Zoekresultaten 21661-21680 van de 48158 resultaten
-
ECLI:NL:TADRSGR:2018:101 Raad van Discipline 's-Gravenhage 18-216/DH/DH
- Datum publicatie: 14-05-2018
- Datum uitspraak: 02-05-2018
- ECLI:NL:TADRSGR:2018:101
voorzittersbeslissing. klacht over kwaliteit van dienstverlening kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2018:101 Raad van Discipline Amsterdam 17-1029/A/A
- Datum publicatie: 14-05-2018
- Datum uitspraak: 30-04-2018
- ECLI:NL:TADRAMS:2018:101
Klacht over advocaat wederpartij ongegrond. Verweerder heeft klager op een door de wet toegestane manier in kort geding gedagvaard.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2018:108 Raad van Discipline Amsterdam 17-838/A/NH
- Datum publicatie: 14-05-2018
- Datum uitspraak: 24-04-2018
- ECLI:NL:TADRAMS:2018:108
Ongegrond verzet.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2018:94 Raad van Discipline Amsterdam 17-918/A/A
- Datum publicatie: 14-05-2018
- Datum uitspraak: 24-04-2018
- ECLI:NL:TADRAMS:2018:94
Klacht van mede-erfgename over advocaat die executeur van de nalatenschap bijstaat. Verweerster heeft in een afwikkelingsvoorstel met betrekking tot de erfenis een bedrag van € 50.000 aan advocaatkosten opgenomen, terwijl klaagster onweersproken heeft gesteld dat er op dat moment slechts een bedrag van € 18.319,40 aan advocaatkosten door verweerster was gedeclareerd. Verweerster heeft niet aannemelijk kunnen maken dat er op dat moment nog een aanzienlijk bedrag aan advocaatkosten te verwachten was waarmee rekening moest worden gehouden. Aldus heeft verweerster feitelijke gegevens aan klaagster verstrekt waarvan zij wist, althans behoorde te weten, dat die onjuist zijn. Klacht deels gegrond, klaagster voor het overige niet-ontvankelijk vanwege gebrek aan rechtstreeks belang. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2018:102 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-801/DH/RO
- Datum publicatie: 14-05-2018
- Datum uitspraak: 09-05-2018
- ECLI:NL:TADRSGR:2018:102
voorzittersbeslissing. klacht over belangenverstrengeling kennelijk ongegrond
-
ECLI:NL:TADRAMS:2018:102 Raad van Discipline Amsterdam 16-252/A/A 16-253/A/A
- Datum publicatie: 14-05-2018
- Datum uitspraak: 30-04-2018
- ECLI:NL:TADRAMS:2018:102
Klacht over eigen advocaten niet-ontvankelijk vanwege tijdsverloop.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2018:109 Raad van Discipline Amsterdam 17-929/A/NH
- Datum publicatie: 14-05-2018
- Datum uitspraak: 20-04-2018
- ECLI:NL:TADRAMS:2018:109
Verzet. Klager niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de termijn voor het indienen van verzet.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2018:95 Raad van Discipline Amsterdam 17-1032/A/A/D
- Datum publicatie: 14-05-2018
- Datum uitspraak: 24-04-2018
- ECLI:NL:TADRAMS:2018:95
Dekenbezwaar (zie ook 17-1031/A/A). Ten aanzien van de door verweerder verstrekte dienstverlening heeft de raad bij eveneens vandaag genomen beslissing in klachtzaak met zaaknummer 17-1031/A/A geoordeeld dat (kort gezegd) verweerder in de zaak die hij voor de heer M behandelde de echtscheidingsbeschikking niet tijdig heeft ingeschreven, verweerder de heer M niet tijdig en toereikend heeft voorgelicht over de gevolgen van deze nalatigheid, verweerder een brief van de advocaat van de wederpartij van 1 maart 2016 niet aan de heer M heeft doorgestuurd en de heer M daarover niet tijdig heeft geïnformeerd, verweerder onvoldoende controle heeft gehouden op de voortgang van het dossier en verweerder de heer M niet heeft voorgelicht over de eventuele mogelijkheden van cassatie tegen de beschikking van 31 maart 2016. Aldus heeft verweerder, getoetst aan de professionele standaard die van een redelijk bekwame en redelijk handelend advocaat in de gegeven omstandigheden kan worden verwacht, in de zaak die hij voor de heer M behandeld niet aan de zorgvuldigheidsnorm voldaan. Voorts heeft verweerder de aansprakelijkstelling van de heer M niet tijdig aangemeld bij zijn beroepsaansprakelijkheidsverzekeraar. Verweerder schiet met te grote regelmaat tekort in de wijze waarop hij de praktijk uitoefent, in het bijzonder ten opzichte van de eigen cliënten in voor deze cliënten belangrijke en gevoelige echtscheidingszaken. De raad acht het opleggen van de maatregel van berisping voor de onderhavige zaak en de heden grotendeels gegrond verklaarde klacht passend en geboden. In beide zaken zal de raad dan ook één en dezelfde maatregel opleggen.
-
ECLI:NL:TGZREIN:2018:52 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 17231
- Datum publicatie: 11-05-2018
- Datum uitspraak: 11-05-2018
- ECLI:NL:TGZREIN:2018:52
Tandarts. Orthodontie. Klagers verwijten verweerder dat hij bij de behandeling van hun zoon 1) vooraf geen behandelplan maar alleen kostenraming heeft opgesteld, 2) niets heeft overlegd met klagers en 3) een onvolledige en onjuiste behandeling heeft toegepast. College: gegrond. Ingezette behandeling had niet tot correctie van de skelettale discrepantie kunnen leiden, behandeling is onjuist toegepast en verweerder heeft informatieplicht en dossierplicht geschonden. Maatregel: Ingewikkelde casus, vereiste inzicht ontbrak en ontbreekt, onjuiste, niet vakinhoudelijke overwegingen gehanteerd bij afweging toe te passen behandeling, geen inzicht getoond in handelen: onvoldoende vertrouwen dat verweerder in de toekomst het vak orthodontie op bekwame wijze zal uitoefenen. Ontzegging bevoegdheid om het beroep van tandarts uit te oefenen voor zover het orthodontie betreft.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2018:67 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-800/DB/OB
- Datum publicatie: 09-05-2018
- Datum uitspraak: 07-05-2018
- ECLI:NL:TADRSHE:2018:67
Klager verwijt verweerder dat deze zijn belangen op nodeloze wijze zou schaden door feitelijke gegevens te verstrekken waarvan hij weet dat deze onjuist zijn. De beweerdelijke onjuiste feitelijke gegevens zijn standpunten in een nog lopende procedure. Deze standpunten zijn niet evident onpleitbaar en kunnen, indien nodig, in de procedure worden betwist. Klacht terecht kennelijk ongegrond verklaard. Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2018:68 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-939/DB/OB
- Datum publicatie: 09-05-2018
- Datum uitspraak: 07-05-2018
- ECLI:NL:TADRSHE:2018:68
Verweerder heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door steeds melding te maken van de schorsing van de heer L., zonder daarbij te vermelden dat deze schorsing in hoger beroep ongedaan was gemaakt. Door slechts fragmentarisch te citeren uit een arrest is door verweerder de onjuiste indruk gewekt dat het om een beoordeling van het gerechtshof ging en niet om een standpunt van een van partijen. Daarnaast heeft verweerder onjuist geciteerd uit een pv. Geen sprake van een vergissing. Verweerder had het gerechtshof, toen de zaak voor arrest stond, niet zonder toestemming van klager sub 1 mogen benaderen. Tenslotte heeft verweerder de deken onjuist geïnformeerd. Klacht gedeeltelijk gegrond. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TNORAMS:2018:10 Kamer voor het notariaat Amsterdam 640040/NT 17-83 643305/NT 18-8 64095/NT 17-87
- Datum publicatie: 09-05-2018
- Datum uitspraak: 08-05-2018
- ECLI:NL:TNORAMS:2018:10
Het feit dat sprake is van een langdurige negatieve bewaringspositie (met een negatieve bewaringspositie van € 2.210.161 op 8 december 2017), van bewuste (voortdurende) onttrekking van derdengelden (zelfs nadat de notaris door de voorzitter bij wijze van ordemaatregel was geschorst), vervalsing van bankafschriften (onder meer om een negatieve bewaringspositie te verhullen) en het ten onrechte (laten) overboeken van gelden aan zichzelf (klachtonderdeel 1) is reeds voldoende om tot het oordeel te komen dat de notaris uitermate laakbaar heeft gehandeld (in strijd met het bepaalde in de artikelen 23, 24, 25 Wna, 2 en 13 Vbg 2011 en 2 Administratieverordening). Waar ieder van de hiervoor genoemde feiten op zich al een ontzetting uit het ambt rechtvaardigt, is deze maatregel des te meer passend en geboden indien acht geslagen wordt op de combinatie van deze feiten, het raffinement waarmee zij gepleegd zijn en hun ernst, omvang en duur.
-
ECLI:NL:TADRARL:2018:107 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 16-1112
- Datum publicatie: 09-05-2018
- Datum uitspraak: 23-04-2018
- ECLI:NL:TADRARL:2018:107
Eindbeslissing na tussenbeslissing en schriftelijke vragen tuchtrechter. Klacht over optreden eigen advocaat in door rechtbank gelast handtekening-onderzoek. Advocaat heeft door klager verschafte stukken niet tijdig doorgezonden naar de door de rechtbank benoemde deskundige, waardoor deze niet meer in het onderzoek zijn betrokken. Ook heeft de advocaat daarover onjuiste verklaringen afgelegd tegenover cliënt en tuchtrechter. Berisping en kostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2018:66 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-999/DB/OB
- Datum publicatie: 09-05-2018
- Datum uitspraak: 07-05-2018
- ECLI:NL:TADRSHE:2018:66
Verweerder heeft onvoldoende zorgvuldigheid betracht bij de behartiging van de belangen van klaagster door haar niet schriftelijk te wijzen op de mogelijkheden (en de daaraan verbonden risico’s) om de arbeidsovereenkomst met een medewerkster te beëindigen. Verweerder had daarnaast klaagster schriftelijk moeten wijzen op de risico’s van het niet verschijnen in een procedure. Klacht gegrond. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2018:96 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 314/2017
- Datum publicatie: 08-05-2018
- Datum uitspraak: 08-05-2018
- ECLI:NL:TGZRZWO:2018:96
Een van de klachten tegen een kinderarts, neuroloog, KNO-arts en anesthesioloog betreffende de behandeling van een patiënte met het MEGDEL syndroom. Patiënte heeft een ingreep ondergaan wegens drooling. Patiënte is korte tijd later overleden. De klacht betreft de zorgvuldigheid en de informatie. De kinderarts had nader onderzoek moeten doen. Klacht tegen kinderarts gegrond, waarschuwing. De overige verweerders hebben niet onzorgvuldig gehandeld. Die klachten worden afgewezen. Opmerking college: Initiatief voor een gesprek meer actief aan de zijde van verweerders
-
ECLI:NL:TGZRGRO:2018:26 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2018/182
- Datum publicatie: 08-05-2018
- Datum uitspraak: 08-05-2018
- ECLI:NL:TGZRGRO:2018:26
Verweerster is verzekeringsarts en heeft klaagster voor een herbeoordeling in het kader van haar WIA-uitkering op haar spreekuur gezien. Klaagster is het niet eens met de inhoud van de door verweerster opgestelde rapportage. Ook stelt zij onheus bejegend te zijn door verweerster. Het college wijst de klacht af. De rapportage voldoet aan alle eisen die daaraan worden gesteld volgens vaste jurisprudentie. Dat verweerster haar onheus heeft bejegend heeft klaagster niet onderbouwd.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2018:97 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 315/2017
- Datum publicatie: 08-05-2018
- Datum uitspraak: 08-05-2018
- ECLI:NL:TGZRZWO:2018:97
Een van de klachten tegen een kinderarts, neuroloog, KNO-arts en anesthesioloog betreffende de behandeling van een patiënte met het MEGDEL syndroom. Patiënte heeft een ingreep ondergaan wegens drooling. Patiënte is korte tijd later overleden. De klacht betreft de zorgvuldigheid en de informatie. De kinderarts had nader onderzoek moeten doen. Klacht tegen kinderarts gegrond, waarschuwing. De overige verweerders hebben niet onzorgvuldig gehandeld. Die klachten worden afgewezen. Opmerking college: Initiatief voor een gesprek meer actief aan de zijde van verweerders
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2018:100 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 172/2017
- Datum publicatie: 08-05-2018
- Datum uitspraak: 08-05-2018
- ECLI:NL:TGZRZWO:2018:100
Klacht tegen neurochirurg deels gegrond; waarschuwing. Verweerder is niet verantwoordelijk dat een CT-scan zonder contrastvloeistof is verricht en niet betrokken geweest bij het plannen en vervroegen van de aangevraagde MRI. Het college is van oordeel dat verweerder had moeten besluiten tot een punctie van het hersenabces en dat hij zijn afwijzing onvoldoende heeft onderbouwd. Verweerder heeft de neuroloog, gelet op de inhoud van hun overleg, niet hoeven weerhouden van het (laten) verrichten van een LP.
-
ECLI:NL:TGZRGRO:2018:27 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2017/190
- Datum publicatie: 08-05-2018
- Datum uitspraak: 08-05-2018
- ECLI:NL:TGZRGRO:2018:27
Klacht tegen orthopedisch chirurg. Klaagster is de zuster van een inmiddels overleden patiënt. Patiënt werd in juni 2017 opgenomen nadat hij thuis gevallen was. In het ziekenhuis werd geconstateerd dat hij terminaal ziek was. Klaagster verwijt verweerder 1) dat hij patiënt geen pijnmedicatie heeft gegeven, waardoor hij onnodig pijn heeft geleden; 2) dat hij lomp met patiënt is omgegaan; 3) dat hij patiënt met een zuurstofgebrek in zijn bloed naar huis heeft laten gaan; 4) dat hij geen antwoord gaf op vragen van klaagster en om alles heen draaide en 5) patiënt niet eerder naar huis liet gaan, terwijl toch al duidelijk was dat hij niet lang meer te leven had. Het college volgt klaagster niet in haar verwijten. Patiënt kreeg indien nodig pijnmedicatie en niet gebleken is dat verweerder lomp met patiënt omgegaan is en/of geen medeleven heeft getoond. Voorts heeft verweerder patiënt wel degelijk zuurstof meegegeven toen hij naar huis ging. Daarnaast geldt dat niet gebleken is dat verweerder op bepaalde vragen geen antwoord heeft gegeven en/of dat hij om alles heen draaide. Ten slotte heeft verweerder goed onderbouwd dat het niet verantwoord was om patiënt naar huis te laten gaan zonder dat er eerst thuiszorg was geregeld. De klacht is ongegrond. Deze klacht hangt samen met procedure G2017/181.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2018:98 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 316/2017
- Datum publicatie: 08-05-2018
- Datum uitspraak: 08-05-2018
- ECLI:NL:TGZRZWO:2018:98
Een van de klachten tegen een kinderarts, neuroloog, KNO-arts en anesthesioloog betreffende de behandeling van een patiënte met het MEGDEL syndroom. Patiënte heeft een ingreep ondergaan wegens drooling. Patiënte is korte tijd later overleden. De klacht betreft de zorgvuldigheid en de informatie. De kinderarts had nader onderzoek moeten doen. Klacht tegen kinderarts gegrond, waarschuwing. De overige verweerders hebben niet onzorgvuldig gehandeld. Die klachten worden afgewezen. Opmerking college: Initiatief voor een gesprek meer actief aan de zijde van verweerders
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 1083
- Pagina: 1084
- Pagina: 1085
- ...
- Pagina: 2408
- Volgende pagina zoekresultaten