Zoekresultaten 2691-2700 van de 48158 resultaten

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:179 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-945/DH/DH

    Verzet ongegrond

  • ECLI:NL:TADRARL:2025:198 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-231/AL/OV

    Naar het oordeel van de raad heeft verweerster de zaak van klager en zijn familieleden totaal niet onder controle gehad. Zij heeft niet gecontroleerd of de dagvaarding was verstuurd en heeft de zaak daarna zelfs uit het oog verloren. Ook de daarna van de wederpartij ontvangen brief heeft bij verweerster niet tot actie of overleg met haar cliënten geleid. Zij heeft haar cliënten aan hun lot overgelaten wat tot de maatregel van berisping leidt.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:173 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-488/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht kennelijk niet-ontvankelijk wegens misbruik van recht.

  • ECLI:NL:TADRARL:2025:199 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-455/AL/NN

    Voorzittersbeslissing. Verweerder wordt als bestuurder van het kantoor beklaagd. Naar het oordeel van de voorzitter heeft verweerder telkens binnen een redelijke termijn en adequaat namens het kantoor op correcte wijze gereageerd op berichten van klaagster en op herhaalde aansprakelijkstellingen. Dat klaagster het met de inhoud daarvan niet eens was, maakt niet dat verweerder daardoor tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:180 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-053/DH/DH

    Raadsbeslissing. Klacht over het optreden van de advocaat van de wederpartij in een geschil over gezag en omgang ongegrond. Niet tuchtrechtelijk verwijtbaar is dat verweerder op verschillende momenten procedures en/of verzoeken heeft ingetrokken. Van onjuiste en/of onnodig grievende stellingen is niet gebleken. Evenmin is gebleken dat verweerder conflicten veroorzaakt of weigert in gesprek te gaan. Klaagster lijkt uit het oog te verliezen dat verweerder de partijdig belangenbehartiger van de man is en dat verweerder mocht opkomen voor de belangen van de man, ook als dat voor klaagster vervelend is of tot kosten leidt.

  • ECLI:NL:TAHVD:2025:167 Hof van Discipline 's Gravenhage 240278

    Klacht tegen advocaat wederpartij. De Ondernemingskamer heeft eind 2021 de heer T. aangewezen als interim-bestuurder van een vennootschap, waarvan klaagster een volledige dochtervennootschap is. Klaagster verwijt verweerder dat hij na de aanstelling van de heer T. voor klaagster is blijven optreden, terwijl hij feitelijk enkel nog voor de voormalig bestuurder, de heer De B., en/of diens vennootschappen kon optreden. Ook verwijt klaagster verweerder dat hij haar tijdens de AVA van 21 april 2023 verkeerd heeft voorgelicht over zijn declaratie. Het hof acht de klacht evenals de raad ongegrond. Verweerder mocht zijn werkzaamheden voor klaagster blijven verrichten tot het moment dat de door de Ondernemingskamer benoemde interim-bestuurder besloot dat het beter was als verweerder niet langer als advocaat van klaagster zou blijven optreden. Over de declaratie van 4 maart 2022 van verweerder is door de interim-bestuurder bevoegd beslist. Bovendien is deze niet ten laste gekomen van klaagster, maar als vordering in rekening-courant ten laste van (de vennootschappen van) De B. geboekt. Van het prijsgeven van de rekening-courant vorderingen in de later gesloten regeling tussen de klaagster en (de vennootschappen van) De B. kan verweerder geen verwijt worden gemaakt. De klacht over (het handelen of) nalaten door verweerder op de aandeelhoudersvergadering van 21 april 2023 mist feitelijke grondslag, omdat deze vergadering niet heeft plaatsgevonden. Bekrachtiging raadsbeslissing.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:174 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-387/DH/RO

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de eigen advocaat. Verweerster heeft klager er terecht op gewezen dat schadeposten door hem onderbouwd moeten worden. Vervolgens heeft verweerster zich ingespannen voor het treffen van een vaststellingsovereenkomst en heeft zij bezwaar gemaakt tegen een geheimhoudingsbeding. Als klager niet wenste in te stemmen met de vaststellingsovereenkomst, dan had hij dat kenbaar kunnen maken. Dat verweerster geen dagvaarding namens klager wenste in te dienen als de vaststellingsovereenkomst niet zou worden gesloten, is evenmin tuchtrechtelijk verwijtbaar. Verweerster was er gelet op gedragsregel 14 lid 2 toe gehouden om de belangenbehartiging neer te leggen als er een vertrouwensbreuk is ontstaan. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2025:164 Hof van Discipline 's Gravenhage 250031

    Klager verwijt de advocaat van de wederpartij in een familierechtzaak dat zij in een procedure onjuiste uitlatingen heeft gedaan en klager valselijk heeft beschuldigd. Het hof verklaart de klacht anders dan de raad gedeeltelijk gegrond en legt verweerster een waarschuwing op.

  • ECLI:NL:TAHVD:2025:165 Hof van Discipline 's Gravenhage 240241H 240242H 240243H

    Herzieningsverzoek afgewezen.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2025:124 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-433/DB/OB

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij. Niet gebleken dat (1) verweerder in de medische tuchtzaken een of meerdere stellingen (bij herhaling) heeft geponeerd en een voorstelling van zaken heeft gegeven, waarvan hij wist of behoorde te weten dat deze onjuist waren; (2) zich onnodig grievend heeft uitgelaten; (3) door zijn optreden de belangen van klagers onnodig of onevenredig heeft geschaad en/of heeft geprobeerd die belangen onnodig of onevenredig te schaden. Kennelijk ongegrond.