Zoekresultaten 421-430 van de 47599 resultaten

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2026:71 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8427

    Klacht tegen orthopedisch chirurg kennelijk niet-ontvankelijk (ne bis in idem). Klaagster klaagt over hetzelfde feitencomplex als waarover het college in 2024 al onherroepelijk heeft beslist (ontbreken van gegevens in het medisch dossier).

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2026:94 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9332

    Voorzittersbeslissing. Klager is kennelijk niet-ontvankelijk in de klacht.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2026:60 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8607

    Klacht tegen tandarts over verkeerde plaatsing van een brug en over het geven van onvoldoende informatie voorafgaand aan de behandeling.Het college oordeelt dat het plaatsen van de brug volgens de regelen der kunst is geschied. Het college oordeelt verder dat het de verantwoordelijkheid is van verweerder om een goed dossier bij te houden. Nu patiënte stelt dat zij onvoldoende geïnformeerd is over de behandeling en in het dossier hierover niets is genoteerd, komt dit voor rekening en risico van verweerder. In zoverre is de klacht over het verstrekken van onvoldoende informatie gegrond. Het college legt een waarschuwing op.

  • ECLI:NL:TADRARL:2026:100 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 26-175/AL/MN

    Voorzittersbeslissing. Uit de stukken is niet gebleken dat verweerder klaagster onjuist heeft geadviseerd over de mogelijkheden om hoger beroep in te stellen. Verweerder werkte als advocaat in loondienst bij een rechtsbijstandsverzekeraar. Na zijn onttrekking is zijn dossier intern meteen gesloten en heeft zijn teamleider de communicatie en nazorg voor klaagster op zorgvuldige wijze gedaan. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2026:120 Hof van Discipline 's Gravenhage 250377

    Verzet tegen niet-verwijzing niet-ontvankelijk. Verzetschrift is te laat ingekomen en termijnoverschrijding niet verschoonbaar.

  • ECLI:NL:TNORSHE:2026:10 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2025/37

    Levering woning aan klager in kader van AB-BC-transactie, die in “omgekeerde volgorde” is gepasseerd. Kandidaat-notaris heeft niet met vereiste zorgvuldigheid gehandeld door in akte van levering op te nemen dat de kosten voor rekening van koper komen, terwijl in koopovereenkomst was bepaald dat deze voor rekening van verkoper zouden komen. Ook niet naar behoren voldaan aan voorlichtingsplicht, die tot de essentie van het notariële ambt behoort en als een integraal onderdeel van het passeren van de akte moet worden beschouwd en eens te meer geldt als het gaat om een transactie die afwijkt van wat gebruikelijk is. Nu eerst de akte B-C en daarna de akte A-B is gepasseerd, hingen beide leveringen nauw met elkaar samen; als bij één van die transacties een kink in de kabel zou komen, zou dit gevolgen (kunnen) hebben voor de andere transactie. Klager hoefde daar niet op bedacht te zijn en de kandidaat-notaris wist dat B de koopsom die klager naar zijn derdengeldenrekening had overgemaakt, nodig had om op haar beurt de koopsom aan A te kunnen voldoen. Daarom is de kamer van oordeel dat het in de gegeven omstandigheden op de weg van de kandidaat-notaris had gelegen om klager er voor het passeren van de akte B-C over te informeren dat die transactie onderdeel uitmaakte van een AB-BC-transactie waarbij de akten in omgekeerde volgorde werden gepasseerd. De kandidaat-notaris had de beoogde gang van zaken daarbij kunnen toelichten en klager kunnen informeren over de daaraan verbonden risico’s en de mogelijkheden om deze te ondervangen. Zulke informatie valt naar het oordeel van de kamer niet onder de geheimhoudingsplicht. Daarnaast is het de taak van de notaris om vóór de ontvangst van derdengelden zo helder mogelijk met de betrokken partijen af te spreken onder welke voorwaarden welk bedrag aan welke partij zal worden uitbetaald. Op de notaris rust een zwaarwegende zorgplicht met betrekking tot het beheer en de uitbetaling van derdengelden. Door het ontbreken van deze afspraken liepen de bij deze transactie betrokken partijen het risico dat bij een gebrek in de transactie A-B of B-C onduidelijkheid zou ontstaan over welke partij recht zou hebben op uitbetaling. Waarschuwing en proceskostenveroordeling.

  • ECLI:NL:TNORAMS:2026:2 Kamer voor het notariaat Amsterdam 774069 / NT 25-25 774070 / NT 25-26

    Klaagster verwijt de notaris en de kandidaat-notaris [de notarissen] onder meer dat zij klaagster - een besloten vennootschap - niet hebben geïnformeerd over de wetswijziging ten aanzien van de overdrachtsbelasting bij een zuivere juridische splitsing. Daarnaast verwijt klaagster de notarissen dat zij de vennootschap niet hebben gewezen op de fatale termijn voor het deponeren van het splitsingsvoorstel. Volgens klaagster hebben de notarissen ook onjuist - en te laat - geadviseerd over de splitsing van de vennootschap en de stappen die daarvoor nodig waren. Dat de splitsing nadrukkelijk was ingegeven door de fiscale vrijstellingsregeling, waaraan een maximale termijn is verbonden, benadrukt dat de notarissen de vennootschap tijdig hadden moeten informeren over de volgens hen benodigde stappen.Klacht tegen de notaris - ongegrond. De kandidaat-notaris heeft in deze zaak alle contacten met betrokkenen onderhouden en alle correspondentie gevoerd. (...) Naar het oordeel van de kamer kan de notaris in dit geval dan ook geen tuchtrechtelijk verwijt worden gemaakt. Klachten tegen de kandidaat-notaris - ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2026:118 Hof van Discipline 's Gravenhage 250432

    Beklag. Op grond van artikel 13 Advocatenwet kan door de deken alleen een advocaat kan worden aangewezen in zaken waarin vertegenwoordiging door een advocaat is voorgeschreven, dan wel bijstand uitsluitend door een advocaat kan geschieden. Klager heeft verzocht om aanwijzing van een advocaat in een huurgeschil. De kantonrechter is bij huurgeschillen absoluut bevoegd ongeacht de hoogte van de vordering. Voor een procedure bij de kantonrechter is geen bijstand van een advocaat vereist. De deken heeft klagers verzoek om aanwijzing terecht afgewezen. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2026:119 Hof van Discipline 's Gravenhage 250239

    Klager heeft een geschil gehad met zijn zus, die naast hem woont. Het geschil had onder meer betrekking op de eigendom van een stuk grond dat kadastraal behoort tot het perceel van klager, maar ter zake waarvan de zus stelt dat zij door verjaring de eigendom heeft verkregen. Klager heeft een klacht ingediend over de advocaat van zijn zus. Dat is verweerder. De klacht komt erop neer dat verweerder nodeloos heeft geprocedeerd en een deurwaarder op klager heeft afgestuurd, omdat de vraag wie eigenaar was van het betwiste stuk grond volgens klager al was beantwoord. De raad heeft de klacht ongegrond verklaard. Klager is het daar niet mee eens en heeft hoger beroep ingesteld. Het hof bekrachtigt de beslissing van de raad.

  • ECLI:NL:TADRARL:2026:98 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 26-047/AL/GLD

    Raadsbeslissing. Hoewel verweerder klaagster al had verzocht zijn eerder gezonden facturen te betalen voordat de Raad voor Rechtsbijstand de toevoeging formeel had ingetrokken, heeft hij pas incassomaatregelen getroffen nadat de Raad de toevoeging ook daadwerkelijk had ingetrokken. Verweerder had wellicht beter kunnen of moeten wachten met zijn betalingsverzoek totdat de toevoeging was ingetrokken, maar gelet op het feit dat het resultaat in hoger beroep niet meer ter discussie stond en verweerder ook geen incassomaatregelen heeft genomen voordat de intrekking er was en gelet op het door verweerder genoemde verhaalsrisico nu klaagster naar China was vertrokken, is de raad van oordeel dat verweerder in dit geval geen tuchtrechtelijk verwijt kan worden gemaakt. Klacht ongegrond.