We werken hard aan het herstel van de stabiliteit van tuchtrecht.overheid.nl. Excuus voor het ongemak.

Zoekresultaten 21661-21680 van de 47643 resultaten

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:30 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-960

    Voorzittersbeslissing: de voorzitter oordeelt de klacht in alle onderdelen tegen de deken kennelijk ongegrond. Er bestaat geen verplichting voor een deken om bij een klachtonderzoek een mondelinge behandeling tussen partijen te bepalen. Ruime beleidsvrijheid deken. Daarnaast mocht deken bepaalde correspondentie van klager buiten beschouwing laten. Hij kon als deken niet oordelen/ adviseren over de civielrechtelijke vragen van klager daarin en heeft klager daartoe verwezen naar een advocaat.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:40 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-1003/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Klaagster heeft een klacht ingediend over verweerster, die haar ex-echtgenote bijstaat c.q. heeft bijgestaan in een echtscheidingsprocedure en aanverwante procedures. Voor zo ver klaagster klaagt over de onafhankelijkheid en deskundigheid van verweerster, komt haar geen klachtrecht toe - dat is voorbehouden aan de cliënte van verweerster - zodat zij in zoverre niet ontvankelijk is in haar klacht. De klacht is voor het overige kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:31 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-987

    Voorzittersbeslissing. Klacht tegen voormalig eigen advocaat kennelijk ongegrond. Verweerder heeft terecht een nota gestuurd en incassoprocedure gestart. Geen misbruik van (proces)recht.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:41 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-1034/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Ne bis in idem. Klacht kennelijk niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:26 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-974

    Voorzittersbeslissing. Klacht tegen advocaat van de wederpartij in familierechtelijk geschil. Verweerster mocht als partijdige advocaat feiten en standpunten innemen zoals door haar gedaan. Geen schending van gedragsregel 15 door kort voor zitting alleen aan de griffie door te geven dat verweerster op verzoek van cliënte niet bij die zitting aanwezig zou zijn. Geen contact met rechter over inhoudelijke kant van de zaak. Kennelijk ongegronde klacht.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:42 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-869/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht over eigen advocaat kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2018:28 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 17246

    Waarnemend huisarts wordt foutief handelen en nalatigheid verweten omdat zij geen echo heeft laten uitvoeren en geen acht heeft geslagen op de mogelijkheid van een gedraaide darm, waardoor patiënte, bij wie eerder een gastric bypass operatie was verricht, is overleden. Het onderzoek, waarbij specifiek gezocht is naar signalen behorend bij een herniatie en volvulus, voldeed aan de eisen en was ter zake dienend. Naast de objectieve gegevens heeft verweerster genoegzaam acht geslagen op andere relevante (niet-klinische) facetten. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:27 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-972

    Voorzittersbeslissing: de voorzitter oordeelt klaagster (een vennootschap) kennelijk niet-ontvankelijk in alle klachtonderdelen. De voorzitter kan niet vaststellen dat klaagster ooit cliënte van verweerder is geweest, zodat in zoverre geen sprake van schending van de geheimhoudingsplicht is jegens klaagster en aldus geen sprake van een eigen rechtstreeks belang van klaagster bij klacht. Evenmin sprake van een eigen rechtstreeks belang bij tweede klachtonderdeel dat verweerder geheimhoudingsplicht jegens zijn oud-kantoorgenoot zou hebben geschonden door informatie over zijn vertrek van kantoor met klaagster te delen.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:43 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-748/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht van advocaat tegen advocaat deels kennelijk niet-ontvankelijk en deels kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:28 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-977

    Voorzittersbeslissing. Klacht tegen advocaat wederpartij kennelijk ongegrond. Niet gebleken dat verweerster bij haar handelen onvoldoende aandacht voor de persoonlijke situatie van klager heeft gehad.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:44 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-723/DH/RO

    Voorzittersbeslissing. Klacht over eigen advocaat kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:29 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-962

    Voorzittersbeslissing: de voorzitter oordeelt klacht tegen voormalig deken deels niet-ontvankelijk ex artikel 46g lid 1 sub a Advocatenwet vanwege tijdsverloop en voor het overig kennelijk ongegrond, want te algemeen gesteld. Voorts ziet de voorzitter het tuchtrechtelijke verwijtbare van het optreden door de deken niet in.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:45 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-1019/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Nog daargelaten dat een advocaat de vrijheid heeft om een cliënt negatief te adviseren indien hij bij een haalbaarheidstoetsing tot de conclusie komt dat onvoldoende kans van slagen bestaat, heeft verweerder precies gedaan wat de deken hem had opgedragen: het adviseren van klager. Op geen enkele wijze valt in te zien waarom verweerder tuchtrechtelijk laakbaar zou hebben gehandeld. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:51 Raad van Discipline Amsterdam 18-009/A/A

    Verzoek ex artikel 60b toegewezen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:79 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2017.194

    De orthopedisch chirurg heeft bij klaagster een arthroscopie uitgevoerd. Klaagster verwijt de orthopedisch chirurg bij die ingreep in gebreke te zijn gebleven bij het desinfecteren van haar knie. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege heeft het daartegen door klaagster ingestelde beroep verworpen. Wat betreft de overige klachten heeft het Centraal Tuchtcollege klaagster daarin niet-ontvankelijk verklaard, omdat deze in beroep voor het eerst zijn aangevoerd.

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2018:10 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2017/123

    Klacht tegen arbo-arts die ten onrechte de titel van bedrijfsarts zou gebruiken. Voorts klacht over het gedane onderzoek en de verslaglegging. Beslissing: klachten ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:28 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-173

    Deels gegronde klacht tegen een tandarts. De KNMG-richtlijn Omgaan met medische gegevens is van toepassing bij gebreke van een specifieke richtlijn van de KNMT. De tandarts heeft in strijd gehandeld met de richtlijn door zich niet van een medische beoordeling over klager in een verklaring te onthouden. Voor zover de toestemmingsverklaring onduidelijk is geformuleerd, had de tandarts dit bij klager kunnen nagaan. Een onjuiste anamnese in de verklaring is niet vast komen te staan. Overige klachtonderdelen ongegrond. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:80 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2017.198

    De orthopedisch chirurg heeft een arthrodese bij klager verricht. Klager heeft de orthopedisch chirurg, voor zover in beroep van belang, verweten dat de orthopedisch chirurg hem niet eerder heeft verwezen naar een andere orthopedische chirurg, na het verrichten van de arthrodese van de enkel niet direct onderbeengips heeft aangelegd, de ontstane infectie niet eerder heeft onderkend en hem niet heeft betrokken bij een gesprekken tussen de orthopedisch chirurg en de fysiotherapeut. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2018:9 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2017/124

    Klacht tegen een bedrijfsarts die als supervisor van een arbo-arts is opgetreden. De bedrijfsarts zou, ondanks de signalen over het onbevoegd gebruik maken van de titel bedrijfsarts door de arbo-arts, geen actie hebben ondernomen en voorts onvoldoende toezicht hebben gehouden op de door de arbo-arts verrichte handelingen en diens verslaglegging. Beslissing: klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2018:11 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2017/132

    Klacht tegen bedrijfsarts. Klaagster verwijt verweerder dat hij haar onheus en onprofessioneel heeft bejegend, dat hij haar onvoldoende heeft onderzocht en tot een verkeerde diagnose is gekomen en dat zijn lichamelijk onderzoek onnodig pijnlijk is geweest. De klacht is als ongegrond afgewezen, deels omdat de lezingen van partijen tegenover elkaar staat en voor het overige omdat niet gebleken is dat de bedrijfsarts onzorgvuldig heeft gehandeld.