Aankondigingen over uw buurt

Zoals bouwplannen en verkeersmaatregelen.

Dienstverlening

Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies.

Beleid & regelgeving

Officiële publicaties van de overheid.

Contactgegevens overheden

Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.

Zoekresultaten 1-10 van de 79 resultaten

  • ECLI:NL:TGZCTG:2023:18 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2022/1250

    Klacht tegen een specialist ouderengeneeskunde. De klacht gaat over de behandeling van de (inmiddels overleden) moeder van klager. Na een ziekenhuisopname is zij tot haar overlijden opgenomen in een verzorgingstehuis. Tijdens haar verblijf daar is zij een aantal keren in het ziekenhuis opgenomen. Klager was eerste contactpersoon van patiënte. Klager is ontevreden over de verzorging in het verzorgingstehuis en vindt dat de specialist ouderengeneeskunde tekort is geschoten in haar zorgtaak als behandelaar. Klager verwijt de specialist ouderengeneeskunde meer specifiek dat zij niet tijdig een juiste diagnose (blaasontsteking) heeft gesteld, onvoldoende regie heeft gevoerd ten aanzien van het medisch beleid (met name ten aanzien van de pijnmedicatie, de toediening van morfine/fentanyl) en wat betreft zijn moeders situatie onvoldoende heeft geluisterd naar klager. Klager meent dat de specialist ouderengeneeskunde door dit alles ondeskundig en onprofessioneel heeft gehandeld. Het Regionaal Tuchtcollege acht de klacht kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager tegen deze beslissing.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2023:32 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2022/4545

    De klacht tegen de psychiater betreft onvrede van de patiënt over de wachttijd voor de behandeling, over de behandeling zelf en de (wijze van) beëindiging daarvan. Ook vindt de patiënte dat de psychiater onvoldoende uitleg heeft gegeven over de klachtenprocedure waarbij zij als psychiater is aangesloten. Het college oordeelt dat de klacht gegrond is voor zover het gaat over het continuïteit van de patiëntenzorg bij de beëindiging van de behandelrelatie. Dat de psychiater gezien de complexe problematiek van de patiënte geen mogelijkheden meer zag om haar verder te behandelen, vindt het college op zich begrijpelijk. Wel had de psychiater pogingen moeten doen om voor de patiënte elders behandeling te vinden, te meer nu de patiënte ook geen huisarts meer had. Voor het overige acht het college de klacht ongegrond. Het college legt een waarschuwing op.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2023:16 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2022/1451

    Klacht tegen huisarts. De klacht betreft de behandeling van de inmiddels overleden echtgenote van klager. Klager verwijt verweerder dat hij niet naar de echtgenote van klager heeft omgekeken nadat zij was gevallen en haar heeft opgesloten. Klager verwijt verweerder dat hij speculaties over het gedrag van klager in het medisch dossier heeft genoteerd en hem niet naar een andere huisarts laat gaan. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2023:33 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2022/3856

    Klacht tegen gz-psycholoog. De klacht gaat over grensoverschrijdend gedrag. Klaagster is bij de gz-psycholoog onder behandeling geweest. In de kern verwijt klaagster de gz-psycholoog dat hij een relatie met haar is aangegaan en misbruik heeft gemaakt van de kwetsbare situatie waarin zij verkeerde. Daarnaast verwijt zij hem dat tijdens de behandeling niet is toegekomen aan de hulpvraag. Het college verklaart de klacht deels gegrond en legt de gz-psycholoog een schorsing op van 12 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2023:17 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2022/1301

    Klacht tegen huisarts. Klager verbleef in een PI waar verweerster hem meerdere malen op spreekuur heeft gezien. Bij volgende consulten werd klager ingeroosterd bij een collega van verweerster en heeft hij aangegeven alleen door verweerster onderzocht te willen worden. Vanwege een bij klager verondersteld aanwezige fixatie op verweerster is hij overgeplaatst naar een andere PI. Klager verwijt verweerster kort gezegd dat zij de overdracht van de zorg van klager onvoldoende zorgvuldig heeft laten verlopen. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2023:34 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2022/4541

    Klacht tegen gz-psycholoog. De klacht gaat over een door beklaagde verricht diagnostisch traject met betrekking tot de (op dat moment) negenjarige zoon van klager. Volgens klager is hij buitengesloten en gediscrimineerd door de gz-psycholoog, heeft de gz-psycholoog een verkeerde diagnose gesteld en heeft zij in het traject de kant van moeder gekozen. Het college verklaart de klacht ongegrond. Ondanks dat klager niet betrokken is in het diagnostisch traject met betrekking tot zijn zoon, acht het college dit niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Verder heeft klager zijn klacht niet onderbouwd.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2023:18 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2022/4301

    Kennelijk ongegronde klacht tegen oogarts. De oogarts heeft bij klager aan beide ogen een staaroperatie uitgevoerd. Klager verwijt de oogarts dat hij bij de eerste operatie verkeerde oogdruppels heeft voorgeschreven, waarbij geen rekening is gehouden met de medicatielijst van klager. Klager kreeg hierdoor een flinke neusbloeding. Het college overweegt dat de oogarts niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld door het gebruik van Yellox voor te schrijven. Het gebruik van bloedverdunners is niet een harde contra-indicatie, alleen als een eerdere allergische reactie op deze of vergelijkbare medicatie is opgetreden. Van een dergelijke allergie bij klager blijkt niet uit het dossier. Klager verwijt de oogarts verder dat hij bij de tweede operatie een verkeerde lens heeft geplaatst; die lens functioneert niet omdat die geen cilinder heeft, ondanks dat in het oog een cilindrische afwijking was vastgesteld. Klager heeft nu een slechter zicht. De oogarts heeft de klacht bestreden. Het college overweegt als volgt. Met klager is meermalen besproken dat de mogelijkheid bestond om bij de staaroperatie(s) een multifocale of torische lens te plaatsen, maar klager wilde dat niet. Klager wist dus dat hij na de operatie nog een correctie nodig zou hebben in de vorm van een bril of contactlenzen. Voor en na de operatie is dezelfde cilinder gemeten. Er is geen duidelijke verklaring voor de huidige klachten. Het dossier geeft geen aanknopingspunten voor de stelling dat er bij de staaroperatie iets mis is gegaan. Van de ontstane situatie valt de oogarts geen tuchtrechtelijk verwijt te maken. De klacht is kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2023:35 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2022/4394

    De klacht gaat over de behandeling van klaagster door een huisarts van de Spoedpost voor huisartsen in Enschede. Klaagster heeft zich ’s nachts gemeld bij de Spoedpost met hevige buikklachten die eerder die dag waren ontstaan. Na onderzoek heeft de huisarts een werkdiagnose gesteld en medicatie voorgeschreven. Klaagster heeft later die nacht opnieuw contact gezocht met de huisarts op de Spoedpost. Haar is toen gemeld dat de werking van de verstrekte medicatie moest worden afgewacht en dat in de ochtend contact met de reguliere huisarts kon worden gezocht. Klaagster verwijt de huisarts dat een te beperkt onderzoek is uitgevoerd en daardoor een onjuiste diagnose is gesteld. Zes dagen na het consult bij de huisarts op de Spoedpost is geconstateerd dat de blinde darm van klaagster geperforeerd was. Het college verklaart de klacht kennelijk ongegrond omdat het van oordeel is dat niet is gebleken van een onzorgvuldig of te beperkt onderzoek door de huisarts op de Spoedpost. Het voorgeschreven medicijn was passend bij de werkdiagnose en zou tot vermindering van de pijnklachten hebben kunnen leiden, waardoor achterwege laten van acute pijnbestrijding niet tuchtrechtelijk verwijtbaar is.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2023:19 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2022/4523

    Ongegronde klacht tegen een oogarts. Klaagster verwijt de oogarts 1) het ontstaan van een oogontsteking door een injectie met een besmette naald en 2) dat hij klaagster niet serieus heeft genomen; ze kon pas een week later bij hem terecht, hij adviseerde paracetamol te nemen en heeft geen OCT-scan gemaakt. De oogarts heeft de klacht bestreden. De oogarts was niet betrokken bij het geven van de injectie. Van inspuiting met een besmette naald kan de oogarts dus geen verwijt worden gemaakt. Uit het dossier blijkt dat wel een OCT-scan is gemaakt. De verschijnselen van de later geconstateerde endophthalmitis waren op het moment dat de oogarts klaagster onderzocht nog niet zichtbaar. De oogarts heeft naar het oordeel van het college correct gehandeld door klaagster met spoed te laten komen, zorgvuldig onderzoek te doen naar haar klachten, de afspraak met klaagsters eigen behandelaar te vervroegen en haar het advies te geven zich te melden zodra de klachten zouden verergeren. De klacht is kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2023:36 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2022/3877

    Klacht tegen psychiater kennelijk ongegrond. De klacht gaat over de behandeling van klaagster bij een GGZ-instelling in verband met de bijzondere voorwaarden die opgelegd zijn bij een voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf. De psychiater behandelde klaagster, onderdeel van het behandelplan was het opstellen van een Delictscenario (DS) en Delict-terugval-preventieplan (DTPP). Klaagster verwijt de psychiater een onzorgvuldige behandeling en onheuse bejegening in een vijfgesprek.  Het college verklaart de klacht kennelijk ongegrond omdat de psychiater niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. De communicatie van de psychiater tijdens het vijfgesprek had wel beter gekund, maar is in de gegeven omstandigheden niet zo ernstig dat het tuchtrechtelijk verwijtbaar is.