Zoekresultaten 1341-1350 van de 46750 resultaten
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2025:98 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/6779
- Datum publicatie: 20-08-2025
- Datum uitspraak: 20-08-2025
- ECLI:NL:TGZRSHE:2025:98
De huisarts heeft op grond van de inhoud van het medisch dossier van klager mogen oordelen dat klager geen beperkingen had voor het verrichten van arbeid in de PI waar klager verblijft. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2025:161 Hof van Discipline 's Gravenhage 240156H
- Datum publicatie: 19-08-2025
- Datum uitspraak: 18-08-2025
- ECLI:NL:TAHVD:2025:161
Herzieningsverzoek. Geen sprake van een novum, motiveringsklachten leveren geen schending op van een fundamenteel rechtsbeginsel, in zoverre is het verzoek niet-ontvankelijk. Beroep op ne bis in idem ongegrond, omdat schorsing op grond van artikel 60ab en op grond van dekenbezwaar voor dezelfde feiten geen dubbele bestraffing is.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2025:205 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2024/7912
- Datum publicatie: 19-08-2025
- Datum uitspraak: 19-08-2025
- ECLI:NL:TGZRAMS:2025:205
Kennelijk ongegronde klacht tegen een gz-psycholoog, klinisch psycholoog. Klaagster is voor een therapeutisch psychologisch onderzoek (TPO) door de klinisch psycholoog onderzocht. De klinisch psycholoog concludeerde in 2024 tot een persoonlijkheidsstoornis en adviseerde een kortdurende klinische psychotherapeutische behandeling. Later werd de diagnose bijgesteld tot Persoonlijkheidsstoornis met borderline kenmerken. Op verzoek van klaagster heeft de klinisch psycholoog haar doorverwezen naar een deeltijdbehandeling voor depressie. De depressiepolikliniek heeft ervan afgezien klaagster op te roepen voor een intake. Zakelijk weergegeven verwijt klaagster de klinisch psycholoog de eerste diagnose te hebben bijgesteld en een onjuiste verwijzing naar de depressiekliniek te hebben ingezet. De klinisch psycholoog heeft het college verzocht de klacht ongegrond te verklaren. Het college komt tot oordeel dat de klinisch psycholoog alles overziend zorgvuldig heeft gehandeld. Hij heeft elke stap afgewogen, gedocumenteerd en met klaagster besproken en afgestemd. Daarbij heeft hij ook bij oplopende spanningen bij klaagster en in de onderlinge verhouding zijn verantwoordelijkheid serieus genomen en zorggedragen voor een overdracht en een nieuwe verwijzing. Kennelijk ongegronde klacht.
-
ECLI:NL:TAHVD:2025:162 Hof van Discipline 's Gravenhage 250080
- Datum publicatie: 19-08-2025
- Datum uitspraak: 18-08-2025
- ECLI:NL:TAHVD:2025:162
Ongegrond verzet tegen beslissing van de voorzitter om de klacht tegen de deken niet te verwijzen. De deken mag een poging tot bemiddeling doen, maar is daartoe niet verplicht. De deken mag in het kader van de afronding van het onderzoek een inschatting geven van hoe het oordeel van de raad zou kunnen luiden, maar is daartoe niet verplicht.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2025:206 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/7984
- Datum publicatie: 19-08-2025
- Datum uitspraak: 19-08-2025
- ECLI:NL:TGZRAMS:2025:206
Kennelijk ongegronde klacht tegen een psychotherapeut. Klaagster is voor een therapeutisch psychologisch onderzoek (TPO) door de psychotherapeut onderzocht. De psychotherapeut concludeerde in 2024 tot een persoonlijkheidsstoornis en adviseerde een kortdurende klinische psychotherapeutische behandeling. Later werd de diagnose bijgesteld tot Persoonlijkheidsstoornis met borderline kenmerken. Op verzoek van klaagster heeft de psychotherapeut haar doorverwezen naar een deeltijdbehandeling voor depressie. De depressiepolikliniek heeft ervan afgezien klaagster op te roepen voor een intake. Zakelijk weergegeven verwijt klaagster de psychotherapeut de eerste diagnose te hebben bijgesteld en een onjuiste verwijzing naar de depressiekliniek te hebben ingezet. De psychotherapeut heeft het college verzocht de klacht ongegrond te verklaren. Het college komt tot oordeel dat de psychotherapeut alles overziend zorgvuldig heeft gehandeld. Hij heeft elke stap afgewogen, gedocumenteerd en met klaagster besproken en afgestemd. Daarbij heeft hij ook bij oplopende spanningen bij klaagster en in de onderlinge verhouding zijn verantwoordelijkheid serieus genomen en zorggedragen voor een overdracht en een nieuwe verwijzing. Kennelijk ongegronde klacht.
-
ECLI:NL:TNORAMS:2025:12 Kamer voor het notariaat Amsterdam 762328 / NT 25-2
- Datum publicatie: 19-08-2025
- Datum uitspraak: 29-07-2025
- ECLI:NL:TNORAMS:2025:12
De kandidaat-notaris heeft voldoende haar best gedaan om een voorstel op te stellen waar alle drie de kinderen zich in zouden kunnen vinden. Dat daarbij enigszins van een (mogelijk) aanvankelijk uitgangspunt, te weten de wens om € 50.000,- op de rekening van moeder beschikbaar te houden, is afgeweken, maakt nog niet dat de belangen van moeder niet in acht zijn genomen. De kandidaat-notaris heeft voldoende toegelicht hoe - op andere wijze – de financiële positie van moeder was geborgd. Daarbij komt dat de voorstellen van de kandidaat-notaris werden gedaan in het kader van een onderhandelingsproces en hoe dan ook eerst aan de kinderen ter goedkeuring werden voorgelegd. Voor zover klaagster de kandidaat-notaris verwijt dat zij heeft nagelaten om hypothecaire zekerheid te vestigen ontbeert de klacht feitelijke grondslag alleen al omdat die zekerheid wel is gevestigd.Gelet op het voorgaande oordeelt de kamer dat deze klachtonderdelen ongegrond zijn.
-
ECLI:NL:TAHVD:2025:163 Hof van Discipline 's Gravenhage 240176
- Datum publicatie: 19-08-2025
- Datum uitspraak: 18-08-2025
- ECLI:NL:TAHVD:2025:163
Ongegrond verzet tegen beslissing van de voorzitter om de klacht tegen de deken niet te verwijzen.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2025:122 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 24-967/DB/OB
- Datum publicatie: 19-08-2025
- Datum uitspraak: 18-08-2025
- ECLI:NL:TADRSHE:2025:122
Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2025:207 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2024/7935
- Datum publicatie: 19-08-2025
- Datum uitspraak: 19-08-2025
- ECLI:NL:TGZRAMS:2025:207
Gedeeltelijk gegronde klacht tegen een gz-psycholoog. Klagers verwijten de gz-psycholoog dat zij de behandelingsovereenkomst eenzijdig heeft opgezegd zonder duidelijke onderbouwing of nazorg, klager tijdens een behandelsessie onheus heeft bejegend, onvoldoende casusregie heeft gevoerd en dat ze onzorgvuldig heeft gecommuniceerd. Het college is van oordeel dat onvoldoende is aangetoond dat het gedrag van klager zodanig was dat dit voor de gz-psycholoog een gewichtige reden opleverde voor beëindiging van de behandelingsovereenkomst. Daarnaast is niet voldaan aan de zorgvuldigheidseisen voor beëindiging. Voor wat betreft de klacht over de casusregie oordeelt het dat de gz-psycholoog er onvoldoende voor heeft gezorgd dat helder was wie welke rol had en hoe deze werd ingevuld en dat na beëindiging van de behandelingsovereenkomst ook deze rol goed werd overgedragen. De klacht over bejegening is ongegrond. Klacht gedeeltelijk gegrond verklaard. Berisping.
-
ECLI:NL:TNORAMS:2025:13 Kamer voor het notariaat Amsterdam 765132 / NT 25-6
- Datum publicatie: 19-08-2025
- Datum uitspraak: 29-07-2025
- ECLI:NL:TNORAMS:2025:13
Dat de notaris heeft gemeend zijn dienstverlening te moeten weigeren vanwege de afhankelijkheid van de vrouw en haar juridische onkunde valt evenwel niet te rijmen met wat de notaris overigens over het verloop van de bespreking heeft verklaard. De notaris heeft ter zitting namelijk ook verklaard dat hij (uiteindelijk) de indruk had dat de vrouw van klager zich vrij voelde om antwoord te geven op de vragen van de notaris. Zo voelde zij zich – in de bewoordingen van de notaris – frank en vrij om haar voorkeur uit te spreken voor de toepasselijkheid van islamitisch recht op het huwelijkse vermogen. Daarbij komt dat ook volgens klager de vrouw de uitleg van de notaris goed begreep en duidelijk was in haar wensen. Gezien deze tegenstrijdigheid in de verklaringen van de notaris – en mede gelet op de verklaring van klager dat zijn vrouw af en toe vragend naar hem keek, maar dat dat was omdat zij de vertaling van de Syrische tolk niet begreep – is de kamer onvoldoende gebleken dat bij de vrouw daadwerkelijk sprake was van afhankelijkheid en onkunde, en dus dat de notaris een gegronde reden had om wegens afhankelijkheid of onkunde van de vrouw zijn dienstverlening te weigeren.