Zoekresultaten 1351-1360 van de 47127 resultaten

  • ECLI:NL:TAHVD:2025:211 Hof van Discipline 's Gravenhage 250268

    Tweede schorsing 60ab wordt door het hof met onmiddellijke ingang opgeheven. De raad heeft zich voor de toewijzing van het 60ab-verzoek primair gebaseerd op een nog in hoger beroep lopende schrappingsbeslissing van de raad van 28 oktober 2024, maar daarnaast ook op een door de deken ter zitting gegeven toelichting op het op handen zijnde coachingstraject van verweerder. Het coachingstraject is echter door de deken niet aan het 60ab-verzoek ten grondslag gelegd en de raad is bij zijn beslissing bovendien uitgegaan van onvolledige informatie. Bij beslissing van heden heeft het hof voorts de schrappingsbeslissing van 28 oktober 2024 vernietigd en de (door de deken in het algemeen belang voortgezette) klacht buiten behandeling gesteld.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:194 Raad van Discipline Amsterdam 25-132/A/A 25-133/A/A

    Raadsbeslissing; klacht over verweerders is ongegrond. Gedragsregel 15 biedt geen bescherming. Hiervoor moet er op enig moment een cliëntrelatie zijn geweest. Daarvan is niet gebleken.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:195 Raad van Discipline Amsterdam 25-294/A/A

    Ongegrond verzet

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2025:251 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8318

    Gedeeltelijk gegronde klacht tegen een tandarts. Bij klaagster is tijdens een spoedconsult door een andere tandarts geconstateerd dat er sprake was van onder meer een fors angulair botdefect. Klaagster verwijt de tandarts dat zij deze problematiek in de jaren daarvoor gemist heeft, terwijl dit aanleiding had moeten zijn voor het doen van uitgebreid parodontaal onderzoek. Ook verwijt zij de tandarts slechte dossiervorming. Voor het college is op basis van het dossier onvoldoende komen vast te staan dat de tandarts klaagster erop gewezen heeft dat ook bij regelmatige adequate controle en mondhygiëne toch nog een plotselinge verergering van de parodontale problemen zou kunnen optreden. Overige klachtonderdelen ongegrond. Klacht gedeeltelijk gegrond, waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:196 Raad van Discipline Amsterdam 25-486/A/NH

    Klacht over de advocaat van de wederpartij. Verweerster heeft namens haar cliënt (de ex-partner van klaagster) in een familierechtelijk processtuk geschreven dat voor zover haar cliënt weet, er sprake is geweest van ongewenst seksueel gedrag door de vader van klaagster. Niet is gebleken dat verweerster hiermee informatie heeft verstrekt waarvan zij de onwaarheid kende of kon kennen. Klachtonderdeel a) is daarom ongegrond. Klachtonderdeel b) richt zich niet op de (on)waarheid van de informatie die verweerster namens haar cliënt heeft gegeven, maar – kort gezegd – op de toelaatbaarheid daarvan. De raad oordeelt dat dit klachtonderdeel wel gegrond is en dat verweerster met hetgeen zij heeft geschreven in het verweerschrift de grenzen heeft overschreden van de haar toekomende vrijheid om de belangen van haar cliënt te behartigen. Verweerster had kunnen volstaan met een algemene toelichting op de problemen die speelden binnen het gezin, zonder expliciet de link te leggen met vermeend ongewenst seksueel gedrag van de vader van klaagster. Verweerster had zich moeten realiseren dat deze informatie – die alleen vanuit haar cliënt tot haar is gekomen, zonder dat daarbij aanvullend of ondersteunend bewijsmateriaal beschikbaar was – ook (deels) onwaar zou kunnen zijn. Oplegging van een waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2025:252 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8141

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een tandarts. De tandarts heeft bij klager het eerste deel van een wortelkanaalbehandeling uitgevoerd. Klager is onder meer van mening dat de behandeling die hij heeft ondergaan onzorgvuldig is uitgevoerd, waarbij ernstige complicaties zijn ontstaan. Verder verwijt hij de tandarts de ernst van de situatie te hebben onderschat en een gebrek aan adequate communicatie en begeleiding door de tandarts. De tandarts heeft adequaat gehandeld. Niet gebleken van lekkage van natriumhypochloriet. Klacht kennelijk ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TNORSHE:2025:17 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2024/32 en SHE/2025/08

    De klacht gaat over de verkoop en economische levering van het appartement van klagers moeder in 2016 en het in 2017 gepasseerde levenstestament van klagers moeder. De voorzitter van de kamer heeft geoordeeld dat de klacht te laat is ingediend en heeft de klacht daarom wegens niet-ontvankelijkheid terstond afgewezen (SHE/2024/32). Klager heeft verzet ingesteld tegen de voorzittersbeslissing. De kamer heeft dit verzet ongegrond verklaard (SHE/2025/8).

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:197 Raad van Discipline Amsterdam 25-292/A/A

    Klager verwijt verweerster dat zij als advocaat van een vennootschap (de Vennootschap) heeft opgetreden, terwijl zij ook (indirect) bestuurder en (indirect) aandeelhouder is van deze Vennootschap. Volgens klager kan verweerster niet als advocaat het belang dienen van de Vennootschap, terwijl zij tegelijkertijd een eigen belang heeft als aandeelhouder en bestuurder. Klager heeft erop gewezen dat er feitelijk sprake was van een geschil tussen de aandeelhouders van de Vennootschap. Door de Vennootschap als advocaat bij te staan heeft verweerster zich volgens klager schuldig gemaakt aan belangenverstrengeling. Klager wijst er verder op dat verweerster buitensporige kosten heeft gedeclareerd aan de Vennootschap. Door deze gang van zaken heeft de Vennootschap, en daarmee indirect ook klager, schade geleden. De raad volgt klager niet in zijn stellingen en oordeelt dat klager niet in zijn klacht kan worden ontvangen. Het klachtrecht komt alleen toe aan degene die rechtstreeks in zijn belang is of kan worden getroffen. De raad is van oordeel dat klager als (indirect) aandeelhouder en (voormalig) bestuurder van de Vennootschap, hoogstens een afgeleid belang heeft bij de klacht, maar dat dit onvoldoende is om zijn klacht over verweerster ontvankelijk te achten. Klager is dan ook niet-ontvankelijk in zijn klacht.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2025:253 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8207

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een tandarts. Klaagster is ontevreden over twee consulten, dat ze beide keren te lang heeft moeten wachten, onvoldoende uitleg heeft gekregen over voedingssupplementen en dat de tweede behandeling niet zorgvuldig is uitgevoerd. Dat klaagster heeft moeten wachten is vervelend, maar leidt niet tot een tuchtrechtelijk verwijt. Het is niet ongebruikelijk dat de tandarts heeft gewezen op voedingssupplementen, een verwijzing naar een website is voldoende. De werkwijze rondom de verdoving is niet onzorgvuldig geweest. Overige klachtonderdelen ook kennelijk ongegrond. Klacht kennelijk ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TACAKN:2025:65 Accountantskamer Zwolle 25/1520 Wtra AK 25/1521 Wtra AK

    voorzittersbeslissing, de klacht tegen twee accountants is onvoldoende concreet en niet feitelijke onderbouwd. Daarom verklaart de voorzitter de klacht kennelijk ongegrond.