Aankondigingen over uw buurt

Zoals bouwplannen en verkeersmaatregelen.

Dienstverlening

Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies.

Beleid & regelgeving

Officiële publicaties van de overheid.

Contactgegevens overheden

Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.

Zoekresultaten 11-20 van de 56 resultaten

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2022:88 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3053

    Klacht tegen bedrijfsarts. Klager is eenmaal bij de betreffende bedrijfsarts op consult geweest. Over beklaagdes handelen met betrekking tot dit consult heeft klager eerder een klacht ingediend bij het regionaal tuchtcollege. Deze klacht is ongegrond verklaard, waarna klager beroep heeft ingesteld. Hangende deze beroepsprocedure heeft hij bij het regionaal tuchtcollege opnieuw een klacht ingediend. Vanwege de verwevenheid van beide procedures heeft het tuchtcollege de behandeling van de nieuwe klacht aangehouden in afwachting van de beslissing van het CTG in de lopende beroepsprocedure. Het CTG heeft vervolgens beslist en in de beoordeling ook het nieuwe klachtonderdeel betrokken. Naar het oordeel van het college betreft de onderhavige klacht hetzelfde handelen als het handelen waarover het CTG onherroepelijk heeft beslist. Klacht niet-ontvankelijk wegens ne bis in idem.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2022:121 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2020.289

    Klacht tegen internist. Klager kwam met krampende pijn in zijn voet, enkel en onderbeen naar de spoedeisende hulp (SEH). De arts-assistent van de SEH heeft een echo van de lies en het been aangevraagd. Een radioloog heeft de echo gemaakt en geconcludeerd dat er geen aanwijzingen waren voor een diep veneuze trombose. De arts-assistent heeft hierna telefonisch met de internist overlegd. Deze had geen duidelijke verklaring voor de klachten en heeft de arts-assistent geadviseerd om de klachten te vervolgen en klager aan te raden bij alarmsymptomen direct terug te komen. Daarna is klager naar huis gestuurd. Enkele dagen later bleek dat sprake was arteriële trombose. Klager verwijt de internist dat hij heeft nagelaten om aan de radioloog opdracht te geven om met behulp van een CT-angiografie onderzoek te doen naar een mogelijke arteriële oorzaak van de klachten van klager. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager tegen deze beslissing.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2022:85 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/3662

    Klacht tegen een radioloog. Klaagster verwijt verweerder dat hij de van klaagster gemaakte CT-scan niet direct ‘s nachts beoordeeld heeft en dat hij niet een ter zake kundige collega heeft geraadpleegd. In het ziekenhuis waar verweerder werkzaam is, is het gebruikelijk dat een radioloog alleen ‘s nachts door de neuroloog gebeld wordt bij spoed of onduidelijkheden. Verweerder is niet door de neuroloog gebeld die nacht, daarom acht het college dit klachtonderdeel ongegrond. Wel merkt het college op dat het deze afspraken niet juist vindt. Wat betreft het tweede klachtonderdeel was er naar het oordeel van het college geen reden voor verweerder om een ter zake kundige collega te raadplegen over de CT-scan van klaagster. Klacht ongegrond. Publicatie.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2022:83 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle G2020/55

    Klacht tegen een psychiater. Klager verblijft al langere tijd in opeenvolgende tbs-klinieken. De psychiater is betrokken geweest bij zijn behandeling in een van de klinieken. Klager verwijt de psychiater dat hij onwaarheden over klager heeft verteld, dat hij zich jegens klager agressief heeft opgesteld en dat hij bij klager een onjuiste diagnose heeft gesteld. Deze klachtonderdelen zijn ook al behandeld in een eerdere tuchtzaak (G2020/55) van klager tegen deze psychiater. In de beslissing in die zaak – die nog niet onherroepelijk is ten tijde van deze beslissing – zijn de verwijten kennelijk ongegrond verklaard. Dat oordeel wordt hier als ingelast beschouwd, wat betekent dat ook deze klacht kennelijk ongegrond wordt verklaard.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2022:86 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/3575

    Klacht tegen een neuroloog. Klaagster verwijt verweerster dat zij de van klaagster gemaakte CT-scan geheel zelfstandig heeft beoordeeld zonder tussenkomst van een ter zake gekwalificeerd medisch specialist (een dienstdoende radioloog) en ten onrechte niet ook een lumbaalpunctie heeft verricht. Het college is van oordeel dat verweerster op zich niet verweten kan worden dat zij bij het beoordelen van de CT-scan van klaagster de diagnose subarachnoïdale bloeding heeft gemist. Wel had verweerster naar het oordeel van het college defensiever moeten handelen en een uitgebreidere differentiaaldiagnose moeten overwegen. Zij had de beoordeling van de CT-scan door de radioloog moeten afwachten, voordat zij klaagster naar huis liet gaan. Wat betreft het tweede klachtonderdeel het volgende. In haar diagnose ging verweerster uit van een negatieve CT-scan, die binnen 6 uur na het begin van de klachten van klaagster was gemaakt en is bevestigd door de radioloog. Verweerster heeft hiermee gehandeld volgens protocol; dit klachtonderdeel is ongegrond. Geen maatregel. Publicatie.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2022:84 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle GP2020/24

    Klacht tegen gezondheidszorgpsycholoog/psychotherapeut. Klager verblijft al langere tijd in opeenvolgende tbs-klinieken. De aangeklaagde zorgverlener is betrokken geweest bij zijn behandeling in een van de klinieken. Klager verwijt haar dat zij tegen klager zou hebben gezegd dat hij dwangmedicatie zou krijgen in de volgende kliniek en dat zij een verkeerde diagnose heeft gesteld. Het college verwijst voor het eerste verwijt naar de beslissing met nummer GP2020/18, op een eerdere klacht van klager tegen dezelfde zorgverlener. In die zaak – die nog niet onherroepelijk is ten tijde van deze beslissing – is hetzelfde verwijt naar voren gebracht en is daar al op geoordeeld. Dat oordeel (kennelijk ongegrond) wordt hier als ingelast beschouwd. Wat betreft het tweede verwijt geldt dat de aangeklaagde überhaupt geen diagnose heeft gesteld. De klacht is in beide onderdelen kennelijk ongegrond.  

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2022:87 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/3709

    Klacht tegen een radioloog. Klager verwijt verweerster dat zij fraude heeft gepleegd bij het medisch onderzoek van klager door het achterhouden van beelden van de MRI-scan van de hersenen waarop ernstige functionele hersenklachten dan wel hersenletsel te zien is. Het college overweegt dat de lezing van klager over de gang van zaken geen bevestiging vindt in het dossier en zelfs als het uitgaat van de juistheid van die lezing, niet kan worden geconcludeerd dat verweerster beelden voor klager heeft achtergehouden. Het dossier biedt daarvoor geen enkel aanknopingspunt. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2022:85 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle gp2020/25

    Klacht tegen een gezondheidszorgpsycholoog. Klager verblijft al langere tijd in opeenvolgende tbs-klinieken. De gezondheidszorgpsycholoog is betrokken geweest bij zijn behandeling in een van de klinieken. Klager verwijt de gezondheidszorgpsycholoog – kort samengevat – dat hij een paar uur in een isoleercel heeft gezeten, dat hij bepaalde zaken kwijt is geraakt, dat ze tegen hem heeft gelogen en zich racistisch heeft uitgelaten en dat zij hem wilde overplaatsen naar een extra beveiligde afdeling. Een deel van de klacht is al in een eerdere zaak, met nummer GP2020/14, behandeld. In de betreffende beslissing – die nog niet onherroepelijk is ten tijde van deze beslissing – is dat deel van de klacht kennelijk ongegrond verklaard. Die beoordeling wordt als ingelast beschouwd in deze beslissing. De overige verwijten zijn volgens het college ook kennelijk ongegrond. Dit betekent dat de klacht in zijn geheel kennelijk ongegrond is.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2022:88 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/3710

    Klacht tegen een neuroloog. Klager verwijt verweerster dat zij fraude heeft gepleegd bij het medisch onderzoek van klager door het achterhouden van beelden van de MRI-scan van de hersenen waarop ernstige functionele hersenklachten dan wel hersenletsel te zien is. De lezingen over de feitelijke gang van zaken van klager en verweerster lopen uiteen. Het college stelt vast dat de lezing van verweerster steun vindt in het medische dossier. Uitgaande van de lezing van verweerster vervalt de feitelijke grondslag die aan de klacht ten grondslag is gelegd. De klacht slaagt daarom niet. Het college heeft anderszins ook geen enkele reden te veronderstellen dat verweerster bewust beelden van de MRI-scan voor klager zou achterhouden. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2022:86 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle gp2020/26

    Klacht tegen een gezondheidszorgpsycholoog. Klager verblijft al langere tijd in opeenvolgende tbs-klinieken. De gezondheidszorgpsycholoog is betrokken geweest bij zijn behandeling in een van de klinieken. Klager verwijt de gezondheidszorgpsycholoog dat zij klager zou hebben gedwongen een document te ondertekenen om gedwongen therapie te volgen en dat zij klager onheus zou hebben bejegend door te zeggen dat hij een drugsdealer is. De klacht wordt in beide onderdelen kennelijk ongegrond verklaard.