Zoekresultaten 1-10 van de 4586 resultaten
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:189 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 26-617/AL/MN
- Datum publicatie: 22-09-2026
- Datum uitspraak: 21-09-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:189
Voorzittersbeslissing over advocaat wederpartij. Verweerster mocht afgaan op de juistheid van de van haar cliënt ontvangen persoonsgegevens van klaagster zonder nader onderzoek. Niet is gebleken dat verweerster gedragsregel 3 en de AVG heeft geschonden. Verweerster heeft bij het partijdig optreden voor haar cliënt voldoende oog gehad voor de gerechtvaardigde belangen van klaagster. Verweerster handelde daarbij in opdracht van haar cliënt. Het sommeren van klaagster was niet nodeloos, gezien het eerder door klaagster ingenomen standpunt. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2026:110 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 26-635/DB/LI
- Datum publicatie: 22-09-2026
- Datum uitspraak: 22-09-2026
- ECLI:NL:TADRSHE:2026:110
Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in een erfrechtkwestie deels kennelijk niet-ontvankelijk en deels kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:190 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 26-608/AL/GLD
- Datum publicatie: 22-09-2026
- Datum uitspraak: 21-09-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:190
Voorzittersbeslissing over de eigen advocaat. De voorzitter kan op basis van de stukken en gelet op de gemotiveerde betwisting van verweerster niet vaststellen dat verweerster de belangen van klager onvoldoende zorgvuldig en onvoldoende voortvarend heeft behartigd. Klager had kennelijk andere verwachtingen van verweerster maar niet is gebleken dat klager dat aan verweerster kenbaar heeft gemaakt voordat hij de opdracht introk. Daardoor heeft klager verweerster ook niet de mogelijkheid geboden om opnieuw naar de invulling van de opgedragen werkzaamheden te kijken. In het kader van de interne klachtafhandeling heeft verweerster gedaan wat van een behoorlijk advocaat verwacht mag worden. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2026:111 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 26-710/DB/ZWB
- Datum publicatie: 22-09-2026
- Datum uitspraak: 22-09-2026
- ECLI:NL:TADRSHE:2026:111
Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond. Verweerster heeft zich namelijk niet onjuist en kwetsend uitgelaten door klaagster en haar ex-partner in een processtuk aan te duiden als “vrouw” en “man”, terwijl klaagster en haar ex-partner nooit getrouwd zijn geweest.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:188 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 26-530/AL/MN
- Datum publicatie: 21-09-2026
- Datum uitspraak: 21-09-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:188
Voorzittersbeslissing. Klacht over een advies in een pensioenzaak. De voorzitter verklaart de klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:220 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2026/9969
- Datum publicatie: 21-09-2026
- Datum uitspraak: 15-09-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:220
Voorzittersbeslissing. De klacht is onvoldoende duidelijk om in behandeling te kunnen nemen, zo is onder andere onbekend tegen wie de klacht zich richt. In de (gevraagde) aanvulling van de klacht noemt klager een andere zorgverlener en een andere behandeling dan in zijn initiële klaagschrift.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:186 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-906/AL/NN
- Datum publicatie: 21-09-2026
- Datum uitspraak: 10-06-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:186
Herstelbeslissing vanwege kennelijke fout in de beslissing van 1 juni 2026.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:300 Hof van Discipline 's Gravenhage 260393
- Datum publicatie: 21-09-2026
- Datum uitspraak: 21-09-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:300
Beklag artikel 13 Advocatenwet ongegrond. Om te beoordelen of de door klager gewenste hoger beroepsprocedure kans van slagen heeft, is het – in het licht van de overwegingen van de rechtbank (zoals opgenomen in randnummer 2.4) – begrijpelijk dat de deken aan klager heeft gevraagd zijn vorderingen te onderbouwen met documenten. Op die wijze kon de deken beoordelen of het instellen van hoger beroep een redelijke kans van slagen had. Het hof stelt vast dat klager dat niet heeft gedaan ondanks een herhaalde uitnodiging daartoe van de deken. Zoals volgt uit de door deken aangehaalde uitspraak van het hof (HvD 24 augustus 2026, ECLI:NL:TAHVD:2026:276), dient de aanvrager van een aanwijzingsverzoek de informatie aan te leveren die nodig is om op het verzoek te kunnen beslissen. Deze verplichting houdt in dat er niet alleen aan de deken informatie verstrekt dient te worden, maar dat die informatie ook geordend moet zijn en van een duidelijke uitleg moet zijn voorzien. Hiermee wordt de deken in staat gesteld een goede afweging te maken en gemotiveerd te beslissen. De stukken die klager in de beklagprocedure heeft overgelegd (en wat klager in dat kader daarover heeft aangevoerd) geven onvoldoende duidelijkheid of klager in hoger beroep wel aan zijn stelplicht zal kunnen voldoen. Of een hoger beroepsprocedure een redelijke kans van slagen heeft, blijft daardoor niet toetsbaar.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:187 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 26-529/AL/OV
- Datum publicatie: 21-09-2026
- Datum uitspraak: 21-09-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:187
Voorzittersbeslissing. De voorzitter verklaart een klacht over de eigen advocaat kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:301 Hof van Discipline 's Gravenhage 260316
- Datum publicatie: 21-09-2026
- Datum uitspraak: 21-09-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:301
Beklag artikel 13 Advocatenwet ongegrond. De deken heeft het aanwijzingsverzoek afgewezen omdat klaagster werd bijgestaan door een advocaat, die nog steeds bereid was om klaagster te blijven bijstaan, terwijl niet was gebleken van een onjuist professionele inschatting van de advocaat en evenmin van structurele onwil of onvermogen van de advocaat om rechtsbijstand te verlenen. Het hof onderschrijft dit oordeel, evenals het besluit van de deken om zijn beslissing niet te herzien nadat de advocaat zich (een maand na hervatting van de werkzaamheden) alsnog onttrok. Inmiddels heeft klaagster een andere advocaat gevonden, die haar wilde bijstaan. Zij heeft er echter zelf voor gekozen om met die advocaat niet in zee te gaan, waarbij (wederom) een verschil van inzicht speelde over de professionele beoordeling van de zaak. Dat klaagster geen bijstand van een advocaat heeft, terwijl de datum van de mondelinge behandeling in de lopende procedure nadert, komt voor klaagsters eigen rekening en risico. Artikel 13 Advocatenwet is voor deze situatie - klaagster wenst een advocaat die bereid is te doen wat zij van die advocaat verlangt - niet bedoeld.
- Pagina: 1
- Pagina: 2
- ...
- Pagina: 459
- Volgende pagina zoekresultaten