Aankondigingen over uw buurt

Zoals bouwplannen en verkeersmaatregelen.

Dienstverlening

Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies.

Beleid & regelgeving

Officiële publicaties van de overheid.

Contactgegevens overheden

Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.

Zoekresultaten 1-10 van de 85 resultaten

  • ECLI:NL:TAHVD:2021:3 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 200129

    Klacht tegen advocaat wederpartij. Verweerder zou tuchtrechtelijk verwijtbaar hebben gehandeld  door klagers ex-echtgenote bij te staan als advocaat, terwijl klager eerder was bijgestaan door een kantoorgenoot van verweerder in dezelfde zaak. Het hof overweegt dat verweerder voor het aannemen van de opdracht van de vrouw in het computersysteem van zijn kantoor heeft onderzocht of klager in de administratie van het kantoor voorkwam, hetgeen niet het geval was. Vervolgens heeft hij naar aanleiding van de vraag van zijn kantoorgenoot om klager als advocaat bij te staan, gevraagd naar diens relatie met klager, waarop de kantoorgenoot heeft verklaard dat klager een kennis van hem was met wie hij af en toe contact had en dat hij geen enkele bemoeienis heeft gehad met het geschil tussen klager en de vrouw. Gesteld noch gebleken is dat verweerder aan de juistheid van deze uitlatingen moest twijfelen, zodat verweerder hier naar het oordeel van het hof op mocht afgaan. Verweerder kan geen tuchtrechtelijk verwijt worden gemaakt van het feit dat hij de vrouw als advocaat heeft bijgestaan. Vernietiging van de beslissing van de raad en de proceskosten-veroordeling. Ongegrondverklaring van de klacht.

  • ECLI:NL:TAHVD:2021:4 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 200175

    Klacht tegen eigen advocaat. Klager verwijt verweerder dat hij de belangen van een wederpartij van klager behartigt, terwijl verweerder in het verleden klager heeft bijgestaan. Anders dan de raad is het hof van oordeel dat niet is gebleken dat verweerder heeft opgetreden tegen klager. Dat verweerder een modelbeslagrekest in een vergelijkbare zaak aan mr. K. heeft laten opsturen en aan de ingeschakelde deurwaarder heeft gevraagd om de rekening naar zijn kantoor te sturen, is ontoereikend om te kunnen concluderen dat verweerder tegen klager is opgetreden of bijstand heeft verricht. Daarbij valt het verweerder niet aan te rekenen dat de (kandidaat)deurwaarder in zijn administratie verweerder als opdrachtgever had genoteerd in verband met de facturering en om die reden verweerder ook als opdrachtgever op het beslagexploot had genoemd. Ongegrondverklaring klacht. Vernietiging van de beslissing van de raad.  

  • ECLI:NL:TAHVD:2021:5 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 200123

    Klacht tegen kantoorgenoot van voormalig advocaat. Na het vertrek van klaagsters voormalig advocaat zou verweerder een gemaakte prijsafspraak ontkennen en in strijd daarmee hebben gedeclareerd. Klaagster heeft tevens klachten over de communicatie, het waarnemen in haar dossier, de handhaving van een concurrentiebeding, de factuur en de inschakeling van een deurwaarder door verweerder. Naar het oordeel van het hof hebben de schriftelijke opdrachtbevestiging en de hierin opgenomen afspraken over het honorarium als uitgangspunt te gelden. Klaagster heeft deze – in de opdrachtbevestiging neergelegde - afspraken nadien niet betwist en de eerste declaratie conform deze afspraken betaald. Verweerder mocht vervolgens, naar aanleiding van het geschil met klaagster over de tweede declaratie, vertrouwen op de mededelingen van zijn toenmalige kantoorgenoot. Deze declaratie was deugdelijk gespecifieerd en niet valt in te zien welk verwijt verweerder valt te maken om een dergelijke openstaande declaratie te innen. Klacht is ook overigens ongegrond. Bekrachtiging beslissing van de raad.

  • ECLI:NL:TAHVD:2021:6 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 200138

    Klacht tegen advocaat wederpartij.  Verweerder zou zich schuldig hebben gemaakt aan belangenverstrengeling door eerst op te treden als advocaat van klaagster en nu als advocaat tegen klaagster, en voorafgaand aan het aannemen van de opdracht van klaagster niet hebben gemeld dat hij bevriend is met de wederpartij. Met de raad is het hof van oordeel dat klaagster onvoldoende heeft onderbouwd dat verweerder voor klaagster dan wel als gezamenlijk advocaat is opgetreden. Niet valt in te zien waaraan klaagster het vertrouwen heeft kunnen ontlenen dat verweerder (tevens) voor haar optrad. Klacht ongegrond. Bekrachtiging beslissing van de raad.

  • ECLI:NL:TAHVD:2021:8 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 190014

    Klacht over eigen advocaat. Kwaliteit van de dienstverlening. Verweerder zou  onbereikbaar zijn geweest voor klaagster; in de bodemprocedure geen verweer hebben gevoerd bij conclusie of akte; door klaagster aangedragen bewijs in de vorm van WhatsApp-gesprekken niet in de procedure hebben gebracht en de belangen van klaagster onvoldoende hebben behartigd, waardoor het budget bij de rechtsbijstandsverzekeraar opgebruikt zou zijn. Naar het oordeel van het hof blijkt uit het dossier niet dat verweerder niet goed heeft gecommuniceerd met klaagster, althans dat de wijze van communiceren van verweerder met klaagster structureel te wensen overliet. Voorts heeft klaagster met haar stellingen onvoldoende onderbouwd dat verweerder door de WhatsApp-berichten niet in de procedure te brengen onvoldoende zorgvuldig heeft gehandeld dan wel de belangen van klaagster onvoldoende heeft behartigd. Met de raad is het hof van oordeel dat verweerder een beroepsfout heeft gemaakt door in klaagsters procedure geen verweer bij conclusie of akte te voeren. Deze gedeeltelijke gegrondverklaring kan echter niet leiden tot de door klaagster gevorderde schadevergoeding, reeds omdat de door klaagster gestelde schade niet rechtstreeks in verband staat met de door het hof vastgestelde beroepsfout. Anders dan de raad heeft geoordeeld, acht het hof de maatregel van waarschuwing toereikend. Klacht deels gegrond. Gedeeltelijke vernietiging van de beslissing van de raad. Proceskostenveroordeling.

  • ECLI:NL:TAHVD:2021:9 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 200141

    Klacht over eigen advocaat. De raad heeft de klacht in alle onderdelen ongegrond verklaard. Het hof verklaart klachtonderdeel a) alsnog gegrond voor zover dit ziet op het verwijt dat verweerder klaagster ten onrechte heeft laten weten dat “zo nodig” na de comparitie nog producties in het geding gebracht konden worden. Het hof legt aan verweerder de maatregel van waarschuwing op. Het hof bekrachtigt de beslissing van de raad ten aanzien van de ongegrondverklaring van de overige klachtonderdelen.

  • ECLI:NL:TADRARL:2020:277 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-889

    Dekenbezwaar. Op basis van de zich in het dossier bevindende stukken staat voor de raad vast dat verweerder als curator de failliete boedel bewust heeft benadeeld door mee te werken aan een verkoop en een doorverkoop van een zich in de failliete boedel bevindend pand waarbij hij zou profiteren van de winst die door de doorverkoop zou worden gemaakt.  Daarnaast staat vast dat verweerder valse declaraties heeft opgemaakt waarop de rekeningnummers van zijn eigen vennootschappen waren vermeld en dat deze valse declaraties in totaal een aanzienlijk bedrag betroffen. Het dekenbezwaar is in zoverre gegrond. Met de in beide gegrond verklaarde klachtonderdelen vastgestelde gedragingen heeft verweerder de kernwaarde integriteit in grove mate, meermaals en gedurende langere tijd geschonden. Schrapping van het tableau.

  • ECLI:NL:TAHVD:2021:2 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 190308 190309D

    Dekenbezwaar ook in hoger beroep in alle onderdelen gegrond. Het hof constateert dat de praktijkvoering van verweerder ernstige gebreken vertoont en verweerder op tal van aspecten de voor advocaten geldende kernwaarden integriteit en onafhankelijkheid op flagrante wijze heeft geschonden. Verweerder lijkt dit klemmende probleem niet zo te zien. Verweerder heeft een uitgebreid tuchtrechtelijk verleden waaruit blijkt dat hem onder meer herhaaldelijk voor enige tijd een schorsing in de uitoefening van de praktijk is opgelegd. Met de laatstelijk opgelegde schorsing ex artikel 60b Advocatenwet met onmiddellijke ingang is voorkomen dat verweerder als advocaat nog meer misstappen kon begaan. Bij deze stand van zaken is een schrapping van het tableau de enige gepaste maatregel. Het door verweerder gedane verzoek om opheffing van de schorsing ex artikel 60b lid 7 Advocatenwet behoeft geen verdere behandeling (geen ne bis in idem/geen una via bij samenloop artikel 60b-verzoek en dekenbezwaar).

  • ECLI:NL:TADRAMS:2021:2 Raad van Discipline Amsterdam 20-571/A/NH

    Klacht over de eigen advocaat voor het grootste deel ongegrond. Niet gebleken dat verweerder de belangen van klaagster (bewust) heeft geschaad en/of onvoldoende heeft behartigd. Evenmin gebleken dat verweerder onvoldoende met klaagster heeft gecommuniceerd en/of niet de-escalerend is opgetreden en/of klaagster heeft geïntimideerd en/of de financiële aspecten niet goed heeft toegelicht. Wat verweerder wel tuchtrechtelijk te verwijten valt is dat hij klaagster niet heeft geïnformeerd over de mogelijkheid van het splitsen van de lijfrentepolissen en de gevolgen daarvan. Nu alleen dit onderdeel van de uitgebreide klacht gegrond wordt verklaard en gelet op de geringe ernst van het verwijt, ziet de raad aanleiding af te zien van het opleggen van een maatregel.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2021:20 Raad van Discipline 's-Gravenhage 18-769/DH/RO

    Verweerder is privé verzekerd voor rechtsbijstand. In een privégeschil met een sportvereniging heeft hij samen met een kantoorgenoot zijn eigen belangen behartigd. Zes maanden later heeft hij zijn declaratie ingediend bij zijn rechtsbijstandsverzekeraar, klaagster in deze zaak. Het dossier toont het beeld van een advocaat die zich niet houdt aan de hem goed bekende spelregels, maar vervolgens niet tegen zijn verlies kan. De begrijpelijke beslissing van klaagster om niet tot vergoeding over te gaan, dit ‘verlies’ frustreert verweerder dermate dat hij zich ook nog verongelijkt gaat gedragen en een toon aanslaat die een advocaat onwaardig is. De raad is van oordeel dat het samenstel van gedragingen onder de noemer ‘niet integer handelen’ valt, en bestraft moet worden met de maatregel van berisping.