Aankondigingen over uw buurt

Zoals bouwplannen en verkeersmaatregelen.

Dienstverlening

Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies.

Beleid & regelgeving

Officiële publicaties van de overheid.

Contactgegevens overheden

Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.

Zoekresultaten 11-20 van de 555 resultaten

  • ECLI:NL:TGZCTG:2022:98 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2021.052

    Klacht tegen verzekeringsarts. Tussen klager en de verzekeringsmaatschappij loopt een letselschadeprocedure over een aan klager uit te keren schadevergoeding na een auto-ongeluk waar klager als slachtoffer bij betrokken was. Drie specialisten hebben deskundigenrapportages uitgebracht die niet eenduidig zijn over de beperkingen van klager. Klager en de verzekeraar zijn overeengekomen dat de verzekeringsarts op basis van die deskundigenrapportages zal rapporteren over de omvang van de beperkingen die klager bij het ongeval heeft opgelopen. Volgens klager voldoet het deskundigenrapport van de verzekeringsarts niet aan de tuchtrechtelijke normen. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2022:99 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2021.1022

    Klacht van de Inspectie voor Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) tegen een fysiotherapeut. IGJ verwijt de fysiotherapeut onder meer dat hij tijdens de behandelrelatie niet de professionele distantie heeft gehouden tot patiënte en ernstig seksueel grensoverschrijdend heeft gehandeld jegens patiënte. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht gegrond en legt op de maatregel van doorhaling van de inschrijving in het BIG-register. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van de fysiotherapeut tegen deze beslissing. Dit betekent dat de fysiotherapeut zijn werk in die hoedanigheid niet meer mag uitoefenen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2022:94 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2020.063

    Klacht van een zorgverzekeraar tegen een psychiater. De psychiater werkte ten tijde van het klachtwaardig geachte handelen als zelfstandig werkend psychiater en deels in loondienst en had in 2013 een zorgovereenkomst met klager gesloten. De klacht houdt in dat psychiater in 2013 opzettelijk onjuiste declaraties heeft ingediend voor specialistische geestelijke gezondheidszorg, terwijl die zorg in werkelijkheid niet (volledig) aan de verzekerden van klager is geleverd. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht gegrond verklaard en aan de psychiater de maatregel van doorhaling in het BIG-register opgelegd. Het Centraal Tuchtcollege komt, ook na overlegging van alle patiëntendossiers, tot hetzelfde oordeel als het Regionaal Tuchtcollege. Het Centraal Tuchtcollege handhaaft de maatregel van doorhaling en ontzegt de psychiater, als hij op het moment van onherroepelijk worden van deze beslissing niet in het BIG-register is ingeschreven, het recht om opnieuw in het BIG-register ingeschreven te worden.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2022:95 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2021.045

    Klacht tegen verzekeringsarts. Klager verwijt de verzekeringsarts dat hij een onjuist verzekeringsgeneeskundig rapport heeft opgesteld. Beklaagde is werkzaam als verzekeringsarts bij het UWV en is gevraagd om de benutbare mogelijkheden van klager opnieuw te onderzoeken en een IVA-verzoek op basis van een gewijzigde medische situatie te beoordelen. Beklaagde heeft klager op het spreekuur gezien en de functionele mogelijkheden vastgesteld en heeft een rapportage opgesteld. Het verzoek om een IVA-uitkering is opnieuw niet gehonoreerd. Volgens klager is er informatie achtergehouden doordat er belangrijke informatie niet in het rapport is genoemd, is de inhoud van het rapport onjuist en is er ten onrechte geen informatie bij de neuroloog opgevraagd. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege

  • ECLI:NL:TGZCTG:2022:96 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2021.046

    Klacht tegen verzekeringsarts. In verband met een door klaagster aangevraagd deskundigenoordeel heeft verweerder klaagster op verzoek van de arbeidsdeskundige van het UWV onderzocht. Hem is de vraag voorgelegd of het beleid van de bedrijfsarts gevolgd kon worden. Verweerder heeft die vraag bevestigend beantwoord. Klaagster verwijt verweerder dat hij op basis van ondeugdelijk onderzoek een ondeugdelijke rapportage heeft opgemaakt, de klachten, beperkingen en zorgen van klaagster heeft gebagatelliseerd en een bij klaagster opgevraagde machtiging voor het opvragen van medische gegevens niet heeft gebruikt. Daarnaast verwijt klaagster verweerder dat hij een haar betreffende rapportage van een andere arts van het UWV heeft gecontrasigneerd. Klaagster vindt dat hij dat niet had mogen doen omdat hij daarmee zijn eigen oordeel heeft geaccordeerd. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klaagster.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2022:22 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven E2021/2555

    Verwijten aan arts verstandelijk gehandicapten over vaccinatiebeleid en uitvoering ervan, de communicatie over quarantainemaatregelen, de zorg voor fysieke gezondheid cliënt, testen van cliënt op covid-19 zonder toestemming wettelijk vertegenwoordiger. Aan coronacrisis aangepaste beroepsnormen. Uitvoeringsrichtlijn Covid-19 vaccinatie RIVM. Zorgorganisatie verantwoordelijk voor vaccinatiebeleid, uitvoering en toezicht. Begeleiders verantwoordelijkheid voor communicatie quarantainemaatregelen. Voldoende aandacht voor fysieke gezondheid cliënt. Testen zonder toestemming gezien de bijzondere situatie van de pandemie aanvaardbaar. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2022:97 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2021.047

    Klacht tegen arts. Klaagster heeft een WIA-uitkering aangevraagd en het UWV heeft geoordeeld dat zij niet aan de voorwaarden voor het toewijzen van die uitkering voldeed. Verweerder heeft klaagster in verband met haar bezwaar tegen deze beslissing op verzoek van het UWV medisch beoordeeld. In zijn rapport heeft verweerder geconcludeerd dat klaagster niet aan de voorwaarden voor een WIA-uitkering voldeed. Hij heeft de rapportage door een verzekeringsarts laten contrasigneren. Klaagster verwijt verweerder dat hij op basis van ondeugdelijk onderzoek een ondeugdelijke rapportage heeft opgemaakt en die rapportage heeft laten contrasigneren door de verzekeringsarts die eerder betrokken was bij het deskundigenoordeel. Klaagster vindt dat het rapport te lang op zich heeft laten wachten en stelt dat de arts de beoordeling niet had mogen doen omdat hij geen verzekeringsarts is. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klaagster.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2022:23 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven E2021/3523

    Specialist ouderengeneeskunde wordt verweten dat hij behandelrelatie eenzijdig heeft afgebroken en zijn positie heeft misbruikt om de dochters van cliënte te dwingen andere woonplek voor cliënte te vinden. Uitleg KNMG-richtlijn ‘niet-aangaan of beëindigen van de geneeskundige behandelovereenkomst’. Opzegging niet zonder opgave van reden geschied. Niet vermelding van redenen in e-mail niet tuchtrechtelijk verwijtbaar aangezien de redenen genoegzaam bekend waren gelet op de diverse gesprekken die waren gevoerd. Geen misbruik van positie. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2022:51 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/73

    Klacht tegen psychotherapeut. Klager lag in echtscheiding toen zijn (ex-)echtgenote cliënte was van beklaagde. Naar aanleiding van informatie van de (ex-)echtgenote dat zij kinderporno zou hebben geconstateerd op de laptop van klager, heeft beklaagde een melding gemaakt bij Veilig Thuis. Klager verwijt beklaagde - zakelijk weergegeven – dat zij hem meermaals richting derden heeft beschuldigd van het bezitten van kinderporno. De klacht richt zich op aantijgingen die beklaagde heeft gedaan aan de huisarts van (ex)-echtgenote en de Raad voor de Kinderbescherming nadat klager onschuldig is bevonden door de zedenpolitie.Klager heeft bij zijn klacht voldoende rechtstreeks belang nu beklaagde uitlatingen over hem heeft gedaan en voldoende aannemelijk is dat klager hierdoor in zijn belangen kan zijn geschaad.Vast staat dat beklaagde in haar berichten aan de huisarts en de Raad voor de Kinderbescherming heeft vermeld dat op de laptop van klager kinderporno is aangetroffen. Uit de eerdere terugkoppeling van Veilig Thuis, dat de zorgen omtrent zeden niet zijn bevestigd en de politie het dossier heeft gesloten, had het beklaagde duidelijk moeten zijn dat niet is komen vast te staan dat er sprake was van enig strafbaar handelen door klager. Gelet op deze terugkoppeling had beklaagde in haar brief aan de huisarts en haar bericht aan de Raad voor de Kinderbescherming geen uitlatingen mogen doen over vermeend bezit van kinderporno bij klager. Beklaagde heeft met haar handelen de grenzen van een redelijk bekwame beroepsbeoefening overschreden. Het college verklaart de klacht gegrond en legt de maatregel van berisping op.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2022:52 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/020

    klacht tegen huisarts. Klaagster beklaagt zich er over dat de huisarts haar moeder te snel terminaal heeft verklaard, een te hoge dosis Haldol heeft toegediend en haar aan haar lot heeft overgelaten.Het college verklaart alle klachtonderdelen gegrond en legt een berisping op.