Zoekresultaten 71-80 van de 6039 resultaten
-
ECLI:NL:TADRSHE:2026:120 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 26-511/DB/LI
- Datum publicatie: 12-10-2026
- Datum uitspraak: 12-10-2026
- ECLI:NL:TADRSHE:2026:120
Raadbeslissing. Klacht over de eigen advocaat over de kwaliteit van de dienstverlening grotendeels gegrond. Verweerder heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld doordat hij op grove wijze is tekort geschoten in de belangenbehartiging van en de communicatie met klaagster. Aldus heeft verweerder niet gehandeld met de zorgvuldigheid die van een redelijk bekwame en redelijk handelende advocaat in de gegeven omstandigheden mag worden verwacht. Verweerder heeft bij klaagster een bedrag van € 1.500,- in rekening gebracht, terwijl onduidelijk is gebleven welke werkzaamheden hij voor klaagster heeft verricht. Gelet daarop zal aan verweerder een voorwaardelijke geldboete van € 3.000,- worden opgelegd, met als bijzondere voorwaarde dat verweerder een bedrag van € 1.500,- aan klaagster betaalt. Indien verweerder dat bedrag niet, of niet tijdig, aan klaagster heeft betaald, zal verweerder alsnog de geldboete moeten betalen. De raad gaat ervan uit dat verweerder het zover niet laat komen en zijn verantwoordelijkheid richting klaagster neemt.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:237 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9372
- Datum publicatie: 09-10-2026
- Datum uitspraak: 09-10-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:237
Kennelijk ongegronde klacht tegen een verpleegkundig specialist GGZ. Klager is op vrijwillige basis behandeld in een ggz-instelling. Klager verwijt de verpleegkundig specialist onder meer dat zij onzorgvuldig is geweest in het verrichten van de diagnostiek en de (medicamenteuze) behandeling en dat zij verplichtingen inzake informed consent en dossiervorming niet is nagekomen. Het college oordeelt dat de verpleegkundig specialist uitvoerig en zorgvuldige diagnostiek en vervolgonderzoek heeft verricht. Van onzorgvuldigheid in de medicamenteuze behandeling is niet gebleken. Haar verslaglegging was adequaat en gaf een objectieve weergave van het beloop van de behandeling en de gemaakte keuzes. Geen aanleiding om te twijfelen aan vereiste informed consent. Alle klachtonderdelen kennelijk ongegrond verklaard
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:238 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2026/9934
- Datum publicatie: 09-10-2026
- Datum uitspraak: 09-10-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:238
Gegronde klacht tegen een huisarts. De huisarts heeft in een verwijsbrief voor de dochter van klaagster een opmerking opgenomen over klaagsters psychiatrische problematiek. De huisarts had deze informatie niet zonder toestemming van klaagster mogen opnemen in de verwijsbrief. De huisarts heeft zich na het incident toetsbaar en leerbaar opgesteld en heeft adequaat gereageerd. Het college vindt het daarom niet nodig een maatregel op te leggen
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:220 Raad van Discipline Amsterdam 26-060/A/A
- Datum publicatie: 09-10-2026
- Datum uitspraak: 05-10-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:220
Raadsbeslissing; ongegrond verzet.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:221 Raad van Discipline Amsterdam 25-901/A/A
- Datum publicatie: 09-10-2026
- Datum uitspraak: 05-10-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:221
Raadsbeslissing; verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TACAKN:2026:75 Accountantskamer Zwolle 25/3206 Wtra AK
- Datum publicatie: 09-10-2026
- Datum uitspraak: 09-10-2026
- ECLI:NL:TACAKN:2026:75
Klaagster heeft een aantal vennootschappen verkocht aan een andere vennootschap, waarbij een deel van de koopsom schuldig werd gebleven. Na een aantal jaren bleek de koper niet aan haar betalingsverplichtingen jegens klaagster te kunnen voldoen. Betrokkene was de samenstellend accountant van de koper. De klacht gaat onder meer over rekening-courant opnames en over door betrokkene opgestelde jaarrekeningen voor de koper. De Accountantskamer verklaart de klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:222 Raad van Discipline Amsterdam 26-182/A/A
- Datum publicatie: 09-10-2026
- Datum uitspraak: 05-10-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:222
Raadsbeslissing; verweerster heeft in haar brief aan klager vermeld dat haar cliënte, wanneer beslag niet mogelijk zou zijn omdat klager zijn bezittingen elders heeft ondergebracht, de publiciteit zal zoeken over de wijze waarop klager haar cliënte heeft benadeeld. Door op deze wijze te dreigen met media-aandacht heeft verweerster de belangen van klager op ontoelaatbare wijze geschaad. Verweerster heeft zodoende gehandeld in strijd met de wijze waarop een advocaat zich tegenover de wederpartij bij de behartiging van de belangen van zijn cliënt behoort te gedragen.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:324 Hof van Discipline 's Gravenhage 250326W
- Datum publicatie: 09-10-2026
- Datum uitspraak: 09-10-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:324
Wrakingsverzoek. Aanvullende wrakingsgrond in repliek over het proces-verbaal (nog) tijdig ingediend, maar ongegrond. Het proces-verbaal is minder gedetailleerd dan de weergave van verzoekster, maar verschilt inhoudelijk weinig. Ook de overige wrakingsgronden zijn ongegrond nu zij met name gaan over de wijze waarop de voorzitter de regie heeft gevoerd op de zitting. Verzoekster heeft een onjuiste opvatting over hoor en wederhoor op de zitting. Hoor en wederhoor betreft het debat tussen partijen, niet een debat tussen één partij en het hof. Ook heeft verzoekster een verkeerd beeld van de wijze waarop een rechter de feiten vaststelt. De (tucht)rechter onderzoekt niet zelf actief wat de feiten zijn, maar hij stelt feiten vast op basis van wat partijen aanvoeren en wat door partijen als bewijs wordt aangevoerd. De (tucht)rechter is geen onderzoeksrechter. Verzoekster heeft tijdens de zitting over het wrakingsverzoek twee wrakingsverzoeken ingediend, die zijn afgewezen. Beide verzoeken kwamen er in de kern op neer dat de zitting niet verliep zoals verzoekster wenste en zagen dus op de gang van zaken op zitting. Omdat verzoekster elke keer een verzoek tot wraking indient om haar zin door te drijven over de regie op de zitting is sprake van misbruik van recht en bepaalt de wrakingskamer dat een volgend wrakingsverzoek in de hoofdzaak niet in behandeling wordt genomen.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:223 Raad van Discipline Amsterdam 26-714/A/NH
- Datum publicatie: 09-10-2026
- Datum uitspraak: 05-10-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:223
Voorzittersbeslissing; klacht over advocaat van de wederpartij. Verweerster heeft in 2021 een medische verklaring gebruikt, ten aanzien waarvan in 2025 door het medisch tuchtcollege is geoordeeld dat de betreffende arts die niet had mogen afgeven. Dat betekent echter niet dat verweerster in 2021 tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Van misleiding en belangenverstrengeling is ook geen sprake. Die klachtonderdelen worden kennelijk-ongegrond verklaard. De overige klachtonderdelen zien op de verhouding tussen verweerster en haar cliënte, niet zijnde klaagster, en in die verhouding komt klaagster geen klachtrecht toe, zodat die klachtonderdelen kennelijk-niet ontvankelijk worden verklaard.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:217 Raad van Discipline Amsterdam 26-691/A/A
- Datum publicatie: 09-10-2026
- Datum uitspraak: 05-10-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:217
voorzittersbeslissing. Verweerder heeft aanvankelijk samen met de primaire behandelaar de zaak van klager gedaan. Na overstap van de primaire behandelaar heeft deze het dossier meegenomen. Het was aan die advocaat om klager daarover te informeren. Verdere klacht is te laat ingediend en daarmee niet-ontvankelijk.