Zoekresultaten 11891-11900 van de 48190 resultaten
-
ECLI:NL:TADRSHE:2022:8 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 21-197/DB/ZWB
- Datum publicatie: 18-01-2022
- Datum uitspraak: 17-01-2022
- ECLI:NL:TADRSHE:2022:8
Klacht over eigen advocaat. Verweerder heeft klaagster voldoende uitleg gegeven. Verweerder heeft steeds binnen enkele dagen aan terugbelverzoeken van klaagster gehoor gegeven of per mail daarop gereageerd. Niet is komen vast te staan dat verweerder tijdens de mondelinge behandeling zou hebben gezegd dat klaagster aan hypomanie lijdt en dat dat een soort manie is. Ook is niet komen vast te staan dat verweerder heeft toegezegd dat klaagster spullen uit de echtelijke woning mocht halen. Verweerder heeft wel aangevoerd dat de wederpartij van klaagster gelden zou hebben weggesluisd, zodat dit klachtonderdeel feitelijke grondslag mist. Klacht op alle onderdelen ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2021:33 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/79
- Datum publicatie: 18-01-2022
- Datum uitspraak: 20-12-2021
- ECLI:NL:TNORSHE:2021:33
Benoeming zware waarnemer van protocol van ontslagen notaris nadat de ontslagen notaris haar protocol als kandidaat-notaris 30a Wna een jaar lang zelf heeft waargenomen. I.v.m. uitspraak gerechtshof Amsterdam van 17-11-2020 (ECLI:NL:GHAMS:2020:3001) overweegt de kamer dat de termijn gedurende welke het redelijk kan worden geacht dat de praktijk nog voor rekening en risico van een ontslagen notaris wordt voortgezet in beginsel maximaal één jaar bedraagt. Nu zich echter kennelijk nog niemand heeft aangediend om het protocol over te nemen, acht de kamer het niet in het belang van rechtzoekenden als na 1 januari 2022 niet in de waarneming van het protocol zou worden voorzien en dit protocol zou gaan “zweven”. Daarom ziet de kamer zich in de gegeven omstandigheden, niettegenstaande de uitgangspunten die het gerechtshof in de genoemde beslissing heeft geformuleerd, bij wijze van uitzondering genoodzaakt om mr. [Y] per 1 januari 2022 te benoemden tot zware waarnemer van dit protocol totdat dit door een andere notaris zal worden overgenomen.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2022:4 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2020.215
- Datum publicatie: 18-01-2022
- Datum uitspraak: 10-01-2022
- ECLI:NL:TGZCTG:2022:4
C2020.215 Klacht tegen een bedrijfsarts. De bedrijfsarts was werkzaam bij een arbodienst en was ten tijde van het handelen waarover wordt geklaagd werkzaam als supervisor van de aangeklaagde arts in de zaak C2020.189. Klager verwijt de bedrijfsarts dat hij tekort is geschoten in de supervisie ten aanzien van het door die arts verrichte consult en diens diagnose van klager. Hiertoe voert klager o.a. aan dat de bedrijfsarts er geen zorg voor heeft gedragen dat de supervisie door de bedrijfsarts op die arts als basisarts bij klager kenbaar was, en dat hij als supervisor ten onrechte geen vinger aan de pols heeft gehouden op de handelwijze van die arts jegens klager. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart klachtonderdeel 1 gegrond, legt aan de bedrijfsarts de maatregel van waarschuwing op en wijst klachtonderdeel 2 af. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager tegen deze beslissing.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2022:12 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 21-417/DB/LI
- Datum publicatie: 18-01-2022
- Datum uitspraak: 10-01-2022
- ECLI:NL:TADRSHE:2022:12
Verzetzaak. De gronden van verzet die door klager worden aangevoerd zijn slechts een herhaling van zijn klacht. De voorzitter heeft bij de beoordeling de juiste maatstaf toegepast en heeft rekening gehouden met alle relevante feiten en omstandigheden van het geval. Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2022:13 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2021.032
- Datum publicatie: 18-01-2022
- Datum uitspraak: 10-01-2022
- ECLI:NL:TGZCTG:2022:13
C2021.032 Klacht tegen huisarts. Klager dient een klacht in over de behandeling door de huisarts van zijn inmiddels overleden echtgenote. Patiënte was geopereerd aan een hersentumor. Patiënte heeft daarna een aantal keren de huisartspraktijk bezocht vanwege pijn op de borst en rugklachten. Er volgt een ziekenhuisopname en daarna palliatieve zorg thuis, waarvoor een verpleegkundig specialist verbonden aan de huisartspraktijk bij de zorg wordt betrokken (taakherschikking). De klacht houdt in dat de huisarts heeft nagelaten voldoende onderzoek te verrichten naar de oorzaak van de rugklachten, geen nader radiodiagnostisch onderzoek heeft laten doen, heeft geweigerd zelf een huisbezoek af te leggen en onvoldoende terminale zorg heeft verleend. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2022:9 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 21-491/DB/OB
- Datum publicatie: 18-01-2022
- Datum uitspraak: 17-01-2022
- ECLI:NL:TADRSHE:2022:9
Verzetzaak. Klager had al eerder over dezelfde onderwerpen geklaagd en is dus terecht kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. Voor zover de klacht betrekking heeft op het verweer van verweerder tijdens de mondelinge behandeling van een eerdere klachtzaak is de klacht terecht kennelijk ongegrond verklaard. Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2022:5 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2020.202
- Datum publicatie: 18-01-2022
- Datum uitspraak: 10-01-2022
- ECLI:NL:TGZCTG:2022:5
C2020.202Klacht tegen jeugdverpleegkundige. Klagers zijn de ouders en tante van inmiddels overleden vader. De jeugdverpleegkundige was via het consultatiebureau betrokken bij het gezin van de vader en de moeder sinds de geboorte van het oudste kind in 2014. In 2015 is het tweede kind geboren. Na signalen van betrokken hulpverleners, waaronder de kraamverzorgende, is de jeugdverpleegkundige eind oktober 2015 op huisbezoek geweest. Toen is afgesproken dat de vader en de moeder een plan van aanpak zouden opstellen. Op enig moment heeft jeugdverpleegkundige met de moeder veiligheidsafspraken gemaakt. Deze afspraken hielden onder meer in dat de moeder niet de deur voor de vader of schoonfamilie zou opendoen en alle contact met de schoonfamilie zou verbreken/negeren. Halverwege november 2015 is de vader overleden aan een overdosis.Klagers verwijten de jeugdverpleegkundige dat zij:1. ten onrechte een contactverbod heeft opgelegd;2. ten onrechte medische behandelinformatie over vader heeft gebruikt;3. ten onrechte vader geen gelegenheid heeft gegeven zijn zienswijze te geven;4. ten onrechte het familienetwerk niet heeft geïnformeerd;5. ten onrechte vader niet heeft geïnformeerd;6. ten onrechte niet is nagegaan of er hulp aan vader werd geboden; en7. zich ten onrechte heeft voorgedaan als jeugdprofessional.Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht, met uitzondering van klachtonderdelen 4. en 7. gegrond en legt aan de jeugdverpleegkundige de maatregel van berisping op. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het principaal beroep van de jeugdverpleegkundige en verklaart het incidenteel beroep van klagers ten aanzien van klachtonderdeel 4. gegrond en verklaart klachtonderdeel 4. alsnog gegrond. Het Centraal Tuchtcollege houdt de maatregel van berisping in stand.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2022:6 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2020.189
- Datum publicatie: 18-01-2022
- Datum uitspraak: 10-01-2022
- ECLI:NL:TGZCTG:2022:6
C2020.189 Klacht tegen een arts. Klager is op enig moment met onmiddellijke ingang buiten functie gesteld. Drie maanden later is hem eervol ontslag verleend. Klager is in deze periode tweemaal bij de arts, werkzaam bij een arbodienst, op consult geweest. De arts heeft over de consulten gerapporteerd. Volgens klager is de door de arts gestelde diagnose een doorslaggevend negatief punt geweest in zijn ontslagprocedure. Klager klaagt over de wijze van rapporteren en het feit dat verweerder tijdens het afnemen van de anamnese gebruik maakte van een tekstverwerker, waardoor prangende zaken niet aan de orde zijn gekomen. Het Regionaal Tuchtcollege acht de klachten kennelijk niet-ontvankelijk op grond van strijd met het Ne-bis-in-Idem beginsel. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager tegen deze beslissing.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2022:5 Raad van Discipline Amsterdam 21-718/A/A
- Datum publicatie: 17-01-2022
- Datum uitspraak: 10-01-2022
- ECLI:NL:TADRAMS:2022:5
Raadsbeslissing. Klacht over advocaat wederpartij. Verweerder heeft ten onrechte nagelaten een afschrift van de dagvaarding aan klager toe te zenden. Klacht gegrond, maatregel waarschuwing en kostenveroordeling. Bij opleggen van maatregel is meegewogen dat verweerder een beginnend advocaat is, overleg heeft gehad met zijn patroon over zijn handelswijze en zijn excuses heeft aangeboden.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2022:6 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 21-1003/DB/LI
- Datum publicatie: 17-01-2022
- Datum uitspraak: 06-01-2022
- ECLI:NL:TADRSHE:2022:6
Het behoort tot de vrijheid van een advocaat om in overleg met zijn client de aanpak van de zaak te bepalen. Indien ook andere juridische mogelijkheden openstaan behoort het eveneens tot de vrijheid van een advocaat om in overleg met zijn cliënt daarin een keuze te maken.Klacht kennelijk ongegrond
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 1189
- Pagina: 1190
- Pagina: 1191
- ...
- Pagina: 4819
- Volgende pagina zoekresultaten