Zoekresultaten 22121-22140 van de 48158 resultaten

  • ECLI:NL:TAHVD:2018:48 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170227

    Klacht over advocaat wederpartij. Klacht gegrond. Verweerder heeft zich onnodig intimiderend uitgelaten. Nu verweerder heeft erkend dat de wijze waarop verweerder jegens klager is opgetreden mede was bepaald door de omstandigheid dat hij optrad als advocaat van zijn dochter, is daarmee het verband gegeven tussen een gebrek aan voldoende onafhankelijkheid van verweerder bij zijn cliënte en de onjuiste bewoordingen die verweerder heeft gebruikt in zijn brief aan klager. Gegrondverklaring zonder oplegging van maatregel. Vernietiging.

  • ECLI:NL:TAHVD:2018:44 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170343

    Art. 13 lid 2 Advocatenwet. Beklag tegen de beslissing van de deken is ongegrond. Met de deken is het hof van oordeel dat niet is gebleken dat de procedure die klagers tegen de curator zouden willen voeren een redelijke kans van slagen heeft. Daarbij betrekt het hof dat klagers reeds hebben getracht hun gelijk te halen bij de curator en de rechtbank en de rechtbank op de bezwaren van klagers gemotiveerd heeft beslist.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:43 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 16-1176

    Dekenbezwaar. Eindbeslissing na tussenbeslissing. De raad heeft geoordeeld dat geen sprake is van het voeren van een bij voorbaat kansloze procedure door verweerder, hoewel deze enige malen een zelfde procedure is gestart op grond van art. 64 Vreemdelingenwet en vervolgens tegen de beslissing bezwaar/beroep heeft aangetekend. Verweerder heeft gemotiveerd aangevoerd dat zijn cliënt belang had bij de procedures. Het verwijt dat verweerder niet naar de zitting van de rechtbank is gegaan, treft evenmin doel. Verweerder heeft aangevoerd dat hij niets had toe te voegen aan hetgeen reeds in de schriftelijke stukken was aangevoerd, terwijl niet is komen vast te staan dat voor de cliënt niet duidelijk was dat verweerder niet naar de zitting zou gaan. Van ontoelaatbare druk van de kant van verweerder om de klacht in te trekken is ook niet gebleken. De deken heeft dit verwijt onvoldoende onderbouwd. De klacht is ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:218 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 16-1176

    Dekenbezwaar. Verweerder wordt verweten dat hij een bij voorbaat kansloze procedure heeft gevoerd, niet naar een zitting van de rechtbank is gegaan en zijn cliënt onder ontoelaatbare druk heeft gezet om de klacht tegen hem in te trekken. De raad gelast een getuigenverhoor waarbij de cliënt van verweerder zal worden gehoord. Daartoe zal een datum worden bepaald.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2018:29 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 17176

    Bedrijfsarts wordt onder meer verweten dat zij over klaagsters gezondheidssituatie heeft geoordeeld zonder de juiste informatie, een onjuist advies heeft gegeven en heeft geweigerd contact op te nemen met klaagsters huidige psycholoog. College: Geen wettelijke basis voor ‘preventiespreekuur’. Onderscheid vrijwillig en verplicht spreekuurcontact. Het doel van het spreekuur en de daarbij behorende rechten en plichten van de werknemer waren voor klaagster kennelijk niet duidelijk. Het had op verweersters weg gelegen om te verifiëren of klaagster de gang van zaken begreep bijvoorbeeld door haar naar de reden van haar komst te vragen en vervolgens een andere afspraak te plannen als bleek dat klaagster er met een andere vraagstelling zat. Niet gebleken is dat zij dat (in voldoende mate) heeft gedaan. Ten onrechte geen informatie opgevraagd bij klaagsters huidige psycholoog. Dat klaagster pas heel kort onder behandeling was doet daaraan niet af. Conclusie en advies berusten op onvolledige informatie. Advies ook onduidelijk. Inconsequent gehandeld, aangezien zij heeft gesteld dat sprake was van een “preventief” spreekuurcontact (vergelijkbaar met een contact in het kader van een arbeidsomstandighedenspreekuur), terwijl uit haar handelen blijkt dat zij zich bezighield met klaagsters verzuimbegeleiding. Schending geheimhoudingsverplichting. Deels gegrond. Berisping.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:31 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-253

    Ongegronde klacht tegen een bedrijfsarts. Door het benoemen van medische informatie in de rapportage naar de werkgever kan de bedrijfsarts een bepaalde mate van onzorgvuldigheid worden verweten, maar gelet op de omstandigheden niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. De term ‘mental cause’ is weinig concreet, er was al correspondentie tussen klaagster en de werkgever in het dossier waaruit de werkgever kon afleiden dat een geheel lichamelijke oorzaak van het verzuim niet logisch was. De gebruikte term kan als een incident worden beschouwd. Discriminatie is niet vast komen te staan. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:32 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-077

    Deels gegronde klacht tegen een bedrijfsarts. De bedrijfsarts heeft klager onterecht volledig arbeidsgeschikt verklaard en heeft klager nauwelijks gehoord tijdens het consult. De bedrijfsarts heeft zijn advies teveel gebaseerd op de presentatie van klager op televisie. Ook heeft hij erkend zonder toestemming van klager medische gegevens met de behandelend psycholoog te hebben gedeeld. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:33 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-212

    Ongegronde klacht tegen een arts. Voor zover de handelingen vallen in de privésfeer is klager niet-ontvankelijk omdat de handelingen niet voldoende weerslag hebben op het belang van de individuele gezondheidszorg. Over de handelingen die verweerder heeft uitgevoerd als arts verschillen partijen van mening. Klacht afgewezen

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:34 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-262

    Ongegronde klacht tegen een huisarts. Dat de mislukte poging van het verwijderen van de spiraal komt door ondeskundig handelen door de huisarts komt niet vast te staan. Verwijzing naar een gynaecoloog was een juiste beslissing. Dat de huisarts het niet nog een keer zelf heeft geprobeerd is een begrijpelijke keus. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:29 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-230a

    Deels gegronde klacht tegen een huisarts. De huisarts is teveel afgegaan op mededelingen van klaagster over mogelijke oorzaken van de klachten en zij heeft nagelaten verder door te vragen. Klaagster was tien jaar geleden voor het laatst in de praktijk geweest. Een doorverwijzing heeft uiteindelijk wel plaatsgevonden. De klacht over een hoorbaar mondeling overleg over een patiënt in de wachtkamer is terecht, maar geen tuchtrechtelijk verwijt. Overige klachtonderdelen ongegrond. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:41 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-352

    Verweerders staan een aantal vennootschappen bij. Klagers zijn certificaathouders van 2 daaraan gelieerde vennootschappen. De raad stelt vast dat het advocatenkantoor /verweerder met medeweten van de Nederlandse Orde van Advocaten een strategische alliantie heeft gesloten met de fiscale partners van Mazars. De raad ziet niet in in welke zin verweerders binnen dat samenwerkingsverband verweten kan worden dat zij over en weer vertrouwelijke informatie hebben uitgewisseld, temeer daar hun cliënten hen daarvoor toestemming hebben gegeven. Voor zover klagers stellen dat verweerders door hun samenwerking met Mazars ook toegang hebben gehad tot financiële (privé)informatie van één van klagers waarover Mazars beschikte zal die klager zich dienen te wenden tot Mazars; niet tot verweerders. Dat die persoonlijke informatie is uitgewisseld is de raad overigens niet gebleken. De raad begrijpt dat klagers een financieel belang hebben in hun geschil met hun vader en de aan hem gelieerde vennootschappen, maar daarvoor staan andere (juridische) wegen open. Op grond van het vorenstaande is de raad van oordeel dat verweerders met hun handelen in de kwestie van klagers het vertrouwen in de advocatuur niet hebben geschaad en voorts van oordeel dat verweerders daarbij op onafhankelijke en integere wijze zijn opgetreden. Ongegrond. Klagers worden in hun andere klachtonderdeel niet-ontvankelijk verklaard. Klagers hebben geen toereikend (rechtstreeks) belang daarbij omdat zij certificaathouders zijn van 2 vennootschappen en geen aandeelhouders met de daaraan gekoppelde rechten. Het in dit klachtonderdeel gemaakte verwijt betreft klagers niet.

  • ECLI:NL:TAHVD:2018:43 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 180015

    Verzoek aanwijzing van een advocaat om hoger beroep in te stellen tegen een uitspraak in kort geding (artikel 13 Advocatenwet). Het beklag is ongegrond. De argumenten die klaagster in haar verzoek en in verdere correspondentie heeft vermeld, leveren onvoldoende grond op voor aanwijzing van een advocaat.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:42 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-349

    Klacht tegen eigen advocaat. Niet is gebleken dat verweerster bij de behartiging van de belangen van klaagster buiten haar opdracht is getreden, nu de opdracht aan verweerster ruimer was dan klaagster thans heeft gesteld. Verder moet klaagster helder zijn geweest dat hoger beroep niet meer aan de orde was met het treffen van een minnelijke regeling. Klacht ongegrond. mededelingen van de griffier ter informatie:

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:30 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-230b

    Deels gegronde klacht tegen een huisarts. Van de huisarts had mogen worden verwacht dat zij lichamelijk onderzoek met een verder uitgediepte anamnese zou verrichten nu klaagster bijna tien jaar geleden de praktijk voor het laatst had bezocht. Enkel observeren is onvoldoende. Een doorverwijzing heeft plaatsgevonden. De klacht over een hoorbaar mondeling overleg over een patiënt in de wachtkamer is terecht, maar geen tuchtrechtelijk verwijt. Overige klachtonderdelen ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:217 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 16-834

    Tussenbeslissing met terugverwijzing van de klacht naar deken voor nader onderzoek. Klacht over haar eigen advocaat die in langdurig echtscheidingsgeschil van klaagster werkzaamheden voor haar heeft verricht. Verwijten betreffen onder meer de kwaliteit van de dienstverlening die volgens klaagster onder de maat is geweest alsmede de hoogte van de declaraties van verweerder, die volgens klaagster te ruim in de zin van excessief waren. Het bindend advies van Geschillencommissie Advocatuur kan voor tuchtrechter relevant zijn, maar die beslissing bindt de tuchtrechter niet. De raad acht zich niet in staat op grond van de overgelegde stukken, in het bijzonder de processtukken en declaraties met urenspecificaties, om te beoordelen of verweerder verwijtbaar heeft gehandeld. De raad bepaalt dat na ontvangst van het onderzoeksverslag van de deken een nieuwe zitting zal worden gehouden en dat iedere verdere beslissing in afwachting daarvan wordt aangehouden.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:37 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-1049

    Voorzittersbeslissing: de voorzitter oordeelt de klachten over verweerster als advocaat van de wederpartij in een geschil over alimentatie kennelijk ongegrond. Pogingen tot minnelijke regeling mislukt maar daarmee niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Niet gebleken van het voeren van onnodige procedures op basis van onjuiste standpunten en feiten, die juist als processtrategie kunnen worden aangemerkt. Vrijheid van handelen.

  • ECLI:NL:TAHVD:2018:39 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170225

    Hoger beroep tegen de afwijzing door de raad van het wrakingsverzoek van klaagster. Geen rechtsmiddel. Aan de beoordeling of zich een uitzonderingsgrond voordoet wordt niet toegekomen nu het appel is ontvangen na afloop van de beroepstermijn. Het door klaagster opgeworpen bevoegdheidsincident wordt eveneens afgewezen, nu de benoemingen van de leden van de zitttingscombinatie voldoen aan alle wettelijke voorschriften.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:38 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-1045

    Voorzittersbeslissing: klacht tegen advocaat wederpartij in familiegeschil. Verzoek van verweerster aan wijkagent om te bemiddelen in geschil met klager over ongewenste documenten op zijn website. Naar oordeel van voorzitter stond het verweerster vrij om een dergelijk bemiddelingsverzoek te doen. De wijkagent heeft aan het verzoek van verweerster gehoor gegeven door daarna een bezoek te brengen aan klager. Dat klager dat bezoek van de wijkagent als intimiderend heeft ervaren, kan verweerster niet worden toegerekend. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2018:40 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170224

    Hoger beroep tegen de ongegrondverklaring van het verzet door de raad. Appelverbod. Het beroep op doorbreking van het appelverbod gaat niet op. Het door klaagster opgeworpen bevoegdheidsincident, inhoudende dat de zittingscombinatie niet bevoegd is, wordt afgewezen op de grond dat bij de diverse benoemingen aan alle wettelijke voorschriften is voldaan.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:39 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-413

    Verzet gegrond nu de voorzitter bij de beoordeling van de klacht geen kennis heeft gehad van het vonnis dat klager in verzet heeft overgelegd. Klacht ongegrond omdat het vonnis niet tot een ander oordeel leidt.