Aankondigingen over uw buurt

Zoals bouwplannen en verkeersmaatregelen.

Dienstverlening

Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies.

Beleid & regelgeving

Officiële publicaties van de overheid.

Contactgegevens overheden

Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.

Zoekresultaten 211-220 van de 251 resultaten

  • ECLI:NL:TADRARL:2020:129 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 19-518

    Verzetbeslissing. Verzetgronden slagen niet. Vragen over de vertegenwoordiging van de gemeenteraad en het bestaan van een advocaat-cliënt-relatie tussen de gemeenteraad en verweerders zijn voorbehouden aan de bestuursrechter. Een advocaat wordt op zijn woord geloofd als hij zich in een procedure namens een partij als gemachtigde stelt. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2020:89 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 20-001/DB/ZWB

    Klacht tegen eigen advocaat over de kwaliteit van het gegeven advies en de dienstverlening. Klacht deels niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de artikel 46g lid 1 sub a Advocatenwet genoemde termijn. Voor het overige ongegrond. Dat verweerster klager heeft bijgestaan in een kansloze beslagzaak en kwalitatief geen goed werk heeft geleverd is niet gebleken, noch dat zij excessief heeft gedeclareerd. Dat verweerster de kantonrechter en deken bewust onjuist heeft geïnformeerd is evenmin gebleken.

  • ECLI:NL:TADRARL:2020:142 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 19-432

    Raadsbeslissing. Klacht over eigen advocaat. Kwaliteit dienstverlening. Op grond van de dossierstukken is niet gebleken dat verweerder klaagster slecht heeft behandeld. Na weigering van verweerder om een stuitingsbrief te sturen, had klaagster voldoende tijd om daar een andere advocaat te benaderen en dit heeft klaagster ook gedaan. Klaagster is via de door haar voor akkoord ondertekende opdrachtbevestigingen geïnformeerd over het door verweerder en zijn kantoorgenoot gehanteerde uurtarief. Klacht in alle onderdelen ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2020:136 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 19-303

    Verzet tegen voorzittersbeslissing; niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding.

  • ECLI:NL:TAHVD:2020:216 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 200139D

    Bekrachtiging beslissing raad op dekenbezwaar. Het hof is met de raad van oordeel dat verweerder in strijd met de artikelen 9b, 10 en 46 Advocatenwet heeft gehandeld door de raad van de orde Overijssel en de (waarnemend) deken, te misleiden door de raad van de orde niet actief en volledig te informeren over de gewenste afwijkende constructie met de stagiaires waarbij de stagiaires fysiek op een andere kantoorlocatie in een ander arrondissement zouden gaan werken dan de patroons. Gegrond, berisping.

  • ECLI:NL:TADRARL:2020:130 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 18-927

    De raad is van oordeel dat de door klaagster aangevoerde verzetgronden niet slagen; de voorzitter heeft bij de beoordeling de juiste maatstaf heeft toegepast en heeft rekening gehouden met alle relevante feiten en omstandigheden van het geval. Hij heeft de klacht dus terecht en op juiste gronden kennelijk ongegrond bevonden. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2020:143 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 19-473

    Zaak betreft een advocaat in loondienst van een vereniging. Klaagster 2, die als advocaat voor klager en klaagster is opgetreden in procedures tegen die vereniging, heeft geen eigen rechtstreeks belang bij de klacht tegen verweerster en is daarin niet-ontvankelijk. Naar het oordeel van de raad is van tegenstrijdig belang in de zin van Regel 15 geen sprake geweest. De raad heeft niet kunnen vaststellen dat tussen klager en klaagster 1 aan de ene kant en verweerster aan de andere kant aan advocaat-cliënt relatie bestaat. Verweerster treedt als advocaat in loondienst van een grote landelijke vereniging alleen op voor die rechtspersoon en behartigt daarmee het collectieve belang van die vereniging. Het enkele feit dat klager en klaagster 1 door hun lidmaatschap bij de vereniging zijn betrokken, maakt niet dat zij - en alle andere individuele leden van diezelfde vereniging - ook als cliënten van verweerster worden aangemerkt. Het stond verweerster dan ook vrij om namens de vereniging op te treden tegen een door klagers als individuele leden gestarte procedure tegen die vereniging. Ook overigens zijn er geen bijzondere omstandigheden gesteld of gebleken op grond waarvan verweerster zich had dienen te onttrekken aan de procedure tegen klager en klaagster.  Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2020:137 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 19-363

    Verzetbeslissing. De raad is van oordeel dat de voorzitter bij de beoordeling de juiste maatstaf heeft toegepast en rekening heeft gehouden met alle relevante feiten en omstandigheden van het geval. Verzet is ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2020:217 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 200135

    Klacht over de eigen advocaat. Verweerster is ernstig tekortgeschoten in de behartiging van de belangen van klaagster door in een periode van vijf jaar niet, althans onvoldoende met klaagster te communiceren en door geen aanvang te maken met het verzoekschrift voorlopig deskundigenbericht. Het hof bekrachtigt de beoordeling van de raad. Verweerster dient als professionele advocaat inzicht te geven in haar handelen en bij gebrek aan stukken is niet gebleken van voortvarend handelen zoals een behoorlijk advocaat betaamt. Verweerster heeft de zaak van klaagster op zijn beloop gelaten en geen regie gevoerd. Voor zover verweerster meent dat de belangen van klaagster niet zijn geschaad, bevestigt verweerster met die stelling dat zij geen inzicht heeft in wat van haar als redelijk handelend en bekwaam advocaat wordt verwacht. Ondanks een blanco tuchtrechtelijk verleden legt het hof een berisping op, nu verweerster laakbaar heeft gehandeld. Verweerster miskent met haar houding dat haar cliënten afhankelijk zijn van haar rechtsbijstand en deskundigheid en toont geen inzicht in haar handelen door steeds naar klaagster te verwijzen. Gegrond. Berisping. Bekrachtiging beslissing raad.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2020:142 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2020/127

    Klager verwijt de psychiater (verweerder) dat hij de door de verzekeraar gestelde aanvullende vragen heeft geweigerd te beantwoorden en dat hij hierover telefonisch contact heeft opgenomen met de verzekeraar. Verweerder heeft primair aangevoerd dat klager niet-ontvankelijk dient te worden verklaard. Verweerder was en is, gelet op een eerdere klacht van klager en de lopende hoger beroep procedure in die zaak, niet bereid de vragen te beantwoorden. Volgens verweerder gebruikt klager het tuchtrecht als een pressiemiddel om verweerder de vragen alsnog te laten beantwoorden. Dit ziet verweerder als chantage en misbruik van tuchtrecht. Het college heeft klager ontvankelijk verklaard in zijn klacht. Na inhoudelijke beoordeling van de klacht heeft het college de klacht kennelijk ongegrond verklaard.