Zoekresultaten 20691-20700 van de 46283 resultaten
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:28 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.345
- Datum publicatie: 25-01-2018
- Datum uitspraak: 25-01-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:28
De klacht betreft de behandeling door de aangeklaagde huisarts van klaagsters echtgenoot (patiënt). De huisarts was gedurende bijna twintig jaar de huisarts van klaagster en patiënt. Patiënt was bekend met een veelheid aan medische klachten en aandoeningen. Klaagster verwijt de huisarts: 1. het negeren van haar zieke man; 2. het niet serieus nemen; 3. het niet helpen bij haar dringende vraag over hulp voor haar man; 4. het zeggen dat zij haar man moest negeren; 5. het doen alsof hij zwakzinnig was. Het RTG verklaart de klachten ongegrond. De uitlating van de huisarts richting klaagster om zich maar op eigen dingen te richten en het gedrag van patiënt wat te negeren wel begrijpelijk. Evenwel, door zich in zijn beleid met name te richten op patiënt is de huisarts wel wat uit het oog verloren dat klaagster ook voor zichzelf om hulp vroeg. Met het, zelf, al beter uitvragen en exploreren van de situatie, en óók de behoeften van klaagster hierin al te onderzoeken en vast te stellen in plaats van het, enige weken later, inzetten van de wijkverpleegkundige, had de huisarts mogelijk een betere overlegsituatie en meer begrip gecreëerd bij klaagster. Maar het handelen van de huisarts jegens klaagster is ook niet dusdanig passief te noemen dat hierdoor van een tuchtrechtelijk verwijtbaar nalaten kan worden gesproken. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klaagster.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2018:22 Raad van Discipline Amsterdam 17-549/A/A
- Datum publicatie: 25-01-2018
- Datum uitspraak: 25-01-2018
- ECLI:NL:TADRAMS:2018:22
Ongegrond verzet
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:29 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.191
- Datum publicatie: 25-01-2018
- Datum uitspraak: 25-01-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:29
Klacht tegen psychotherapeut. Van 2004 tot en met 2015 zijn klaagster en haar toenmalige partner in verband met relatietherapie meerdere keren bij de psychotherapeut in behandeling geweest. Telkens vonden een of meer gesprekken plaats, waarna de therapie werd beëindigd. De therapie was steeds op verzoek van klaagster en/of haar partner vanwege spanningen in de relatie. Uiteindelijk zijn klaagster en haar partner gescheiden. De klacht heeft betrekking op: A. de dossiervoering/procedure: 1.onvoldoende verslaglegging en geen terugkoppeling naar de huisarts; 2. weigering inzage in en kopieën van het dossier aan klaagster (waardoor klaagster het dossier ook niet kan aanvullen of corrigeren);3. geen diagnose gesteld en geen tussentijdse evaluaties gedaan; 4. niet verwezen naar andere onafhankelijke therapeut, en 5. niet gewezen op literatuur of communicatiemethoden B. op de attitude van verweerster en de inhoud van de therapie: 6. teveel emotioneel betrokken, maar ook laconiek en gevoelloos; 7. verkeerde adviezen over mediation bij de echtscheiding en over de problematiek bij partner en dochter; 8. niet ingaan op problematiek van een samengesteld gezin en ; 9. geen hulp geboden in de relatietherapie. Het RTG wijst de klacht in alle onderdelen af. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klaagster en gelast de publicatie.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:30 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.240
- Datum publicatie: 25-01-2018
- Datum uitspraak: 25-01-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:30
Klacht tegen tandarts. Klager is ruim 25 jaar patiënt geweest bij verweerster en verwijt haar dat zij niet goed voor zijn gebit heeft gezorgd, onder meer door de bij hem ontstane parodontitis niet te constateren althans door hem niet in een eerder stadium door te verwijzen naar een parodontoloog. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.
-
ECLI:NL:TGZREIN:2018:11 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 1748a
- Datum publicatie: 25-01-2018
- Datum uitspraak: 25-01-2018
- ECLI:NL:TGZREIN:2018:11
Klager verwijt verweerster, specialist ouderengeneeskunde, dat zij haar jegens echtgenoot van klaagster nalatig is geweest door het voorschrijven van onjuiste medicatie en dat echtgenoot hierdoor sneller is komen te overlijden. Het college is van oordeel dat verweerster geen enkel verwijt te maken valt, nu zij inhoudelijk niet bij de behandeling van de echtgenoot van klaagster betrokken is geweest en er geen reden was om als opleider in te grijpen in het beleid van haar AIOS nu dit met verschillende andere terzake deskundige specialisten was overlegd.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:31 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.252
- Datum publicatie: 25-01-2018
- Datum uitspraak: 25-01-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:31
Klacht tegen tandarts. Klaagster is bij verweerder onder orthodontische behandeling in verband met een milde overbeet. Klaagster verwijt verweerder dat hij haar ten onrechte een beugel heeft geadviseerd en zich ten onrechte heeft voorgedaan als orthodontist. Voorts verwijt zij verweerder dat er in zijn praktijk geen goede waarneemregeling was toen zij zich met een spoedeisend orthodontisch probleem bij de praktijk meldde. Alleen laatstgenoemd klachtonderdeel wordt door het Regionaal Tuchtcollege gegrond bevonden en aan verweerder wordt een waarschuwing opgelegd. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt zowel het principaal beroep van verweerder als het incidenteel beroep van klaagster.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2018:7 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-870/DB/LI
- Datum publicatie: 24-01-2018
- Datum uitspraak: 22-01-2018
- ECLI:NL:TADRSHE:2018:7
Advocaat heeft de aard van de opdracht niet schriftelijk bevestigd en cliënte in het ongewisse gelaten over de te verwachten kosten. De ontstane onduidelijkheid komt voor risico van de advocaat en valt haar tuchtrechtelijk aan te rekenen Klacht gegrond, waarschuwing, kostenveroordeling
-
ECLI:NL:TADRSHE:2018:8 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-672/DB/LI
- Datum publicatie: 24-01-2018
- Datum uitspraak: 22-01-2018
- ECLI:NL:TADRSHE:2018:8
Klager heeft niet aannemelijk gemaakt dat de beslissing van de voorzitter is gebaseerd op een door de deken onvolledig doorgestuurd dossier. Verzet ongegrond
-
ECLI:NL:TADRSHE:2018:9 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-757/DB/LI
- Datum publicatie: 24-01-2018
- Datum uitspraak: 22-01-2018
- ECLI:NL:TADRSHE:2018:9
Van een advocaat mag worden verwacht dat hij zich tijdens een zitting van de raad van discipline in zijn verweer tegen een tegen hem ingediende klacht onthoudt van onnodige kwalificaties over de persoon van de klager. De raad ziet in de omstandigheid dat, zoals ter zitting genoegzaam is gebleken, sprake is van een verstoorde verhouding tussen partijen en frequente confrontaties in tuchtrechtelijke procedures, die over en weer hebben geleid tot op de persoon gerichte negatieve kwalificaties, aanleiding om aan verweerder geen tuchtrechtelijke maatregel op te leggen. Klacht gegrond, geen maatregel
-
ECLI:NL:TADRSHE:2018:12 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-773 DB/LI
- Datum publicatie: 24-01-2018
- Datum uitspraak: 22-01-2018
- ECLI:NL:TADRSHE:2018:12
Advocaat heeft cliënt wel voldoende geïnformeerd over het proceskostenrisico in hoger beroep, maar niet over het, na aanbrengen respectievelijk stellen, door beide partijen reeds verschuldigde griffierecht, noch over de gevolgen van het niet tijdig betalen van het reeds verschuldigd geworden griffierecht. Klacht (gedeeltelijk) gegrond, kostenveroordeling.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 2069
- Pagina: 2070
- Pagina: 2071
- ...
- Pagina: 4629
- Volgende pagina zoekresultaten