We werken hard aan het herstel van de stabiliteit van tuchtrecht.overheid.nl. Excuus voor het ongemak.

Zoekresultaten 19781-19790 van de 47680 resultaten

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:310 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2018.278

    Klacht tegen een longarts. Klager verwijt de longarts 1) dat er een verkeerde diagnose is gesteld en er een onjuiste behandeling heeft plaatsgevonden 2) dat er geen neuroloog is geraadpleegd en 3) dat hij weigert te erkennen dat zaken niet goed gelopen zijn. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege komt op grond van de stukken en hetgeen ter terechtzitting in beroep nog naar voren is gebracht tot dezelfde bevindingen als het Regionaal Tuchtcollege en neemt hetgeen het Regionaal Tuchtcollege onder ‘5. De overwegingen van het college’ heeft overwogen hier over. Daarmee onderschrijft het Centraal Tuchtcollege het oordeel van het Regionaal Tuchtcollege dat de klacht ongegrond is en dient te worden afgewezen. Het beroep wordt verworpen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:311 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2018.345

    Het beraad in raadkamer na de behandeling in beroep heeft het Centraal Tuchtcollege niet geleid tot de vaststelling van andere feiten en tot andere beschouwingen en beslissingen dan die van het College in eerste aanleg. Dit betekent dat het beroep zal worden verworpen.

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2018:70 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2018/89

    Klacht tegen bedrijfsarts wegens tegenstrijdige adviezen over de arbeidsongeschiktheid van klager. De bedrijfsarts wist op het moment van zijn onderzoek dat er bij klager sprake was van een al voorafgaande aanwezige aandoening. Hij heeft daarna zijn regiefunctie niet goed uitgevoerd door onvoldoende onderzoek te doen naar klagers herstelproces en door geen informatie op te vragen bij de behandelende sector. Klacht gegrond, berisping.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:191 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2018-154

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een huisarts. De huisarts was niet betrokken bij de zorg voor klager betreffende de hoestklachten. Niet kan worden vastgesteld wat er wel of niet gezegd is in het gesprek tussen klager en de huisarts. Evenmin kan word worden vastgesteld of is komen vast te staan dat de huisarts de inhoud van het gesprek met de ex van klager heeft gedeeld. Het College ziet in het handelen van de huisarts, dat zij (vanuit haar professie) heeft doorgevraagd naar de echtscheiding en het contact van klager met zijn kinderen, geen tuchtrechtelijk verwijtbaar gedrag. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2018:71 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2018/94

    Klacht tegen een verzekeringsarts wegens onjuist handelen en een onvoldoende gemotiveerd advies dat klager arbeidsgeschikt was. Klacht ongegrond en afgewezen.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2018:179 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 126/2018

    Klacht tegen Sociaal Psychiatrisch Verpleegkundige kennelijk niet ontvankelijk. In dit geval kan niet worden aangenomen dat verweerster de verklaring heeft geschreven in haar professionele hoedanigheid, er is sprake van privé-gedrag. Hoe verweerster zich privé gedraagt is, behoudens bijzondere omstandigheden, geen zaak voor de tuchtrechter.

  • ECLI:NL:TNORARL:2018:41 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/323057 / KL RK 17-92

    Het notariële tuchtrecht ziet op handelingen die worden verricht in het kader van het notarisambt. De door klagers verweten gedragingen hebben betrekking op het handelen van de notaris als bindend adviseur, niet op het handelen in zijn hoedanigheid van notaris. Handelingen van een notaris die niet in de uitoefening van het notarisambt zijn verricht zijn alleen aan het tuchtrecht onderworpen, voor zover deze een behoorlijk notaris niet betamen en het aanzien van het notariaat daardoor zou kunnen worden geschaad. Dit betekent dat de kamer slechts summierlijk zal beoordelen hoe de notaris de opdracht om een bindend advies op te stellen heeft uitgevoerd. De kamer zal ook terughoudend zijn in haar oordeel over de inhoud van het advies; zij kan alleen tot gegrondverklaring van een klacht hierover concluderen als het advies van dusdanig slechte kwaliteit is of de motivering van het advies dusdanig onzorgvuldig is, dat de reputatie van het notariaat als gevolg ervan in het geding is.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:189 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2018-100

    Ongegronde klacht tegen een huisarts. Verwijt d at de huisarts klaagster geen toestemming heeft gevraagd voor de behandeling van haar dochter door de POH-GGZ, is ongegrond omdat hij de dochter niet heeft doorverwezen. Dat tussen het eerste verzoek van klaagster en het verstrekken van een afschrift van het medische dossier van de dochter een lange periode zat kan niet tot een tuchtrechtelijk verwijt leiden, te meer nu de huisarts zich hieromtrent juist goed heeft willen laten informeren en het belang van de dochter van klaagster voorop heeft gesteld. De huisarts hoefde niet ongevraagd een poging te ondernemen om te bemiddelen tussen klaagster, haar ex-man en dochter ten aanzien van een conflictsituatie, omdat er geen hulpvraag lag. Niet gebleken van onrechtmatig of frauduleus handelen door de huisarts door het declareren van twee klachtgesprekken met klaagster. Dat de huisarts geen (duidelijke) klachtenregeling had in zijn praktijk en dat hij voor een periode niet aangesloten is geweest bij een geschilleninstantie, verdient niet de schoonheidsprijs, maar levert geen tuchtrechtelijk verwijt op. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TAHVD:2018:198 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 180164A

    Klacht tegen eigen advocaat. Verweerder had de kern van de uitkomst in vergelijkbare (niet openbare) arbitragevonnissen in de zaken van andere cliënten met klager moeten delen omdat verweerder er rekening mee diende te houden dat de wederpartij zich op deze vonnissen zou beroepen wegens inhoudelijke gelijkenissen van de zaak. Dat kon zonder daarbij de geheimhouding jegens die cliënten te schenden. Voorts heeft verweerder met de opmerking dat een procedure risicovol is, geen adequate inschatting over procesrisico’s en proceskansen aan klager gegeven. Dat klager (bedrijfs)jurist is doet niet ter zake, nu het inschatten van kansen en risico’s van procedures tot de expertise van een advocaat behoort. Klacht gegrond. Waarschuwing. Kostenveroordeling. Bekrachtiging beslissing raad.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2018:180 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 088/2018

    Klacht tegen GZ-psycholoog. Verweerster heeft zich gekweten van haar verantwoordelijkheden als GZ-psycholoog, vestigingsmanager en supervisor. Ook is zij niet tekortgeschoten in de communicatie met de dochter of haar ouders. Afwijzing klacht.