Zoekresultaten 1-10 van de 15027 resultaten

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2026:110 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8709

    Klacht tegen huisarts. Klaagster verwijt de huisarts dat hij zijn beroepsgeheim heeft geschonden door medische informatie van andere patiënten met haar te delen en dat hij daarnaast de eed van Hippocrates heeft geschonden door de met klaagster gemaakte afspraak voor na zijn pensioen te ontkennen en door na zijn pensioen niet meer de moeite te nemen om met klaagster in gesprek te gaan. Klaagster is in het eerste klachtonderdeel niet-ontvankelijk omdat zij geen rechtstreeks belanghebbende is. Het tweede klachtonderdeel is kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2026:107 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8996

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een huisarts. Klager verwijt de huisarts dat zij tijdens een gezondheidscheck zonder toestemming van de patiënt een injectie heeft toegediend. Uit het verslag van de afspraak blijkt wel dat er bloed is geprikt bij klager, maar niet dat er bij hem een injectie is toegediend. Gelet op de toelichting van de huisarts ziet het college geen aanleiding om aan te nemen dat er niettemin toch een injectie zou zijn toegediend.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2026:108 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8826

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een huisarts. Klaagster verwijt de huisarts dat zij tijdens een consult geen onderzoek heeft gedaan naar haar buikklachten en haar onvoldoende zorg heeft verleend. Daarnaast verwijt zij de huisarts dat zij haar (en haar zus) tijdens dat consult respectloos en onprofessioneel heeft bejegend. Naar het oordeel van het college heeft de huisarts op een goed te volgen wijze gehandeld. Niet is gebleken dat de huisarts onvoldoende onderzoek heeft gedaan, een onjuist beleid heeft bepaald, onvoldoende en onjuist heeft genoteerd in het medisch dossier en onvoldoende informatie heeft gegeven. Onprofessionele bejegening kan evenmin worden vastgesteld. Alle klachtonderdelen kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2026:109 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9102

    Ongegronde klacht tegen een huisarts. Klaagster verwijt de huisarts dat hij bij een consult de indruk gaf dat hij haast had en dat hij fouten heeft gemaakt bij de injectie met Kenacort. De opmerking die de huisarts maakte was misschien niet zo handig, maar het is niet gebleken dat hij klaagster opzettelijk onder druk heeft willen zetten om zich te haasten. Bij het injecteren van Kenacort in de bilspier is er een kleine kans op complicaties, ook al is de injectie op een correcte manier toegediend. Het college heeft niet kunnen vaststellen dat de huisarts fouten heeft gemaakt. Beide klachtonderdelen zijn ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2026:93 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/3002

    Verzet tegen een voorzittersbeslissing in de zaak tegen een huisarts. Het Regionaal Tuchtcollege heeft klager niet-ontvankelijk verklaard omdat er een periode van meer dan tien jaren is verstreken sinds het gestelde handelen (of nalaten) is geschied. De voorzitter van het Centraal Tuchtcollege heeft het beroep van klager afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege verklaart het door klager ingestelde verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2025:228 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/3013

    Voorzittersbeslissing. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht van klager kennelijk ongegrond verklaard omdat niet is komen vast te staan dat de griepprik verkeerd is gezet of dat de huisarts verkeerde instructies met betrekking tot het plaatsen van de prik heeft gegeven. De voorzitter van het Centraal Tuchtcollege wijst het beroep af omdat het beroep niet kan leiden tot een andere beslissing dan die van het Regionaal Tuchtcollege.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2026:94 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/3013

    Verzet tegen een voorzittersbeslissing in de zaak tegen een huisarts. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht van klager kennelijk ongegrond verklaard omdat niet is komen vast te staan dat de griepprik verkeerd is gezet of dat de huisarts verkeerde instructies met betrekking tot het plaatsen van de prik heeft gegeven. De voorzitter van het Centraal Tuchtcollege heeft het beroep van klager afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege verklaart het door klager ingestelde verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2025:229 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/3014

    Voorzittersbeslissing. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht van klager kennelijk ongegrond verklaard omdat niet is komen vast te staan dat de griepprik verkeerd is gezet of dat de huisarts verkeerde instructies met betrekking tot het plaatsen van de prik heeft gegeven. De voorzitter van het Centraal Tuchtcollege wijst het beroep af omdat het beroep niet kan leiden tot een andere beslissing dan die van het Regionaal Tuchtcollege.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2026:95 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/3014

    Verzet tegen een voorzittersbeslissing in de zaak tegen een huisarts. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht van klager kennelijk ongegrond verklaard omdat niet is komen vast te staan dat de griepprik verkeerd is gezet of dat de huisarts verkeerde instructies met betrekking tot het plaatsen van de prik heeft gegeven. De voorzitter van het Centraal Tuchtcollege heeft het beroep van klager afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege verklaart het door klager ingestelde verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2026:96 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/3002 VZ

    Voorzittersbeslissing. Het Regionaal Tuchtcollege heeft klager niet-ontvankelijk verklaard omdat er een periode van meer dan tien jaren is verstreken sinds het gestelde handelen (of nalaten) is geschied. De voorzitter van het Centraal Tuchtcollege wijst het beroep af omdat het beroep niet kan leiden tot een andere beslissing dan die van het Regionaal Tuchtcollege.