verweerder is zakelijke banden aangegaan met (veroordeelde) criminelen en is in dat verband aangehouden op verdenking van betrokkenheid bij criminele activiteiten. Verweerder heeft in dit verband minst genomen de schijn gewekt dat hij is opgetreden als facilitator van criminele activiteiten. Bekrachtiging beslissing van de raad, schrapping. Proceskostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TAHVD:2018:228 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 180139
- Datum publicatie: 13-04-2019
- Datum uitspraak: 29-10-2018
- ECLI:NL:TAHVD:2018:228
Klacht tegen eigen advocaat. Verweerder heeft stukken niet fatsoenlijk en gestructureerd aan het gerechtshof aangeleverd. Tevens appel van de deken voor maatregel en verzoek om uitspraak onzorgvuldig rechtshulpverlening. Verweerder heeft niet de zorgvuldigheid betracht die een behoorlijk rechtshulpverlener betaamt (art. 48 lid 9 jo. 57 lid 2 Aw), nu verweerder doorlopend fouten heeft gemaakt in de echtscheidingsprocedure van klager die een structureel beeld geven van onzorgvuldig handelen. Schorsing 4 weken voorwaardelijk.
-
ECLI:NL:TNORAMS:2019:5 Kamer voor het notariaat Amsterdam 657000/NT 18-55
- Datum publicatie: 12-04-2019
- Datum uitspraak: 26-03-2019
- ECLI:NL:TNORAMS:2019:5
Klacht over wilsbekwaamheid. De kamer is van oordeel dat de notaris genoegzaam aannemelijk heeft gemaakt dat zowel de kandidaat-notaris in het voortraject als de notaris zelf ten tijde van het passeren van het testament voldoende alert zijn geweest op de wilsbekwaamheid van testatrice. De stelling van klaagster dat een lage prijs voor notariële dienstverlening betekent dat onzorgvuldig is gewerkt, deelt de kamer niet. Dat testatrice 78 jaar oud was (naar huidige begrippen geen bijzonder hoge leeftijd) en dat haar administratie was uitbesteed en haar (andere) dochter over haar bankpasje beschikte, behoefde in het onderhavige geval voor de notaris geen reden te zijn om nader onderzoek te (laten) doen naar de wilsbekwaamheid van testatrice. Weliswaar heeft klaagster aangevoerd dat testatrice laag opgeleid was en beschikte over een laag cognitief vermogen en een gebrekkig beeld van de realiteit en dat testatrice sinds 2007 last had van geheugenstoornissen, maar die omstandigheden (voor zover al juist) brengen niet met zich dat testatrice haar wil niet (meer) kon bepalen. Dat testatrice zich (voor de notaris kenbaar) door derden heeft laten beïnvloeden is niet gebleken. Met betrekking tot de inhoud van de gesprekken die hebben geleid tot het passeren van het testament heeft de notaris zich terecht op haar geheimhoudingsplicht beroepen. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2019:60 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2018/434
- Datum publicatie: 12-04-2019
- Datum uitspraak: 10-04-2019
- ECLI:NL:TGZRAMS:2019:60
Klaagster verwijt verweerder, fysiotherapeut, (o.a.) dat hij haar onheus heeft bejegend door tijdens een bindweefselmassage door te vragen naar haar angsten en haar - zonder haar toestemming - onder haar kleding en ondergoed heeft gemasseerd. Verweerder betwist dat nadrukkelijk. Deels gegrond, waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2019:58 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2018/442
- Datum publicatie: 12-04-2019
- Datum uitspraak: 12-04-2019
- ECLI:NL:TGZRAMS:2019:58
De klacht houdt zakelijk weergegeven in dat verweerster de breuk, ontstaan na de val van klaagster, niet tijdig heeft onderkend, geen goede nazorg heeft verleend en klaagster niet correct heeft bejegend. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TGDKG:2019:33 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/655879 / DW RK 18/547
- Datum publicatie: 12-04-2019
- Datum uitspraak: 26-03-2019
- ECLI:NL:TGDKG:2019:33
Mondelinge beslissing op verzet. Verzet is ingekomen buiten de wettelijke termijn van veertien dagen. Niet is gebleken van omstandigheden die de termijnoverschrijding verschoonbaar maken. Verzet niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TAHVD:2019:20 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 180124
- Datum publicatie: 12-04-2019
- Datum uitspraak: 22-03-2019
- ECLI:NL:TAHVD:2019:20
Klacht over advocaat wederpartij. Verweerder zou feitelijk onjuiste informatie hebben verstrekt aan de kantonrechter. Tevens zou verweerder een voormalig advocaat van klager hebben aangeschreven en vertrouwelijk informatie met hem hebben gedeeld, terwijl hij wist dat deze advocaat niet meer voor klager optrad. In hoger beroep heeft klager daarnaast aangevoerd dat de voorzitter van de kamer die de bestreden beslissing heeft genomen niet in overeenstemming met art. 46b lid 2 Advocatenwet zou zijn benoemd, zodat de beslissing nietig is. Het hof verwerpt dit betoog bij gebrek aan feitelijke grondslag, nu deze (plaatsvervangend) voorzitter van de raad is benoemd door de hiertoe bevoegde Minister voor Rechtsbescherming. Met de raad is het hof van oordeel dat verweerder bij het verstrekken van informatie aan de kantonrechter ruimschoots is gebleven binnen de hem toekomende vrijheid om de belangen van zijn cliënt te behartigen. Ter zake van de gestelde schending van Regel 25 oordeelt het hof dat deze regel ziet op de verhouding van de advocaat tot zijn beroepsgroep, zodat klager hierop geen beroep kan doen, en verweerder overigens veeleer in de geest van deze gedragsregel lijkt te hebben gehandeld. Ter zake van de gestelde schending van Regel 3 lid 6 oordeelt het hof dat de derde aan wie verweerder volgens klager geen informatie had mogen verstrekken, de voormalig advocaat van klager is, die is onderworpen aan een geheimhoudingsplicht. Met de raad is het hof van oordeel dat het inkopiëren van de voormalig advocaat van klager onvoldoende ernstig is voor een tuchtrechtelijk verwijlt. Het hof acht de klacht daarom ongegrond en bekrachtigt de beslissing van de raad.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 383
- Pagina: 384
- Pagina: 385
- ...
- Pagina: 965
- Volgende pagina zoekresultaten