Zoekresultaten 13121-13130 van de 46829 resultaten

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2021:7 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2020-104

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een verpleegkundige. Klaagster heeft op 22 november 2019 aangegeven dat zij, gezien de opspelende emoties, niet toe was aan de EMDR behandeling. Deze EMDR-behandeling is daarom op 22 november 2019 (tijdelijk) gestopt. Uit het behandeldossier is niet gebleken dat dit klaagster wordt aangerekend als een uitvlucht om de behandeling niet door te hoeven zetten. Voorts is tijdens de consulten regelmatig geïnformeerd naar het cannabis gebruik van klaagster. Op 31 januari 2020 wordt in het dossier voor de eerste maal melding gemaakt van het feit dat klaagster pijnklachten heeft en daardoor het stoppen met blowen uitstelt. Uit het behandeldossier blijkt niet dat beklaagde deze klachten heeft weggewuifd. Zij heeft de gevolgen van het blijven blowen benoemd en klaagster op haar eigen keuzes gewezen. De overige klachtonderdelen zijn ook kennelijk ongegrond verklaard. Klacht kennelijk ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TADRARL:2020:267 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-512

    Voorzittersbeslissing over advocaat wederpartij. Verweerder heeft niet gehandeld in strijd met een verdelingsvonnis waarin een notaris is benoemd tot vereffenaar van een nalatenschap. Verweerder diende gelet op dat vonnis als partijdige belangenbehartiger in het belang van de rechten van zijn cliënten executoriaal beslag onder klager te leggen. Gebleken is dat verweerder pas na de beslaglegging op de hoogte is gekomen van de eerder door klager aan de notaris toegezegde medewerking aan het vonnis, terwijl verweerder daarna meteen het beslag onder klager heeft laten opheffen. Kennelijk ongegrond.  

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2021:6 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2020/208

    Klaagster dient een klacht in tegen een verzekeringsarts met het verwijt dat hij ondeugdelijk onderzoek heeft gedaan, ook door te overleggen met de bedrijfsarts, een ondeugdelijke rapportage heeft gemaakt, de lichamelijke pijnklachten van klaagster heeft gebagatelliseerd, niet onafhankelijk is overgekomen tijdens het controleren van een SMO (sociaal-medisch onderzoek) bij een UWV collega-arts door opnieuw zijn eigen oordeel weer te accorderen etc. Verweerder voert verweer. Naar het oordeel van het college kan overleg tussen bedrijfsarts en verzekeringsarts aangewezen zijn om tot een juist en afgewogen oordeel tek omen. Het college is niet gebleken dat verweerder steken heeft laten vallen bij zijn onderzoek. Daarnaast is het college van oordeel dat verweerder de raportage die in het kader van de WIA-beoordeling door een collega is opgesteld, mocht contraseigneren. Van het constraseigneren van een eigen oordeel is, anders dan klaagster meent, geen sprake. De kaders waarbinnen een deksundigenonderzoek en een beoordeling van een aanvraag om een WIA-uitkering plaatsvinden zijn verschillend. Het collge verklaart de klachten kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2020:261 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-004

    De raad oordeelt het verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2020:274 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-605

    Voorzittersbeslissing over kwaliteit dienstverlening eigen advocaat. Met klager gemaakte financiële afspraken schriftelijk duidelijk vastgelegd en vragen van klager daarover snel en duidelijk beantwoord (Regel 16). Verweerster heeft de door klager betaalde voorschotnota op de eindnota in mindering gebracht. Het stond haar vrij om wegens wanbetaling een incassoprocedure tegen klager te starten. Niet gebleken dat de door verweerster verrichte werkzaamheden niet aan de kwaliteitseisen hebben voldaan. Klager heeft met concept-stukken niet ingestemd en die werkzaamheden, na onttrekking door verweerster, bij zijn opvolgend advocaat neergelegd. Klachten kennelijk ongegrond.  

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2021:11 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2020/168

    Klager verwijt verweerster, verpleegkundige in de spoedeisende psychiatrie, dat zij - toen hij de crisisdienst belde - hem acute psychiatische zorg heeft ontnomen en onverantwoord heeft gehandeld, door het telefoongesprek te beeindigen. Klager verwijt haar een gebrek aan vakbekwaamheid en het onvermogen om om te gaan met crisissituaties. Verweerster voert verweer. Ongegrond

  • ECLI:NL:TADRARL:2020:255 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 19-463

    Raadsbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij. Verweerder wordt verweten dat hij een aansprakelijkstelling en andere stukken direct (in kopie) naar de beroepsaansprakelijkheidsverzekering van klager - de wederpartij - heeft gestuurd. De raad is van oordeel dat verweerder de aansprakelijkstelling eerst (alleen) naar klager had moeten sturen. Het is vervolgens aan klager om deze al dan niet aan zijn verzekeraar door te sturen. Door de aansprakelijkstelling direct naar klagers verzekeraar te sturen, heeft verweerder deze keuzevrijheid beperkt. Klacht gegrond. Waarschuwing. Kostenveroordeling.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2021:8 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2020-106

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een verpleegkundige. De klacht van klaagster ziet op grensoverschrijdend gedrag door beklaagde. Het betreft voornamelijk een overschrijding van de grenzen van klaagster. Hoewel het invoelbaar is dat het voor klaagster teleurstellend was te horen dat er gekeken werd naar mogelijkheden om het aantal zorgmomenten voor haar echtgenoot in aantal of duur te beperken, is dit niet als grensoverschrijdend gedrag te kwalificeren. Omdat Klaagster en beklaagde ten aanzien van verscheidene klachtonderdelen uiteenlopende standpunten hebben, kunnen de feiten niet worden vastgesteld. Voorts is klaagster in een aantal klachtonderdelen niet ontvankelijk verklaard. Klacht deels kennelijk ongegrond en deels niet ontvankelijk verklaard.

  • ECLI:NL:TADRARL:2020:268 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 20-543

    Voorzittersbeslissing over eigen advocaat. Dat was afgesproken dat verweerder zelf met klaagster naar de hoorzitting zou gaan en dat hij zonder overleg met klaagster een kantoorgenoot onvoorbereid naar die zitting heeft gestuurd, is tegenover de gemotiveerde betwisting daarvan door verweerder niet komen vast te staan. De toevoegingsaanvraag voor klaagster is op naam van de kantoorgenoot aangevraagd en niet is gebleken dat klaagster voorafgaand aan de zitting dan wel erna verweerder of de kantoorgenoot op vermeend tekortschieten heeft aangesproken. Kennelijk ongegrond.  

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2021:7 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2020/209

    Klaagster dient een klacht in tegen een (basis-)arts met onder meer het verwijt dat hij ondeugdelijk onderzoek heeft gedaan, een ondeugdelijke rapportage heeft gemaakt, niet onafhankelijk is door dezelfde deskundigenoordeel-arts te raadplegen om zijn sociaal-medisch oordeel (SMO) te laten toetsen en te accorderen etc. Verweerder voert verweer. Naar het ooordeel van het college volgt uit het opgestelde rapport dat hij bij zijn beoordeling alle relevante gegevens heeft betrokken en voldoende heeft toegelicht waarom hij het verslag van de orthomanueel therapeut niet heeft gebruikt. Verweerder heeft terecht en overeenkomstig de voorschriften van het UWV zijn advies voor contraseign aangeboden. Er bestat geen wettelijk letsel om een raportage door dezelfde verzekeringsarts te laten contrasigneren die eerder het deskundigenoordeel heeft uitgebracht. Een contraseign door een verzekeringsarts die goed op de hoogte is van de situatie, is een voordeel en ook verder overeenkomstig het door het UWV ter zake gevoerde beleid. Het college verklaart de klacht kennelijk ongegrond.