Zoekresultaten 11-20 van de 2743 resultaten

  • ECLI:NL:TNORARL:2023:60 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/423868 KL RK 23-84

    Volgens klaagster ontbreekt in de akte van levering dat de verkrijger van het appartement van rechtswege ook lid is geworden van de VvE hoofdsplitsing. Dit standpunt van klaagster acht de kamer onjuist. De notaris heeft terecht het standpunt ingenomen dat de verkrijger van het appartement niet van rechtswege lid is geworden van de VvE hoofdsplitsing. De klacht is ongegrond.

  • ECLI:NL:TNORARL:2023:61 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/423871 KL RK 23-85

    Volgens klaagster ontbreekt in de akte van levering dat de verkrijger van het appartement van rechtswege ook lid is geworden van de VvE hoofdsplitsing. Dit standpunt van klaagster acht de kamer onjuist. De notaris heeft terecht het standpunt ingenomen dat de verkrijger van het appartement niet van rechtswege lid is geworden van de VvE hoofdsplitsing. De klacht is ongegrond.

  • ECLI:NL:TNORARL:2023:57 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/421615 KL RK 23-64

    De notaris heeft niet tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld. Dat de resterende grond later is geleverd is niet aan de notaris te wijten. De notaris was terecht voldoende overtuigd dat de verplichtingen tot levering aan klagers voldoende vastlag en ook rechtens afdwingbaar was.

  • ECLI:NL:TNORSHE:2023:27 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2023/08

    Klager verwijt de notaris dat hij onvoldoende zorgvuldigheid heeft betracht bij de beoordeling van de wilsbekwaamheid van moeder en mogelijke beïnvloeding van buitenaf toen de notaris haar levenstestament passeerde. Het verweer van de notaris, dat de klacht te laat is ingediend en tot niet-ontvankelijkheid zou moeten te leiden, faalt. De kamer is van oordeel dat de notaris niet onzorgvuldig is geweest in de beoordeling van de wilsbekwaamheid van moeder. Ook is de notaris voldoende alert geweest op mogelijke beïnvloeding van buitenaf. De klacht wordt ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TNORSHE:2024:1 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2023/32

    Klager (advocaat) behartigt de belangen van enkele deelgenoten in een nalatenschap. De notaris is vereffenaar van die nalatenschap en hij ontvangt een e-mail van klager met het verzoek contact met hem op te nemen. Onder die e-mail hangt een e-mail van een kantoorgenoot van klager, waarbij deze zich uitlaat over een voorstel dat klager namens zijn cliënten met de notaris zou willen gaan bespreken. Klager verkeerde in de veronderstelling dat zijn e-mail aan zijn kantoorgenoot was gestuurd. Hij stelt dat de notaris direct had kunnen zien dat de e-mail van zijn kantoorgenoot vertrouwelijke informatie bevatte die niet voor hem bestemd was en hij verwijt de notaris dat hij geen gebruik had mogen maken van die informatie. Nu de notaris handelde in zijn hoedanigheid van vereffenaar oordeelt de kamer dat geen sprake is van schending van de (afgeleide) notariële geheimhoudingsplicht. In de gegeven omstandigheden acht de kamer het niet tuchtrechtelijk verwijtbaar dat de notaris en/of zijn medewerker informatie uit de e-mail van de kantoorgenoot van klager heeft gedeeld met de overige deelgenoten in de nalatenschap. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TNORSHE:2024:2 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2023/31

    Klacht van het BFT over onvoldoende invulling van de poortwachtersrol bij de levering van onroerende zaken. De kamer verklaart de klacht niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de vervaltermijn van drie jaren. Ruim tien maanden nadat de politie een schriftelijk signaal aan het BFT had gegeven over de handelwijze van de notaris, is het BFT een onderzoek gestart. Ten aanzien van de inhoud van dat signaal beroept het BFT zich op zijn geheimhoudingsplicht. De kamer acht het in de gegeven omstandigheden voldoende aannemelijk dat het signaal van de politie zodanig concreet was dat aangenomen mag worden dat het BFT door de ontvangst daarvan kennis heeft genomen of redelijkerwijs kennis heeft kunnen nemen van het handelen of nalaten dat het de notaris in deze klacht verwijt. Daarom oordeelt de kamer dat de vervaltermijn is gaan lopen op de dag nadat het signaal van de politie is ontvangen. Daarbij neemt de kamer in aanmerking dat dit signaal niet op zichzelf stond, maar dat het BFT kort daarvoor een soortgelijk signaal van de politie had ontvangen over de betrokkenheid van twaalf notariskantoren in dezelfde regio, terwijl eerder al in de media aandacht was besteed aan de verdenking van grootschalige criminaliteit en witwassen waar mogelijk ook notarissen hun medewerking aan hadden verleend. Voor zover het BFT naar voren heeft gebracht dat het jaarlijks vele signalen ontvangt en dat aan hem als toezichthouder een redelijke termijn moet worden gegund om deze signalen te onderzoeken en zo nodig een eigen onderzoek te starten, overweegt de kamer dat het gevolg van deze redenering is dat het BFT na ontvangst van een concreet signaal over (mogelijk) tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen of nalaten door de latere datum van het start van het onderzoek in feite zelf kan bepalen wanneer de vervaltermijn gaat lopen. Naar het oordeel van de kamer druist dit in tegen de rechtszekerheid die de wetgever heeft beoogd met het stellen van die termijn.

  • ECLI:NL:TNORSHE:2024:3 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2023/39

    Klacht over gedeeltelijke wijziging van het testament van een 89-jarige testateur, waarbij een legaat van het recht van gebruik en bewoning ten behoeve van zijn partner wordt gewijzigd van bepaalde tijd naar onbepaalde tijd, terwijl zijn kinderen/erfgenamen de (hypotheek)lasten van deze woning moeten blijven voldoen. De kamer oordeelt dat de notaris in het voortraject en bij het passeren van de akte onvoldoende invulling heeft gegeven aan de op hem rustende zwaarwegende zorgplicht om zich ervan te overtuigen dat de testateur wilsbekwaam was en niet op ongewenste wijze werd beïnvloed door derden, onder meer omdat het initiatief tot dienstverlening en de instructies over de wijziging afkomstig waren van de gezamenlijke financieel adviseur van de testateur en de partner. De notaris heeft geen aantekeningen gemaakt van het (enige) gesprek met de testateur bij het passeren van de akte. Waarschuwing en kostenveroordeling. 

  • ECLI:NL:TNORAMS:2023:12 Kamer voor het notariaat Amsterdam 732388/NT 23-16

    Notaris treedt op als partijadviseur. Klacht over een (concept)akte vestiging opstalrecht voor een zonnepark op een perceel. Klacht ongegrond. De notaris heeft tijdig kenbaar gemaakt dat hij in de hoedanigheid van partijadviseur optrad. Het door de notaris opgestelde concept was erop gericht om tot een rechtsgeldige en ook in fiscaal opzicht correcte akte te komen. Niet is komen vast te staan dat de notaris zijn cliënt de eerste conceptakte aan klager heeft laten toezenden. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TNORAMS:2023:13 Kamer voor het notariaat Amsterdam 730933/NT 23-14

    De kamer neemt het de notaris kwalijk dat hij, na het gesprek met klaagster en de zus van klaagster op 21 november 2022, toen bleek dat sprake was van tegenstrijdige belangen, niet heeft ingezien dat het hem niet meer vrij stond de rol van partijadviseur van de zus van klaagster op zich te nemen. Bovendien heeft hij dat te laat aan klaagster gemeld en heeft hij die rol vervolgens niet helder gehouden door van klaagster te verlangen dat zij alleen, zonder bijstand, met hem het gesprek aan zou gaan. Van een notaris mag een zorgvuldig, beheerst en professioneel handelen worden verwacht. Schorsing in de uitoefening van het ambt van één week (herhaald klachtwaardig gedrag).

  • ECLI:NL:TNORAMS:2023:14 Kamer voor het notariaat Amsterdam 730166/NT 23-9

    Geen sprake van ne bis in idem of misbruik van klachtrecht. Maar de kamer houdt er wel rekening mee dat het klaagster eigenlijk gaat om wat zij de notaris niet rechtstreeks verwijt, namelijk dat klaagster tot indiening van deze herhaaalde klacht wordt gedreven door (diepe) onvrede met de wijze waarop de notaris in een situatie van afnemende gezondheid van haar moeder tot de wijziging van het testament van haar ouders is gekomen. De kamer verklaart de klacht, die uit vier onderdelen bestaat, ongegrond.