Zoekresultaten 31-40 van de 48467 resultaten

  • ECLI:NL:TADRSHE:2026:113 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 26-500/DB/ZWB

    Raadsbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in een civielrechtelijk geschil. Verweerder heeft niet integer gehandeld met zijn derdengeldenrekening, door de gelden in depot vrij te geven aan zijn cliënten, terwijl niet vaststond dat zij de rechthebbenden waren. Ook heeft hij daarmee in strijd gehandeld met ter zitting gemaakte schikkingsafspraken. Schending kernwaarde (financiële) integriteit. Voorwaardelijke schorsing van 6 weken.

  • ECLI:NL:TAHVD:2026:320 Hof van Discipline 's Gravenhage 260203

    Beklag artikel 13 lid 3 Advocatenwet ongegrond. Met de deken is het hof van oordeel dat klaagster haar verzoek om aanwijzing van een advocaat onvoldoende heeft onderbouwd en toegelicht – ook nadat zij daarover expliciet is bevraagd door de deken. De onderbouwing van het aanwijzingsverzoek is de verantwoordelijkheid van de aanvrager, in dit geval klaagster. Dat klaagster dit heeft nagelaten te doen, ligt in haar risicosfeer. Dit nalaten heeft ertoe geleid dat de deken gegronde redenen had om geen advocaat aan te wijzen aan klaagster (HvD 8 december 2025, ECLI:NL:TAHVD:2025:255).

  • ECLI:NL:TADRSHE:2026:114 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 26-400/DB/OB

    Raadsbeslissing. Klacht over de eigen advocaat in een familierechtelijke procedure. Klacht over het niet (tijdig) indienen een verzoek tot het eenhoofdig gezag over de kinderen slaagt niet. Verweerster heeft toegelicht dat een dergelijk verzoek niet thuishoorde in de uithuisplaatsingsprocedure, omdat daar niet de moeder van de kinderen maar Jeugdbescherming de wederpartij was. Verweerster was ook niet gehouden om dat verzoek (eerder) te doen, aangezien zij daar niet achterstond. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2026:213 Raad van Discipline Amsterdam 26-675/A/NH

    Voorzittersbeslissing. Klagers hebben zich beklaagd over ingenomen stellingen, uitlatingen en bewijsstukken tijdens een procedure. De klacht is kennelijk ongegrond. Verweerster heeft geen tuchtrechtelijke normen overschreden.

  • ECLI:NL:TAHVD:2026:315 Hof van Discipline 's Gravenhage 260198

    Beklag artikel 13 Advocatenwet ongegrond. Voor een procedure bij de kantonrechter is geen bijstand van een advocaat vereist. Klaagster mag zelf een procedure voor de kantonrechter starten.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2026:214 Raad van Discipline Amsterdam 26-686/A/A

    Voorzittersbeslissing; klacht over de advocaat wederpartij in een familierechtzaak kennelijk ongegrond. Verweerster heeft de belangen van haar cliënte behartigd, zonder de belangen van klager nodeloos te schaden. Van het starten van kansloze procedures is niet gebleken.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2026:226 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8846

    Gedeeltelijk gegronde klacht tegen een psychiater. Klaagster heeft een crisismaatregel opgelegd gekregen. Zij verwijt de psychiater onder meer dat zij voorafgaand aan die crisismaatregel niet is onderzocht en gehoord, dat zonder medische onderbouwing tijdelijke verplichte zorg is toegepast en dat er geen volledige verslaglegging is. In deze specifieke situatie is het begrijpelijk en te billijken dat de psychiater, als zorgverantwoordelijke, niet aan de wettelijke verplichting om klaagster opnieuw te beoordelen heeft voldaan. Wel had zij haar gevoerde beleid in het medisch dossier moeten opnemen. Klacht deels gegrond, overige klachtonderdelen ongegrond verklaard. Geen maatregel

  • ECLI:NL:TAHVD:2026:316 Hof van Discipline 's Gravenhage 260200

    Beklag artikel 13 Advocatenwet ongegrond. Het aanwijzingsverzoek heeft betrekking op een procedure die zou moeten dienen buiten Nederland en dus buiten het arrondissement Amsterdam. De deken beschikt gelet op de formulering van artikel 13 Advocatenwet uitsluitend over de bevoegdheid een advocaat aan te wijzen voor het verlenen van bijstand in het arrondissement van die deken. Deze beperking tot het eigen arrondissement sluit aan bij de bevoegdheidsverdeling van de organen van de Nederlandse orde van advocaten en van de orden in de arrondissementen zoals geregeld in artikelen 17 tot en met 36 van de Advocatenwet. De deken beschikt gelet hierop niet over de bevoegdheid een advocaat aan te wijzen voor het verlenen van bijstand in de door klaagster gewenste procedure.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2026:215 Raad van Discipline Amsterdam 26-693/A/NH

    Voorzittersbeslissing; klacht kennelijk ongegrond in alle onderdelen. Niet is is gebleken dat verweerster bewust onjuiste informatie naar voren heeft gebracht of dat verweerster wat betreft de kennelijk moeizame onderhandelingen tussen partijen een verwijt valt te maken. Evenmin is gebleken dat verweerster berichten van of namens klager stelselmatig onbeantwoord heeft gelaten of anderszins onvoldoende voortvarend heeft behandeld. Verweerster heeft met haar uitlatingen niet de grenzen van het betamelijk overschreden.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2026:209 Raad van Discipline Amsterdam 26-200/A/A

    Klacht over de eigen advocaat. Naar het oordeel van de raad is verweerder zodanig tekortgeschoten in zijn zorgplicht voor klager dat een maatregel op zijn plaats is. Verweerder heeft erkend dat hij onvoldoende met klager heeft gecommuniceerd. Tijdens de zitting van de raad heeft hij blijk gegeven van zelfreflectie op zijn handelen en het effect daarvan op klager. Verweerder heeft uitgelegd dat zijn handelwijze het gevolg was van zijn sociale zekerheidspraktijk met de nodige hectiek en heeft toegezegd in toekomstige dossier afspraken en belangrijke informatie schriftelijk beter vast te leggen voor de cliënten. Nadat verweerder bekend is geworden met de onvrede van klager over de gang van zaken, heeft hij naar het oordeel van de raad voldoende gedaan om mee te denken over een oplossing. Dat verweerder niet zelf het door klager gewenste herzieningsverzoek voor klager wilde doen, stond hem vrij. Klager kon daarvoor immers een andere advocaat inschakelen. Waarschuwing.