Zoekresultaten 151-160 van de 5606 resultaten

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2026:116 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8881

    Klacht tegen zes zorgverleners uit een ggz-instelling. De klager verweet de zorgverleners dat het beroepsgeheim was geschonden doordat informatie was gedeeld met de voormalig werkgever van klager en de politie. Het tuchtcollege heeft twee psychiaters en twee gz-psychologen hiervoor een waarschuwing gegeven. De klachten tegen een andere psychiater en een verpleegkundige werden ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TAHVD:2026:240 Hof van Discipline 's Gravenhage 240355W3

    Verzoek tot wraking kennelijk niet-ontvankelijk verklaard omdat de door verzoeker gestelde voorwaarde niet is vervuld.

  • ECLI:NL:TADRARL:2026:165 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 26-451/AL/OV

    Voorzittersbeslissing. De klacht van klager over verweerder is niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2026:117 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8883

    Klacht tegen zes zorgverleners uit een ggz-instelling. De klager verweet de zorgverleners dat het beroepsgeheim was geschonden doordat informatie was gedeeld met de voormalig werkgever van klager en de politie. Het tuchtcollege heeft twee psychiaters en twee gz-psychologen hiervoor een waarschuwing gegeven. De klachten tegen een andere psychiater en een verpleegkundige werden ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TAHVD:2026:241 Hof van Discipline 's Gravenhage 240355W2

    Wrakingsverzoek deels kennelijk niet-ontvankelijk en deels kennelijk ongegrond. Voor zover verzoeker dezelfde gronden aanvoert waarop op grond van artikel 3.1 Wrakingsprotocol al is beslist bij beslissing van 4 juni 2026 is het herhaalde verzoek kennelijk niet-ontvankelijk. Nu dit het tweede wrakingsverzoek betreft dat direct verband houdt met de hoofdprocedure en verzoeker tevens een derde voorwaardelijk wrakingverzoek heeft ingediend bij het hof en er dus sprake is van een patroon van wrakingen en bovendien een herhaling van wrakingsgronden waarop reeds is beslist, kan de conclusie niet anders zijn dat er sprake is van misbruik van recht. Het hof zal bepalen dat een volgend wrakingsverzoek in de hoofdzaak wegens misbruik van recht niet meer in behandeling wordt genomen (artikelen 7.2 en 7.3 Wrakingsprotocol).

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2026:118 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8884

    Klacht tegen zes zorgverleners uit een ggz-instelling. De klager verweet de zorgverleners dat het beroepsgeheim was geschonden doordat informatie was gedeeld met de voormalig werkgever van klager en de politie. Het tuchtcollege heeft twee psychiaters en twee gz-psychologen hiervoor een waarschuwing gegeven. De klachten tegen een andere psychiater en een verpleegkundige werden ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2026:160 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-862/DH/DH

    Raadsbeslissing. Deels gegronde klacht over de bijstand van de eigen advocaat in een echtscheidingszaak met internationale aspecten. Verweerster is tekortgeschoten in haar bijstand aan klaagster, zowel op het gebied van communicatie als wat betreft de kwaliteit van haar bijstand. Zo heeft verweerster geen voorlopige alimentatie gevraagd en de mogelijkheid daartoe ook niet met klaagster besproken, terwijl klaagster het financieel moeilijk had en daar wel om heeft gevraagd. Ook heeft verweerster klaagster niet goed geïnformeerd over de beschikking van het gerechtshof en over het eventuele behoud van alimentatie bij een verhuizing naar het buitenland. Verweersters bijstand is daardoor op meerdere momenten onvoldoende geweest. Schending kernwaarde deskundigheid. Tuchtrechtelijk verleden. Voorwaardelijke schorsing van twee weken.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2026:119 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8885

    Klacht tegen zes zorgverleners uit een ggz-instelling. De klager verweet de zorgverleners dat het beroepsgeheim was geschonden doordat informatie was gedeeld met de voormalig werkgever van klager en de politie. Het tuchtcollege heeft twee psychiaters en twee gz-psychologen hiervoor een waarschuwing gegeven. De klachten tegen een andere psychiater en een verpleegkundige werden ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2026:161 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-814/DH/DH

    Raadsbeslissing. Klacht over eigen advocaat. Kwaliteit dienstverlening. Verweerder heeft ernstig tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door het dossier niet tijdig aan de opvolgend advocaat beschikbaar te stellen, door een gebrek aan schriftelijke communicatie met zijn cliënt over de voortgang van de procedure bij de IND en door het niet op orde hebben van zijn dossier, waaronder het niet indienen van de bezwaargronden. Dit raakt aan de kernwaarden deskundigheid en integriteit. De aard en ernst daarvan rechtvaardigen de oplegging van een maatregel. In dat verband rekent de raad het verweerder zwaar aan dat verweerder klager niet op de hoogte heeft gehouden van de voortgang van de IND-procedure en dat hij zijn dossier niet op orde heeft gehad, waardoor hij de belangen van klager onvoldoende heeft behartigd en vragen van de raad over wel of niet gestuurde berichten aan de IND niet heeft kunnen beantwoorden. De belangen van klager waren groot, zijn rechtmatige verblijf in Nederland stond op het spel en de procedure kent fatale termijnen. Bovendien heeft verweerder er, ondanks de vragen en opmerkingen van de raad, geen blijk van gegeven dat hij het laakbare van zijn handelen inziet en dat hij van de gang van zaken in het dossier van klager heeft geleerd. Klacht gegrond. Schorsing van twee maanden, waarvan een maand voorwaardelijk en een coachingstraject als bijzondere voorwaarde.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2026:162 Raad van Discipline 's-Gravenhage 26-266/DH/RO

    Raadsbeslissing. Klacht over het inbrengen van kwetsende getuigenverklaringen door de advocaat van de wederpartij in een familierechtelijke procedure. De tuchtrechtelijk vereiste terughoudendheid die een familierechtadvocaat moet betrachten, betekent niet dat een advocaat zich in het geheel dient te onthouden van het innemen van stellingen waarmee de wederpartij wordt beschuldigd en die mogelijk escalerend werken. Een advocaat moet echter wel kritisch zijn naar zijn/haar cliënt, zeker wanneer er kinderen in het spel zijn, waarbij de terughoudendheid in de visie van de raad vooral ziet op het innemen van ongefundeerde escalerende stellingen. Daarvan was hier geen sprake. Verweerders cliënte stelde zich op het standpunt dat het voortzetten van de bestaande zorgregeling een ernstige bedreiging was voor de ontwikkeling van hun minderjarige kind. Deze stelling heeft de cliënte van verweerster onderbouwd met getuigenverklaringen (en daarbij gevoegde bijlagen). Deze stukken mocht verweerster inbrengen in de procedure. Het is immers relevant om de (familie)rechter inzicht te geven in gedragspatronen omdat zorgelijke patronen in het gedrag van de ouder een negatief effect kunnen hebben op een kind en bij de beoordeling door de familie(rechter) staat het belang van het kind voorop. Indien te snel wordt aangenomen dat dergelijke stukken niet mogen worden ingebracht omdat daarmee de situatie escaleert, ondermijnt dat naar het oordeel van de raad de procespositie van de stellende partij. Klacht ongegrond.