Zoekresultaten 101-110 van de 1835 resultaten

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:226 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-397/DH/RO

    Klacht van psychologen(praktijk) die als hulpverleners betrokken zijn geweest bij het gezin van verweerder. De klacht van de maatschap is niet-ontvankelijk, omdat niet is gebleken van een rechtstreeks belang. De klacht van klaagster 2 is grotendeels niet-ontvankelijk vanwege misbruik van procesrecht, omdat zij eerder een tuchtklacht heeft ingediend tegen verweerder en deze heeft ingetrokken. De klacht van klaagster 3 is grotendeels niet-ontvankelijk, omdat de klacht te laat is ingediend. Voor zover de klachten van klaagsters 2 en 3 wel ontvankelijk zijn, zijn die ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:220 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-594/DH/RO

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in een familiezaak. Deels kennelijk niet-ontvankelijk, vanwege een gebrek aan rechtstreeks belang. Voor het overige kennelijk ongegrond. Niet gebleken dat de mededelingen die verweerster gedaan heeft betrekking hebben op schikkingsonderhandelingen. Evenmin gebleken dat zij de rechter onjuist heeft geïnformeerd. Van het overleggen van vertrouwelijke confaternele correspondentie is geen sprake.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:233 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-312/DH/DH

    Raadsbeslissing. Klacht over aangewezen advocaat, die positief over de zaak zou hebben geadviseerd. Kantoorgenoot heeft vervolgens aan klager laten weten dat het starten van een kort geding onvoldoende kansrijk achtte. Niet gebleken is dat het advies van de kantoorgenoot onjuist was. Voor zover de klacht ook ziet op het door verweerder inschakelen van zijn kantoorgenoot, is de klacht eveneens ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:214 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-588/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht over cassatieadvocaat. De klacht is voor een deel niet-ontvankelijk, omdat klaagster ruimschoots na afloop van de klachttermijn van drie jaar over verweerder heeft geklaagd. De klacht is voor een deel kennelijk ongegrond, omdat van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen van verweerder bij het doorsturen van de aansprakelijkstelling aan zijn assurantietussenpersoon niet is gebleken.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:227 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-593/DH/RO

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij. Omdat niet is gebleken dat verweerster met haar optreden jegens klager de grenzen van de aan haar, in haar hoedanigheid van advocaat van de wederpartij, toekomende vrijheid heeft overschreden wordt de klacht kennelijk ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TAHVD:2025:233 Hof van Discipline 's Gravenhage 250264

    Beklag artikel 13 ongegrond. Geen redelijke kans van slagen.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:221 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-596/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de bijstand van de advocaat in een detentie/overleveringszaak. Niet gebleken dat verweerster de vertrouwelijkheid heeft geschonden en informatie met derden heeft gedeeld. Van afdreiging en/of bedreiging is geen sprake: verweerster heeft een geldbedrag gevraagd voor werkzaamheden die buiten het bereik van een toevoeging vielen. De juistheid van de verdere verwijten is niet vast te stellen. Klacht in alle onderdelen kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:234 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-237/DH/RO

    Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:215 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-240/DH/RO

    Raadsbeslissing. Verweerster heeft niet voldaan aan de zware zorgplicht die op haar als gemeenschappelijk echtscheidingsadvocaat rust. Na een mediationtraject via netjesscheiden.nl zijn klager en zijn partner bij verweerster terecht gekomen voor de afronding van de scheiding. Verweerster heeft één of twee keer met hen gesproken, maar wat er toen is besproken heeft verweerster niet vastgelegd en kan de raad daarom niet vaststellen. Van het informeren van klager over de verstrekkende financiële gevolgen van het opgestelde convenant door verweerster is niet gebleken. Daardoor heeft verweerster laakbaar gehandeld, met grote financiële gevolgen voor klager. Zij neemt geen verantwoordelijkheid voor haar gebrekkige handelen en lijkt die verantwoordelijkheid ook op klager af te schuiven, terwijl zij als advocaat de verantwoordelijkheid heeft om alle relevante zaken te bespreken en zo nodig navraag te doen bij partijen. Voorwaardelijke schorsing van vier weken.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:228 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-586/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat in hoedanigheid van bindend adviseur. Verweerster heeft haar bindend advies op zorgvuldige wijze en met inachtneming van de daarvoor geldende regels van ARAG opgesteld. De juistheid van het verwijt van klager dat het bindend advies inhoudelijke onjuistheden bevat en onvoldoende is gebaseerd op wet- en regelgeving kan de voorzitter, tegenover de gemotiveerde betwisting daarvan door verweerster, in het kader van deze tuchtrechtprocedure niet vaststellen. De omstandigheid dat klager zich in het door verweerster gegeven advies niet kan vinden betekent nog niet dat verweerster tuchtrechtelijk iets te verwijten valt. Klacht kennelijk ongegrond.