Zoekresultaten 2461-2470 van de 48130 resultaten

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:180 Raad van Discipline Amsterdam 25-129/A/A

    Ongegrond verzet.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2025:116 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8061

    Klacht van dochter over de behandeling van haar inmiddels overleden moeder. De huisarts wordt verweten dat zij onvoldoende zorg heeft geleverd en niet adequaat heeft gehandeld in de fase van palliatieve zorg aan klaagsters moeder. Het college komt tot het oordeel dat de klacht ongegrond is.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2025:117 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/7997

    Klacht tegen een verzekeringsarts kennelijk ongegrond. Klaagster heeft een WIA-uitkering aangevraagd. Na een medische beoordeling is aan klaagster een loongerelateerde WGA-uitkering toegekend. De klacht heeft betrekking op de klachtenprocedure die klagers na het eerste verzekeringsgeneeskundig onderzoek zijn gestart en waarbij verweerder in zijn hoedanigheid van districtsmanager/districtsadviseur medisch betrokkenheid heeft gehad.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2025:118 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/7996

    Klacht tegen een verzekeringsarts kennelijk ongegrond. In het kader van de aanvraag van een WIA-uitkering heeft verweerder klaagster onderzocht en een verzekeringsgeneeskundige beoordeling verricht. Met inachtneming van de door verweerder vastgestelde beperkingen zijn er voor klaagster diverse functies geduid en is aan haar een loongerelateerde WGA-uitkering toegekend. De klacht heeft betrekking op, samengevat, het door verweerder uitgevoerde onderzoek en het mede door hem opgestelde rapport.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2025:119 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/7995

    Klacht tegen een verpleegkundige kennelijk ongegrond. In het kader van de aanvraag van een WIA-uitkering heeft verweerster klaagster onderzocht en een verzekeringsgeneeskundige beoordeling verricht. Met inachtneming van de door de verzekeringsarts vastgestelde beperkingen zijn er voor klaagster diverse functies geduid en is aan klaagster een loongerelateerde WGA-uitkering toegekend. De klacht heeft betrekking op, samengevat, het mede door verweerster uitgevoerde onderzoek en het mede door haar opgestelde rapport.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2025:160 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2929 VZ

    Voorzittersbeslissing. De moeder van klaagster is na een ingreep overleden in het ziekenhuis. Klaagster dient een klacht in tegen de voorzitter van de Raad van Bestuur van het ziekenhuis, die niet bij de behandeling van haar moeder betrokken is geweest. De voorzitter van het Regionaal Tuchtcollege heeft geoordeeld dat de verwijten geen handelen betreft dat valt onder de eerste of tweede tuchtnorm en heeft klaagster kennelijk niet-ontvankelijk verklaard in de klacht. De voorzitter van het Centraal Tuchtcollege wijst het beroep af omdat het beroep niet kan leiden tot een andere beslissing dan die van de voorzitter van het Regionaal Tuchtcollege.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2025:109 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7716

    Kennelijk ongegronde klacht tegen gynaecoloog. Klaagster verwijt de gynaecoloog dat hij tijdens de keizersnede haar blaas heeft beschadigd en dat een hersteloperatie nodig was. Ook verwijt zij hem dat haar tweelingdochters hechtingsproblemen hebben opgelopen en dat haar gezin voorgoed beschadigd is. Blaaslaesie is een dag na de keizersnede geconstateerd tijdens een (her)operatie in verband met een nabloeding. Geen eerdere aanwijzingen voor het bestaan van een blaaslaesie. Geen aanwijzingen voor medisch onzorgvuldig handelen. Complicatie. College oordeelt niet over de door klaagster gestelde gevolgen. Klaagster deels niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2025:161 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2930 VZ

    Voorzittersbeslissing. De moeder van klaagster is na een ingreep overleden in het ziekenhuis. Klaagster dient een klacht in tegen de voorzitter van Coöperatie Medisch Specialisten van het ziekenhuis, die niet bij de behandeling van haar moeder betrokken is geweest. De voorzitter van het Regionaal Tuchtcollege heeft geoordeeld dat de verwijten geen handelen betreft dat valt onder de eerste of tweede tuchtnorm en heeft klaagster kennelijk niet-ontvankelijk verklaard in de klacht. De voorzitter van het Centraal Tuchtcollege wijst het beroep af omdat het beroep niet kan leiden tot een andere beslissing dan die van de voorzitter van het Regionaal Tuchtcollege.

  • ECLI:NL:TGZRSHE:2025:110 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/6781

    Kennelijk ongegronde klacht tegen tandarts/gnatholoog. Klager, die in een PI verblijft, verwijt de tandarts dat zij op de gemaakt kaakoverzichtsfoto (OPT) geen bijzonderheden heeft gezien en dat zij zonder toestemming van klager, informatie aan de PI heeft verstrekt. Omdat kraakbeen niet zichtbaar is op een OPT heeft verweerster op juiste gronden aan klager medegedeeld dat er geen bijzonderheden waren. KNMT-praktijkrichtlijn Horizontale verwijzing. In het geval de patiënt in een PI verblijft, is het gebruikelijk de terugkoppeling naar de medische dienst te sturen in plaats van naar de tandarts zelf.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2025:162 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2931 VZ

    Voorzittersbeslissing. De moeder van klaagster is na een ingreep overleden in het ziekenhuis. Klaagster dient een klacht in tegen een aios over het niet (laten) doen van een melding.De voorzitter van het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. De voorzitter van het Centraal Tuchtcollege wijst het beroep af omdat het beroep niet kan leiden tot een andere beslissing dan die van de voorzitter van het Regionaal Tuchtcollege.