Zoekresultaten 9931-9940 van de 48314 resultaten
-
ECLI:NL:TADRARL:2022:265 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 21-821/AL/MN
- Datum publicatie: 07-11-2022
- Datum uitspraak: 31-10-2022
- ECLI:NL:TADRARL:2022:265
Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:148 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3471
- Datum publicatie: 07-11-2022
- Datum uitspraak: 04-11-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:148
Klaagster is na een opname in het ziekenhuis met ernstige doorligwonden opgenomen op de geriatrische revalidatie-afdeling van een verpleeghuis. Beklaagde werd regiebehandelaar. Klaagster verwijt beklaagde in deze rol dat te weinig beweging is gefaciliteerd, dat de rolstoel niet geschikt was en dat het eten niet voldeed. Het college concludeert dat de klachten over het regiebehandelaarschap ongegrond zijn. Klaagster verwijt beklaagde als behandelaar dat hij zelf één of meer diagnoses heeft gesteld die in strijd zijn met eerder door andere behandelaars gedane diagnostiek. Dit klachtonderdeel is ook ongegrond. Uit de stukken blijkt dat beklaagde is uitgegaan van de al bekende diagnoses/klachten. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2022:177 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2021/1117
- Datum publicatie: 07-11-2022
- Datum uitspraak: 07-11-2022
- ECLI:NL:TGZCTG:2022:177
Klacht tegen kinderarts. Klager heeft een minderjarige dochter die in het ziekenhuis is gediagnosticeerd met anorexia nervosa en daarvoor in het ziekenhuis is opgenomen. Verweerder is in dit ziekenhuis werkzaam als kinderarts en bij de behandeling van de dochter betrokken geweest door diverse gesprekken met klager/ouders te voeren over de behandeling van de dochter. De dochter is in het ziekenhuis behandeld voor het somatische deel van de behandeling en enkele weken later in stabiele toestand ontslagen. Daarna is de dochter voor psychiatrische behandeling doorverwezen naar de Ursula kliniek, een kliniek gespecialiseerd in de behandeling van eetstoornissen. Klager was het niet eens met het behandelplan van deze kliniek, waarna de dochter door het ziekenhuis is verwezen naar een ander ziekenhuis. De dochter van klager is daar een aantal maanden later gestart met een behandeling, bestaande uit psychiatrisch-psychotherapeutische behandeling met somatische controle door een kinderarts. Verweerder is op enig moment als hoofdbehandelaar van dochter aangemerkt. Klager heeft tegen verweerder een klacht ingediend, omdat verweerder onvoldoende onderzoek heeft verricht en geen behandelplan heeft opgesteld, hij niet naar het onderliggende probleem heeft gekeken, beslissingen heeft genomen buiten klager om, niet heeft gereageerd op een brief van klager en hem ten onrechte de toegang tot de spreekkamer heeft geweigerd. Het Regionaal Tuchtcollege heeft beslist dat de klacht kennelijk ongegrond is. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.
-
ECLI:NL:TACAKN:2022:38 Accountantskamer Zwolle 22/801 Wtra AK
- Datum publicatie: 07-11-2022
- Datum uitspraak: 07-11-2022
- ECLI:NL:TACAKN:2022:38
Klacht tegen accountant die was benaderd voor het verrichten van administratieve werkzaamheden. Klacht deels gegrond; strijd met het fundamentele beginsel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid. Oplegging maatregel van waarschuwing. Tot de verplichtingen die voortvloeien uit de VGBA behoort, naar het oordeel van de Accountantskamer, ook dat een accountant, indien hij wordt benaderd voor het verrichten van een professionele dienst en hij voor (een deel van) de werkzaamheden waarvoor hij is benaderd doorverwijst naar een andere organisatie, niet zijnde een accountantskantoor, voldoende duidelijk maakt dat deze werkzaamheden niet onder de professionele verantwoordelijkheid van een accountant worden verricht. Het fundamentele beginsel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid brengt met zich mee dat de accountant dient te voorkomen dat de schijn wordt gewekt dat werkzaamheden onder zijn professionele verantwoordelijkheid als accountant worden verricht terwijl dat niet het geval is.
-
ECLI:NL:TADRARL:2022:266 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 21-823/AL/MN
- Datum publicatie: 07-11-2022
- Datum uitspraak: 31-10-2022
- ECLI:NL:TADRARL:2022:266
Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2022:178 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2021/1118
- Datum publicatie: 07-11-2022
- Datum uitspraak: 07-11-2022
- ECLI:NL:TGZCTG:2022:178
Klacht tegen kinderarts. Klager is gescheiden en heeft een minderjarige dochter die kampt met (eet)problematiek. De dochter is door de huisartsenpraktijk met spoed doorverwezen naar de kinderarts. Verweerster is als kinderarts werkzaam in het ziekenhuis en heeft na onderzoek bij de dochter de diagnose anorexia nervosa gesteld en haar meteen laten opnemen. De dochter is in het ziekenhuis behandeld voor het somatische deel van de behandeling en enkele weken later in stabiele toestand ontslagen. Verweerster heeft de dochter daarna voor psychiatrische behandeling doorverwezen naar een kliniek gespecialiseerd in de behandeling van eetstoornissen. Klager was het niet eens met het behandelplan van deze kliniek, waarna verweerster de dochter voor een second opinion heeft verwezen naar een ander ziekenhuis. Daar is de dochter van klager gestart met een psychiatrisch-psychotherapeutische behandeling met somatische controle door een kinderarts. Klager heeft tegen verweerster een klacht ingediend, omdat zij onvoldoende onderzoek heeft verricht en geen behandelplan heeft opgesteld, niet naar het onderliggende probleem heeft gekeken, niet heeft gereageerd op brieven van klager en heeft nagelaten Veilig Thuis in te schakelen. Het Regionaal Tuchtcollege heeft beslist dat de klacht kennelijk ongegrond is. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.
-
ECLI:NL:TADRARL:2022:267 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 21-802/AL/MN
- Datum publicatie: 07-11-2022
- Datum uitspraak: 31-10-2022
- ECLI:NL:TADRARL:2022:267
Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2022:150 Hof van Discipline 's Gravenhage 220276
- Datum publicatie: 05-11-2022
- Datum uitspraak: 01-11-2022
- ECLI:NL:TAHVD:2022:150
Artikel 13 beklag. Het hof leidt uit de stukken af dat klager bijstand wenst van een advocaat voor een verhoor bij de rechter-commissaris in het kader van de schuldsanering en voor het aanspannen van een kort geding om uit de Wsnp (schuldsanering) te komen. De deken heeft in dat verband terecht aangevoerd dat voor het verhoor bij de rechter-commissaris en voor een tussentijdse opheffing van de schuldsaneringsregeling geen sprake is van verplichte procesvertegenwoordiging door een advocaat. Ook indien klager de schuldsaneringsregeling wenst te beëindigen geldt dat geen sprake is van verplichte procesvertegenwoordiging (art. 350, lid 1 jo. 361 lid 1 van de Faillissementswet). Beklag ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2022:261 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 22-199/AL/OV
- Datum publicatie: 04-11-2022
- Datum uitspraak: 24-10-2022
- ECLI:NL:TADRARL:2022:261
Raadsbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in een familiezaak in alle onderdelen ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2022:152 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/3741
- Datum publicatie: 04-11-2022
- Datum uitspraak: 04-11-2022
- ECLI:NL:TGZRAMS:2022:152
Gegronde klacht tegen een tandarts. De tandarts heeft over de periode 2015-2018 declaraties ingediend bij klagers (drie zorgverzekeraars). Klagers verwijten de tandarts dat hij niet meewerkt aan een materiële controle door klagers van de ingediende declaraties over de genoemde periode. Volgens de tandarts is het hem op grond van de Wet bescherming persoonsgegevens niet toegestaan om zonder de toestemming van zijn patiënten persoonsgegevens aan klagers te verstrekken. Er is in het licht van artikel 87 lid 1 Zorgverzekeringswet (Zvw) geen overeenkomst tussen de tandarts en klagers zodat er geen verplichting bestaat voor de tandarts om de persoonsgegevens aan klagers te verstrekken, aldus de tandarts. Het college overweegt dat er wel sprake is van een overeenkomst zoals bedoeld in de Zvw, ook bij gebreke aan een schriftelijke vastlegging. Het college concludeert dat artikel 87 lid 1 Zvw van toepassing is, dat de tandarts dus gehouden is de gevraagde persoonsgegevens aan klagers te verstrekken en dit ten onrechte weigert. De tandarts stelt zich op geen enkele manier toetsbaar op en stelt alles in het werk om onder het onderzoek van klagers uit te komen. Klacht gegrond, schorsing van een jaar.